Het Thong Nhat Stadium ontvangt het schaars opgekomen publiek voor de derby tussen Saigon FC en Ho Chi Minh City FC. Het stadion biedt plaats aan 25.000 toeschouwers, maar is voor deze gelegenheid slechts 'gevuld' met enkele honderden voetbalfans. De reden daarvoor is misschien wel dat de Vietnamese hoogste afdeling bol staat van de corruptie - meerdere clubs zijn er in het bezit van dezelfde bestuurders. 'En wellicht ook omdat het niveau zo laag ligt', erkent Marvin Ogunjimi. De Belgische spits verbleef vier maanden bij Saigon FC. Vanaf januari is hij weer in ons land te zien, bij Lierse Kempenzonen in de eerste amateurklasse.

Echte professionaliteit bestaat hier niet. Toen het onlangs stevig regende, trainden we in de gang.

Marvin Ogunjimi

Enkele dagen na die wedstrijd trotseert Marvin Ogunjimi de helse hitte van Ho Chi Minhstad, het voormalige Saigon. In een van de vele bars op de daken van de economische hoofdstad van Vietnam, die zo'n 12 miljoen inwoners telt, nipt hij van zijn ananascocktail vooraleer hij de eerste vraag beantwoordt.

Noorwegen, Zuid-Korea, Thailand, Albanië, Kazachstan, Nederland, Wit-Rusland en Vietnam: je hebt de voorbije vier jaar heel wat landen bezocht om je beroep uit te oefenen. Heb je altijd zo graag gereisd?

Marvin Ogunjimi: 'Niet echt. Toen ze me belden met het voorstel om in Zuid-Korea te gaan voetballen, antwoordde ik: 'Nooit van mijn leven ga ik daarnaartoe.' Ik was bang om naar Azië te vertrekken, om er alleen te zitten, ver weg van mijn kinderen. Maar eenmaal ik er was, voelde ik me snel goed in mijn vel. De zin om te reizen ontstond toen ik begon na te denken over het leven na mijn carrière als profvoetballer. Ik wilde veel contacten leggen in de voetbalwereld en tegelijkertijd nieuwe culturen ontdekken. Er bestaan toch wel grote verschillen waarmee je rekening moet houden. Hier in Vietnam, bijvoorbeeld, reageerde ik op een bepaald moment heel heftig op training. Niemand zei er iets op, maar toen ik terug op mijn kamer was, kwamen ze me wel vertellen dat het de laatste keer moest geweest zijn dat ik zo tekeerging. Je moet weten dat je je hier niet mag gedragen zoals in Europa. Nog een voorbeeld: in Zuid-Korea mag je de trainer niet in de ogen kijken wanneer hij spreekt, je moet je hoofd naar beneden houden.'

Maag en darmen

Wat apprecieer je het meest bij je ontdekking van nieuwe culturen?

Ogunjimi: 'Hoe voetbal beleefd wordt in zogenaamd exotische landen, interesseert me enorm, hoe mensen denken, hoe ze leven en werken... In Vietnam gaan de mensen vroeg slapen, maar ze beginnen hun dag wel om vijf uur 's ochtends. En de Zuid-Koreanen slapen niet, die werken 24 uur op 24. Op eender welk uur van de nacht kun je er naar de club gaan, je zult er altijd wel mensen vinden die de administratie aan het regelen zijn, op zoek zijn naar een nieuwe speler, enzovoort.'

Heb je je ook moeten aanpassen aan bepaalde religieuze gewoontes?

Ogunjimi: 'Meestal probeer ik daar afstand van te nemen, maar ik ken wel een aantal verhalen. Hier in Vietnam gaan de trainer en de kapitein voor elke wedstrijd naar een pagode, een boeddhistische tempel, om te bidden voor een goed resultaat. In Zuid-Korea namen ze ooit een varkenskop mee naar de training en legden ze die in een van de doelen. Alle spelers werden verzameld rond de varkenskop en gevraagd om hun hand erop te leggen en vervolgens te bidden. Gelukkig was dat niet verplicht.'

Welke werkwijze heeft je het meest gechoqueerd?

