De afspraak is aan de Porta San Giacomo, aan de ingang van het hoge stadsgedeelte Città Alta, dat met zijn toren en klokken het meer industriële noorden van Italië overstemt, met de Alpen als schilderachtige achtergrond. Timothy Castagne is daar na een wandeling van ongeveer twintig minuten. Met zijn kleine bril op de neus en sobere look doet de 23-jarige flankspeler van Atalanta Bergamo meer denken aan een Erasmusstudent dan aan een gevestigde waarde in de Serie A.
...

De afspraak is aan de Porta San Giacomo, aan de ingang van het hoge stadsgedeelte Città Alta, dat met zijn toren en klokken het meer industriële noorden van Italië overstemt, met de Alpen als schilderachtige achtergrond. Timothy Castagne is daar na een wandeling van ongeveer twintig minuten. Met zijn kleine bril op de neus en sobere look doet de 23-jarige flankspeler van Atalanta Bergamo meer denken aan een Erasmusstudent dan aan een gevestigde waarde in de Serie A.Nochtans stijgt de notering van de Ardennees sinds het begin van dit jaar enkel maar. Na te hebben geposeerd aan de muren, die herinneren aan de Venetiaanse overheersing van de oude middeleeuwse stad, zetten we ons op een terras voor een koffie. De rust heerst duidelijk in dit gedeelte van Lombardije, waar iets meer dan 100.000 zielen leven. Voor Castagne is het de ideale plek als eerste buitenlandse bestemming. Zijn vader woont in Como, op ongeveer een uurtje van Bergamo, en werkt in Zwitserland. 'Hij zat daar al, nog voor ik bij Bergamo kwam', opent Castagne. 'Hij komt bijna elke wedstrijd kijken. Behalve toen ik verschillende keren op de bank zat. Dat enerveerde hem te veel.' Sinds zijn doorbraak begin 2019 in de Serie A, merkte ook de uit Aarlen afkomstige Rode Duivel al dat herkenning tot privileges kan leiden. 'Vandaag herkennen de mensen me direct in de stad. Ze zijn heel vriendelijk, omdat we geregeld winnen. Zo krijg je een voorkeursbehandeling. Op een avond wilde ik met mijn papa in het hoge stadsgedeelte parkeren om ergens iets te gaan eten. Bij de ingang van een van de weinige parkings vertelde de verantwoordelijke bij het zien van mijn vader meteen dat alles volzet was. Maar nadat hij mij herkende, zei hij ons dat hij een plaatsje zou zoeken. De sleutels van de wagen zou hij op het einde van de avond wel afgeven in ons restaurant. Wanneer je een topduel wint, dan gebeurt het dat je de rekening niet hoeft te betalen. En als de zaak vol is, en je toch binnenvalt met een groep van tien, dan zal de patron altijd een oplossing vinden.' Na twee seizoenen bij Atalanta Bergamo mogen we spreken van een ideale transfer. Timothy Castagne: 'Zeker dit jaar, waarin we prachtig voetbal brengen. We hoopten op een zesde of zevende plaats om zo de Europa League te halen, zoals vorig seizoen. We hebben alle verwachtingen overtroffen. Onlangs op Juventus ontvingen we van het hele stadion applaus. De supporters erkennen dat wij het mooiste voetbal spelen, met een hoge pressing, man tegen man. In tegenstelling tot heel wat Italiaanse clubs die de voorkeur geven aan alles achterin te blokkeren, op een catenaccio-achtige manier.' In de zomer van 2017 stond je nochtans dicht bij een overeenkomst met het Franse OGC Nice... Castagne: 'Ik had niet echt een keuze, want Atalanta bood het meeste geld.' En veel geld voor een flankverdediger uit de Belgische competitie die nog geen international was. Met zes miljoen euro werd je de op twee na duurste aankoop uit de clubgeschiedenis. Gaf dat geen grote druk? Castagne: 'Zeker in het begin, omdat ik niet meteen startte. Ik denk dat ik me toch uiteindelijk vrij snel integreerde, want in Italië blijft het bijzonder ingewikkeld om direct te slagen.' Zeker op het niveau van de fysieke voorbereiding? Castagne: 'We hadden een oefenkamp in de bergen en de eerste dagen was ik kapot. Maar gelukkig kwam ik fysiek gezien aan met een goede bagage. Ik hield vol, zoals de rest van het team. Dat zie je nu ook, want op het einde van elk duel zijn we conditioneel