Vrijdagavond mag ook Juventus er weer aan beginnen. Als voorgerecht: de terugmatch van de halve finale in de Coppa Italia, waarin het thuis een 1-1 verdedigt tegen AC Milan. Woensdag volgt de eventuele finale tegen Inter of Napoli.

Misschien kan Juve dus al met een trofee op zak de strijd om de scudetto aanvatten. Al blijft het afwachten of de resterende twaalf speeldagen zomaar afgewerkt kunnen worden in het zwaar getroffen Italië.

Als het seizoen toch opnieuw wordt stilgelegd, heet het plan B play-offs. Als het seizoen volledig gestaakt zou worden, is er een algoritme dat het eindklassement zal bepalen, zonder een kampioen te kronen. Dat wil de Oude Dame absoluut vermijden. In de jacht naar een negende landstitel op rij staat de eerste horde in Bologna, op maandag 22 juni.

Voor het eerst in jaren is er nog eens een echte titelstrijd in Italië. Inter, Napoli en AS Roma probeerden het Juventus de afgelopen seizoenen om de beurt moeilijk te maken, maar slaagden daar amper in. Dit seizoen heten de grootste uitdagers Inter, dat tot februari aan de leiding stond, maar vooral Lazio Roma.

De Romeinen staan nog steeds op één punt van Juve, met nog een rechtstreeks duel op speeldag 34 (20 juli) voor de boeg. De ploeg van coach Simone Inzaghi wist Juventus ook al twee keer te kloppen dit seizoen, telkens met 3-1, in de competitie en de Supercoppa.

Klassement Serie A

Aantal punten (gespeelde matchen)

1. Juventus

63 (26)

2. Lazio

62 (26)

3. Inter

54 (25)

4. Atalanta

48 (25)

Met ook nog een dreigende uitschakeling in de Champions League (1-0-nederlaag in Lyon) heeft de introductie van Sarriball dus nog niet kunnen brengen wat het bestuur van Juventus gehoopt had. Maurizio Sarri, die vooral naam maakte als coach van Napoli, keerde na één seizoen bij Chelsea terug naar Italië om de Oude Dame weer het aantrekkelijke voetbal te schenken dat het onder pragmaticus Massimiliano Allegri zo miste.

Allegri mocht dan wel vijf titels op rij gepakt hebben, het gebrek aan een Europese triomf (ondanks twee CL-finales) en vooral de vroegtijdige uitschakeling tegen Ajax vorig jaar werden hem aangewreven. En het Turijnse voetbaloog wou ook wat. Sarri moest voor een nieuwe voetbalidentiteit zorgen.

Principes weg om Ronaldo te bevrijden

Onder de nieuwe coach past Juventus zich inderdaad niet meer aan aan de tegenstander, wil het altijd de bal hebben (gemiddeld 58%, passpercentage van 87%) en hoog verdedigen. De typische principes van de 61-jarige Sarri, zeg maar, met de typische gebreken.

De meeste tegenstanders in de Serie A laten met plezier de bal aan hen en gieten beton voor de eigen grote rechthoek. Daar ontbrak het Juventus vaak aan snelheid en automatismen in de combinatie. Ondanks het enorme percentage balbezit, komen ploegen als Atalanta, Lazio en zelfs AS Roma vaker in de vijandelijke zestienmeter dan Juventus. Geduld is een schone deugd, maar te veel is ook niet goed.

Serie A
© Serie A

Het gevolg: veel schoten van afstand en kansen van lage kwaliteit. Sarri zag dat en deed wat hij bijna nooit doet: zijn systeem veranderen. Zijn passage bij Chelsea en een aantal pijnlijke pandoeringen leerden hem blijkbaar om toch iets flexibeler te zijn. Naar eigen zeggen beschikte hij bij Juventus niet over het geschikte materiaal om zijn voetbalideeën goed te laten uitvoeren. Hij schakelde over van 'zijn' 4-3-3 naar een 4-4-2 in een ruit.

Het driemansmiddenveld bezat volgens Sarri vooral loopvermogen en te weinig creativiteit met Matuidi en Ramsey. Enkel Pjanic voldeed aan de wensen van de coach, maar de Bosniër verzorgt vooral de opbouw, niet de laatste pass.

