Emre Can, nog altijd maar 26, heeft er al een heel parcours op zitten. Na ervaringen bij Bayer Leverkusen, Liverpool en Juventus keerde de Duitse middenvelder begin dit jaar terug naar zijn vaderland. De Italianen leenden hem uit aan Borussia Dortmund. Na enkele weken kwam de club al met 25 miljoen euro over de brug om Can definitief over te nemen.

We zouden het bijna vergeten, maar de Duitser van Turkse afkomst werd opgeleid bij Bayern München. 'Daar veranderde ik van een jongen in een man', vertelt Can in een gesprek met de Frankfurter Allgemeine Zeitung. 'Ik ging ernaartoe toen ik vijftien jaar was en bleef er vier seizoenen, dus ik heb veel te danken aan de club.'

In 2013 vertrok hij naar Bayer Leverkusen, net op het moment dat hij bij Bayern de kans kreeg om onder Pep Guardiola te werken. 'Ik was jong en wilde vaker spelen. Daarom ging ik weg. Bij Leverkusen zag ik meer kansen voor mezelf.'

Een kus van Buffon

Emre Can voetbalde met dominante figuren als Mats Hummels en Cristiano Ronaldo, maar omschrijft zichzelf ook als 'een leider'. 'Maar tot problemen heeft dat nooit geleid', zegt hij. 'Het is ook niet dat ik de kleedkamer binnenkom, op de tafel klop en zeg: 'Nu gaat alles hier volgens mijn regels!' Maar iedereen heeft het recht om tips aan het team te geven. Eén speler kan nooit het hele team leiden. Dat is de taak van de groep.'

Zelf raakte hij vooral onder de indruk van twee spelers. 'Steven Gerrard bij Liverpool. Dat is een kerel die altijd heel bescheiden en heel rustig is. Maar zijn woorden hadden wel gewicht. Zulke spelers observeerde ik goed. Of Gianluigi Buffon in Turijn. Hij komt elke dag met een grote glimlach de kleedkamer binnen en kust elke speler op de wang. Hij houdt van het spelletje.'

'Er zijn veel goede voetballers, maar wat mij vooral interesseerde, was hoe mensen zich naast het veld gedroegen', zegt Can. 'Het belangrijkste is dat je een goed persoon bent.'

Kapitein van Klopp

Toen hij in 2014 op zijn 20e naar Liverpool verhuisde, duurde het een paar maanden eer hij er doorbrak. Maar daarna was hij nog moeilijk uit de basis weg te denken. 'Als ik niet geblesseerd was, speelde ik. Vier jaar lang. Dat durven velen weleens te vergeten.'

Bij The Reds werd hij door Jürgen Klopp ook tot kapitein gebombardeerd. 'Daar was ik erg trots op. Ik zag het als een bevestiging van mijn prestaties.'

Maar na vier jaar wilde hij, ondanks het feit dat Liverpool hem een contractverlenging aanbood, andere lucht opsnuiven en ging hij in op een aanbod van Juventus. 'Het was niet dat ik het in Engeland niet meer naar mijn zin had, maar ik had het gevoel dat een nieuwe omgeving me goed zou doen.'

Op geld beluste voetballers

Sinds afgelopen zomer Maurizio Sarri neerstreek in Turijn, kwam Can echter veel minder aan spelen toe. Hij werd zelfs niet in de kern voor de Champions League opgenomen. Zo belandde hij in januari bij Borussia Dortmund.

Hij voetbalde er nog maar een paar weken toen de coronacrisis uitbrak. Dat er sindsdien in Duitsland het beeld werd opgehangen dat voetballers alleen maar op geld belust zijn, bevalt hem allerminst. 'Welke beroepsgroep, denkt u, heeft al het meest afgestaan in deze crisis?', klinkt hij in FAZ verontwaardigd. 'En als ik zie dat alleen al Borussia Dortmund meer dan dertig projecten financieel heeft ondersteund... En reken dat maar even door naar achttien clubs.'

'Maar versta me niet verkeerd: niemand wil daar applaus voor. Dat is maar normaal. Wat ik daarmee alleen wil zeggen: al die discussies rond het voetbal gingen alleen over ons loon. 'Die verdient zoveel, en die andere zoveel.' Maar wat hebben wij verkeerd gedaan? De grote meerderheid van de spelers volgen dezelfde regels als elke andere burger. Voetballers doneerden miljoenen, wilden helpen, goeie dingen doen, maar we praten daar niet altijd over.'

Hij vervolgt: 'In deze moeilijke tijd kunnen we bewijzen dat we bereid zijn om iets terug te geven. De meeste profvoetballers hebben dat ook gedaan. Maar als je bekritiseerd wordt als je die donaties openbaar maakt en als je óók bekritiseerd wordt als je er niks over zegt, dan kan je eigenlijk niks goeds doen.'

Emre Can vindt dat er een verkeerd beeld is ontstaan van voetballers. 'Maar ik kan daar niks aan veranderen. Als ik geld doneer of een andere goede daad verricht, dan doe ik dat niet opdat men zou denken dat ik een goeie jongen ben. Dan doe ik dat om mensen te helpen.'

