Het meest memorabele voetbalmoment van 2019 zou wel eens het vingertje kunnen zijn waarmee Kepa Arrizabalaga, voor de strafschoppenreeks van de finale van de Carabao Cup, zijn coach Maurizio Sarri duidelijk maakte dat hij weigerde van het veld te komen. Sarri wilde tweede doelman Willy Caballero inbrengen omdat die bij strafschoppen een beter palmares kon voorleggen (11 op 28 gestopt) dan Kepa (4 op 21).

Het incident is illustratief voor het gebrek aan leiderschap bij Chelsea. Sterke man Roman Abramovitsj is al bijna een jaar niet meer gezien op Stamford Bridge, omdat de Rus geen visum meer krijgt voor de Europese Unie.

De ongehoorzaamheid van Kepa is het zoveelste bewijs dat Sarri alle autoriteit verloren heeft in de kleedkamer. Tony Cascarino voegde daar in zijn column in The Times nog het gebrek aan leiderschap op het veld aan toe. Volgens het Ierse ex-icoon is Eden Hazard niet uit aanvoerdershout gesneden. Als ultieme bewijs verwijst hij naar de panenka van de Rode Duivel bij de mogelijk beslissende strafschop.

Keepers worden steeds jonger en duurder.

Andere waarnemers zouden in de panenka misschien eerder een beetje genialiteit ontdekken, maar het was wel opvallend dat de aanvoerder van The Blues zich gedeisd hield bij de rel tussen zijn doelman en zijn coach. Eden had Kepa kunnen en mogelijk zelfs moeten duidelijk maken dat zijn speeltijd voorbij was.

De Baskische goalie wilde de held worden van de bekerfinale, maar gaat in plaats daarvan voortaan door het voetballeven als de schurk van het Engelse voetbal. Dit voorval zal de voetballiefhebbers langer bijblijven dan een briljante save.

Wat mij vooral trof, was de babyface van Kepa. Keepers pleegden mannen met 'een volwassen kop' te zijn. Onder de 25 werd een ballenvanger niet toegelaten op het hoogste niveau en hij moest 30 zijn vooraleer hij op zijn top kon zijn.

Jonge keepers zijn echter het nieuwe normaal. Niet alleen bij Chelsea (Kepa is 24), maar bij heel wat topclubs. Alisson Becker van Liverpool is 26, net als Thibaut Courtois, en Ederson van Manchester City 24. David de Gea is 28, maar is al aan zijn achtste seizoen bij Manchester United bezig. Het klassieke beeld van de ervaren doelman is verdwenen. Gianluigi Buffon (41) is de laatste relikwie.

Het heeft alles te maken met de nieuwe rol van een doelman: de sweeper-keeper. Sinds het verbod op de terugspeelbal in 1992 moet een doelman bijna even goed zijn met zijn voeten als zijn handen. Vroeger was een doelman de laatste lijn van de defensie, tegenwoordig is hij de eerste lijn van de afweer én van de aanval. Het verschil tussen een flop en een topper onder de lat wordt op vijftien punten per seizoen gerekend.

Het gevolg daarvan is dat goalies veel hoger worden ingeschat dan in het verleden. Buffon was een absolute uitzondering toen hij in 2001 voor 35 miljoen euro door Juventus werd weggeplukt bij Parma. De Gea verhuisde in 2011 voor 'slechts' 22 miljoen euro van Atlético Madrid naar Old Trafford en Jan Oblak minder dan vijf jaar geleden voor 14 miljoen naar Atlético.

De jongste zomers werden echter alle records gebroken. Man City haalde anderhalf jaar geleden Ederson voor 40 miljoen euro naar het Etihad Stadium. Courtois trok voor 35 miljoen euro naar Real Madrid, Alisson Becker kostte Liverpool 72 miljoen euro en Chelsea schot de hoofdvogel af met Kepa: 75 miljoen. Met als absolute uitsmijter de 28 miljoen die Everton veil had voor een tweederangsgoalie als Jordan Pickford.

Doelmannen zijn uiteraard ook heel wat meer gaan verdienen, maar de verschillen met de topspitsen blijven significant. Buffon is nummer vijf in de Ligue 1 met 750.000 euro per maand, een vijfde van wat topverdiener Kylian Mbappé heeft en mijlenver verwijderd van de 75 miljoen per jaar van Lionel Messi. In Engeland wordt echter gespeculeerd dat De Gea alleen op Old Trafford blijft als zijn weeksalaris even hoog wordt als dat van topverdiener Alexis Sánchez: 550.000 euro per week.

Doelmannen komen wat transferwaarde en salaris betreft steeds dichter bij dat van de veldspelers. Rest nog de vraag of ze nu minder eenzaam zijn tussen de doelpalen.

Het meest memorabele voetbalmoment van 2019 zou wel eens het vingertje kunnen zijn waarmee Kepa Arrizabalaga, voor de strafschoppenreeks van de finale van de Carabao Cup, zijn coach Maurizio Sarri duidelijk maakte dat hij weigerde van het veld te komen. Sarri wilde tweede doelman Willy Caballero inbrengen omdat die bij strafschoppen een beter palmares kon voorleggen (11 op 28 gestopt) dan Kepa (4 op 21). Het incident is illustratief voor het gebrek aan leiderschap bij Chelsea. Sterke man Roman Abramovitsj is al bijna een jaar niet meer gezien op Stamford Bridge, omdat de Rus geen visum meer krijgt voor de Europese Unie. De ongehoorzaamheid van Kepa is het zoveelste bewijs dat Sarri alle autoriteit verloren heeft in de kleedkamer. Tony Cascarino voegde daar in zijn column in The Times nog het gebrek aan leiderschap op het veld aan toe. Volgens het Ierse ex-icoon is Eden Hazard niet uit aanvoerdershout gesneden. Als ultieme bewijs verwijst hij naar de panenka van de Rode Duivel bij de mogelijk beslissende strafschop. Andere waarnemers zouden in de panenka misschien eerder een beetje genialiteit ontdekken, maar het was wel opvallend dat de aanvoerder van The Blues zich gedeisd hield bij de rel tussen zijn doelman en zijn coach. Eden had Kepa kunnen en mogelijk zelfs moeten duidelijk maken dat zijn speeltijd voorbij was. De Baskische goalie wilde de held worden van de bekerfinale, maar gaat in plaats daarvan voortaan door het voetballeven als de schurk van het Engelse voetbal. Dit voorval zal de voetballiefhebbers langer bijblijven dan een briljante save. Wat mij vooral trof, was de babyface van Kepa. Keepers pleegden mannen met 'een volwassen kop' te zijn. Onder de 25 werd een ballenvanger niet toegelaten op het hoogste niveau en hij moest 30 zijn vooraleer hij op zijn top kon zijn. Jonge keepers zijn echter het nieuwe normaal. Niet alleen bij Chelsea (Kepa is 24), maar bij heel wat topclubs. Alisson Becker van Liverpool is 26, net als Thibaut Courtois, en Ederson van Manchester City 24. David de Gea is 28, maar is al aan zijn achtste seizoen bij Manchester United bezig. Het klassieke beeld van de ervaren doelman is verdwenen. Gianluigi Buffon (41) is de laatste relikwie. Het heeft alles te maken met de nieuwe rol van een doelman: de sweeper-keeper. Sinds het verbod op de terugspeelbal in 1992 moet een doelman bijna even goed zijn met zijn voeten als zijn handen. Vroeger was een doelman de laatste lijn van de defensie, tegenwoordig is hij de eerste lijn van de afweer én van de aanval. Het verschil tussen een flop en een topper onder de lat wordt op vijftien punten per seizoen gerekend. Het gevolg daarvan is dat goalies veel hoger worden ingeschat dan in het verleden. Buffon was een absolute uitzondering toen hij in 2001 voor 35 miljoen euro door Juventus werd weggeplukt bij Parma. De Gea verhuisde in 2011 voor 'slechts' 22 miljoen euro van Atlético Madrid naar Old Trafford en Jan Oblak minder dan vijf jaar geleden voor 14 miljoen naar Atlético. De jongste zomers werden echter alle records gebroken. Man City haalde anderhalf jaar geleden Ederson voor 40 miljoen euro naar het Etihad Stadium. Courtois trok voor 35 miljoen euro naar Real Madrid, Alisson Becker kostte Liverpool 72 miljoen euro en Chelsea schot de hoofdvogel af met Kepa: 75 miljoen. Met als absolute uitsmijter de 28 miljoen die Everton veil had voor een tweederangsgoalie als Jordan Pickford. Doelmannen zijn uiteraard ook heel wat meer gaan verdienen, maar de verschillen met de topspitsen blijven significant. Buffon is nummer vijf in de Ligue 1 met 750.000 euro per maand, een vijfde van wat topverdiener Kylian Mbappé heeft en mijlenver verwijderd van de 75 miljoen per jaar van Lionel Messi. In Engeland wordt echter gespeculeerd dat De Gea alleen op Old Trafford blijft als zijn weeksalaris even hoog wordt als dat van topverdiener Alexis Sánchez: 550.000 euro per week. Doelmannen komen wat transferwaarde en salaris betreft steeds dichter bij dat van de veldspelers. Rest nog de vraag of ze nu minder eenzaam zijn tussen de doelpalen.