Ogunjimi: 'In Zuid-Korea wordt alles van a tot z berekend. Mijn familie kon het ook vaststellen toen ze me een bezoek brachten. Om 12.09 uur kwamen ze aan op de luchthaven, om 12.12 uur stond de taxi klaar, om 12.26 uur ontmoetten we elkaar. En als de dag van betaling op een zondag viel, dan kreeg je je loon drie dagen voordien. Dat maak je nergens anders mee. In Vietnam is het dan weer een zootje. Echte professionaliteit bestaat hier niet. De coach vertelde ons slechts een uur voor de wedstrijd wie er in de basis staat. Nog een voorbeeld: toen het onlangs stevig regende, trainden we in de gang. Sommigen liepen wat, ik deed buikspieroefeningen op een matras. Dat was 24 uur voor een wedstrijd. Hier heb ik ook de meest gecompliceerde trainingen gehad. Op stage hadden we sommige dagen sessies om zes uur 's morgens, vervolgens om elf uur en dan nog een keer om vier uur in de namiddag. We mochten geen enkele training missen, ook niet als buitenlander, want iedereen wordt hier op dezelfde manier behandeld.'

En wat met de maaltijden die je voorgeschoteld kreeg?

Ogunjimi: 'Als profvoetballer hebben we wat dat betreft privileges, maar ik kreeg toch al een keer een bord rijst met alleen maar tomatensaus voor mijn neus. In elk land zijn er sowieso verschillen: meer of minder olie of boter, andere kruiden en dergelijke. Mijn maag en darmen hebben altijd wel een aanpassingsperiode nodig gehad.'

Voetbalclub als speeltje

Wat vergt de grootste aanpassing in het buitenland?

Ogunjimi: 'De mentaliteit. Je moet goed observeren hoe de mensen denken en hoe ze zich gedragen. In Zuid-Korea dragen ze respect heel hoog in het vaandel. In Kazachstan merk je dan weer een soort lompheid, ongemanierdheid bij sommige mensen. Daar had ik ook het meest last van heimwee. Toen ik in de luchthaven stond, vertrekkensklaar richting Köksetaw, vroeg ik mijn zoon om niet te wenen. Maar ík was het die de tranen niet kon bedwingen. De eenzaamheid weegt wel tijdens al die reizen. Zeker in het begin hielden alleen de wedstrijden me staande.'

Bij KRC Genk, waar hij een groot deel van zijn carrière speelde., BELGAIMAGE
Bij KRC Genk, waar hij een groot deel van zijn carrière speelde. © BELGAIMAGE

Welk was het vreemdste personage dat je de voorbije jaren in het voetbal tegenkwam?

Ogunjimi: 'De voorzitter van Ratchaburi FC, mijn club in Thailand. Hij was nog een relatief jonge kerel, 35 jaar, met steenrijke ouders die hem een voetbalclub hadden geschonken als speeltje. Als hij tijdens de wedstrijd zin had om een andere speler in te brengen, dan daalde hij de tribune af en beval de trainer om te wisselen. Ik herinner me dat de trainer een keer weigerde te luisteren. De voorzitter ging weer zitten, maar enkele minuten later miste de gewraakte speler opnieuw een balcontrole, waarop de grote baas opnieuw naar beneden kwam, een reservespeler vroeg om op te warmen en vervolgens zelf de vervanging deed. Die man had geen enkel respect voor de trainer, noch voor de spelers. In het midden van het seizoen blesseerde een Japanse ploegmaat zich en duurde het een tijd vooraleer hij weer in vorm geraakte. De voorzitter stapte naar hem toe en dreigde: 'Ik zal je hier houden tot het einde van je contract. Ik stuur je de bergen in, waar een persoonlijke conditietrainer je zal begeleiden.' Gelukkig voor mijn ploegmaat kwam het niet zover en lieten ze die jongen toch gewoon vertrekken.'

In Thailand maakte je ook kennis met de grote adoratie voor de koning.

Ogunjimi: 'Toen ik op een dag samen met mijn Portugese ploegmaat Yannick Djaló op de club aankwam om te trainen, zagen we onze kinesisten wenen. 'Wat is er gebeurd?', vroegen we ons af. 'Onze koning is gestorven', vertelden ze. 'Hij was heel belangrijk voor ons.' Wij dachten dat hun reactie uitzonderlijk was, maar op straat was iedereen in het zwart gekleed. De media vroegen buitenlanders om respect te tonen en geen felgekleurde kleding te dragen. Twee weken lang duurde die periode van rouw. De Vietnamese president is onlangs overleden, maar daar werd hier veel minder aandacht aan besteed.'

