Hoe zet men de stap van trainer naar undercovermakelaar voor een van de grootste mediahuizen ter wereld?
...

Hoe zet men de stap van trainer naar undercovermakelaar voor een van de grootste mediahuizen ter wereld?Knut auf dem Berge: 'In 1997 ben ik naar Engeland vertrokken om in Londen te trainen. Ik hield me bezig met de jeugd van Chelsea. Nadien werkte ik in Nigeria en was ik bondscoach van Montserrat, een eilandje in de Caraïben. Ik was gepassioneerd door de tactiek, het spel, het collectief. Voor mij is voetbal een sport die grenzen kan slopen. Maar als je erin zit, besef je gauw dat de 'markt' beperkt wordt tot de belangen van bepaalde personen: de makelaars en de clubbestuurders. Ik zat in dat milieu, dronk met hen whisky die honderd pond per fles kostte. De discussies gingen alleen over geld, relaties, die of die verkopen, die of die beïnvloeden... Nooit ging het eens over bekwaamheden of expertise.'Het kwam dus voort uit een degout? 'Die was er zeker. Op een keer was ik bij een echtpaar dat dicht bij het culturele milieu stond maar ook close was met een topvoetballer uit die tijd. De vrouw van het paar was niet echt zijn makelaar, maar ze was heel goed in het samenbrengen van mensen en het openen van deuren. Ik dacht: niemand weet hier waarover hij spreekt. Het enige doel van die ontmoeting was gewoon geld verdienen, niet om, bijvoorbeeld, te achterhalen of die speler een goeie lange pass had. Dat heeft allemaal gerijpt in mijn hoofd en toen bleek dat ik een gemeenschappelijke kennis had met Alex Millar, een onderzoeksjournalist van de BBC. Wij hebben elkaar ontmoet en hij heeft me zijn project voorgesteld. Dat was zeer interessant, hij had goeie informatie maar miste een dekmantel. Als journalist was het heel moeilijk om dingen te bewijzen, om bepaalde groepen te benaderen, bepaalde kringen waar er corruptie is. Ik zat daar ook niet tussen, maar ik had mogelijkheden om me daarin te begeven.'Uw kleding, de plannen, de hele sfeer: de reportage heeft de allures van een film van Guy Ritchie en u bent zelf acteur geworden...'Ik ben een beetje moeten veranderen, ja... (glimlacht) Het moest geloofwaardig zijn dat een gast als ik, die zot is van tactiek, zich zou interesseren voor de business. Zeker omdat mijn carrière als coach beperkt was en ik argumenten zou nodig hebben. Dat is ook de reden waarom we mister Silverman hebben uitgevonden, een rijke Amerikaanse zakenman die zogezegd wou dat ik hem vertegenwoordigde en die in staat was om fortuinen te investeren in het voetbal. Het was een krankzinnig idee en ik snap niet hoe de mensen daar ingetrapt zijn.' (lacht) Teni Yerima, de voormalige sportief directeur van Excelsior Mouscron, is de man die u toegang verschafte tot die 'kringen'. Hoe hebt u hem ontmoet?'Ik heb Teni Yerima ontmoet in Nigeria. We verbleven in een hotel dicht bij Kaduna. Teni was daar voor het WK voor U20 in 1999 en ik was opzoek naar spelers. Het was een echte expert, hij wist alles over die spelers en hij was content dat hij erover kon praten. We hebben elkaar nadien meermaals gezien, altijd in het kader van voetbal. Ik zei bij mezelf: dat is de juiste persoon om te contacteren en ons project mee te beginnen.'Met hem hebt u het bestuur van Bolton ontmoet. Ze hadden u nooit gezien maar vertelden u wel meteen de som die ze voor Jay-Jay Okocha wilden krijgen: vijf miljoen pond.'Hoe is dat mogelijk, hé? Ik had hen nog maar net ontmoet! Die scène is essentieel volgens mij. Voor hen was de speler slechts een bedrag op een cheque. Hij was nochtans de lieveling van de supporters en degene die de club in de Premier League gehouden had. Maar voor die mensen had dat geen belang. Hij was vijf miljoen pond waard. Punt. Dat toont aan dat voetballers geen menselijke wezens zijn, maar menselijke handelswaar. Wat mij betreft, kun je zelfs van moderne slavernij spreken. En in zekere zin had ik deel uitgemaakt van dat systeem, ik was me er bewust van: ik was een blanke die naar Afrika ging om ter plekke de grootste talenten te zoeken...'U hebt ook Peter Harrison ontmoet, een oudgediende van Charleroi die makelaar geworden is, die een tijdje Olympic overgenomen heeft ook. Hoe was jullie relatie?'Vrij goed. In de loop van verschillende meetings heb ik kunnen zien dat hij gerespecteerd en redelijk bekend was in dat milieu, ook al bezat hij zelf geen topspelers. Peter was een sympathieke gast, erg grappig. Een beetje gek zelfs. (lacht) Niet het typische profiel dat je tegenkomt in het Engelse voetbal. Hij sprak toen al erg goed Frans. Hij had internationale contacten en hij bezat die x-factor waarmee hij ook verkoper van wasmachines of tweedehandsauto's had kunnen worden. Hij zou je om het even wat kunnen verkopen.'Ei zo na had hij u doorzien...'Hij zag het rode lampje van een verborgen camera... Dat was niet het plezantste moment van mijn leven... (lacht) Gelukkig zaten we in een pub met verschillende personages uit het voetbal die de ene pint na de andere achterover sloegen. Drinken is een cultuur in het Engelse voetbal: drinking together, business together. Dat was mijn kans: gezien zijn staat van dronkenschap was Peter niet zeker meer van wat hij had gezien. Het had ook een insect of iets anders kunnen zijn... (glimlacht) We hebben het daarbij gelaten en ik ben naar het toilet gegaan om de camera te verwijderen.'Hebt u nog contractvoorstellen gekregen na het uitzenden van de reportage?'Niet veel meer, neen! (lacht) Maar het belangrijkste voor mij was deelnemen aan dat project. Ik zag het als een nieuwe uitdaging. Ik wou een blik achter de schermen geven en op dat moment heeft het echt een impact gehad, ook al stel ik vandaag vast dat er niet zoveel veranderd is. Toen ik het opnieuw wilde proberen in het voetbal, heb ik contact gehad met de Nigeriaanse voetbalbond, die nog altijd geïnteresseerd was. Men zei me wel: 'De volgende keer dat we over zaken praten, mag jij er niet bij zijn!'' (lacht) Bekijk de reportage hieronder: