Het is een statistiekje als een ander: de ploeg die in de Primera División herfstkampioen wordt met minstens drie punten voorsprong op de nummer twee, pakt in 80 procent van de gevallen de titel.

FC Barcelona sluit de eerste helft van het seizoen af als nummer één in La Liga, het deelt die leidersplaats wel met Real Madrid. Het verschil: een lichtjes beter doelsaldo.

Maar terwijl je bij Real Madrid het gevoel hebt dat de curve in stijgende lijn gaat, lijkt Barça al het hele seizoen in verschillende bedjes ziek.

Cijfers

Zelfs met een van de beste keepers ter wereld tussen de palen - Marc-André ter Stegen - slikken de blaugrana te veel goals: 23 in 19 wedstrijden. Dat is het slechtste cijfer sinds het seizoen 2003/04. Het is ook bijna het dubbele van Real Madrid en Atlético (12) én slechter dan Athletic (13), Sevilla (18) en Getafe (20).

Ter vergelijking: in het eerste seizoen onder Ernesto Valverde incasseerde Barça 29 doelpunten... op een heel seizoen.

Een tweede vaststelling: FC Barcelona is thuis quasi ongenaakbaar (25 op 27), maar uit is het heel kwetsbaar. Het bewijs werd nog eens geleverd in de laatste match van de heenronde bij de buren van Espanyol, waar ternauwernood een 2-2-gelijkspel uit de brand werd gesleept. Let wel: Espanyol is de rode lantaarn in La Liga.

Barça puurde een 15 op 30 uit zijn uitwedstrijden en moet daarmee drie ploegen laten voorgaan: Sevilla (20), Real Madrid (19) en Real Sociedad (19).

Het gevoel is dat elke ploeg de huidige kampioen pijn kan doen.

Bad vibes

Rond de figuur van Ernesto Valverde blijft een aura van mislukking hangen, ook al bezorgde hij FC Barcelona twee jaar op rij de titel. De pijnlijke uitschakelingen in de Champions League tegen AS Roma (2018) en Liverpool (2019) komen nog geregeld naar boven, als slecht verteerde tapas.

Ook de verloren bekerfinale van vorig seizoen tegen Valencia is op de maag blijven liggen. Maar voorzitter Josep Bartomeu blijft zijn trainer voorlopig de hand boven het hoofd houden. Zolang de resultaten er zijn, lijkt dat ook logisch. Maar die resultaten verbloemen een en ander.

Zo is de puzzel op het middenveld stilaan een hoofdpijndossier. Valverde kan niet rond monument Sergio Busquets, waardoor Frenkie de Jong eigenlijk niet op zijn beste positie speelt. Ivan Rakitic, begin dit seizoen nog persona non grata, is nu ineens weer een vaste waarde. Arturo Vidal, die schermt met interesse uit Italië, start meestal op de bank, terwijl hij toch al zes doelpunten meepikte dit seizoen. De Braziliaan Arthur is nog weken out. Carles Aleña, de 'canterano' die flitsend aan het seizoen begon maar dan plots weer naar de bank verdween, wordt verhuurd aan Real Betis. Hij zegt nu al dat het best mogelijk is dat hij definitief naar de club uit Sevilla verhuist. Het zou de zoveelste beloftevolle jeugdspeler zijn die Catalonië verlaat.

225 miljoen

Voorin blijft Barça afhankelijk van de vormcurve van één speler. Naarmate de tijd vordert, wordt FC Barcelona steeds meer FC Messi.

Ook de komst van Antoine Griezmann heeft daar niks aan veranderd. Integendeel zelfs. De Franse international voetbalt op een eiland op zijn linkerflank. Dat Lionel Messi en Luis Suárez naast het veld beste maatjes zijn, zie je immers ook tussen de lijnen. Ze hebben heel veel oog voor elkaar maar vergeten daarbij weleens dat er voorin nóg een niet onaardige voetballer loopt.

Ten slotte is er Ousmane Dembélé (22), die alleen het nieuws lijkt te halen met zijn lak aan discipline, zijn foute eetgedrag en zijn steeds terugkerende blessures. Voor Griezmann en Dembélé betaalde FC Barcelona samen 225 miljoen euro. Hun marktwaarde is door hun verblijf in Catalonië zeker niet gestegen. En dat terwijl Ansu Fati, de rijzende ster die in het begin van het seizoen de afwezigheid van de geblesseerde Messi wonderbaarlijk goed opving, intussen weer moet toekijken vanop de bank.

Kortom, een lijn is in het voetbal van FC Barcelona nog moeilijk te ontwaren. De klasse van een aantal spelers maakt voorlopig veel goed, de vraag is alleen hoelang dat nog kan blijven duren...