Roepen en claxonneren

Albanië, Kazachstan, Vietnam: die competities hebben geen al te beste reputatie wat corruptie betreft.

Ogunjimi: 'In Albanië en Kazachstan hoorde ik verhalen over wedstrijdvervalsing en afspraken tussen scheidsrechters en spelers, maar zelf werd ik nooit benaderd en ik heb ook geen louche zaken gezien. In Albanië viel vooral de nationale trots op. Albanezen zijn gek op hun land. Dat merk je aan alles: hun manier van spreken, van zich te verdedigen... De Albanese vlag staat op elke auto, op alle sociale netwerken. In het Westen bekijken veel mensen het als iets negatiefs, ze zijn bang voor dat nationalistische gevoel, maar ik zag enkel positieve zaken. Ik vind het geweldig hoe de mensen hartstochtelijk praten over hun geschiedenis, hun ontwikkeling en hun toekomst.'

De eenzaamheid weegt wel tijdens al het reizen. Zeker in het begin hielden alleen de wedstrijden me staande.' Marvin Ogunjimi

Welke elementen spelen een belangrijke rol wanneer je onderhandelt met een club uit een exotisch land?

Ogunjimi: 'In de eerste plaats wou ik spelen. Op dat vlak heb ik altijd gesproken met bestuurders die in mij geloofden en die hoopten dat ik weer zou presteren zoals vroeger. Daarnaast koos ik voor landen die voldoende bekend zijn. Mijn broers en zussen wonnen eerst inlichtingen in over het land in kwestie en vertelden me of ik er veilig en met een gerust gemoed naartoe kon. Ik zou bijvoorbeeld niet in Laos willen voetballen hebben: dat is me te onbekend, maar Vietnam kent iedereen.'

Welke taal vind je het moeilijkst om te begrijpen?

Ogunjimi: 'Vietnamees. De mensen roepen bovendien de hele tijd. Je zou kunnen denken dat ze altijd boos zijn, maar dat is niet zo. Iedereen is overexcited van zes uur 's ochtends tot negen uur 's avonds. Ho Chi Minhstad is ongelooflijk lawaaierig, want als ze hier niet roepen dan claxonneren ze. Ze rijden allemaal met de moto ( auto's kosten enorm veel in Vietnam door de belastingen, nvdr) en verkeersregels bestaan niet. Ze rijden hier als gekken. Enkele weken geleden kwam een scheidsrechter om het leven nadat hij na een wedstrijd naar huis reed.'

Bij Standard. 'Hoe ze me daar behandelden, zal ik nooit vergeten.', BELGAIMAGE
Bij Standard. 'Hoe ze me daar behandelden, zal ik nooit vergeten.' © BELGAIMAGE

Voor je in Vietnam neerstreek, speelde je in Wit-Rusland, nog een competitie die voor de meeste westerlingen onbekend is.

Ogunjimi: 'Dat was ook een bijzondere ervaring. Wit-Russen zijn best wel speciaal en hebben weinig respect voor buitenlandse spelers. Is het racisme? Dat weet ik niet, maar de zes weken die ik daar verbleef, waren alleszins folkloristisch. Plots vernamen we dat DiegoMaradona getekend had als coach en vijf spelers - onder wie de kapitein en de vicekapitein - verbraken op enkele weken tijd hun contract. Ik begrijp niet exact wat daar allemaal gebeurd is, maar het was een rommeltje. Ik werd er ook geconfronteerd met privéproblemen - mijn vader raakte in een coma - wat alles nog moeilijker maakte.'

Uitgaan en drinken

Welke verschillen stelde je vast tussen de landen wat de populariteit van de spelers betreft?

Ogunjimi: 'In Thailand zitten de stadions vol en krijg je als voetballer heel veel respect. In Vietnam kan ik rustig over straat wandelen zonder dat iemand me herkent. Als mensen zich omdraaien, dan is dat omdat ze verrast zijn om een grote zwarte man te zien. ( lacht) Vietnamese voetballers zijn daarentegen echte sterren. Onze doelman, die derde keeper is van de nationale ploeg en nog geen enkele interland speelde, wordt constant door camera's achtervolgd.'

Alle spelers van Saigon FC wonen samen?

