Op grote momenten staan de sterren op. Dus werd de WK-finale de match die Paul Pogba in het voordeel van de Fransen oriënteerde. De gekke uitslag (de 4-2 is geen record, want in Zweden deed Brazilië met 5-2 beter) doet anders vermoeden, maar in het eerste uur was deze finale een afspiegeling van wat we eerder op het tornooi kregen. Dat de Fransen voor de tweede keer in hun geschiedenis wereldkampioen werden, is dan ook ergens logisch.

Dinsdag, een uur na de zege tegen België, was Paul Pogba alweer gefocust op de volgende wedstrijd. Negentig minuten lang had hij zich gedisciplineerd getoond in de mandekking op Fellaini, en steun verleend aan de aanval waar kon. In dienst van het elftal, net als zijn andere tien ploegmaats. Hazard, Courtois, ze hadden er in al hun ontgoocheling weinig begrip voor. Zo lelijk vonden ze het. Pogba wist wel waarom hij al snel alweer zo geconcentreerd was: twee jaar eerder, op het EK, had Frankrijk in Marseille Duitsland uitgeschakeld. Het gevoel van euforie dat toen groeide, door de kranten, de media, het publiek, was nooit weggegaan. Té zelfverzekerd ging Frankrijk naar Parijs. "We dachten al dat we gewonnen hadden. Duitsland was onze finale.." Neen, dus.

Zondag zagen we aan de rust bij de snackautomaat een Franse collega. Zijn land stond voor, we dachten een rustige analyse te kunnen horen. Het tegendeel was waar, de man was buiten zinnen. Hij schreeuwde haast zij, afkeur voor Les Bleus. "Qu'il la gagne", zei hij, doelend op Deschamps. Hij mag winnen. Maar niet op die manier. Niet zo. Zijn ogen spuwden vuur.

Niet zo, was op de verdedigende manier waarmee ze na België ook Kroatië bestreden. Terugleunend, vechtend, gesloten, en dan gokkend op de ruimte die Kroatië zou laten aan Mbappé. Gedsciplineerd, met Pogba in een dienende rol. In dienst van. Twee jaar geleden was hij daar nog niet klaar voor, wilde hij mee naar voor, wilde hij overal zijn, was het rebelse in zijn karakter nog niet getemd, getuige de woeste armgebaren op het veld na een zege. Nu wel. De manier waarop kon de Fransen niks schelen. Ook Griezmann niet.

Op een WK dat wordt gedomineerd door spelhervattingen- 42 procent van alle doelpunten (een statistiek die ons werd verstrekt voor de finale) - leek het haast logisch dat ze ook in de eindstrijd voor het verschil zouden zorgen. De 1-0 volgde uit een vrije trap, de gelijkmaker ook, en de 2-1 viel uit een corner, waarop Perisic hands beging. Voor ons geen strafschop, maar de VAR besliste er anders over. Pas dan kreeg Mbappé van de moegestreden Kroaten wat meer ruimte om te counteren en werd het snel 3-1 en 4-1. Boeken dicht, zelfs een flater van Lloris bracht geen spanning meer.

Deschamps is erin geslaagd om te verjongen, én tegelijk resultaten te halen. Alleen voor de manier waarop krijgt hij niet zoveel lof.

Bij al die goals speelde Paul Pogba een cruciale rol. Bij de eerste liep hij in buitenspel, waarna Mandzukic toch het duel aanging, en in doel devieerde. Daar al lachte de VAR door niks te doen de Fransen een eerste keer toe. Bij de tweede Franse goal beging Perisic zijn hands in de rug van Pogba, die net niet kon doorkoppen. En bij de derde zette hij zelf de counter van Mbappé op, om vervolgens aan te sluiten en te scoren met links, nadat een eerste schot met rechts werd afgeblokt.

Niet de mooiste wereldkampioen

Na de verloren finale van twee jaar terug, nu een gewonnen. De tweede titel voor Frankrijk in twintig jaar tijd, de derde finale voor de Fransen. Het is niet de mooiste wereldkampioen, de sympathie van het volk is voor België en Kroatië. Bij de start van de finale hadden ze in zes wedstrijden nog maar tien keer gescoord. Vier goals daarvan uit een spelhervatting. In de finale deden ze er nog vier bij, waarvan ook twee uit een spelhervatting.

