Sommige beelden vertellen hele verhalen. Het beeld van Pierre Denier die rechtstaat voor de bank van KRC Genk verraadt een club in crisis. Denier heeft er de status van eeuwige dienaar; sporadisch, bij uitslaande branden, wordt hij aan het commando geroepen. Zoals in maart 2009, wanneer hij het team als interim door en naar het einde van het seizoen sleept na het ontslag van Ronny Van Geneugden.
...

Sommige beelden vertellen hele verhalen. Het beeld van Pierre Denier die rechtstaat voor de bank van KRC Genk verraadt een club in crisis. Denier heeft er de status van eeuwige dienaar; sporadisch, bij uitslaande branden, wordt hij aan het commando geroepen. Zoals in maart 2009, wanneer hij het team als interim door en naar het einde van het seizoen sleept na het ontslag van Ronny Van Geneugden. En ineens breekt er dan voor de Limburgers een memorabele periode aan, ze wordt voor het nageslacht opgeslagen in het collectieve geheugen. In de competitie moet het genoegen nemen met een anonieme achtste plaats, vanop ruime afstand volgt KRC Genk het titeldebat tussen Standard en Anderlecht (na testwedstrijden gewonnen door de Rouches). Wel kan blauw-wit zich troosten met de beker van België - 0-2 in de finale tegen KV Mechelen, twee goals van Marvin Ogunjimi. Maar de tijd herleidt veel tot andere proporties, met terugwerkende kracht bekeken verbleekt dat bekersucces tot bijna iets anekdotisch in het licht van de twee diamanten die Racing Genk in minder dan een maand tijd uit zijn vruchtbare bodem opdelft en aan het Belgisch voetbal aanbiedt. Op 9 mei 2009, in een uitwedstrijd tegen Charleroi, krijgt Kevin De Bruyne zijn eerste speelminuten in het A-team. Drie weekends eerder verwelkomt Genk het KAA Gent van Michel Preud'homme met een knaap van zestien jaar in het doel. Preud'homme, zelf bijgelovig tot achter zijn oren, is allicht de laatste om het te ontkennen: topsporters zijn gehecht aan rituelen. Ook het gezin Courtois - verknocht aan sport in het algemeen en volleybal in het bijzonder - zweert bij hardnekkige gewoonten. De ochtendkrant is heilig. Maar als Thibaut op 17 april 2009 de dag aanvat, valt er geen krant meer te bekennen. Vader Thierry verstopt ze, hij vindt de titels over zijn zoon hinderlijk - het hoofd van die jongen mocht niet op hol slaan. 'Een jongen van zestien jaar moet Genk redden' kopt Het Nieuwsblad die ochtend. De pers raakt die dag unaniem in de ban van het verhaal van een zesde doelman die na een onwaarschijnlijk parcours plotseling het doel van Racing moet verdedigen. Zesde doelman? Even recapituleren. In januari van dat jaar zijn Logan Bailly en Sinan Bolat vertrokken bij Genk, waarna Davino Verhulst doorgroeit tot nummer één, met Sem Franssen als zijn doublure. Maar voor de match tegen Gent is Verhulst geschorst en Franssen geblesseerd. Koen Casteels had de voorkeur kunnen krijgen, maar hij keert net terug uit een kwetsuur, op training geeft zijn leeftijdsgenoot Courtois een goede indruk. Het is de ochtend van 17 april 2009, Thibaut Courtois laat het niet aan zijn hart komen. De berichten in de kranten, zijn statuut als zesde doelman, who cares? Terwijl zijn vader binnen aan de telefoon de journalisten afslaat als lastige vliegen, springt de zoon bij de buren op de trampoline, bijna letterlijk klaar om op te stijgen, lijkt het wel. De eerste vlucht van Thibaut duurt slechts negentig minuten. Dat is de tijd om twee ballen uit zijn net te vissen (Genk-Gent eindigt op 2-2), maar minstens evenveel puike reddingen uit zijn mouw te schudden. En achteraf lof te oogsten voor zijn eerste match bij de volwassenen - als keeper met nog het gezicht van een kind. 