Ogunjimi: 'We verbleven in hetzelfde hotel, ja. Blijkbaar zijn Vietnamezen niet professioneel genoeg, ze hebben altijd zin om uit te gaan en te drinken. Om ons te controleren hield de club ons samen, maar iedereen bleef hoofdzakelijk op zijn eigen kamer. Wanneer we enkele dagen vrijaf hadden, gingen de Vietnamezen naar hun gezin of familie.'

Word je het gewoon om te voetballen bij 30 graden en meer?

Ogunjimi: 'Het is verschrikkelijk, vooral omdat ik een speler ben die veel loopt en hard werkt. Geef mij maar de koude. Toen ik bij Strømsgodset voetbalde, genoot ik van de wind die in mijn gezicht blies. Daar voelde ik me de laatste jaren trouwens het best in mijn sas. Noorwegen was top: de mensen zijn vrolijk en er is werk voor iedereen.'

Was Vietnam je laatste bestemming in het buitenland?

Ogunjimi: 'Ik vind het alleszins fijn om nu dichter bij mijn familie te wonen. Maar in België heb ik een slechte reputatie. Bij sommige clubs wilden ze zelfs niet luisteren naar mijn verhaal. Hoe ze mij bij Standard behandelden, zal ik nooit vergeten. Ik wacht tot na mijn carrière om dat boekje open te doen, maar ik kan wel al zeggen dat ik er zowel fysiek als mentaal drie jaar van heb afgezien ( Ogunjimi had in die periode schildklierproblemen, nvdr). Ik besef dat mijn statistieken niet in mijn voordeel spreken, maar ik weet dat ik voldoende kwaliteiten heb en nog jong ben. Ik spiegel me aan PeléMboyo, die het goed doet bij Kortrijk omdat hij vertrouwen krijgt van de trainer. Hetzelfde met FarisHaroun, die momenteel een van de beste middenvelders van België is, terwijl hij enkele jaren geleden anoniem in Engeland zat. Royston Drenthe, oud-speler van Real Madrid, staat in de basis bij Sparta Rotterdam, nadat hij twee jaar lang geen profvoetballer meer was. Die mannen hebben één ding gemeen: een trainer die in hen gelooft. Maar als er een etiket op je kleeft, is het moeilijk om dat eraf te krijgen.'

Open geest

Hoe leg je uit dat je buitenlandse avonturen nooit langer duurden dan zes maanden?

Ogunjimi: 'Telkens lagen er specifieke zaken aan ten oorsprong. In Zuid-Korea had ik voor twee jaar getekend, maar ik blesseerde me en na de degradatie wilde de club de contracten herzien. Dat weigerde ik. In Albanië moest ik concurreren met de nationale ster Hamdi Salihi en stond de context me niet aan. In Kazachstan deden financiële geschillen me het contract verbreken en MVV Maastricht verliet ik door familiale problemen.'

Wat onthoud je van al je reizen?

Ogunjimi: 'Ik heb het voetbal in al die landen beter leren kennen. Ik weet nu welk type speler in welke competitie het best tot zijn recht komt. Weinig mensen hebben zo'n ervaring kunnen opdoen. Na mijn spelerscarrière wil ik er graag iets mee doen, samen met de oom van Faris Haroun. Door die reizen benader ik het leven ook meer met een open geest. Ik ben altijd heel gereserveerd geweest, maar door andere culturen met een verschillende mentaliteit te leren kennen stap ik nu gemakkelijker naar mensen toe, ook al spreken ze niet dezelfde taal.'

Bij de Rode Duivels., BELGAIMAGE
Bij de Rode Duivels. © BELGAIMAGE

Fiche Marvin Ogunjimi

Geboortedatum en -plaats

12 oktober 1987, Mechelen

Spelerscarrière

2005-2011 KRC Genk

2007-2008 RKC Waalwijk (Ned) (uitgeleend)

2011-2014 Real Mallorca (Esp)

2012 Standard (uitgeleend)

2013 Beerschot (uitgeleend)

2013-2014 Oud-Heverlee Leuven (uitgeleend)

2014-2015 Stromsgodset IF (Noo)

2016-2017 Suwon FC (Kor)

2016 Ratchaburi Mitr Phol (Tha) (uitgeleend)

2017 Skënderbeu Korçë (Alb)

2017 Oqjetpes FK Köksetaw (Kaz)

2017-2018 MVV Maastricht (Ned)

2018 Dinamo Brest (Blr)

2018 Saigon FC (Vie)

2019 Lierse Kempenzonen

Nationale ploeg

7 caps, 5 goals

© EMILIEN HOFMAN

'Ik leefde op een wolk'

Je kwam in actie voor de Rode Duivels net voor deze gouden generatie. Vind je dat jammer?