Door met twee spitsen te gaan spelen, moet Sarri dus altijd kiezen tussen Higuaín (8 goals, 5 assists in alle competities samen) of Dybala (13 goals, 9 assists) naast Cristiano Ronaldo. De infiltraties van Ramsey en Matuidi zorgen in dit systeem wel voor veel meer gevaar, waar de spitsen van profiteren.

De twee meest gebruikte systemen van Juventus dit seizoen, de typische 4-3-3 van Sarri en een flexibele 4-4-2 met een ruit op het midden., Redactie
De twee meest gebruikte systemen van Juventus dit seizoen, de typische 4-3-3 van Sarri en een flexibele 4-4-2 met een ruit op het midden. © Redactie

Die veranderingen begonnen in december hun vruchten af te werpen. Vooral dan voor één man, de inmiddels 35-jarige Cristiano Ronaldo. Op speeldag 13 had de Portugees nog maar 5 competitiegoals achter zijn naam, waarvan 2 penalty's. In de volgende 13 matchen scoorde hij er 16. Toeval? Of gewoon beter in vorm? Als we naar de cijfers kijken, blijkt CR7 vooral anders te spelen.

Gemiddelde per match

Speeldag 1-13

Speeldag 14-26

Aantal schoten

5,6

5,6

Expected Goals

0,63

0,81

Goals

0,5

1,23

In het begin van het seizoen ondernam Ronaldo vooral pogingen vanop grote afstand, met kleine kans op succes. Vanaf december schoot hij niet per se vaker op goal, maar wel vanuit veel betere posities. Met succes dus. Al zijn doelpunten sinds december maakte hij van binnen de grote rechthoek. Zo heeft Cristiano bijna in zijn eentje de aanvallende cijfers van Juventus weer naar een fatsoenlijk niveau gebracht.

Een typisch schot van Ronaldo begin dit seizoen, hier tegen Verona. Van ver en met veel tegenstanders tussen hem en de goal., Serie A
Een typisch schot van Ronaldo begin dit seizoen, hier tegen Verona. Van ver en met veel tegenstanders tussen hem en de goal. © Serie A

Anders leren verdedigen kost punten

Behalve aanvallend, draaide het ook verdedigend lange tijd stroef bij Juventus. Onder Allegri stond de ploeg lang bekend als een onneembare vesting dankzij 'BBC', het trio Bonucci, Barzagli en Chiellini. Door het (naderend) pensioen van het drietal, haalde Juve afgelopen zomer Matthijs de Ligt (20) weg bij Ajax voor 85 miljoen euro, tot grote jaloezie van alle Europese topclubs.

Ook het Turkse toptalent Merih Demiral (22) kwam voor 18 miljoen van Sassuolo. Zij passen beter bij de manier van verdedigen zoals Sarri het graag ziet: ver van de goal, met veel ruimte in de rug. Niet meteen het sterke punt van de langdurig geblesseerde Chiellini (35), een echte mandekker, en kapitein Bonucci (33).

Voorlopig konden de nieuwelingen nog niet dezelfde defensieve stabiliteit brengen. De Ligt maakte enkele pijnlijke individuele fouten, die in tegenstelling tot in Nederland wel afgestraft werden, en moest regelmatig bankzitten. Demiral kreeg daarna zijn kans en begon goed, maar liep dan een zware knieblessure op.

Het is vooral die grotere kwetsbaarheid achterin, door de andere manier van verdedigen en de vernieuwing van personeel, die Juventus dit seizoen punten heeft gekost. En dan kent doelman Szczesny nog een geweldig seizoen. Hij voorkwam de meeste doelpunten van alle doelmannen in de Serie A.

De rekening moet kloppen

De impact van de coronacrisis heeft ook bij Juventus serieuze gevolgen. De spelers gingen meteen akkoord om vier maanden loon af te staan, goed voor een besparing van 90 miljoen euro. De hervatting van de competitie, weliswaar zonder publiek, moet ervoor zorgen dat de club ook de laatste schijf van de belangrijke tv-gelden binnenhaalt.

Voorzitter Andrea Agnelli en rechterhand Pavel Nedved beseffen dat er sowieso minder geld in omloop zal zijn op de transfermarkt. Misschien krijgen de typisch Italiaanse ruildeals zo wel navolging in de rest van Europa.