'Ik zal die wedstrijd nooit vergeten', vertelt João Carlos. Als kapitein van de ploeg neemt hij Thibaut die dag onder zijn vleugels - de Braziliaan is niet vergeten hoe ooit Romário hém onder zijn hoede nam toen hij debuteerde bij Vasco de Gama. 'Thibaut had die dag mensen rondom zich nodig. Ik trapte wat ballen naar hem en ik trapte ze zo dat het hem vertrouwen gaf. Ook zei ik hem dat het alleen maar mijn fout zou zijn mocht hij een relance missen.' Na de partij wacht vader Thierry, een scherp observator, João Carlos op en bedankt hem warm voor de geboden hulp. Eenzelfde lot ondergaat David Hubert, nu bij Zulte Waregem. Ook hij heeft zich extra over de debuterende doelman ontfermd. 'Thibaut speelde een goede match, hij heeft zich die avond getoond', herinnert Hubert zich. 'Nadien kreeg hij niet meteen veel speelkansen meer, maar hij was toen nog zeer jong. Die wedstrijd heeft hem sterker in zijn hoofd gemaakt. Het heeft hem aangemoedigd om verder te werken en zijn ambitie na te jagen: doorbreken bij Genk.' Want het voetbal had Courtois kunnen verliezen aan het volleybal, waarvoor hij uitgesproken veel talent had. 'Er was niemand die op me rekende, ik telde niet mee, en al zeker niet voor een nationale selectie', zegt Thibaut over een periode waarin hij het gevoel heeft dat er in het voetbal op hem wordt neergekeken. Pas bij de nationale U18 keert de wind, naar eigen zeggen profiteert hij van een minder sterke lichting keepers en krijgt hij eindelijk een kans. Dat hij voordien voor nationale jeugdselecties steevast Thomas Kaminski maar vooral Koen Casteels, zijn grote rivaal bij Racing Genk, moest laten voorgaan, wijt Courtois aan een coach van de topsportschool van Genk die zijn kwaliteiten miskende. Maar de tegenspoed sterkt hem. 'In de grond moet ik die man erkentelijk zijn omdat hij me altijd negeerde', luidt zijn analyse. 'Hij heeft me harder gemaakt.' Terugvechten bij tegenslag, die karaktertrek dankt Thibaut aan zijn directe omgeving. Vader Thierry (van Waalse afkomst) speelde einde jaren tachtig, begin jaren negentig professioneel volleybal in de Belgische eredivisie (Zonhoven, Genk-Opglabbeek VC, Bilzen). Ook zijn moeder, Gitte Lambrechts beoefende volleybal op het hoogste niveau. Het lijkt ten huize Courtois soms een olympisch park. De gezinsleden pendelen er van het zwembad naar de basketbalring, naast het huis ligt een grote zandbak voor beachvolley die de kinderen omdopen in een parcours voor cyclocross of een oefenterrein voor vluchtschoten. Aan de pingpongtafel worden epische duels uitgevochten tussen Thibaut en zijn vader. 'Als ze tafeltennis speelden, hoorde je hen door het hele huis roepen en tieren', grinnikt zus en voormalig volleybaltopper Valérie. Partijtjes plezier? Niet als vader en zoon Courtois het tegen elkaar opnemen. Competitiebeest in hart en nieren treitert de vader de zoon en probeert hem met alle middelen te destabiliseren. Eigenlijk wordt Thibaut Courtois thuis olympisch geschoold. In hun jeugd organiseren hij en zijn broer Gaetan iedere zomer de 'Olympische Spelen van de tuin' voor kinderen uit de buurt. Vergeet het olympische motto 'Deelnemen is belangrijker dan winnen'. Er wordt in die tuin op leven en dood gesport. Zo raakt Thibaut geconditioneerd om concurrenten uit te schakelen. De eerste concurrent die moet buigen voor Courtois, heet Koen Casteels. 'Twee bijzonder goede jonge doelmannen, maar Thibaut was matuurder', zegt László Köteles. Köteles beseft dat zijn terugkeer naar de goal niet voor meteen is. 