Marvin Ogunjimi: 'Ik ben er trots op dat ik voor de nationale ploeg gespeeld heb, maar met de vorm van mijn periode in Genk had ik heel graag nu mijn kans gekregen. Wellicht zou ik nooit aan spelen toegekomen zijn. Batshuayi, Lukaku, Benteke: die kerels halen toch een ander niveau. Lukaku is al top van zijn zeventiende. Sindsdien is hij goed voor minstens 15 à 20 doelpunten per seizoen. Hij zal nog lang de beste Belgische spits in de geschiedenis blijven.'

Ooit liet je noteren: 'Wat Benteke doet, dat kan ik ook.' Zie je jezelf op zijn plaats?

Ogunjimi: 'We zijn andere types. Christian is meer een targetman, terwijl ik veel beweeg en de ruimte in duik. Fysiek is Christian veel sterker dan ik. Hij kwam na mij en heeft zijn kans gegrepen bij Genk.'

Een van je gloriemomenten als Rode Duivel beleefde je tegen Oostenrijk (4-4). Hoe kijk je daarop terug?

Ogunjimi: 'Alles wat ik toen aanraakte, veranderde in goud. De daaropvolgende wedstrijd met Genk, tegen Standard, scoorde ik al na één minuut. Ik leefde toen op een wolk.'

