Raúl Bravo (38) is ook in België geen onbekende. In 2012/13 speelde hij één seizoen voor Beerschot AC. De doorbraak in de carrière van de linksachter was zijn basisplaats bij Real Madrid in oktober 2001 tegen Athletic Bilbao. Hij moest de geblesseerde Roberto Carlos vervangen en deed dat uitstekend. Naast het veld gaf hij een verstrooide indruk, maar eenmaal op het terrein gaf hij zich voor 200 procent.

Later werd hij centraal in de verdediging uitgespeeld en maakte hij deel uit van het Real van Zidane, Figo, Ronaldo en Raúl. In dat sterrenensemble viel hij ietwat uit de toon, maar hij maakte veel goed met zijn kracht en zijn snelheid. Het leverde hem zelfs twaalf selecties op voor de Spaanse nationale ploeg.

Bravo klampte zich vast aan het voetbal zoals een drenkeling aan een stuk wrakhout, schrijft El País. Hij kwam uit een bescheiden gezin. Vanaf het begin van zijn carrière was duidelijk dat het zijn voornaamste bekommernis was om zijn familie uit de armoede te halen. Op zijn 20e vroeg hij een lening aan Real Madrid om een huis te kopen waarin hij zijn moeder en zijn jongere broers kon onderbrengen.

In 2007 verliet Bravo de Koninklijke en begon hij aan een lange tocht langs verschillende clubs: Numancia, Olympiacos, Rayo Vallecano, Beerschot, Córdoba, Veria en Aris Saloniki. Bij die laatste twee Griekse clubs passeerde hij twee keer.

De raid van de Spaanse politie vorige week wordt Operatie Oikos genoemd. Oikos is Grieks voor huis en dat zou volgens El País een verwijzing zijn naar een van de clubs waar Bravo actief was. De ex-speler van Real Madrid zou de leider geweest zijn van een matchfixingnetwerk in Spanje.

Hoe werd er te werk gegaan? Eerst werden wedstrijden uitgekozen in samenspraak met maffiose buitenlandse organisaties die hun weddenschappen lanceerden via Aziatische websites en Oost-Europese landen. Vervolgens werd concreet afgesproken waarop gewed zou worden: niet alleen het eindresultaat, maar ook de ruststand of andere aspecten van het spel (corners, fouten, kaarten). Zo konden de winstmarges opgedreven worden.

De volgende stap was het benaderen van een speler, bij voorkeur de kapitein, om de match te fiksen. Daarbij werden volgens politiebronnen sommen tot 100.000 euro aangeboden. Een deel van dat geld werd overhandigd vóór de wedstrijd, en de rest erna, als ook netjes was uitgevoerd wat overeengekomen was.