Verrassend genoeg wil Juventus af van Miralem Pjanic, een van de weinige spelers die coach Sarri goed genoeg vindt voor zijn systeem. De Bosnische spelmaker is er nu 30, verdient 7 miljoen euro netto per jaar en heeft een marktwaarde van goed 50 miljoen euro. In 2016 betaalde Juve slechts 32 miljoen voor hem aan AS Roma. De rekensom van Juventus is simpel: nu is het moment om Pjanic van de hand te doen. Ook al omdat ze met Rodrigo Bentancur (22) al een opvolger in de rangen hebben.

Vooral Barcelona lijkt interesse te hebben in de creatieve middenvelder. Barça is bereid Arthur (en wat geld) voor hem te bieden en eventueel ook Nelson Semedo om het probleem op de rechtsachter bij Juve op te lossen. Een akkoord is er vooralsnog niet.

Verrassend genoeg wil Juventus af van Miralem Pjanic., GETTY
Verrassend genoeg wil Juventus af van Miralem Pjanic. © GETTY

Een andere optie die altijd genoemd wordt waar Sarri coach is, heet Jorginho. Het duo werkte uitstekend samen bij Napoli en maakte samen de overstap naar Chelsea. Juventus is echter niet van plan veel geld uit te geven voor de 28-jarige genaturaliseerde Braziliaan. Hetzelfde geldt voor Paul Pogba, die elke transferperiode met zijn ex-club in verband wordt gebracht.

Ook Gonzalo Higuaín, die zijn laatste contractjaar ingaat, zou mogen vertrekken. De Argentijnse goalgetter kwam in 2016 naar Turijn maar werd ook al twee keer uitgeleend (aan AC Milan en Chelsea) en zou er nu voor moeten zorgen dat de boekhouding weer groen kleurt.

Als vervanger leek Arkadiusz Milik van Napoli lang de geknipte man, vooral door de grote ruzie tussen het Napolitaanse bestuur en de spelers. Nu die storm wat gaan liggen is, moet de Pool kiezen tussen een contractverlenging of een transfer. Zijn prijs is daardoor alleszins wat gestegen tegenover enkele maanden geleden, toen hij nog absoluut weg moest.

Met ook nog de talentvolle rechtsbuiten Kusulevski, linksback Pellegrini en centrale verdediger Romero die terugkeren van uitleenbeurten krijgt Juve er ook weer 'gratis' wat jong talent bij. Op Anderlechthuurling Marko Pjaca wordt alleszins niet meer gerekend.

Dankzij de langetermijnvisie van voorzitter Agneli zal Juventus niet erg verzwakt uit deze coronacrisis komen. Maar volstaat dat ook om opnieuw de titel te pakken en op korte termijn te scoren in de Champions League? Dat zal van Sarriball afhangen en vooral van ene Cristiano Ronaldo.

