Door Martin Müller
...

Door Martin MüllerBrazilië is uniek in zijn genre: het is een land waar voetbal beleefd wordt zoals nergens anders ter wereld. Koning voetbal is er alomtegenwoordig op straat, op het strand en op televisie. In het hart van Rio de Janeiro is de onvoorwaardelijke passie voor voetbal een familiezaak of wordt het van kleins af aan onderwezen door de buurtbewoners. Aan de brede boulevards van Leblon en in de kronkelige straatjes van Sao Cristoval komen de logo's van Fluminense, Flamengo, Botafogo en Vasco de Gama nu en dan tevoorschijn en vormen ze een feeërieke mozaïek van kleuren. Voor elke Braziliaan, of het nu een grootmoeder is of een pasgeborene, is een voetbalshirt een essentieel onderdeel van de garderobe. Ondanks de beperkingen die opgelegd werden door de coronacrisis is het enthousiasme voor de plaatselijke voetbalclubs intact gebleven, maar dat kan niet gezegd worden gezegd van de Seleção. In het straatbeeld valt het kanariegele tenue van de nationale ploeg nauwelijks op. De 47e editie van de Copa América kwam zomaar binnenvallen in Brazilië en bij de bevolking is de opwinding voor het evenement blijkbaar ver te zoeken. De ploeg van Tite vertrok nochtans in poleposition met het statuut van titelhouder én thuisploeg, maar de organisatie van de oudste internationale voetbalcompetitie heeft de Zuid-Amerikaanse reus met een pak problemen opgezadeld. De editie van 2021 bezorgde de bobo's van de Zuid-Amerikaanse voetbalbond (CONMEBOL) al meermaals migraine. Het toernooi stond oorspronkelijk op de planning in 2020 in de grensstreek tussen Argentinië en Colombia, maar na een ongeëvenaarde omwenteling, waarbij het tornooi verschillende keren werd uitgesteld, moest de Copa uiteindelijk verplaatst worden. Colombia trok zich als eerste noodgedwongen terug nadat het verzand raakte in een grote sociale crisis en twee weken voor de officiële aftrap riep Argentinië de belabberde sanitaire toestand van het land in om ook verstek te geven. De Copa América bleef verweesd achter, balancerend tussen een volledige annulering en een eenmalige ballingschap naar Qatar. Tot Brazilië, en vooral Jair Bolsonaro, besliste om zich het tornooi toe te eigenen. Bolsonaro werd gedreven door zijn scepticisme over de coronapandemie en bleef op dezelfde hamer kloppen: leven en laten leven. Voor de rijpe zestiger is het organiseren van een internationaal event een bewijs van de blakende gezondheid van het land, maar het is ook een opportuniteit om de economie te laten draaien. Samen met Rogerio Caboclo, de voorzitter van de Braziliaanse voetbalbond (CBF), wist de controversiële Braziliaanse president een wanhopige CONMEBOL er gemakkelijk van te overtuigen hem de organisatie toe te vertrouwen. De Zuid-Amerikaanse bond juichte het initiatief van de Braziliaanse president van harte toe en roemde hem voor zijn gastvrijheid. Het onverwachte binnenhalen van het tornooi werd door waarnemers en een deel van de bevolking in Brazilië niettemin geboekstaafd als een onbezonnen eenmansactie van de president. Met bijna 500.000 coviddoden had de federale staat zijn prioriteiten moeten herschikken beweert de beweging #NaoVaiTerCopa, die via Twitter de overheid oproept om te investeren in vaccins in plaats van een gekaapte competitie te financieren. De actiegroep kreeg bijval van Ricardo Lewandoski, de Braziliaanse rechter van het Hooggerechtshof, die benadrukte dat er geen wetenschappelijke, technische of strategische basis was om over te gaan tot de organisatie van een grootschalig evenement gezien de gezondheidstoestand van het land. Daarnaast maken wetenschappers zich zorgen over het verschijnen van een 'Copavirus' en zijn de protocollen niet van die aard dat ze iedereen geruststellen. De sfeer die momenteel in Brazilië heerst, doet denken aan een Zuid-Amerikaans regime uit de jaren zestig van de twintigste eeuw waarin ene Bolsonaro koste wat kost zijn deel van de sportieve glorie wilde opstrijken tijdens zijn ambtstermijn. Het manoeuvre van het duo Bolsonaro-Caboclo viel