Sommige voetballers stappen tegenwoordig van het ene vliegtuig in het andere. Sommige supersterren hebben een privéjet, zoals Cristiano Ronaldo. Waar is de tijd dat voetballers doodsbang waren om te vliegen?
...

Sommige voetballers stappen tegenwoordig van het ene vliegtuig in het andere. Sommige supersterren hebben een privéjet, zoals Cristiano Ronaldo. Waar is de tijd dat voetballers doodsbang waren om te vliegen? Een paar jaar geleden deed Dennis Bergkamp in zijn biografie een boekje open over zijn vliegangst. Hij keek verschrikkelijk op tegen iedere verplaatsing die met het vliegtuig werd gemaakt. Tijdens uitwedstrijden wilde hij weleens naar de lucht kijken om te zien of er geen onweer op komst was. Iedere verplaatsing die met het vliegtuig werd gemaakt was voor hem een verschrikking. En dat waren er nogal wat. Bergkamp voetbalde voor Ajax, Inter en elf seizoenen bij Arsenal. Hij kwam 79 keer voor het Nederlands elftal uit. Als het kon, pakte hij de auto. Over voetballers met vliegangst hoor je tegenwoordig nauwelijks nog iets. Vroeger was dat anders. Bij Club Brugge namen twee spelers in april 1978 de trein toen er voor de halve finales van de Europacup voor Landskampioenen op Juventus moest gespeeld worden. Dat waren Paul Courant en Edi Krieger. Ze stapten twee dagen voor de wedstrijd de nachttrein op en waren 24 uur onderweg. Dat bleek hun prestaties niet te remmen. Club speelde een voortreffelijke wedstrijd in Turijn, waar het met 1-0 verloor. Na de match stapten Courant en Krieger opnieuw de trein op, ze kwamen een dag na hun ploegmaats weer in Brugge aan. Niemand die daar moeilijk over deed. Ook Ernst Happel niet, de veeleisende trainer. Veertien dagen later gooide Club het ongenaakbaar gewaande Juventus uit de Europacup. Club speelde tot verbijstering van de Italianen met vier aanvallers en won met 2-0. Het reisde dan naar Londen en speelde op Wembley de finale van Europacup 1. Gelukkig voor Courant en Krieger werd de verplaatsing per boot gemaakt. Later overwon Paul Courant zijn vliegangst snel. Als spelersmakelaar reisde hij verschillende keren naar Zuid-Amerika en Zuid-Afrika. Als manager van KV Mechelen en Anderlecht maakte vliegen voordien al deel uit van zijn leven. En Edi Krieger? De Oostenrijker leeft in de anonimiteit van Wenen. Dat past bij hem. Ongewoon was ook al de manier geweest waarop hij in 1975 bij Club arriveerde. Nadat blauw-zwart in de voorbereiding op het seizoen een vriendschappelijke wedstrijd op Rapid Wien met 7-1 verloor, eiste Happel versterking. Eén dag later arriveerde Edi Krieger. Niemand die hem kende. Dat zou snel veranderen. Bij Krieger lag de sleutel van de gouden Brugse periode.