Het Thong Nhat Stadium ontvangt het schaars opgekomen publiek voor de derby tussen Saigon FC en Ho Chi Minh City FC. Het stadion biedt plaats aan 25.000 toeschouwers, maar is voor deze gelegenheid slechts 'gevuld' met enkele honderden voetbalfans. De reden daarvoor is misschien wel dat de Vietnamese hoogste afdeling bol staat van de corruptie - meerdere clubs zijn er in het bezit van dezelfde bestuurders. 'En wellicht ook omdat het niveau zo laag ligt', erkent Marvin Ogunjimi. De Belgische spits verbleef vier maanden bij Saigon FC. Vanaf januari is hij weer in ons land te zien, bij Lierse Kempenzonen in de eerste amateurklasse. Enkele dagen na die wedstrijd trotseert Marvin Ogunjimi de helse hitte van Ho Chi Minhstad, het voormalige Saigon. In een van de vele bars op de daken van de economische hoofdstad van Vietnam, die zo'n 12 miljoen inwoners telt, nipt hij van zijn ananascocktail vooraleer hij de eerste vraag beantwoordt.Noorwegen, Zuid-Korea, Thailand, Albanië, Kazachstan, Nederland, Wit-Rusland en Vietnam: je hebt de voorbije vier jaar heel wat landen bezocht om je beroep uit te oefenen. Heb je altijd zo graag gereisd? Marvin Ogunjimi: 'Niet echt. Toen ze me belden met het voorstel om in Zuid-Korea te gaan voetballen, antwoordde ik: 'Nooit van mijn leven ga ik daarnaartoe.' Ik was bang om naar Azië te vertrekken, om er alleen te zitten, ver weg van mijn kinderen. Maar eenmaal ik er was, voelde ik me snel goed in mijn vel. De zin om te reizen ontstond toen ik begon na te denken over het leven na mijn carrière als profvoetballer. Ik wilde veel contacten leggen in de voetbalwereld en tegelijkertijd nieuwe culturen ontdekken. Er bestaan toch wel grote verschillen waarmee je rekening moet houden. Hier in Vietnam, bijvoorbeeld, reageerde ik op een bepaald moment heel heftig op training. Niemand zei er iets op, maar toen ik terug op mijn kamer was, kwamen ze me wel vertellen dat het de laatste keer moest geweest zijn dat ik zo tekeerging. Je moet weten dat je je hier niet mag gedragen zoals in Europa. Nog een voorbeeld: in Zuid-Korea mag je de trainer niet in de ogen kijken wanneer hij spreekt, je moet je hoofd naar beneden houden.' Wat apprecieer je het meest bij je ontdekking van nieuwe culturen? Ogunjimi: 'Hoe voetbal beleefd wordt in zogenaamd exotische landen, interesseert me enorm, hoe mensen denken, hoe ze leven en werken... In Vietnam gaan de mensen vroeg slapen, maar ze beginnen hun dag wel om vijf uur 's ochtends. En de Zuid-Koreanen slapen niet, die werken 24 uur op 24. Op eender welk uur van de nacht kun je er naar de club gaan, je zult er altijd wel mensen vinden die de administratie aan het regelen zijn, op zoek zijn naar een nieuwe speler, enzovoort.' Heb je je ook moeten aanpassen aan bepaalde religieuze gewoontes? Ogunjimi: 'Meestal probeer ik daar afstand van te nemen, maar ik ken wel een aantal verhalen. Hier in Vietnam gaan de trainer en de kapitein voor elke wedstrijd naar een pagode, een boeddhistische tempel, om te bidden voor een goed resultaat. In Zuid-Korea namen ze ooit een varkenskop mee naar de training en legden ze die in een van de doelen. Alle spelers werden verzameld rond de varkenskop en gevraagd om hun hand erop te leggen en vervolgens te bidden. Gelukkig was dat niet verplicht.' Welke werkwijze heeft je het meest gechoqueerd? Ogunjimi: 'In Zuid-Korea wordt alles van a tot z berekend. Mijn familie kon het ook vaststellen toen ze me een bezoek brachten. Om 12.09 uur kwamen ze aan op de luchthaven, om 12.12 uur stond de taxi klaar, om 12.26 uur ontmoetten we elkaar. En als de dag van betaling op een zondag viel, dan kreeg je je loon drie dagen voordien. Dat maak je nergens anders mee. In Vietnam is het dan weer een zootje. Echte professionaliteit bestaat hier niet. De coach vertelde ons slechts een uur voor de wedstrijd wie er in de basis staat. Nog een voorbeeld: toen het onlangs stevig regende, trainden we in de gang. Sommigen liepen wat, ik deed buikspieroefeningen op een matras. Dat was 24 uur voor een wedstrijd. Hier heb ik ook de meest gecompliceerde trainingen gehad. Op stage hadden we sommige dagen sessies om zes uur 's morgens, vervolgens om elf uur en dan nog een keer om vier uur in de namiddag. We mochten geen enkele training missen, ook niet als buitenlander, want iedereen wordt hier op dezelfde manier behandeld.' En wat met de maaltijden die je voorgeschoteld kreeg? Ogunjimi: 'Als profvoetballer hebben we wat dat betreft privileges, maar ik kreeg toch al een keer een bord