'Ik heb Thibaut geen strobreed in de weg gelegd en hem ook geen smerige streek geleverd. Gezien zijn niveau was het duidelijk dat Genk hem niet zou kunnen houden. Ik wist: hij zou op het einde van het seizoen verkocht worden en ik zou weer mijn plaats innemen.' Ondervraagd over Courtois roemt Köteles zijn mentale kracht. 'Die fascineerde me. Neem een jongen zonder talent, vuur drieduizend ballen op hem af en op den duur weet hij wel hoe hij er een moet tegenhouden. Maar mentale sterkte is meer iets dat je hébt dan kweekt. Als we dat jaar ( in 2011, nvdr) kampioen werden, dankten we dat voor een groot deel aan Thibaut.' Thibaut Courtois werkt bij KRC Genk met Jos Beckx als keeperstrainer. Die getuigt dat vooral de snelheid van Courtois - 'uitzonderlijk voor iemand van zijn lengte' - hem imponeerde. En zijn vastberadenheid. 'Hij heeft altijd enorm in zichzelf geloofd, zonder dat hij dat van de daken schreeuwde.' Courtois beaamt: 'Als ik bij Genk werd geëvalueerd, scoorde ik altijd slecht op de factor ambitie. Terwijl ik wel degelijk ambitieus was. Ik had alleen geen zin om overal uit te roepen dat ik de beste was.' Uiteindelijk volstaat het om dat op het veld te tonen. Thibaut Courtois steekt er dat kampioensjaar 2010/11 boven uit. David Hubert slaagt er niet in om zich één fout voor de geest te halen. 'Iedereen denkt terug aan die slotwedstrijd tegen Standard, maar hij was het hele seizoen zeer regelmatig. Hij had al eerder echte wereldsaves uit zijn mouw geschud.' En hij was altijd present. Zelfs voor de wedstrijd tegen Anderlecht, dat seizoen titelverdediger, één dag na de begrafenis van zijn grootvader. De schop die hij na het incasseren van een goal van Roland Juhász aan de paal uitdeelt, verraadt hoe graag hij zijn opa een clean sheet had aangeboden. Bewust dat ze getuige zijn van het ontluiken van een buitengewoon talent, beschermen zijn ervaren ploegmaats Courtois als de kip met de gouden eieren. Köteles en Dániel Tözsér wijken zelden van zijn zijde, na een tijd kan hij zelfs enkele woorden in het Hongaars met hen wisselen. En als João Carlos hem uitnodigt voor zijn verjaardag, ziet hij hem geamuseerd met zijn zoontje spelen. Op het oefenterrein stapelt Courtois intussen de overuren op. João Carlos wil zijn strafschoppen aanscherpen, de aanvallers willen hun schot bijstellen: altijd vinden ze Thibaut bereid om in het doel post te vatten. 'En altijd was het een muur', verkneukelt de Braziliaan zich nog over die momenten. Dat constateert ook reservedoelman Jean-François Gillet wanneer Courtois zich meldt voor zijn eerste trainingen met de Rode Duivels. 'Toen ik hem voor het eerst aan het werk zag - dat was wat. Hij kwam aangewandeld alsof hij daar altijd al geweest was. En in de kleine oefenwedstrijdjes vlogen er weinig ballen binnen. Hij bracht iets totaal nieuws, hij behoort tot die mensen die geen enkele druk voelen.' Wat stelt een wedstrijd in een vol stadion voor als je bent grootgebracht met vaderlijke vernederingen aan de pingpongtafel? 'Ik geloof niet dat ik hem één dag heb zien stressen', oppert Jelle Vossen, topschutter wanneer Racing Genk zich in 2011 onder leiding van Frankie Vercauteren tot kampioen kroont. Courtois wint het respect van de anciens. 'Ik was gefrustreerd door mijn situatie, maar dat heb ik hem nooit getoond, omdat het zo'n geniale gast is', zegt Köteles. 'De kleedkamer waardeerde hem enorm. We begrepen dat hij in alle opzichten een reus was.' Iets wat ze ook buiten de kleedkamer van Racing Genk beseffen. Wanneer hij bij het begin van de play-offs tegen Standard een ongelukkig doelpunt slikt, vullen de mobieltjes van zijn ouders zich met berichtjes van journalisten. 'Niet om een interview aan te vragen, maar om hun vertrouwen in Thibaut te ventileren', preciseert mama Courtois. 