'The Roman Empire' (het rijk van Roman Abramovitsj) wankelt, volgens de Engelse pers. Na nederlagen tegen Bournemouth en Watford (die samen zeven keer scoorden tegen The Blues) en met het bezoek van FC Barcelona en uitwedstrijden tegen United en City uit Manchester later deze maand wordt luidop gespeculeerd over het vertrek van Antonio Conte. Het zou de twaalfde trainerswissel zijn in de vijftien jaar dat Stamford Bridge in Russische handen is.

Voor Conte herhaalt de geschiedenis zich. Net zoals bij Juventus maakt hij voortdurend zijn beklag over het transferbeleid van Chelsea. Niet helemaal ten onrechte, vanuit zijn standpunt. In 2012 won de club van Abramovitsj de Champions League en die zomer werd Eden Hazard aangetrokken. De aanvoerder van de Rode Duivels was op dat moment het meest gegeerde wild op de markt.

De tijden zijn echter veranderd. De transferpot van de Rus lijkt leeg en de concurrenten spenderen meer geld dan ooit. Sinds 2012 haalden Manchester City en Manchester United elk elf spelers binnen van 45 miljoen euro of meer. Chelsea hield het bij twee. In de twee meest recente transferperiodes spendeerde Chelsea 57 miljoen euro aan transfers. Dat is minder dan de buren uit Manchester, Arsenal en Liverpool. En slechts iets meer dan Watford (54 miljoen euro), Huddersfield (51 miljoen) en West Bromwich Albion (48, 5 miljoen).

Chelsea haalde de voorbije jaren vooral spelers jonger dan 25 binnen, op uitzondering van Kanté, Drinkwater en Giroud, om met winst te kunnen verkopen. De club voert een langetermijnpolitiek, die haaks staat op de belangen van een coach.

Clubs gebaseerd op de centen van een suikeroom, tuimelen vroeg of laat van hun voetstuk.

Er is een goede reden voor dit beleid. Het geld is zo goed als op. Abramovitsj moest vorig seizoen alweer ruim 35 miljoen euro bijpassen om uit de rode cijfers te blijven. Hij stopte al 1,1 miljard euro in de club van Eden Hazard en Thibaut Courtois en vindt het blijkbaar stilaan welletjes.

Abramovitsj wordt nu met de eigen wapens geklopt. Hij maakte de voorbije vijftien jaar met een smak geld van een modaal team uit de Premier League een club die trofeeën binnenhaalde als snoep. De rivalen bootsen hem nu na. City dankzij het oliegeld uit Abu Dhabi en United doordat het zuinigheidsbeleid van de Schot Alex Ferguson overboord werd gegooid.

Sinds 2002 heeft Manchester United zijn inkomsten met 71 procent verhoogd en Arsenal met 68 procent. Liverpool (82%), Manchester City (85%) en Tottenham (100%) doen zelfs nog beter. Chelsea bleef op 33 procent steken. Volgens de meest recente Money League van Deloitte is het budget van The Blues 250 miljoen euro lager dan dit van Man United (676,3 miljoen euro), 100 miljoen lager dan City en 60 miljoen dan Arsenal.

Erg rooskleurig ziet de toekomst er niet uit voor Stamford Bridge, dat een nieuw stadion (kostprijs 1,1 miljard euro) wil bouwen en van 2020 tot 2024 naar Wembley zou moeten uitwijken. Geen wonder dat Eden Hazard flirt met Real Madrid.

Het stond in de sterren geschreven. Clubs die gebaseerd zijn op de centen van een suikeroom tuimelen vroeg of laat van hun voetstuk. Op een bepaald moment kan of wil de miljonair immers het geld niet meer ophoesten, omdat hij een ander speeltje heeft gevonden. Denk maar aan die avonturen die KV Oostende de voorbije weken en jaren beleefde.

Het is een lot dat straks ook Manchester City en Paris Saint-Germain te wachten staat. Op een bepaald moment draaien Abu Dhabi en Doha de geldkraan dicht.

Of doet de UEFA dit. De Europese voetbalunie voert sinds september 'een formeel onderzoek' naar de commerciële inkomsten van de Parijzenaars. Voor 30 juni moet PSG 75 miljoen extra inkomsten vinden. 28 miljoen werd al gerecupereerd met de verkoop van Lucas Moura aan Tottenham.

De UEFA bekijkt bovendien of de sponsorcontracten van Qatar National Bank, Ooredoo, beIN Sports, Aspetar en Qatar Tourism Authority aan de marktnormen voldoen. Volgens L'Equipe betaalt het bureau voor toerisme 175 miljoen euro, maar wordt slechts 100 miljoen in de begroting opgenomen. Het is de hoogste tijd dat de valsspelers serieus worden aangepakt.