Vrijdagavond mag ook Juventus er weer aan beginnen. Als voorgerecht: de terugmatch van de halve finale in de Coppa Italia, waarin het thuis een 1-1 verdedigt tegen AC Milan. Woensdag volgt de eventuele finale tegen Inter of Napoli. Misschien kan Juve dus al met een trofee op zak de strijd om de scudetto aanvatten. Al blijft het afwachten of de resterende twaalf speeldagen zomaar afgewerkt kunnen worden in het zwaar getroffen Italië. Als het seizoen toch opnieuw wordt stilgelegd, heet het plan B play-offs. Als het seizoen volledig gestaakt zou worden, is er een algoritme dat het eindklassement zal bepalen, zonder een kampioen te kronen. Dat wil de Oude Dame absoluut vermijden. In de jacht naar een negende landstitel op rij staat de eerste horde in Bologna, op maandag 22 juni.Voor het eerst in jaren is er nog eens een echte titelstrijd in Italië. Inter, Napoli en AS Roma probeerden het Juventus de afgelopen seizoenen om de beurt moeilijk te maken, maar slaagden daar amper in. Dit seizoen heten de grootste uitdagers Inter, dat tot februari aan de leiding stond, maar vooral Lazio Roma.De Romeinen staan nog steeds op één punt van Juve, met nog een rechtstreeks duel op speeldag 34 (20 juli) voor de boeg. De ploeg van coach Simone Inzaghi wist Juventus ook al twee keer te kloppen dit seizoen, telkens met 3-1, in de competitie en de Supercoppa.Met ook nog een dreigende uitschakeling in de Champions League (1-0-nederlaag in Lyon) heeft de introductie van Sarriball dus nog niet kunnen brengen wat het bestuur van Juventus gehoopt had. Maurizio Sarri, die vooral naam maakte als coach van Napoli, keerde na één seizoen bij Chelsea terug naar Italië om de Oude Dame weer het aantrekkelijke voetbal te schenken dat het onder pragmaticus Massimiliano Allegri zo miste. Allegri mocht dan wel vijf titels op rij gepakt hebben, het gebrek aan een Europese triomf (ondanks twee CL-finales) en vooral de vroegtijdige uitschakeling tegen Ajax vorig jaar werden hem aangewreven. En het Turijnse voetbaloog wou ook wat. Sarri moest voor een nieuwe voetbalidentiteit zorgen.Onder de nieuwe coach past Juventus zich inderdaad niet meer aan aan de tegenstander, wil het altijd de bal hebben (gemiddeld 58%, passpercentage van 87%) en hoog verdedigen. De typische principes van de 61-jarige Sarri, zeg maar, met de typische gebreken. De meeste tegenstanders in de Serie A laten met plezier de bal aan hen en gieten beton voor de eigen grote rechthoek. Daar ontbrak het Juventus vaak aan snelheid en automatismen in de combinatie. Ondanks het enorme percentage balbezit, komen ploegen als Atalanta, Lazio en zelfs AS Roma vaker in de vijandelijke zestienmeter dan Juventus. Geduld is een schone deugd, maar te veel is ook niet goed.Het gevolg: veel schoten van afstand en kansen van lage kwaliteit. Sarri zag dat en deed wat hij bijna nooit doet: zijn systeem veranderen. Zijn passage bij Chelsea en een aantal pijnlijke pandoeringen leerden hem blijkbaar om toch iets flexibeler te zijn. Naar eigen zeggen beschikte hij bij Juventus niet over het geschikte materiaal om zijn voetbalideeën goed te laten uitvoeren. Hij schakelde over van 'zijn' 4-3-3 naar een 4-4-2 in een ruit. Het driemansmiddenveld bezat volgens Sarri vooral loopvermogen en te weinig creativiteit met Matuidi en Ramsey. Enkel Pjanic voldeed aan de wensen van de coach, maar de Bosniër verzorgt vooral de opbouw, niet de laatste pass.Door met twee spitsen te gaan spelen, moet Sarri dus altijd kiezen tussen Higuaín (8 goals, 5 assists in alle competities samen) of Dybala (13 goals, 9 assists) naast Cristiano Ronaldo. De infiltraties van Ramsey en Matuidi zorgen in dit systeem wel voor veel meer gevaar, waar de spitsen van profiteren.Die veranderingen begonnen in december hun vruchten af te werpen. Vooral dan voor één man, de inmiddels 35-jarige Cristiano Ronaldo. Op speeldag 13 had de Portugees nog maar 5 competitiegoals achter zijn naam, waarvan 2 penalty's. In de volgende 13 matchen scoorde hij er 16. Toeval? Of gewoon beter in vorm? Als we naar de cijfers kijken, blijkt CR7 vooral anders te spelen.In het begin van het seizoen ondernam Ronaldo vooral pogingen vanop grote afstand, met kleine kans op succes. Vanaf december schoot hij niet per se vaker op goal, maar wel vanuit veel betere posities. Met succes dus. Al zijn