'En om ons eraan te herinneren hoeveel punten hij dat seizoen al voor de ploeg heeft gewonnen.' Met de landstitel en het vooruitzicht van deelname aan de Champions League op zak, vertrekt Thibaut Courtois in juni 2011 naar het buitenland. 'Mijn vader en manager hadden me toen misschien liever in Genk zien blijven', geeft hij drie jaar later aan. Maar dan blinkt er al een nieuwe en veel prestigieuzere landstitel op zijn palmares. Gekocht door Chelsea maar meteen uitgeleend aan Atlético Madrid maakt Courtois bij de Colchoneros twee nieuwe slachtoffers. Het vertrek van David de Gea naar de Premier League voedt daar de hoop en ambitie van Sergio Asenjo en Joel Robles. José Luis Caminero, sportief directeur bij Atlético, belooft hen een eerlijk duel met als inzet: de positie van eerste doelman. Vooral bij Asenjo, Spaans international, ligt de komst van Courtois zwaar op de maag. Hij vraagt Caminero of die uitleenbeurt inhoudt dat de Belg een minimaal aantal matchen moet spelen. Spoedig zal hij zich realiseren dat hijzelf nog aan weinig wedstrijden zal toekomen. Net als in Genk verovert Thibaut Courtois in Madrid zijn plek: het doel van Atlético. Courtois wordt verliefd op Madrid. En op Marta Domínguez met wie hij twee kinderen krijgt. De grinta die Diego Simeone in het team pompt, past hem als een handschoen. Waar Atlético straks de soms wat speelse mentaliteit van Yannick Carrasco moeilijk kan verkroppen, wordt Courtois meteen geaccepteerd, geïntegreerd en gewaardeerd. De Belg krijg alle hulp in zijn jacht op meer trofeeën. Als sluitstuk van een van de hoogst gequoteerde Spaanse clubs kan Courtois zich nog moeilijk verzoenen met zijn rol van doublure bij de Rode Duivels, in de schaduw van Simon Mignolet die wekelijks uitblinkt in de Premier League. Als bondscoach Georges Leekens aanvoelt dat bemoedigende schouderklopjes niet meer volstaan, gunt hij Courtois op 15 november 2011 een speelkans in een vriendschappelijke wedstrijd tegen Frankrijk in het Stade de France. Tegen Franck Ribéry, Karim Benzema en consoorten houdt Thibaut zijn doel ongeschonden, vastberaden verlaat hij het veld. 'Bij de uitgang van het stadion liep ik zijn vader tegen het lijf', vertelt Leekens. 'Toen ik hen zei dat hun zoon een goede match had gespeeld, antwoordde die prompt: 'We zullen dan wel zien voor het vervolg - op voorwaarde dat hij constant presteert.' Dat was een opmerkelijke uitspraak waaraan je merkt dat de entourage van Thibaut zelf uit de sportwereld komt en de voeten op de grond houdt.' De concurrentie tussen Courtois en Mignolet is vanaf het eerste moment messcherp. Twee Limburgers, twee competitiebeesten en beiden worden ze gewaar dat de hiërarchie flou is. Leekens: 'Thibaut is altijd een winnaar geweest. Hij is zo iemand die zich opwindt als hij op training een doelpunt moet toestaan. Zulke winnaarstypes hebben weinig geduld. De situatie met Mignolet was niet evident. Jean-François Gillet en Philippe Vande Walle hebben een belangrijke rol gespeeld om de toestand te ontmijnen.' 'De rivaliteit tussen Courtois en Mignolet was bikkelhard maar niet kwaadaardig', benadrukt Philippe Vande Walle. 'Thibaut weet wat hij wil, maar hij is intelligent genoeg om zich op zijn eigen prestaties te focussen. Toen hij zijn kans kreeg, heeft hij die met beide handen gegrepen, zo simpel is het.' Jammer voor Mignolet, de machtspositie kantelde onvermijdelijk in het voordeel van Courtois. Zelfs een ronkende transfer naar Liverpool kon dat niet wijzigen. Gillet maakt het proces van de wissel. 