Het is een statistiekje als een ander: de ploeg die in de Primera División herfstkampioen wordt met minstens drie punten voorsprong op de nummer twee, pakt in 80 procent van de gevallen de titel. FC Barcelona sluit de eerste helft van het seizoen af als nummer één in La Liga, het deelt die leidersplaats wel met Real Madrid. Het verschil: een lichtjes beter doelsaldo.Maar terwijl je bij Real Madrid het gevoel hebt dat de curve in stijgende lijn gaat, lijkt Barça al het hele seizoen in verschillende bedjes ziek. Zelfs met een van de beste keepers ter wereld tussen de palen - Marc-André ter Stegen - slikken de blaugrana te veel goals: 23 in 19 wedstrijden. Dat is het slechtste cijfer sinds het seizoen 2003/04. Het is ook bijna het dubbele van Real Madrid en Atlético (12) én slechter dan Athletic (13), Sevilla (18) en Getafe (20).Ter vergelijking: in het eerste seizoen onder Ernesto Valverde incasseerde Barça 29 doelpunten... op een heel seizoen.Een tweede vaststelling: FC Barcelona is thuis quasi ongenaakbaar (25 op 27), maar uit is het heel kwetsbaar. Het bewijs werd nog eens geleverd in de laatste match van de heenronde bij de buren van Espanyol, waar ternauwernood een 2-2-gelijkspel uit de brand werd gesleept. Let wel: Espanyol is de rode lantaarn in La Liga.Barça puurde een 15 op 30 uit zijn uitwedstrijden en moet daarmee drie ploegen laten voorgaan: Sevilla (20), Real Madrid (19) en Real Sociedad (19).Het gevoel is dat elke ploeg de huidige kampioen pijn kan doen. Rond de figuur van Ernesto Valverde blijft een aura van mislukking hangen, ook al bezorgde hij FC Barcelona twee jaar op rij de titel. De pijnlijke uitschakelingen in de Champions League tegen AS Roma (2018) en Liverpool (2019) komen nog geregeld naar boven, als slecht verteerde tapas. Ook de verloren bekerfinale van vorig seizoen tegen Valencia is op de maag blijven liggen. Maar voorzitter Josep Bartomeu blijft zijn trainer voorlopig de hand boven het hoofd houden. Zolang de resultaten er zijn, lijkt dat ook logisch. Maar die resultaten verbloemen een en ander.Zo is de puzzel op het middenveld stilaan een hoofdpijndossier. Valverde kan niet rond monument Sergio Busquets, waardoor Frenkie de Jong eigenlijk niet op zijn beste positie speelt. Ivan Rakitic, begin dit seizoen nog persona non grata, is nu ineens weer een vaste waarde. Arturo Vidal, die schermt met interesse uit Italië, start meestal op de bank, terwijl hij toch al zes doelpunten meepikte dit seizoen. De Braziliaan Arthur is nog weken out. Carles Aleña, de 'canterano' die flitsend aan het seizoen begon maar dan plots weer naar de bank verdween, wordt verhuurd aan Real Betis. Hij zegt nu al dat het best mogelijk is dat hij definitief naar de club uit Sevilla verhuist. Het zou de zoveelste beloftevolle jeugdspeler zijn die Catalonië verlaat. Voorin blijft Barça afhankelijk van de vormcurve van één speler. Naarmate de tijd vordert, wordt FC Barcelona steeds meer FC Messi.Ook de komst van Antoine Griezmann heeft daar niks aan veranderd. Integendeel zelfs. De Franse international voetbalt op een eiland op zijn linkerflank. Dat Lionel Messi en Luis Suárez naast het veld beste maatjes zijn, zie je immers ook tussen de lijnen. Ze hebben heel veel oog voor elkaar maar vergeten daarbij weleens dat er voorin nóg een niet onaardige voetballer loopt.Ten slotte is er Ousmane Dembélé (22), die alleen het nieuws lijkt te halen met zijn lak aan discipline, zijn foute eetgedrag en zijn steeds terugkerende blessures. Voor Griezmann en Dembélé betaalde FC Barcelona samen 225 miljoen euro. Hun marktwaarde is door hun verblijf in Catalonië zeker niet gestegen. En dat terwijl Ansu Fati, de rijzende ster die in het begin van het seizoen de afwezigheid van de geblesseerde Messi wonderbaarlijk goed opving, intussen weer moet toekijken vanop de bank. Kortom, een lijn is in het voetbal van FC Barcelona nog moeilijk te ontwaren. De klasse van een aantal spelers maakt voorlopig veel goed, de vraag is alleen hoelang dat nog kan blijven duren...