Dreigen op corners of vrije trappen, het is een toenemende trend. De Engelsen maakten er negen goals uit. Een, omdat er misschien wat meer fouten worden gefloten omwille van de VAR - de strafschop in de finale was de 29ste op dit tornooi. En twee, omdat het wat makkelijker te trainen lijkt. Niet als je de Belgen zag, onze corners waren waardeloos en de Belgische doelpunten vielen uit open play, maar bij andere landen lukte het wel. Makkelijker dan werken op automatismen uit open play. Gelukkig voor ons is Roberto Martínez geen fan. Andere landen helaas wel. De trend van een paar jaar terug, met een frivool Duitsland of een vrolijk Spanje is weer even weg (met die nuance, toen de Spanjaarden in 2010 wereldkampioen werden, hadden ze slechts 8 keer gescoord in 7 wedstrijden). Het nieuwe voetbal is omschakeling en scoren uit spelhervattingen.

Het is een trend die we ook al zagen in de Champions League. 45 corners leidden daar vorig seizoen naar een doelpunt. Op dit tornooi waren dat er 31. In die zin is Frankrijk de waardige kampioen. Niet te veel balbezit, een goeie organisatie, een sterk groepsgevoel, sterk op spelhervattingen. Een volwassen wereldkampioen, ondanks de relatief jonge gemiddelde leeftijd, 26,3 gemiddeld. Pogba, de uitblinker in de finale, zit daar zelfs onder met 25. Een pluim voor de jeugdwerking. Tien jaar geleden zaten ze nog vol straffe karakterkes, de Franse teams, maar die zijn eruit gefilterd. Of ze halen de top niet, of Deschamps selecteert ze niet. Er is veel meer rigeur, al dan niet van bovenaf gestuurd.

Opvallend: van de kern van het EK nam Deschamps maar een handvol spelers -acht -_ mee naar dit tornooi. Pavard was twee jaar geleden nog een supporter die met vrienden naar de wedstrijd kwam kijken, nu is hij wereldkampioen. Hij is 22, net als Hernandez. Mpabbé was zelfs nog niet geboren toen Frankrijk een eerste keer wereldkampioen werd en was voor het EK te jong. Deschamps is er dus in geslaagd om te verjongen, én tegelijk resultaten te halen. Alleen voor de manier waarop krijgt hij niet zoveel lof. Ook niet in eigen land. Net zoals dat ook lang niet het geval was met zijn voorganger als kampioenenmaker, Aimé Jacquet.

Zou het hen iets uitmaken?