'Als je met zo'n machine geconfronteerd, dan besef je op slag dat de grond onder je voeten heet wordt. Ik wist dat Thibaut de nummer één zou worden. Misschien nog niet vandaag of morgen. Maar ooit, op een dag, wel. Zulke zaken voel je.' Op een avond in augustus 2012 komt de profetie uit. De van assistent tot nieuwe bondscoach gebombardeerde Marc Wilmots zet Courtois tussen de palen voor een vriendschappelijke pot tegen Nederland. En laat hem daar nadien consequent staan. Nu helemaal gelanceerd stapelt Courtois de clean sheets en straffe prestaties op. Met Atlético bereikt hij in 2014 de finale van de Champions League (Real Madrid wint met 4-1 na verlengingen) en behaalt de titel in de Liga - ten koste van het Real Madrid van Cristiano Ronaldo en het Barcelona van Lionel Messi, Courtois beschouwt dat nog altijd als het grootste succes van zijn carrière. Daarna bereidt Thibaut Courtois zich voor op zijn eerste wedstrijd in de eindronde van een WK voor (2014, in Brazilië, tegen Algerije). Opnieuw, zonder zich druk te maken. 'Als je hem enkele minuten voor de aftrap van die match kruiste, zou je nooit geloofd hebben dat het twaalf jaar geleden was dat België nog zo'n belangrijke wedstrijd had gespeeld', herinnert Sammy Bossut, toen als derde doelman in de nationale selectie, zich. 'Zoals altijd was hij de kalmte zelf. Geen enkel spoor van stress. Misschien was hij een tikkeltje nerveus voor de ( met 1-0 verloren, nvdr) kwartfinale tegen Argentinië, maar ook dan zag je uitwendig niets aan hem. Dat komt simpelweg omdat hij wist dat hij de kwaliteiten bezat om een wedstrijd van dat niveau te spelen.' Van dat laatste hoeft José Mourinho niet overtuigd te worden. Voor het seizoen 2014/15 repatrieert de Special One Courtois naar Londen en gooit bij Chelsea de gevestigde hiërarchie overhoop. Petr Cech is het volgende, en mogelijk het meest verbitterde slachtoffer van Courtois. In Cobham, het trainingscentrum van de Blues, bevlekt de komst van de met prijzen overladen Belg de innige relatie tussen de Tsjechische legende en keeperstrainer Christophe Lollichon. De Fransman vraagt Courtois om zijn stijl te veranderen, Courtois weigert, de verstandhouding bevriest. Maar op 29 juni 2015, in het zog van de derde landstitel voor Courtois, steekt Cech verslagen Londen over en strijkt neer bij de Gunners van Arsenal. De triomf lijkt op dat moment totaal en net dan komen de eerste stapelwolken aandrijven. Courtois ziet zijn voortdurende vooruitgang versperd door een knieblessure. Bovendien beleeft hij zijn eerste seizoen zonder landstitel. 'Dat was de eerste tegenslag in zijn carrière', zegt Erwin Lemmens, sinds begin 2013 keeperstrainer bij de Rode Duivels. De route naar het EK 2016 in Frankrijk draait voor Courtois uit op een race tegen de tijd, de onverwachte uitschakeling in de kwartfinale tegen Wales treft hem vol in het gelaat. De nationale nummer 1 trekt voor de micro's van de media en later in de kleedkamer de gevolgde tactiek in twijfel. Tussen Wilmots en Courtois volgt een verhit gesprek, enkele weken eerder heeft de doelman de bondscoach al verwijten gemaakt in een tête-à-tête. 'Natuurlijk deed die nederlaag pijn', erkent Jean-François Gillet. 'Er werd met open vizier gesproken. Niemand probeerde de woede van Thibaut te kanaliseren: die winnaarsmentaliteit maakt nu eenmaal deel uit van zijn karakter. Daarom heeft hij ook al zoveel prijzen gepakt: omdat hij altijd wil winnen.' En daarom begrijpt Thibaut Courtois twee jaar later niet waarom er in Brussel zoveel volk op de been is om, ocharme, een derde plaats op het WK 2018 in Rusland te vieren. Terwijl hij de hoon van heel Frankrijk over zich krijgt omdat hij na de verloren halve finale heeft verklaard dat de Fransen hun zege niet verdienden. 