ook niet in goede aarde bij de spelers en leidde zelfs tot een bijna-muiterij binnen de nationale ploeg, die er niet van gediend was dat het compleet genegeerd werd bij de totstandkoming van de beslissing. De mogelijkheid van een opstand werd gevoed door bepaalde toespelingen van Casemiro en Tite na de 2-0 overwinning tegen Ecuador op 4 juni en langzamerhand was een algehele boycot van het elftal geen utopie meer. De Braziliaanse media smulden van die episode en deden er een schepje bovenop door het opkomende antagonisme tussen de president en de coach te benadrukken. Er werd zelfs gesuggereerd dat de coach plaats zou moeten ruimen voor Renato Gaucho, die meer affiniteit zou hebben met de ideeën van de regering. Het standpunt van de Goddelijke Kanaries werd al snel geïnterpreteerd als een vorm van oppositie tegen Caboclo, en dus ook tegen Bolsonaro. Nog voor de officiële aftrap van de Copa América bevond de bal zich dus in het kamp van de politici. Door de uiterst gespannen context waarin de competitie georganiseerd werd, kwam het al snel in het middelpunt van de belangstelling te staan. Want wat is de echte drijfveer van Brazilië om als gastland van het toernooi op te treden als de stadions niet mogen vollopen, toeristen het land niet binnen mogen en de sportieve resultaten maar bijkomstig zijn? Is er toch sprake van een politieke agenda? Zoals de Copa América 2021 nu uitdraait, lijkt het meer en meer op een verkiezingsstrijd dan op een sportevenement. Veel oppositieleden hebben hun verontwaardiging geuit, met senator Renan Calheiros op kop, die het evenement het 'kampioenschap van de dood' noemde. Een boycot van het nationale elftal werd in feite meer aangewakkerd door de verkozenen en niet zozeer door de spelers zelf. Het welslagen van de Copa América is ondergesneeuwd door de politieke krachtmeting tussen de regering en haar opponenten. Het tornooi moest hoe dan ook plaatsvinden. Een forfait van de nationale ploeg, of de afgelasting van de Copa, had Jair Bolsonaro in diskrediet kunnen brengen. In een videospeech maande senator Flavio Bolsonaro, de zoon van de president, de spelers van Brazilië aan om de competitie niet te boycotten en het Braziliaanse volk vertier te geven. Zijn interventie bracht een andere kwestie ter sprake: die van de politieke voorkeur van de spelers. Het is het soort onderwerp dat traditioneel gezien taboe is in Brazilië. De Esquadrão de Ouro voelde de bui hangen en besloot een verklaring te publiceren via de sociale media. Terwijl de Brazilianen een manifest verwachtten, gaf de Seleçao een document uit dat getuigde van een onwrikbare neutraliteit en een vleesgeworden paradox. De ploeg gaf halvelings toe zich te kanten tegen de organisatie van de competitie, maar wilde toch deelnemen en voluit voor de overwinning gaan met als argument dat 'je niet nee kunt zeggen tegen een selectie'. De spelers gaven blijk van een bewonderenswaardige beheersing van het compromis - dat zeker - maar tegelijk dribbelden ze met hun korte overstapjes handig rond het onderwerp. Het is niet vanzelfsprekend om 24 verschillende persoonlijkheden op een lijn te krijgen, maar het communiqué geeft ook de politieke diversiteit weer binnen de kleedkamer. In de wandelgangen wordt gezegd dat de woede van het team pas ging liggen na het ontslag van Caboclo, die op 6 juni werd beschuldigd van en vervolgens gearresteerd werd wegens pesterijen en seksuele intimidatie. Deze Copa América was hoe dan ook het strijdtoneel van een robbertje politieke recuperatie. Terwijl de spelers snel op een zijspoor werden gezet, werd er een hevige veldslag uitgevochten tussen de senatoren. Twee oppositiepartijen dienden zelfs een bezwaarschrift in bij het Braziliaanse Hooggerechtshof om de competitie te laten verbieden, maar die eis werd uiteindelijk op 10 juni verworpen. Eduardo Paes, de burgemeester van Rio de Janeiro, kondigde ook aan dat hij bereid was om wedstrijden te annuleren indien de gezondheidsprotocollen niet nageleefd konden worden. Los van de sportieve inzet is