'The Roman Empire' (het rijk van Roman Abramovitsj) wankelt, volgens de Engelse pers. Na nederlagen tegen Bournemouth en Watford (die samen zeven keer scoorden tegen The Blues) en met het bezoek van FC Barcelona en uitwedstrijden tegen United en City uit Manchester later deze maand wordt luidop gespeculeerd over het vertrek van Antonio Conte. Het zou de twaalfde trainerswissel zijn in de vijftien jaar dat Stamford Bridge in Russische handen is. Voor Conte herhaalt de geschiedenis zich. Net zoals bij Juventus maakt hij voortdurend zijn beklag over het transferbeleid van Chelsea. Niet helemaal ten onrechte, vanuit zijn standpunt. In 2012 won de club van Abramovitsj de Champions League en die zomer werd Eden Hazard aangetrokken. De aanvoerder van de Rode Duivels was op dat moment het meest gegeerde wild op de markt. De tijden zijn echter veranderd. De transferpot van de Rus lijkt leeg en de concurrenten spenderen meer geld dan ooit. Sinds 2012 haalden Manchester City en Manchester United elk elf spelers binnen van 45 miljoen euro of meer. Chelsea hield het bij twee. In de twee meest recente transferperiodes spendeerde Chelsea 57 miljoen euro aan transfers. Dat is minder dan de buren uit Manchester, Arsenal en Liverpool. En slechts iets meer dan Watford (54 miljoen euro), Huddersfield (51 miljoen) en West Bromwich Albion (48, 5 miljoen). Chelsea haalde de voorbije jaren vooral spelers jonger dan 25 binnen, op uitzondering van Kanté, Drinkwater en Giroud, om met winst te kunnen verkopen. De club voert een langetermijnpolitiek, die haaks staat op de belangen van een coach. Er is een goede reden voor dit beleid. Het geld is zo goed als op. Abramovitsj moest vorig seizoen alweer ruim 35 miljoen euro bijpassen om uit de rode cijfers te blijven. Hij stopte al 1,1 miljard euro in de club van Eden Hazard en Thibaut Courtois en vindt het blijkbaar stilaan welletjes. Abramovitsj wordt nu met de eigen wapens geklopt. Hij maakte de voorbije vijftien jaar met een smak geld van een modaal team uit de Premier League een club die trofeeën binnenhaalde als snoep. De rivalen bootsen hem nu na. City dankzij het oliegeld uit Abu Dhabi en United doordat het zuinigheidsbeleid van de Schot Alex Ferguson overboord werd gegooid. Sinds 2002 heeft Manchester United zijn inkomsten met 71 procent verhoogd en Arsenal met 68 procent. Liverpool (82%), Manchester City (85%) en Tottenham (100%) doen zelfs nog beter. Chelsea bleef op 33 procent steken. Volgens de meest recente Money League van Deloitte is het budget van The Blues 250 miljoen euro lager dan dit van Man United (676,3 miljoen euro), 100 miljoen lager dan City en 60 miljoen dan Arsenal. Erg rooskleurig ziet de toekomst er niet uit voor Stamford Bridge, dat een nieuw stadion (kostprijs 1,1 miljard euro) wil bouwen en van 2020 tot 2024 naar Wembley zou moeten uitwijken. Geen wonder dat Eden Hazard flirt met Real Madrid. Het stond in de sterren geschreven. Clubs die gebaseerd zijn op de centen van een suikeroom tuimelen vroeg of laat van hun voetstuk. Op een bepaald moment kan of wil de miljonair immers het geld niet meer ophoesten, omdat hij een ander speeltje heeft gevonden. Denk maar aan die avonturen die KV Oostende de voorbije weken en jaren beleefde. Het is een lot dat straks ook Manchester City en Paris Saint-Germain te wachten staat. Op een bepaald moment draaien Abu Dhabi en Doha de geldkraan dicht. Of doet de UEFA dit. De Europese voetbalunie voert sinds september 'een formeel onderzoek' naar de commerciële inkomsten van de Parijzenaars. Voor 30 juni moet PSG 75 miljoen extra inkomsten vinden. 28 miljoen werd al gerecupereerd met de verkoop van Lucas Moura aan Tottenham. De UEFA bekijkt bovendien of de sponsorcontracten van Qatar National Bank, Ooredoo, beIN Sports, Aspetar en Qatar Tourism Authority aan de marktnormen voldoen. Volgens L'Equipe betaalt het bureau voor toerisme 175 miljoen euro, maar wordt slechts 100 miljoen in de begroting opgenomen. Het is de hoogste tijd dat de valsspelers serieus worden aangepakt.