De Premier League kan vanavond een primeur beleven. Gesteld dat Brentford Fulham klopt - geen dwaze veronderstelling, het lukte dit seizoen al twee keer in de reguliere competitie (1-0 en 0-2) - dan wordt het de vijftigste eersteklasser sinds de start van de Premier League. En voor het geval u zich afvraagt waar die ploeg speelt: het is een Londens team, zij het veruit minder bekend dan de buren van Chelsea en ... Fulham. De promotiefinale is dus ook een burengevecht. Meer nog, Brentford zou al de tiende Londense club worden die het tot in de Premier League schopt.

Bij Fulham kennen we Denis Odoi en Aleksandar Mitrovic, beiden ex-Anderlecht. Bij Brentford zitten er ook twee oude bekenden: Henrik Dalsgaard (ex-Zulte Waregem) en Nikolaos Karelis (ex-Genk). De eerste is een vaste waarde, de tweede was invaller op het moment dat hij met een kruisbandletsel uitviel. Dat was begin oktober. Sindsdien haalde hij het wedstrijdblad niet meer.

Voor Brentford zou een promotie ideaal zijn qua timing. Met een kwalificatieduel voor de finale nam de ploeg een paar dagen geleden afscheid van Griffin Park, het stadion waar het team al 116 jaar speelt. Down the road, vlakbij de M4, werd de voorbije twee jaar gewerkt aan een nieuw stadion, dat begin volgend seizoen in gebruik wordt genomen. Dat kreeg een nieuwe naam: Brentford Community Stadium.

Scandinavische connectie

In Gent zit Jess Thorup vanavond ongetwijfeld op het puntje van zijn stoel. Duimend voor de promotie van Brentford. Omdat het, zij het op een ander niveau, een herhaling is van het sprookje van FC Midtjylland, dat Thorup aan een titel in Denemarken hielp. De eigenaar van die Deense club, die anders werkt dan alle anderen, is ook die van Brentford. Het sportieve beleid in Londen is in handen van een Deense coach en op de achtergrond is er een Deen, Rasmus Ankersen, die bij zowel Midtjylland als in Brentford de sportieve lijnen uitzet.

Henrik Dalsgaard speelt binnenkort misschien wel in de Premier League, GETTY
Henrik Dalsgaard speelt binnenkort misschien wel in de Premier League © GETTY

In een interview met journalisten van The Bleacher Report zette Ankersen in 2017 zijn visie op de werking van Brentford uiteen. Hij zei dat uit de eigen opleiding amper talent kon worden gehaald. Wie goed was, werd voor weinig tot geen geld weggehaald door hoger gerangschikte clubs. Ian Poveda verhuisde naar Manchester City, Josh Bohui naar United. Beide spelers waren Engels jeugdinternational, maar de club kreeg er een minimale opleidingsvergoeding voor.

Radicaal schrapte Ankersen het opleidingsmodel. De beloftenkern en de A-ploeg werden nauw met mekaar verweven, met daarin jong Engels talent, dat om diverse redenen in de opleidingscentra elders overboord ging, maar ook overzees talent, dat ambities had om het in Engeland te maken. Vaak uit Scandinavië, vanwege de achtergrond van de sportieve staf maar ook vanwege het gemak waarmee ze zich integreerden en plooiden naar het opleidingsmodel. Dat hield in: een grote werklust en een gezonde levensstijl.

Underperformers

Een andere pijler van het succes is goed datamanagement. Wie niet over oneindig veel geld beschikt, moet op de markt speuren naar goedkoop talent. Al is dat relatief: Brentford telde voor Dalsgaard in 2017 ruim een miljoen euro neer en spendeerde vorige zomer vrij fors op de transfermarkt nadat het ook veel incasseerde voor Neil Maupay (Brighton, 22 miljoen euro) en Ezri Konsa (Aston Villa, 13,3 miljoen euro). Maar globaal gezien valt op dat de club in tegenstelling tot andere teams minder gaat voor gevestigde namen, en eerder via data zoekt naar underperformers. In een sector die veel te veel betaalt voor te dure vedetten, is Brentford een uitzondering. En misschien een gezond voorbeeld voor de collega's.

Offensief presteerde de ploeg sterk: centrumspits Ollie Watkins scoorde 25 keer, linkerwinger Said Benrahma 17 keer, rechterwinger Bryan Mbeuno 15 keer. Met 80 doelpunten was het de best scorende ploeg in de tweede afdeling. Het leverde de ploeg een derde plaats op in de eindstand van de reguliere competitie, met evenveel punten als Fulham.

Een derde pijler van het succes is hard trainen, op elk detail. Spelers moeten van Ankersen heel vaak en heel lang op het veld staan of met hun sport bezig zijn. De dag is niet ver af, zei hij al in 2017, dat een profvoetballer ook werkt van eight to five. In Engeland, waar ze houden van korte trainingssessies omwille van het hoge ritme en de vele wedstrijden, is dat nog vreemd. Daarom profiteerde Brentford ook maximaal van de coronabreak. Toen de competitie in maart werd stilgelegd, stond het nog vijfde. Na de onderbreking stond de machine op punt en won het zeven keer op rij. De ploeg kwam nog dicht bij het nummer twee in de eindstand, West Bromwich, maar net niet dicht genoeg. Lukt het open breken van de poort naar de Premier League vanavond wel?