rijst met alleen maar tomatensaus voor mijn neus. In elk land zijn er sowieso verschillen: meer of minder olie of boter, andere kruiden en dergelijke. Mijn maag en darmen hebben altijd wel een aanpassingsperiode nodig gehad.' Wat vergt de grootste aanpassing in het buitenland? Ogunjimi: 'De mentaliteit. Je moet goed observeren hoe de mensen denken en hoe ze zich gedragen. In Zuid-Korea dragen ze respect heel hoog in het vaandel. In Kazachstan merk je dan weer een soort lompheid, ongemanierdheid bij sommige mensen. Daar had ik ook het meest last van heimwee. Toen ik in de luchthaven stond, vertrekkensklaar richting Köksetaw, vroeg ik mijn zoon om niet te wenen. Maar ík was het die de tranen niet kon bedwingen. De eenzaamheid weegt wel tijdens al die reizen. Zeker in het begin hielden alleen de wedstrijden me staande.' Welk was het vreemdste personage dat je de voorbije jaren in het voetbal tegenkwam? Ogunjimi: 'De voorzitter van Ratchaburi FC, mijn club in Thailand. Hij was nog een relatief jonge kerel, 35 jaar, met steenrijke ouders die hem een voetbalclub hadden geschonken als speeltje. Als hij tijdens de wedstrijd zin had om een andere speler in te brengen, dan daalde hij de tribune af en beval de trainer om te wisselen. Ik herinner me dat de trainer een keer weigerde te luisteren. De voorzitter ging weer zitten, maar enkele minuten later miste de gewraakte speler opnieuw een balcontrole, waarop de grote baas opnieuw naar beneden kwam, een reservespeler vroeg om op te warmen en vervolgens zelf de vervanging deed. Die man had geen enkel respect voor de trainer, noch voor de spelers. In het midden van het seizoen blesseerde een Japanse ploegmaat zich en duurde het een tijd vooraleer hij weer in vorm geraakte. De voorzitter stapte naar hem toe en dreigde: 'Ik zal je hier houden tot het einde van je contract. Ik stuur je de bergen in, waar een persoonlijke conditietrainer je zal begeleiden.' Gelukkig voor mijn ploegmaat kwam het niet zover en lieten ze die jongen toch gewoon vertrekken.' In Thailand maakte je ook kennis met de grote adoratie voor de koning. Ogunjimi: 'Toen ik op een dag samen met mijn Portugese ploegmaat Yannick Djaló op de club aankwam om te trainen, zagen we onze kinesisten wenen. 'Wat is er gebeurd?', vroegen we ons af. 'Onze koning is gestorven', vertelden ze. 'Hij was heel belangrijk voor ons.' Wij dachten dat hun reactie uitzonderlijk was, maar op straat was iedereen in het zwart gekleed. De media vroegen buitenlanders om respect te tonen en geen felgekleurde kleding te dragen. Twee weken lang duurde die periode van rouw. De Vietnamese president is onlangs overleden, maar daar werd hier veel minder aandacht aan besteed.' Albanië, Kazachstan, Vietnam: die competities hebben geen al te beste reputatie wat corruptie betreft. Ogunjimi: 'In Albanië en Kazachstan hoorde ik verhalen over wedstrijdvervalsing en afspraken tussen scheidsrechters en spelers, maar zelf werd ik nooit benaderd en ik heb ook geen louche zaken gezien. In Albanië viel vooral de nationale trots op. Albanezen zijn gek op hun land. Dat merk je aan alles: hun manier van spreken, van zich te verdedigen... De Albanese vlag staat op elke auto, op alle sociale netwerken. In het Westen bekijken veel mensen het als iets negatiefs, ze zijn bang voor dat nationalistische gevoel, maar ik zag enkel positieve zaken. Ik vind het geweldig hoe de mensen hartstochtelijk praten over hun geschiedenis, hun ontwikkeling en hun toekomst.' Welke elementen spelen een belangrijke rol wanneer je onderhandelt met een club uit een exotisch land? Ogunjimi: 'In de eerste plaats wou ik spelen. Op dat vlak heb ik altijd gesproken met bestuurders die in mij geloofden en die hoopten dat ik weer zou presteren zoals vroeger. Daarnaast koos ik voor landen die voldoende bekend zijn. Mijn broers en zussen wonnen eerst inlichtingen in over het land in kwestie en vertelden me of ik er veilig en met een gerust gemoed naartoe kon. Ik zou bijvoorbeeld niet in Laos willen voetballen hebben: dat is me te onbekend, maar Vietnam kent iedereen.' Welke taal vind je het moeilijkst om te begrijpen? Ogunjimi: 'Vietnamees. De mensen roepen bovendien de hele tijd. Je zou kunnen denken dat ze altijd boos zijn, maar dat is niet zo. Iedereen is overexcited van zes uur 's ochtends tot negen uur 's avonds. Ho Chi Minhstad is ongelooflijk lawaaierig, want als ze hier niet roepen dan claxonneren ze. Ze rijden allemaal met de moto ( auto's kosten enorm veel in Vietnam door de belastingen, nvdr) en