D iego Simeone (51) ontvangt Vicente del Bosque (70) in het trainingscentrum van Atlético Madrid op de Cerro del Espino in Majadahonda, een gemeente in de regio Madrid. De Argentijn draagt het pak dat hij altijd tijdens wedstrijden aan heeft, helemaal in het zwart. Ze schudden elkaar de hand. Simeone spreekt Del Bosque aan met 'u', maar die wil daar niet van weten. 'We kennen elkaar tenslotte nog maar twintig jaar.' Ze lachen allebei. Wat volgt is een zeer onderhoudende babbel.
...

D iego Simeone (51) ontvangt Vicente del Bosque (70) in het trainingscentrum van Atlético Madrid op de Cerro del Espino in Majadahonda, een gemeente in de regio Madrid. De Argentijn draagt het pak dat hij altijd tijdens wedstrijden aan heeft, helemaal in het zwart. Ze schudden elkaar de hand. Simeone spreekt Del Bosque aan met 'u', maar die wil daar niet van weten. 'We kennen elkaar tenslotte nog maar twintig jaar.' Ze lachen allebei. Wat volgt is een zeer onderhoudende babbel. Deze laatste tien jaar bij Atlético hebben je leven getekend. Wat betekent de club voor jou? Simeone: 'Dan moet ik beginnen vanaf het ogenblik dat ik als speler bij Atlético kwam. Ik kwam van Sevilla waar ik een paar mooie momenten had meegemaakt. Hier begonnen de mensen, uit het niets, van me te houden zonder dat ik hen iets gegeven had. Mijn eerste seizoen was onregelmatig, net zoals dat van de club, die uit een moeilijke periode kwam. We degradeerden net niet. Vanaf het tweede seizoen werden we een hechte groep, wat tot de dubbel leidde ( in 1995/96, nvdr). Daarna voetbalde ik nog bij Inter en Lazio, maar elke keer als ik terugkwam naar Spanje, hoorde ik de mensen zeggen: 'Daar is el Cholo, die van Atlético.' De mensen associeerden me met de club.' Nu staat je naam synoniem met veeleisendheid. De trainer Simeone is met niemand getrouwd en houdt constant de vinger aan de pols. Simeone: 'Er zijn altijd nuances. Het is wel een feit dat ik met niemand compromissen sluit. Op het moment dat de wedstrijd begint, staat ook de job van de trainer op het spel. Het resultaat van een match heeft op niemand méér invloed dan op de trainer. Daarom moet je er constant achter zitten. Soms zal dat eens pijnlijk zijn voor de ene, dan weer voor de andere. 'Ik ben ook niet het type dat elke dag met zijn spelers gaat praten om uit te leggen waarom ze spelen of niet spelen. Dat is ook moeilijk uit te leggen. Neem nu onze kern, die is gewoon briljant... Hoe ga je dan vertellen aan Griezmann, Correa, João Félix,... dat ze die dag niet in de basis staan? Je moet gewoon voor elke wedstrijd de beste oplossing zoeken.' Je beroemde 'van wedstrijd tot wedstrijd'... Simeone: 'Ik gebruik die zin al van de eerste dag dat ik naar Atlético kwam omdat ik de club ken. Ik begreep dat er hier altijd wordt gedacht dat iets níét gaat gebeuren ( voor de komst van Simeone hing er een soort fatalisme over de club, het zogeheten 'el pupas', nvdr). Daarom zeg ik altijd: we gaan vandaag doen wat we kunnen doen, of dat nu op training, in een bekerwedstrijd, een oefenmatch, .... is. En van daaruit volgt de rest wel. En dat is ook zo gebeurd.' Ben je een goede observator? Heb je snel iets door? Simeone: 'Ja, ik denk dat ik intuïtief ben. Ik zie de spelers binnenkomen en ik weet al hoe ze eraan toe zijn. Of ze goed sliepen, of ze kwaad zijn, of ze tevreden zijn. Lichamen spreken. Gebaren, de manier waarop ze naar je luisteren, waarop ze knikken wanneer je iets tegen hen zegt, de manier waarop ze je aankijken of niet aankijken, ... Ik probeer hen tegemoet te komen om dichter bij hen te staan.' Persoonlijk word ik heel boos als ik zie dat een speler die vervangen wordt nukkig is en een flesje op de grond gooit... Hoe ga jij daarmee om? Simeone: 'Dat komt omdat we in een wereld leven waarin we elkaar constant kopiëren. We kopiëren wat de ander doet. Als ik op tv zie dat iemand zich kwaad maakt bij een vervanging, waarom zou ik dat dan niet doen? Ik zeg altijd tegen de spelers dat dat geen gebrek aan respect is tegenover mij, maar tegenover de speler die het veld op gaat. Wanneer journalisten me ernaar vragen, zeg ik dat ze met de speler moeten praten. Voor hetzelfde geld was die kwaad omdat hij slecht speelde... Er zijn verschillende manieren om kwaad van het veld te gaan, van 'ik wilde méér doen, je haalde me er te vroeg af' tot 'je bent een klootzak omdat je me eraf haalde'. ' Vaak is de stilte van de trainer de beste reactie, maar soms moet je wel iets zeggen. Simeone: 'Ik maakte zo eens iets mee toen ik trainer was bij Estudiantes ( in 2006/07, nvdr). Ik moest iets zeggen tegen een belangrijke speler. Tijdens de week was ik het altijd aan het uitstellen: ik ga het morgen doen... Op vrijdag vertelde ik het hem: je gaat morgen niet spelen. Hij