de Copa vooral een strijd tussen politici van allerlei pluimage en een bevlieging van Bolsonaro, die zijn visie aan iedereen probeert op te dringen. Kwatongen beweren dat het tornooi het speeltje van de Braziliaanse president is geworden en op basis daarvan concluderen veel voetbalfans dat deelname van de Seleção gelijkstaat met het openlijk steunen van het regime. De nationale ploeg is een symbool waar iedereen mee geassocieerd wil worden en zonder het zelf te beseffen hebben de belangrijkste protagonisten zich in een bepaalde hoek laten drummen. De spelers werden immers ingedeeld in het kamp van Bolsonaro en daardoor werd het nationale team afgezonderd van hun fans. De gebruikelijke opwinding bleef uit, het was zelfs akelig stil in de kabbelende stegen van Rio tijdens de openingswedstrijd op 13 juni toen Neymar en zijn teamgenoten Venezuela met 3-0 inblikten. Het contrast tussen de veelbelovende start op het veld en de somberheid ernaast was confronterend. De treurnis werd geïllustreerd door de zwijgzame Arena Mané Garrincha en de lege straten. Het is een schrikbarend beeld voor een team dat nochtans van het thuisvoordeel zou moeten profiteren. Door het uitblijven van festiviteiten is de verwarring compleet, aangezien Brazilianen normaal elk excuus aangrijpen om uit de bol te gaan. In de bars lijken alleen de gringo's zich te verheugen over de overwinning van de Seleçao. 'De fans zijn totaal niet enthousiast over dit evenement. Dit heeft een politieke wending genomen waar de nationale ploeg gewoonlijk van bespaard blijft', zegt Thiago, een Braziliaanse dertiger die zich in een bar heeft genesteld om de openingswedstrijd te bekijken. 'De beker heeft zijn sportieve geloofwaardigheid verloren. De Copa América steunen, betekent dat je de daden van Bolsonaro goedkeurt.' Het spektakel in de loges heeft zo'n onwaarschijnlijke proporties genomen dat het al de rest overschaduwt - ook wat er op het veld gebeurt. Volgens critici leeft de nationale ploeg onder de knoet van de president. Het traditionele gele shirt van de Seleção wordt daardoor beschouwd als een propagandavoorwerp en als gevolg daarvan is het geen populair item meer in Rio de Janeiro. Het heeft er helaas alle schijn van dat de meeste inwoners momenteel getroffen worden door het tropische gelekoortsvirus, eerder dan dat ze aangestoken worden door hun hartstocht voor het nationale elftal. Net als in de periode van de bolsjewieken, toen het rood en wit symbool waren van een politieke familie, is geel in 2021 in Brazilië verworden tot een politieke kleur. De supporters zitten in het oog van een extrasportieve wervelstorm. En er blijft, zo lijkt het toch, niet veel over van hun passie. De onverschilligheid van de fans is zo groot dat sommigen zelfs ostentatief weigeren om de resultaten van hun ploeg te raadplegen. De Brazilianen verdedigen hun titel op de Copa América, maar hun prioriteiten liggen elders. Marcos, een taxichauffeur van in de zestig, verwijst met veel trots naar zijn palmares waar minstens 5000 wedstrijden in het Maracanãstadion op prijken, maar de editie van 2021 laat hem koud. Terwijl hij zijn taxi parkeert aan de voet van het legendarische stadion fulmineert hij over de manier waarop de Copa América aan de man werd gebracht. 'Wat voor zin heeft het om een competitie te organiseren zonder publiek? Het kan niemand schelen, niemand wordt hier wild van! Ik weet niet eens tegen wie we spelen in knock-outronde.' Door de chaotische organisatie en de politieke maalstroom waarin het terechtkwam, was de Copa América van 2021 een doodgeboren kind. De kritiek van de plaatselijke bevolking en de buitenlandse deelnemers klonk zo luid dat het tornooi geen plaats zal krijgen in de annalen van de sport. Ook niet bij de Seleçao, die murw geslagen werd door het massaal afhaken van hun aficionado's. Per slot van rekening zal blijken dat de belangrijkste wedstrijd voor de Brazilianen in juli gespeeld zal worden in het Estádio José Bastos Padilha van Flamengo dat is omgebouwd tot een vaccinatiecentrum.