Uitgerekend Toni Kroos, die zaterdag tegen Zweden in de eerste helft dramatisch speelde en met een slechte pass aan de basis lag van het tegendoelpunt, verhinderde voor Duitsland een blamage toen hij in de 95e minuut een vrijschop binnen knalde. Hij vierde het met de hele ploeg als een bevrijding. Dezelfde Kroos die wel een van de exponenten leek van het matte spel dat de wereldkampioen de laatste maanden op de grasmat legde. Met de 0-1-nederlaag tegen Mexico als dieptepunt.
...

Uitgerekend Toni Kroos, die zaterdag tegen Zweden in de eerste helft dramatisch speelde en met een slechte pass aan de basis lag van het tegendoelpunt, verhinderde voor Duitsland een blamage toen hij in de 95e minuut een vrijschop binnen knalde. Hij vierde het met de hele ploeg als een bevrijding. Dezelfde Kroos die wel een van de exponenten leek van het matte spel dat de wereldkampioen de laatste maanden op de grasmat legde. Met de 0-1-nederlaag tegen Mexico als dieptepunt. Ongenadig hard was de kritiek van de media de voorbije dagen geweest, steeds giftiger klonken de commentaren. Soms was de toon ronduit beledigend. Zo heette het dat Sami Khedira, de middenvelder van Juventus, zo traag over het veld slofte dat hij de tijd had om tussendoor van zolen te veranderen. En Mesut Özil, die voor het WK haast tot een staatsvijand uitgroeide omdat hij zich samen met Ilkay Gündogan achteloos had laten fotograferen met de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, werd al helemaal onder de grond gestopt. De triest ogende spelmaker, die met een balberoering een wedstrijd kan beslissen, had dan ook een wanprestatie geleverd. In een land dat met zo'n groot migratieprobleem worstelt dat zelfs de positie van bondskanselier Angela Merkel wankelt, was op hem een heksenjacht gevoerd. Het leek sommige spelers, zo viel intern te horen, niet slecht uit te komen. Ex-international Dietmar Hamann distantieerde zich van wat hij populisme noemde. 'Als Duitsland wint is iedereen gelukkig, als ze verliezen is het de schuld van Özil', zei hij. Maar lang voor die politieke en etnische kwesties de sereniteit in de groep verstoorden, had Toni Kroos al geklaagd over het gebrek aan engagement van sommige van zijn ploegmaats. Dat gebeurde al in maart, na de 0-1-nederlaag tegen Brazilië. En na het de 1-2 verlies tegen Oostenrijk zette hij ook vraagtekens bij de tactische discipline. Dat Duitsland tijdens het WK 2014 amper tegendoelpunten kreeg, was volgens hem al evenmin toeval dan dat de ploeg nu wel veel goals incasseert. De opmerkingen van Toni Kroos waren ongewoon. De middenvelder is doorgaans geen speler die zich veel laat horen. Hij is bijvoorbeeld amper actief op de sociale media en geldt niet echt als een groepsmens. Kroos verschijnt zo weinig mogelijk op feesten en haat de glitter en glamour die rond topvoetballers hangt. Eigenlijk valt hij ook op het veld nauwelijks op. Soms zie je nauwelijks dat hij meedoet. Want zijn acties zijn weinig spectaculair. Na de wedstrijd tegen Mexico werd Kroos net zoals zijn ploegmaats hard bekritiseerd. Nochtans bleek dat niemand de bal zoveel beroerde als hij. En dat 93 procent van zijn passes zijn ploegmaats bereikten. Niet alleen de kanttekeningen van Toni Kroos leidden vooraf tot bedachtzaamheid bij Joachim Löw. Na de blamage tegen Mexico trok de bondscoach zich met zijn ploeg terug in bezinning en bleef het mediacentrum een dag gesloten. Er werd intern gedebatteerd en ruzie gemaakt. Luid klonk de vraag hoe de wereldkampioen zich verder op dit toernooi wilde presenteren. Als een stelletje volgevreten vedetten die niet meer in staat blijken te zijn zichzelf op te peppen. Of als een dynamische groep die zich als het ware opnieuw uitvindt en als een eenheid optreedt. Zo ging het er in de aanloop naar het cruciale duel tegen Zweden een hele week lang aan toe. Niets bleef over van het optimisme dat één jaar geleden opborrelde toen Duitsland in Rusland met een B-elftal de Confederations Cup had gewonnen en de ploeg eerder ook de Europese titel pakte bij de U21. Nooit leek de Duitse weelde groter te zijn geweest dan op dat moment, heel moeilijk zou het voor Joachim Löw zijn om uit een reservoir van vijftig potentiële internationals zijn selectiegroep samen te stellen. Duitsland leek nu pas echt de vruchten te plukken van een professionele jeugdopleiding, waarbij trainers aan strenge selectiecriteria worden onderworpen. Het wilde niet langer afhankelijk zijn van genetische toevalstreffers, maar voetballers vooral leren hoe ze de ruimtes moet benutten. Het is het stokpaardje van Joachim Löw. In het moderne voetbal, doceert hij voortdurend, loop je van ruimte naar ruimte. Weinig viel daar de afgelopen maanden van te zien. In de aanloop naar het WK en in de match tegen Mexico. Zo begon de wereldkampioen met het mes op de keel aan de match tegen Zweden. In crisiscommunicatie blonk de ploeg niet uit. Bestuurders lieten zich niet horen, net zoals ze dat niet hadden gedaan na de Erdoganaffaire. Alleen de moedige kapitein Manuel Neuer trad heel alleen de pers tegemoet. Hij probeerde positivisme te verspreiden, maar zijn lichaamstaal verraadde veel. Neuer, over wie vooraf velen twijfels hadden nadat hij acht maanden niet speelde, was de man die Duitsland tegen Zweden aanvankelijk recht hield. Tot in de 95e minuut stond de wereldkampioen aan de rand van de afgrond. Dan kwam het tot een explosie. Na een sterke beginfase, maar na een wedstrijd waarin de mankementen bleken. De defensie, met de onzekere Antonio Rüdiger en de niet fitte Jérôme Boateng, straalt onzekerheid uit. En het ontbreekt de ploeg duidelijk aan een pure afwerker, al deed Löw, die niet echt als een uitmuntende tacticus geldt, wel een goeie ingreep toen hij in de tweede helft Mario Gomez inbracht en centrumaanvaller Timo Werner naar de linkerkant schoof. Duitsland moet nog altijd de deur naar de volgende ronde openbreken en vandaag Zuid-Korea opzijzetten. Bij voorkeur met twee doelpunten verschil, om niet afhankelijk te zijn van de wedstrijd tussen Mexico en Zweden. Anders dreigt een nieuwe afgang. Maar dat je niet van herinneringen aan goede wedstrijden leeft en roem snel verbleekt, daarvan moet iedereen in het Duitse kamp intussen overtuigd zijn. Gedaan met het ego-gedrag en andere vormen van zelfoverschatting Löw zag met tevredenheid dat zijn ploeg weer de typisch Duitse deugden hervond. En dat de eenheid is hersteld. Maar dat het niveau omhoog moet, daar is de bondscoach van overtuigd. Benieuwd of Löw, die vanuit een groot empathisch vermogen zeer fijnzinnig met spelers kan omgaan, erin slaagt Sami Khedira en vooral Mesut Özil weer op te richten. Zij kunnen het spel alleen maar verfrissen en verrijken.