had al zo'n voorgevoel en hij zei me: 'Je had het me dinsdag al moeten zeggen. Je zegt het nu, maar je had het al lang beslist.' Vanaf dat moment begreep ik dat je elke keer als je iets te zeggen hebt tegen een speler, je dat meteen moet doen.' Voel je dat de spelers je geloven, dat je een invloed hebt op hen? Het is heel belangrijk dat ze geloven wat je te hen te vertellen hebt. Simeone: 'Het is één zaak de trainer te geloven, maar daarna moet je het als speler ook uitvoeren. Wat we proberen, is dat de spelers zich betrokken voelen bij wat we doen. Ik zeg hen altijd dat ik een betere trainer word als mijn ideeën weerspiegeld worden op het veld en dat ik daarvoor mensen zoek.' Op tien jaar tijd kan je op veel dingen werken, niet alleen op de inhoud van de trainingen maar ook op de organisatie van het spel. Ik denk dat het goed is voor een trainer om met de routine te breken en het systeem te veranderen. Routine is goed voor een aantal zaken, voor andere niet. Simeone: 'Mijn gedachten over wat ik wil, zijn gestructureerd, maar ik ben niet gestructureerd als het over het spel gaat. Het belangrijkst daarin zijn de voetballers en onze opdracht is dus om uit te vissen hoe ze het best met elkaar spelen. Vorig seizoen duurde het zeven tot acht speeldagen voor we het 3-5-2-systeem vonden waarin iedereen zijn beste rendement haalde. Voor we van systeem veranderden, hebben we met enkele spelers gepraat en ze zegden dat dat hen goed uitkwam omdat op den duur wist hoe we gingen spelen. Zo kwam het bijvoorbeeld dat Marcos Llorente ontplofte, dat Mario Hermoso beter uit de verf kwam en dat Thomas Lemar zijn plaats vond want de 4-4-2 verstikte hem...' Tegenwoordig wil elke ploeg van achteruit beginnen voetballen. Als je dat niet doet, lijk je wel te zondigen tegen de principes van het voetbal. Simeone: 'Helemaal akkoord. Het beste Spanje en het beste Barça hebben sommige trainers zo aan het dromen gebracht dat ze dachten dat ook zij Piqué, Busquets, Xavi, Iniesta,... in hun ploeg hadden. Maar die hadden ze niet. Als ik geen spelers heb met die kwaliteiten, dan doe ik dat niet. Excuseer mij, heren, sjot die bal gewoon naar het midden van het veld en dan staan we even ver als wanneer we de bal rondgetikt hebben, maar dan... sneller.' Een van mijn trainers zei ooit dat een coach altijd meer impact heeft op het defensieve dan op het offensieve aspect. Simeone: 'Absolute waarheden bestaan niet. Als trainer kan je invloed hebben op de twee facetten. Verdedigen is ook een kunst. Van achteruit uitvoetballen, is dat defensief of offensief? Dat hangt ervan af hoe je het interpreteert. Ik lok jou naar mijn kant van het veld met het doel om ruimte te vinden in je rug en om je zo aan te vallen. Je moet niet zomaar uitvoetballen. Nee, je begint van achteren de bal rond te spelen omdat je de tegenstander pijn wil doen. En dat kan je op verschillende manieren. Dat is nu eenmaal voetbal: je kan een WK winnen zoals Spanje dat deed én je kan het winnen zoals Frankrijk dat deed. Voetbal is geweldig omdat we allemaal gelijk hebben.' We wilden dit gesprek met jou als erkenning voor je indrukwekkende parcours als trainer. Ik heb ons altijd gezien als twee bevoorrechte personen die ons leven hebben kunnen wijden aan het spelletje dat we als kind al speelden. Ik was zeventien jaar toen ik naar Madrid kwam, jij debuteerde op die leeftijd bij Vélez Sársfield, in de Argentijnse eerste klasse. Simeone: 'Ik ben de bal altijd dankbaar geweest. Mijn vader en ik hangen elk jaar een voetbal in de kerstboom. Dat is onze manier om onze dank uit te spreken voor wat het voetbal ons heeft gebracht en om te vragen of we zo verder kunnen leven. Wat ik doe, doe ik graag. Ik heb ook niets liever dan om te gaan met moeilijkheden. Het voetbal is op dat vlak een spiegel van het leven.' Bij je thuis stond ook alles in het teken van voetbal. Simeone: 'Ja, mijn vader is nu al 77 jaar, maar hij heeft tot zijn 73e à 74e gevoetbald, aan een trager tempo natuurlijk. Nu is hij mijn grootste criticus; 95 procent van onze gesprekken gaan over voetbal. Dat brengt ons dichter bij elkaar.' En jij hebt dat ook overgedragen naar je eigen kinderen... Simeone: 'Iedereen heeft zijn eigen persoonlijkheid. Het zijn alle drie fantastische kinderen. Heel nobel. De trainers die met hen gewerkt hebben, zijn altijd vol lof over hen als personen en dat maakt me trots. Ik probeer hen te zeggen dat ze niet doen met anderen wat ze zelf niet graag zouden hebben en dat ze een transparant leven leiden. Dat ze zichzelf zijn. Eigenlijk zijn wij, coaches, geen vaders voor voetballers, maar begeleiders. Woorden zijn niet veel waard, ze worden meegenomen door de wind. Wat blijft, zijn gebaren, blikken, een manier van zijn en, vooral, daden.'