Emre Can, nog altijd maar 26, heeft er al een heel parcours op zitten. Na ervaringen bij Bayer Leverkusen, Liverpool en Juventus keerde de Duitse middenvelder begin dit jaar terug naar zijn vaderland. De Italianen leenden hem uit aan Borussia Dortmund. Na enkele weken kwam de club al met 25 miljoen euro over de brug om Can definitief over te nemen.We zouden het bijna vergeten, maar de Duitser van Turkse afkomst werd opgeleid bij Bayern München. 'Daar veranderde ik van een jongen in een man', vertelt Can in een gesprek met de Frankfurter Allgemeine Zeitung. 'Ik ging ernaartoe toen ik vijftien jaar was en bleef er vier seizoenen, dus ik heb veel te danken aan de club.'In 2013 vertrok hij naar Bayer Leverkusen, net op het moment dat hij bij Bayern de kans kreeg om onder Pep Guardiola te werken. 'Ik was jong en wilde vaker spelen. Daarom ging ik weg. Bij Leverkusen zag ik meer kansen voor mezelf.'Emre Can voetbalde met dominante figuren als Mats Hummels en Cristiano Ronaldo, maar omschrijft zichzelf ook als 'een leider'. 'Maar tot problemen heeft dat nooit geleid', zegt hij. 'Het is ook niet dat ik de kleedkamer binnenkom, op de tafel klop en zeg: 'Nu gaat alles hier volgens mijn regels!' Maar iedereen heeft het recht om tips aan het team te geven. Eén speler kan nooit het hele team leiden. Dat is de taak van de groep.'Zelf raakte hij vooral onder de indruk van twee spelers. 'Steven Gerrard bij Liverpool. Dat is een kerel die altijd heel bescheiden en heel rustig is. Maar zijn woorden hadden wel gewicht. Zulke spelers observeerde ik goed. Of Gianluigi Buffon in Turijn. Hij komt elke dag met een grote glimlach de kleedkamer binnen en kust elke speler op de wang. Hij houdt van het spelletje.''Er zijn veel goede voetballers, maar wat mij vooral interesseerde, was hoe mensen zich naast het veld gedroegen', zegt Can. 'Het belangrijkste is dat je een goed persoon bent.'Toen hij in 2014 op zijn 20e naar Liverpool verhuisde, duurde het een paar maanden eer hij er doorbrak. Maar daarna was hij nog moeilijk uit de basis weg te denken. 'Als ik niet geblesseerd was, speelde ik. Vier jaar lang. Dat durven velen weleens te vergeten.' Bij The Reds werd hij door Jürgen Klopp ook tot kapitein gebombardeerd. 'Daar was ik erg trots op. Ik zag het als een bevestiging van mijn prestaties.'Maar na vier jaar wilde hij, ondanks het feit dat Liverpool hem een contractverlenging aanbood, andere lucht opsnuiven en ging hij in op een aanbod van Juventus. 'Het was niet dat ik het in Engeland niet meer naar mijn zin had, maar ik had het gevoel dat een nieuwe omgeving me goed zou doen.'Sinds afgelopen zomer Maurizio Sarri neerstreek in Turijn, kwam Can echter veel minder aan spelen toe. Hij werd zelfs niet in de kern voor de Champions League opgenomen. Zo belandde hij in januari bij Borussia Dortmund.Hij voetbalde er nog maar een paar weken toen de coronacrisis uitbrak. Dat er sindsdien in Duitsland het beeld werd opgehangen dat voetballers alleen maar op geld belust zijn, bevalt hem allerminst. 'Welke beroepsgroep, denkt u, heeft al het meest afgestaan in deze crisis?', klinkt hij in FAZ verontwaardigd. 'En als ik zie dat alleen al Borussia Dortmund meer dan dertig projecten financieel heeft ondersteund... En reken dat maar even door naar achttien clubs.''Maar versta me niet verkeerd: niemand wil daar applaus voor. Dat is maar normaal. Wat ik daarmee alleen wil zeggen: al die discussies rond het voetbal gingen alleen over ons loon. 'Die verdient zoveel, en die andere zoveel.' Maar wat hebben wij verkeerd gedaan? De grote meerderheid van de spelers volgen dezelfde regels als elke andere burger. Voetballers doneerden miljoenen, wilden helpen, goeie dingen doen, maar we praten daar niet altijd over.'Hij vervolgt: 'In deze moeilijke tijd kunnen we bewijzen dat we bereid zijn om iets terug te geven. De meeste profvoetballers hebben dat ook gedaan. Maar als je bekritiseerd wordt als je die donaties openbaar maakt en als je óók bekritiseerd wordt als je er niks over zegt, dan kan je eigenlijk niks goeds doen.'Emre Can vindt dat er een verkeerd beeld is ontstaan van voetballers. 'Maar ik kan daar niks aan veranderen. Als ik geld doneer of een andere goede daad verricht, dan doe ik dat niet opdat men zou denken dat ik een goeie jongen ben. Dan doe ik dat om mensen te helpen.'