Op grote momenten staan de sterren op. Dus werd de WK-finale de match die Paul Pogba in het voordeel van de Fransen oriënteerde. De gekke uitslag (de 4-2 is geen record, want in Zweden deed Brazilië met 5-2 beter) doet anders vermoeden, maar in het eerste uur was deze finale een afspiegeling van wat we eerder op het tornooi kregen. Dat de Fransen voor de tweede keer in hun geschiedenis wereldkampioen werden, is dan ook ergens logisch.Dinsdag, een uur na de zege tegen België, was Paul Pogba alweer gefocust op de volgende wedstrijd. Negentig minuten lang had hij zich gedisciplineerd getoond in de mandekking op Fellaini, en steun verleend aan de aanval waar kon. In dienst van het elftal, net als zijn andere tien ploegmaats. Hazard, Courtois, ze hadden er in al hun ontgoocheling weinig begrip voor. Zo lelijk vonden ze het. Pogba wist wel waarom hij al snel alweer zo geconcentreerd was: twee jaar eerder, op het EK, had Frankrijk in Marseille Duitsland uitgeschakeld. Het gevoel van euforie dat toen groeide, door de kranten, de media, het publiek, was nooit weggegaan. Té zelfverzekerd ging Frankrijk naar Parijs. "We dachten al dat we gewonnen hadden. Duitsland was onze finale.." Neen, dus.Zondag zagen we aan de rust bij de snackautomaat een Franse collega. Zijn land stond voor, we dachten een rustige analyse te kunnen horen. Het tegendeel was waar, de man was buiten zinnen. Hij schreeuwde haast zij, afkeur voor Les Bleus. "Qu'il la gagne", zei hij, doelend op Deschamps. Hij mag winnen. Maar niet op die manier. Niet zo. Zijn ogen spuwden vuur.Niet zo, was op de verdedigende manier waarmee ze na België ook Kroatië bestreden. Terugleunend, vechtend, gesloten, en dan gokkend op de ruimte die Kroatië zou laten aan Mbappé. Gedsciplineerd, met Pogba in een dienende rol. In dienst van. Twee jaar geleden was hij daar nog niet klaar voor, wilde hij mee naar voor, wilde hij overal zijn, was het rebelse in zijn karakter nog niet getemd, getuige de woeste armgebaren op het veld na een zege. Nu wel. De manier waarop kon de Fransen niks schelen. Ook Griezmann niet.Op een WK dat wordt gedomineerd door spelhervattingen- 42 procent van alle doelpunten (een statistiek die ons werd verstrekt voor de finale) - leek het haast logisch dat ze ook in de eindstrijd voor het verschil zouden zorgen. De 1-0 volgde uit een vrije trap, de gelijkmaker ook, en de 2-1 viel uit een corner, waarop Perisic hands beging. Voor ons geen strafschop, maar de VAR besliste er anders over. Pas dan kreeg Mbappé van de moegestreden Kroaten wat meer ruimte om te counteren en werd het snel 3-1 en 4-1. Boeken dicht, zelfs een flater van Lloris bracht geen spanning meer.Bij al die goals speelde Paul Pogba een cruciale rol. Bij de eerste liep hij in buitenspel, waarna Mandzukic toch het duel aanging, en in doel devieerde. Daar al lachte de VAR door niks te doen de Fransen een eerste keer toe. Bij de tweede Franse goal beging Perisic zijn hands in de rug van Pogba, die net niet kon doorkoppen. En bij de derde zette hij zelf de counter van Mbappé op, om vervolgens aan te sluiten en te scoren met links, nadat een eerste schot met rechts werd afgeblokt.Na de verloren finale van twee jaar terug, nu een gewonnen. De tweede titel voor Frankrijk in twintig jaar tijd, de derde finale voor de Fransen. Het is niet de mooiste wereldkampioen, de sympathie van het volk is voor België en Kroatië. Bij de start van de finale hadden ze in zes wedstrijden nog maar tien keer gescoord. Vier goals daarvan uit een spelhervatting. In de finale deden ze er nog vier bij, waarvan ook twee uit een spelhervatting.Dreigen op corners of vrije trappen, het is een toenemende trend. De Engelsen maakten er negen goals uit. Een, omdat er misschien wat meer fouten worden gefloten omwille van de VAR - de strafschop in de finale was de 29ste op dit tornooi. En twee, omdat het wat makkelijker te trainen lijkt. Niet als je de Belgen zag, onze corners waren waardeloos en de Belgische doelpunten vielen uit open play, maar bij andere landen lukte het wel. Makkelijker dan werken op automatismen uit open play. Gelukkig voor ons is Roberto Martínez geen fan. Andere landen helaas wel. De trend van een paar jaar terug, met een frivool Duitsland of een vrolijk Spanje is weer even weg (met die nuance, toen de Spanjaarden in 2010 wereldkampioen werden, hadden ze slechts 8 keer gescoord in 7 wedstrijden). Het nieuwe voetbal is omschakeling en scoren uit spelhervattingen.Het is een trend die we ook al zagen in de Champions League. 45 corners leidden daar vorig seizoen naar een doelpunt. Op dit tornooi waren dat er 31. In die zin is Frankrijk de waardige kampioen. Niet te veel balbezit, een goeie organisatie, een sterk groepsgevoel, sterk op spelhervattingen. Een volwassen wereldkampioen, ondanks de relatief jonge gemiddelde leeftijd, 26,3 gemiddeld. Pogba, de uitblinker in de finale, zit daar zelfs onder met 25. Een pluim voor de jeugdwerking. Tien jaar geleden zaten ze nog vol straffe karakterkes, de Franse teams, maar die zijn eruit gefilterd. Of ze halen de top niet, of Deschamps selecteert ze niet. Er is veel meer rigeur, al dan niet van bovenaf gestuurd.Opvallend: van de kern van het EK nam Deschamps maar een handvol spelers -acht -_ mee naar dit tornooi. Pavard was twee jaar geleden nog een supporter die met vrienden naar de wedstrijd kwam kijken, nu is hij wereldkampioen. Hij is 22, net als Hernandez. Mpabbé was zelfs nog niet geboren toen Frankrijk een eerste keer wereldkampioen werd en was voor het EK te jong. Deschamps is er dus in geslaagd om te verjongen, én tegelijk resultaten te halen. Alleen voor de manier waarop krijgt hij niet zoveel lof. Ook niet in eigen land. Net zoals dat ook lang niet het geval was met zijn voorganger als kampioenenmaker, Aimé Jacquet.Zou het hen iets uitmaken?