sterk terwijl andere ploegen afhaken. Ik denk dat wij met onze coach Gian Piero Gasperini nog meer op dat aspect werken dan de rest van Italië. En tactisch is hij bijzonder sterk. Er is een groot respect voor hem na drie seizoenen bij Atalanta.' Wat is het grootste verschil tussen Genk en Atalanta? Castagne: 'Tactisch, maar ook fysiek. Wij hebben soms driemaal per week spierversterkende oefeningen voor de benen. In België kende ik dat niet.' Nochtans lijkt het er niet op dat er veel spiermassa bijkwam... Castagne: 'Omdat we enorm veel lopen. Maar ondanks dat zie ik me niet snel nog 5 tot 6 kilogram aankomen. Ik zou daar niets mee winnen. Mijn grootste kwaliteit ligt in het draafwerk. Er zijn posities waar je echt sterk moet zijn. Maar in mijn rol, en zeker in een 3-5-2-veldbezetting of bij de Belgische nationale ploeg waar je op de flank constant voor diepgang moet zorgen, is dat niet nuttig. Ik zou het risico lopen om mijn fysieke rendement te verliezen.' Vooral je loopwerk aan een hoge intensiteit is behoorlijk indrukwekkend. Castagne: 'Mijn sterke punt is de aanvallende sprint om vervolgens weer terug te keren en defensief één-tegen-één te staan, waarna ik nog altijd voldoende jus in de benen heb.' Hield je vroeger eigenlijk al van lopen? Castagne: 'Nee, totaal niet. Zonder bal lopen, maakte me nerveus. Mijn vader was altijd dol op lopen en fietsen. Toen ik klein was, ging ik met hem lopen op zondag na de wedstrijden. Regelmatig gingen we met de fiets naar familie-etentjes, ook al waren we dan soms twee uur en een half onderweg.' Je groeide op in Aarlen? Castagne: 'Ik ging daar naar school, maar ik woonde in Chatillon, een plaatsje tussen Aarlen en Virton. In die tijd was ik geen veelbelovend talent. Dat begon pas toen ik naar Standard vertrok, waar ik op internaat de studierichting voetbal volgde. Na een jaartje zat ik al in Genk. Ik trok er helemaal alleen naartoe, als een volwassene.' Hoe kwam dat? Castagne: 'Destijds hielp iemand me in mijn carrière. Geen makelaar, want ik had nog geen contract. Hij stelde me gewoon voor om te gaan testen bij Genk. Een busje van de club kwam me ophalen aan het internaat en op 15-jarige leeftijd zat ik tegenover de jeugddirecteur van die tijd. Ik bleef er uiteindelijk een week en na die testen oordeelde de club dat ik technisch nog niet voldoende onderlegd was. Toch kreeg ik mijn kans. Mocht ik op het einde van dat seizoen niet voldoende vooruitgang hebben geboekt, dan zou ik gewoon terugkeren naar Virton. Na drie maanden met Dimitri de Condé als coach werd ik aanvoerder. Ik had me dus wel degelijk snel aangepast, in die tijd nog als nummer 6. Ik liep overal, recupereerde veel ballen en speelde nadien heel eenvoudig. De Condé hield erg van de soberheid in mijn spel.' Hoe wordt een jonge speler met technische beperkingen, die nog geen Nederlands machtig is, dan de kapitein van een jeugdploeg bij KRC Genk? Castagne: 'Ik had een goede mentaliteit en slaagde er vrij snel in om mijn achterstand in te halen. De sterkte om mij snel aan te passen had ik al toen ik klein was. Ik heb nooit schrik gehad om het duel aan te gaan. Zelfs al wist ik dat een schouder-tegen-schouder met Romelu Lukaku niet gemakkelijk zou worden. Maar ik begreep snel dat ik zoiets moest aangaan, door bits te zijn, op de Luxemburgse manier. Die reputatie hebben we. In de jeugd leerden ze ons om nooit te lossen. Er werd veel gefocust op het fysieke gevecht, ook al had ik het geluk een coach te hebben die Barça verafgoodde. Zonder hem hadden ze mij bij Genk waarschijnlijk gezegd dat ik te ver achter lag.' Was het technisch niveau tussen Virton en Genk dan zo groot? Castagne: 'Bij Genk hadden we een keer per week een training met buitenkant voet, de bal drijven. Tijdens mijn testweek verzonk ik. De coach probeerde me te helpen, maar mijn tekortkomingen waren evident. Ik leerde enorm veel bij dankzij die trainingen, ook al had ik in die eerste twee tot drie maanden schrik bij die technische sessie.' Wat