verkeersregels bestaan niet. Ze rijden hier als gekken. Enkele weken geleden kwam een scheidsrechter om het leven nadat hij na een wedstrijd naar huis reed.' Voor je in Vietnam neerstreek, speelde je in Wit-Rusland, nog een competitie die voor de meeste westerlingen onbekend is. Ogunjimi: 'Dat was ook een bijzondere ervaring. Wit-Russen zijn best wel speciaal en hebben weinig respect voor buitenlandse spelers. Is het racisme? Dat weet ik niet, maar de zes weken die ik daar verbleef, waren alleszins folkloristisch. Plots vernamen we dat DiegoMaradona getekend had als coach en vijf spelers - onder wie de kapitein en de vicekapitein - verbraken op enkele weken tijd hun contract. Ik begrijp niet exact wat daar allemaal gebeurd is, maar het was een rommeltje. Ik werd er ook geconfronteerd met privéproblemen - mijn vader raakte in een coma - wat alles nog moeilijker maakte.' Welke verschillen stelde je vast tussen de landen wat de populariteit van de spelers betreft? Ogunjimi: 'In Thailand zitten de stadions vol en krijg je als voetballer heel veel respect. In Vietnam kan ik rustig over straat wandelen zonder dat iemand me herkent. Als mensen zich omdraaien, dan is dat omdat ze verrast zijn om een grote zwarte man te zien. ( lacht) Vietnamese voetballers zijn daarentegen echte sterren. Onze doelman, die derde keeper is van de nationale ploeg en nog geen enkele interland speelde, wordt constant door camera's achtervolgd.' Alle spelers van Saigon FC wonen samen? Ogunjimi: 'We verbleven in hetzelfde hotel, ja. Blijkbaar zijn Vietnamezen niet professioneel genoeg, ze hebben altijd zin om uit te gaan en te drinken. Om ons te controleren hield de club ons samen, maar iedereen bleef hoofdzakelijk op zijn eigen kamer. Wanneer we enkele dagen vrijaf hadden, gingen de Vietnamezen naar hun gezin of familie.' Word je het gewoon om te voetballen bij 30 graden en meer? Ogunjimi: 'Het is verschrikkelijk, vooral omdat ik een speler ben die veel loopt en hard werkt. Geef mij maar de koude. Toen ik bij Strømsgodset voetbalde, genoot ik van de wind die in mijn gezicht blies. Daar voelde ik me de laatste jaren trouwens het best in mijn sas. Noorwegen was top: de mensen zijn vrolijk en er is werk voor iedereen.' Was Vietnam je laatste bestemming in het buitenland? Ogunjimi: 'Ik vind het alleszins fijn om nu dichter bij mijn familie te wonen. Maar in België heb ik een slechte reputatie. Bij sommige clubs wilden ze zelfs niet luisteren naar mijn verhaal. Hoe ze mij bij Standard behandelden, zal ik nooit vergeten. Ik wacht tot na mijn carrière om dat boekje open te doen, maar ik kan wel al zeggen dat ik er zowel fysiek als mentaal drie jaar van heb afgezien ( Ogunjimi had in die periode schildklierproblemen, nvdr). Ik besef dat mijn statistieken niet in mijn voordeel spreken, maar ik weet dat ik voldoende kwaliteiten heb en nog jong ben. Ik spiegel me aan PeléMboyo, die het goed doet bij Kortrijk omdat hij vertrouwen krijgt van de trainer. Hetzelfde met FarisHaroun, die momenteel een van de beste middenvelders van België is, terwijl hij enkele jaren geleden anoniem in Engeland zat. Royston Drenthe, oud-speler van Real Madrid, staat in de basis bij Sparta Rotterdam, nadat hij twee jaar lang geen profvoetballer meer was. Die mannen hebben één ding gemeen: een trainer die in hen gelooft. Maar als er een etiket op je kleeft, is het moeilijk om dat eraf te krijgen.' Hoe leg je uit dat je buitenlandse avonturen nooit langer duurden dan zes maanden? Ogunjimi: 'Telkens lagen er specifieke zaken aan ten oorsprong. In Zuid-Korea had ik voor twee jaar getekend, maar ik blesseerde me en na de degradatie wilde de club de contracten herzien. Dat weigerde ik. In Albanië moest ik concurreren met de nationale ster Hamdi Salihi en stond de context me niet aan. In Kazachstan deden financiële geschillen me het contract verbreken en MVV Maastricht verliet ik door familiale problemen.' Wat onthoud je van al je reizen? Ogunjimi: 'Ik heb het voetbal in al die landen beter leren kennen. Ik weet nu welk type speler in welke competitie het best tot zijn recht komt. Weinig mensen hebben zo'n ervaring kunnen opdoen. Na mijn spelerscarrière wil ik er graag iets mee doen, samen met de oom van Faris Haroun. Door die reizen benader ik het leven ook meer met een open geest. Ik ben altijd heel gereserveerd geweest, maar door andere culturen met een verschillende mentaliteit te leren kennen stap ik nu gemakkelijker naar mensen toe, ook al spreken ze niet dezelfde taal.'