Of hij nog wel zin had om door te gaan, wilde iemand van Joachim Löw weten nadat de Mannschaft in Sevilla door Spanje was geridiculiseerd. De bondscoach ontweek de vraag. Ruim veertien jaar staat Löw aan het hoofd van de Duitse nationale ploeg, een periode met veel successen. Met als hoogtepunt de wereldtitel in 2014 en de memorabele 7-1-zege in de halve finale tegen het gastland Brazilië. Het gaf hem een aureool van onsterfelijkheid.
...

Of hij nog wel zin had om door te gaan, wilde iemand van Joachim Löw weten nadat de Mannschaft in Sevilla door Spanje was geridiculiseerd. De bondscoach ontweek de vraag. Ruim veertien jaar staat Löw aan het hoofd van de Duitse nationale ploeg, een periode met veel successen. Met als hoogtepunt de wereldtitel in 2014 en de memorabele 7-1-zege in de halve finale tegen het gastland Brazilië. Het gaf hem een aureool van onsterfelijkheid. Het klinkt paradoxaal, maar de neergang van Duitsland zette zich juist dan langzaam maar zeker in. Er was in 2016 nog wel een relatief goed EK - in de halve finale uitgeschakeld door Frankrijk - maar toch worstelde de ploeg met een vreemd dilemma: als het concept klopte, bleek hoeveel potentieel er in het team zat, maar als dat niet het geval was, brokkelde het geheel op een onrustwekkende manier af. Van de collectieve glansprestatie viel er sinds dit WK slechts incidenteel nog iets te zien. Structuur zat er vaak niet meer in de ploeg, er was een steeds nijpender probleem van coaching, maar het werd allemaal onder de mat geveegd. Löw leek door de wereldtitel even het gevoel voor realiteit kwijt: hij noemde zichzelf een visionair, een man die de indruk gaf nieuwe trends te zien en daarop te anticiperen. De werkelijkheid zag er heel anders uit. De titelverdediger verloor op het WK van 2018 de openingswedstrijd tegen Mexico, omdat het spelconcept absoluut niet functioneerde. De ploeg werd vroeg uitgeschakeld en Löw zei achteraf dat hij al tijdens de trainingsstage voor het toernooi een bepaalde zelfoverschatting had geconstateerd. Bij de spelers, maar niet bij zichzelf. Het was duidelijk dat er iets moest veranderen. Dat zag uiteindelijk ook Löw in. Hij voerde een verjongingsproces door en rangeerde ervaren spelers als Thomas Müller, Jérôme Boateng en Mats Hummels uit. Het achtervolgt hem tot vandaag en werd zeker na het debacle in Spanje weer opgerakeld. Vooral ook omdat de nieuw geformeerde ploeg niet voor een frisse wind zorgde. Löw pleitte om geduld, maar er werden vooral vragen gesteld over zijn tactische aanpak. En de resultaten keerden zich tegen hem, in de Nations League won Duitsland slechts twee wedstrijden. Dan mag je nog spreken over een hoopvolle toekomst, er is niemand die je gelooft als je een ploeg leidt die niet in staat blijkt gecontroleerd te voetballen en opdrachten uit te voeren. De afgang in Spanje toonde dat er van Joachim Löw geen enkele impuls meer uitgaat. Hij zag dat zijn spelsysteem na de eerste goal in duigen viel en de spelers als een benevelde stier door de arena liepen. Achteraf sprak Löw over een gebrek aan communicatie op het veld, alsof hij de verantwoordelijkheid van zich wilde afwentelen. Duitsland richt nu het vizier op het EK en heeft in de aanloop van dat toernooi nog vijf wedstrijden. Maar het is onduidelijk hoe de ploeg zich met Löw uit de verstikking kan bevrijden. Het tijdperk van de bondscoach is voorbij. Joachim Löw inspireert niet meer. Daar is zowat iedereen in Duitsland van overtuigd. Op drie mensen na: Fritz Keller, de voorzitter van de Duitse voetbalbond, sportdirecteur Oliver Bierhoff en Löw zelf. Hij krijgt, zo werd de dag na de afgang gezegd, de kans om verder te doen, zeker tot aan het EK. Maar intussen werd er een bocht gemaakt en kreeg Löw te horen dat hij tegen eind volgende week voor bestuurders van de voetbalbond samen met Bierhoff een structureel plan moet voorleggen hoe deze crisis zal worden aangepakt. Het is ook een inkrimping van de macht van Bierhoff, tot dusver de enige die de nationale ploeg controleerde.