doelpunten sinds december maakte hij van binnen de grote rechthoek. Zo heeft Cristiano bijna in zijn eentje de aanvallende cijfers van Juventus weer naar een fatsoenlijk niveau gebracht.Behalve aanvallend, draaide het ook verdedigend lange tijd stroef bij Juventus. Onder Allegri stond de ploeg lang bekend als een onneembare vesting dankzij 'BBC', het trio Bonucci, Barzagli en Chiellini. Door het (naderend) pensioen van het drietal, haalde Juve afgelopen zomer Matthijs de Ligt (20) weg bij Ajax voor 85 miljoen euro, tot grote jaloezie van alle Europese topclubs. Ook het Turkse toptalent Merih Demiral (22) kwam voor 18 miljoen van Sassuolo. Zij passen beter bij de manier van verdedigen zoals Sarri het graag ziet: ver van de goal, met veel ruimte in de rug. Niet meteen het sterke punt van de langdurig geblesseerde Chiellini (35), een echte mandekker, en kapitein Bonucci (33).Voorlopig konden de nieuwelingen nog niet dezelfde defensieve stabiliteit brengen. De Ligt maakte enkele pijnlijke individuele fouten, die in tegenstelling tot in Nederland wel afgestraft werden, en moest regelmatig bankzitten. Demiral kreeg daarna zijn kans en begon goed, maar liep dan een zware knieblessure op. Het is vooral die grotere kwetsbaarheid achterin, door de andere manier van verdedigen en de vernieuwing van personeel, die Juventus dit seizoen punten heeft gekost. En dan kent doelman Szczesny nog een geweldig seizoen. Hij voorkwam de meeste doelpunten van alle doelmannen in de Serie A.De impact van de coronacrisis heeft ook bij Juventus serieuze gevolgen. De spelers gingen meteen akkoord om vier maanden loon af te staan, goed voor een besparing van 90 miljoen euro. De hervatting van de competitie, weliswaar zonder publiek, moet ervoor zorgen dat de club ook de laatste schijf van de belangrijke tv-gelden binnenhaalt. Voorzitter Andrea Agnelli en rechterhand Pavel Nedved beseffen dat er sowieso minder geld in omloop zal zijn op de transfermarkt. Misschien krijgen de typisch Italiaanse ruildeals zo wel navolging in de rest van Europa.Verrassend genoeg wil Juventus af van Miralem Pjanic, een van de weinige spelers die coach Sarri goed genoeg vindt voor zijn systeem. De Bosnische spelmaker is er nu 30, verdient 7 miljoen euro netto per jaar en heeft een marktwaarde van goed 50 miljoen euro. In 2016 betaalde Juve slechts 32 miljoen voor hem aan AS Roma. De rekensom van Juventus is simpel: nu is het moment om Pjanic van de hand te doen. Ook al omdat ze met Rodrigo Bentancur (22) al een opvolger in de rangen hebben.Vooral Barcelona lijkt interesse te hebben in de creatieve middenvelder. Barça is bereid Arthur (en wat geld) voor hem te bieden en eventueel ook Nelson Semedo om het probleem op de rechtsachter bij Juve op te lossen. Een akkoord is er vooralsnog niet. Een andere optie die altijd genoemd wordt waar Sarri coach is, heet Jorginho. Het duo werkte uitstekend samen bij Napoli en maakte samen de overstap naar Chelsea. Juventus is echter niet van plan veel geld uit te geven voor de 28-jarige genaturaliseerde Braziliaan. Hetzelfde geldt voor Paul Pogba, die elke transferperiode met zijn ex-club in verband wordt gebracht.Ook Gonzalo Higuaín, die zijn laatste contractjaar ingaat, zou mogen vertrekken. De Argentijnse goalgetter kwam in 2016 naar Turijn maar werd ook al twee keer uitgeleend (aan AC Milan en Chelsea) en zou er nu voor moeten zorgen dat de boekhouding weer groen kleurt.Als vervanger leek Arkadiusz Milik van Napoli lang de geknipte man, vooral door de grote ruzie tussen het Napolitaanse bestuur en de spelers. Nu die storm wat gaan liggen is, moet de Pool kiezen tussen een contractverlenging of een transfer. Zijn prijs is daardoor alleszins wat gestegen tegenover enkele maanden geleden, toen hij nog absoluut weg moest.Met ook nog de talentvolle rechtsbuiten Kusulevski, linksback Pellegrini en centrale verdediger Romero die terugkeren van uitleenbeurten krijgt Juve er ook weer 'gratis' wat jong talent bij. Op Anderlechthuurling Marko Pjaca wordt alleszins niet meer gerekend. Dankzij de langetermijnvisie van voorzitter Agneli zal Juventus niet erg verzwakt uit deze coronacrisis komen. Maar volstaat dat ook om opnieuw de titel te pakken en op korte termijn te scoren in de Champions League? Dat zal van Sarriball afhangen en vooral van ene Cristiano Ronaldo.