De Premier League kan vanavond een primeur beleven. Gesteld dat Brentford Fulham klopt - geen dwaze veronderstelling, het lukte dit seizoen al twee keer in de reguliere competitie (1-0 en 0-2) - dan wordt het de vijftigste eersteklasser sinds de start van de Premier League. En voor het geval u zich afvraagt waar die ploeg speelt: het is een Londens team, zij het veruit minder bekend dan de buren van Chelsea en ... Fulham. De promotiefinale is dus ook een burengevecht. Meer nog, Brentford zou al de tiende Londense club worden die het tot in de Premier League schopt.Bij Fulham kennen we Denis Odoi en Aleksandar Mitrovic, beiden ex-Anderlecht. Bij Brentford zitten er ook twee oude bekenden: Henrik Dalsgaard (ex-Zulte Waregem) en Nikolaos Karelis (ex-Genk). De eerste is een vaste waarde, de tweede was invaller op het moment dat hij met een kruisbandletsel uitviel. Dat was begin oktober. Sindsdien haalde hij het wedstrijdblad niet meer.Voor Brentford zou een promotie ideaal zijn qua timing. Met een kwalificatieduel voor de finale nam de ploeg een paar dagen geleden afscheid van Griffin Park, het stadion waar het team al 116 jaar speelt. Down the road, vlakbij de M4, werd de voorbije twee jaar gewerkt aan een nieuw stadion, dat begin volgend seizoen in gebruik wordt genomen. Dat kreeg een nieuwe naam: Brentford Community Stadium.In Gent zit Jess Thorup vanavond ongetwijfeld op het puntje van zijn stoel. Duimend voor de promotie van Brentford. Omdat het, zij het op een ander niveau, een herhaling is van het sprookje van FC Midtjylland, dat Thorup aan een titel in Denemarken hielp. De eigenaar van die Deense club, die anders werkt dan alle anderen, is ook die van Brentford. Het sportieve beleid in Londen is in handen van een Deense coach en op de achtergrond is er een Deen, Rasmus Ankersen, die bij zowel Midtjylland als in Brentford de sportieve lijnen uitzet.In een interview met journalisten van The Bleacher Report zette Ankersen in 2017 zijn visie op de werking van Brentford uiteen. Hij zei dat uit de eigen opleiding amper talent kon worden gehaald. Wie goed was, werd voor weinig tot geen geld weggehaald door hoger gerangschikte clubs. Ian Poveda verhuisde naar Manchester City, Josh Bohui naar United. Beide spelers waren Engels jeugdinternational, maar de club kreeg er een minimale opleidingsvergoeding voor.Radicaal schrapte Ankersen het opleidingsmodel. De beloftenkern en de A-ploeg werden nauw met mekaar verweven, met daarin jong Engels talent, dat om diverse redenen in de opleidingscentra elders overboord ging, maar ook overzees talent, dat ambities had om het in Engeland te maken. Vaak uit Scandinavië, vanwege de achtergrond van de sportieve staf maar ook vanwege het gemak waarmee ze zich integreerden en plooiden naar het opleidingsmodel. Dat hield in: een grote werklust en een gezonde levensstijl.Een andere pijler van het succes is goed datamanagement. Wie niet over oneindig veel geld beschikt, moet op de markt speuren naar goedkoop talent. Al is dat relatief: Brentford telde voor Dalsgaard in 2017 ruim een miljoen euro neer en spendeerde vorige zomer vrij fors op de transfermarkt nadat het ook veel incasseerde voor Neil Maupay (Brighton, 22 miljoen euro) en Ezri Konsa (Aston Villa, 13,3 miljoen euro). Maar globaal gezien valt op dat de club in tegenstelling tot andere teams minder gaat voor gevestigde namen, en eerder via data zoekt naar underperformers. In een sector die veel te veel betaalt voor te dure vedetten, is Brentford een uitzondering. En misschien een gezond voorbeeld voor de collega's.Offensief presteerde de ploeg sterk: centrumspits Ollie Watkins scoorde 25 keer, linkerwinger Said Benrahma 17 keer, rechterwinger Bryan Mbeuno 15 keer. Met 80 doelpunten was het de best scorende ploeg in de tweede afdeling. Het leverde de ploeg een derde plaats op in de eindstand van de reguliere competitie, met evenveel punten als Fulham.Een derde pijler van het succes is hard trainen, op elk detail. Spelers moeten van Ankersen heel vaak en heel lang op het veld staan of met hun sport bezig zijn. De dag is niet ver af, zei hij al in 2017, dat een profvoetballer ook werkt van eight to five. In Engeland, waar ze houden van korte trainingssessies omwille van het hoge ritme en de vele wedstrijden, is dat nog vreemd. Daarom profiteerde Brentford ook maximaal van de coronabreak. Toen de competitie in maart werd stilgelegd, stond het nog vijfde. Na de onderbreking stond de machine op punt en won het zeven keer op rij. De ploeg kwam nog dicht bij het nummer twee in de eindstand, West Bromwich, maar net niet dicht genoeg. Lukt het open breken van de poort naar de Premier League vanavond wel?