onthield je van je opleiding tot profvoetballer? Castagne: 'We beoefenen een van de mooiste beroepen ter wereld. Ook al brengt die veel beperkingen met zich mee. Ik ging nooit uit en elke avond kwam ik om tien uur thuis. Ik zag niemand. Dan ben je vaak alleen. Mijn vrienden zijn voornamelijk de jongeren van het internaat, met wie ik samen zat bij Standard.' De eenvoud die je toont, blijft toch iets atypisch in het voetbal. Castagne: 'Het klopt dat ik anders ben ten opzichte van een heleboel andere spelers. Ik heb geen kleerkast met heel dure dingen en kies ervoor om een appartement te kopen en mijn geld te beleggen. Maar ieder doet wat hij wil. Ik zal nooit oordelen over iemand anders.' Jouw roots, parcours, persoonlijkheid en positie op het veld doen onvermijdelijk denken aan Thomas Meunier. Castagne: 'We zijn nochtans niet helemaal hetzelfde: hij kreeg een opleiding als aanvaller, ik als verdediger. Offensief zal hij dus veel preciezer zijn en meer scoren, terwijl ik defensiever ben en in mijn positiespel ondertussen wat ervaring heb. Ik begrijp dus de verwachtingen, want ik werd ook al centraal in de verdediging geposteerd. Maar het flatteert me dat ik met hem word vergeleken. Ik herinner me mijn eerste competitieduel met Genk nog goed. We speelden tegen Club Brugge en na de wedstrijd kwam Thomas meteen naar mij om van truitje te wisselen. Hij wist dat we uit dezelfde regio kwamen. Wat hij niet wist, was dat ik voor hem ging supporteren in de periode dat hij uitkwam voor Virton.' Sinds het begin van dit jaar lijkt het er sterk op dat je een andere dimensie bereikte? Castagne: 'En nochtans veranderde er niets, behalve het feit dat ik mijn hand brak. Aangezien ze hier heel bijgelovig zijn, vroegen ze mij herhaaldelijk de spalk en het verband niet weg te doen. Want het bracht ons geluk.' ( lacht) Vandaag maakt de Italiaanse pers melding van je vertrek komende zomer. Hoe realistisch is die optie? Castagne: 'Dat hangt af van heel wat factoren, zoals onze eventuele plaatsing voor de Champions League ( het interview werd afgenomen voor de laatste seizoenswedstrijd, nvdr). Maar ook of de coach blijft. Ik zou graag eens een heel seizoen op rechts spelen, en minder vanaf links.' Er is sprake van interesse van Napoli. Een club en een stad van een heel andere orde. Ben je klaar voor zo'n uitdaging? Castagne: 'Het is duidelijk dat Napoli iets helemaal anders is. Sinds een aantal jaren zijn ze de op één na beste club van Italië, elk jaar komen ze uit in de Champions League. We zullen wel zien.' De Italiaanse media spreken over een transfersom van meer dan 25 miljoen euro. Als je dat leest, zeg je dan eens tegen jezelf dat het toch wel erg snel gaat? Castagne: 'Ja, natuurlijk. Het kan snel gaan in het voetbal. In december dacht ik nog na over een vertrek - ik had dertien wedstrijden niet gespeeld - en er was sprake van een transfersom van 10 miljoen euro. Maar de club wilde er blijkbaar 15 ontvangen, wat onmogelijk te betalen bleek. En nadat ik twee matchen meedeed in december en alles speelde in januari, veranderde de mening.' Op termijn blijft je ambitie wel nog altijd de Premier League? Castagne: 'Ja. Omdat er daar veel directer voetbal wordt gespeeld, met meer ruimte. Ik ben niet bang voor die fysieke strijd; ik speelde altijd tegen meer robuuste tegenstanders. En op een hele match weet ik dat mijn rechtstreekse tegenstrever het altijd moeilijk zal hebben om me te kunnen bijhouden.' De sombere kant van het Italiaanse voetbal blijft dat in de tribunes nog altijd racistische gebaren en acties plaatsvinden. Heb jij zoiets al van dichtbij meegemaakt? Castagne: 'Nee, niet echt. Maar ik herinner me wel dat MichyBatshuayi zich beledigd voelde door onze supporters toen hij vorig jaar met Borussia Dortmund tegen ons speelde in de Europa League. Ik begrijp die uitingen nooit; in elke ploeg spelen wel jongens met een kleurtje. In Genk hoorde ik ook wel eens: ' Et les Wallons, c'est du caca. ' Dat is gewoon compleet debiel.'