'Ik vind het geweldig wat er in de NBA gebeurt', wil Courtois daarover kwijt. 'Daar zeggen de spelers nog wat ze denken en niemand neemt daar aanstoot aan.' Na het toernooi wordt onze landgenoot tot de beste keeper van de wereld uitgeroepen. Dat beukt de poorten open van het hart van Florentino Pérez en van Bernabéu. Ook bij Real Madrid is de concurrentie moordend. Doelman Keylor Navas wordt er vereerd als een van de helden die voor Real Madrid drie keer op rij de Champions League won, in 2016, 2017 en 2018. Meer god dan held verlaat Zinédine Zidane daarop de club maar de Fransman keert op zijn stappen terug na het falen van Julen Lopetegui en Santiago Solari. Tegenover zijn nieuwe Belgische keeper gedraagt Zidane zich opvallend afstandelijk, naar het voorbeeld trouwens van Sergio Ramos, dik bevriend met Keylor. Op de slotdag van een van de meeste lamentabele seizoenen uit de clubgeschiedenis, afgesloten met een voor Real beschamende derde plaats met negentien punten achterstand op kampioen Barcelona, lijdt de Koninklijke een vernederende thuisnederlaag tegen Betis. Na afloop wordt Keylor Navas als enige speler niet door het publiek uitgefloten, wél wordt de Costa Ricaan na dat seizoen naar de uitgang geduwd om plaats te maken voor Courtois. Bij Real Madrid heeft Courtois voor één keer geduld moeten oefenen, en kon hij zijn coach niet van bij zijn aankomst overtuigen. Het vertrek van Navas ervaart hij ook niet als bevrijdend en nog in de zomer van 2019 botst hij met Zidane. Als Real Madrid in de Champions League Club Brugge partij geeft, wil Courtois ondanks maagproblemen aantreden tegen zijn landgenoten. Maar hij houdt het slechts 45 minuten vol en vertolkt bovendien de rol van antiheld bij twee goals van Emmanuel Dennis. Als de ploegen voor de tweede helft uit de spelerstunnel stappen, is er van Courtois geen sprake meer, Alphonse Areola vervangt hem. 'Ik zat die avond in de tribune naast de ouders van Thibaut en dat was zeer pijnlijk', weet Erwin Lemmens nog. 'Het toeval wilde dat de nationale ploeg vlak na die wedstrijd bijeenkwam. Ik denk dat het Thibaut toen deugd deed dat hij eens uit Madrid weg kon, hij kreeg in die periode nogal wat negatieve commentaren. Op de trainingen met de Rode Duivels konden we aan de basispunten werken en kon hij opnieuw zelfvertrouwen tanken.' Honderdtachtig minuten en twee clean sheets later keert Thibaut Courtois als herboren naar Madrid terug. De buitenwereld geeft zich vlug rekenschap van die metamorfose, bij een uitwedstrijd tegen Galatasaray, in de vijandige omgeving van een heksenketel in Istanbul, pakt Courtois uit met een ijzersterke prestatie. 'Ik sta graag in het doel van een volledig gevuld stadion, waar ik word uitgescholden en uitgefloten', beweert hij. 'Dat geeft me telkens een shot adrenaline.' Vanaf die welgekomen onderbreking in de herfst van 2019 verzamelt Courtois in het doel van Real Madrid meer dan vijftig clean sheets. Hijzelf telt de cijfers van die statistieken even graag als de trofeeën die hij met shirts van zichzelf en van tegenstanders uitstalt in een aan zijn voetbalcarrière gewijde ruimte in de kelderverdieping van zijn Spaanse woning. 'Thibaut is een echt prijsdier', besluit Erwin Lemmens. 'En vooral, een geboren winnaar. Als hij iets niet kan, keert hij drie, vier weken later terug en dan kan hij het wél - dan heeft hij dat geleerd en beheerst hij het en altijd op een uitzonderlijk niveau. Hij wil slagen in het onmogelijke. Hij is zo geobsedeerd door het vermijden van doelpunten en het zichzelf verbeteren dat hij effectief almaar beter wordt. Thibaut is als een goede rode wijn.' Liefst te consumeren in een mooie beker. Bij voorkeur een met grote oren.