Weinig verrassend is het dat Juventus het afgelopen kalenderjaar in de Serie A de meeste punten behaalde (101), voor Napoli (87) en de Milanese clubs (elk 70), terwijl Bologna (28) er het minste verzamelde. Daarmee evenaart Juve de prestatie van stadsrivaal Torino van 70 jaar geleden. In 1948 behaalde het Grande Torino, omgerekend naar de puntentelling van vandaag, ook 101 punten. Juventus maakte het afgelopen jaar ook de meeste goals (76) van alle eersteklassers, maar dit seizoen moet het qua doelpuntenproductie Atalanta, nochtans slechts achtste in de rangschikking, laten voorgaan. De ploeg uit Bergamo trof al 39 keer raak, Juventus één keer minder, gevolgd door Napoli dat 37 keer scoorde in 19 matchen. De Oude Dame incasseerde wel de minste tegengoals (11).

Dit seizoen behaalden de bianconeri 53 punten op een maximum van 57. Een heenronde zonder nederlaag, met slechts twee gelijke spelen. Daardoor heeft het al 21 punten meer dan de nummer vier, Lazio (32). Napoli (44) en Inter (39) bengelen daar tussen.

Het vaakst schoot Napoli op doel: 352 keer, tegenover 349 voor Juve en 339 voor Milan. Maar qua individuele prestaties voldeed Cristiano Ronaldo aan alle verwachtingen. Hij is met 14 goals topschutter, voor de verrassende 23-jarige Pool van Genoa, Krzysztof Piatek (13). De koning van de assists is Milans Spaanse spits Jesus Suso (7). De meeste schoten op doel verstuurde CR7: liefst 125. Opmerkelijk is de grote afstand tot de nummers twee, Napoli's Lorenzo Insigne, Genoa's Piatek en Fiorentina's Federico Chiesa die elk 77 keer naar doel trapten. Chiesa is dan weer de man met de meeste geslaagde dribbels (45 in 19 matchen).

De meeste ballen recupereerde de pas 21-jarige verdediger Nicolo Barella van Cagliari, die in oktober debuteerde in de nationale ploeg van bondscoach Roberto Mancini, daar in een paar maanden vaste waarde werd en gegeerd is door alle Italiaanse topclubs. Barella recupereerde 149 ballen, gevolgd door Napoli's Allan (146).

De meeste passes kwamen aan bij - u raadt het nooit - Juventus: 86,8%, gevolgd door Napoli (86,7%) en Inter (86,3%). Kortom: tevens de top drie in de rangschikking, in die volgorde.

Het meeste balbezit had verrassend Inter (58,9%), voor Juventus (57,6%), Napoli (57,3%), Atalanta (57%), Sassuolo (55,4%) en AS Roma (55,2%).

Naar de grote Cristiano Ronaldoshow komt ook steeds meer volk kijken. Na de heenronde bedroeg het gemiddeld aantal toeschouwers in de Serie A 25.396. Dat is veel meer dan het gemiddelde van vorig seizoen, dat met 24.767 kijkers per match over het hele seizoen al een stuk hoger lag dan de jaren tevoren. Twee jaar geleden lokte een Serie-A-wedstrijd amper 22.164 kijkers.

Weinig verrassend is het dat Juventus het afgelopen kalenderjaar in de Serie A de meeste punten behaalde (101), voor Napoli (87) en de Milanese clubs (elk 70), terwijl Bologna (28) er het minste verzamelde. Daarmee evenaart Juve de prestatie van stadsrivaal Torino van 70 jaar geleden. In 1948 behaalde het Grande Torino, omgerekend naar de puntentelling van vandaag, ook 101 punten. Juventus maakte het afgelopen jaar ook de meeste goals (76) van alle eersteklassers, maar dit seizoen moet het qua doelpuntenproductie Atalanta, nochtans slechts achtste in de rangschikking, laten voorgaan. De ploeg uit Bergamo trof al 39 keer raak, Juventus één keer minder, gevolgd door Napoli dat 37 keer scoorde in 19 matchen. De Oude Dame incasseerde wel de minste tegengoals (11). Dit seizoen behaalden de bianconeri 53 punten op een maximum van 57. Een heenronde zonder nederlaag, met slechts twee gelijke spelen. Daardoor heeft het al 21 punten meer dan de nummer vier, Lazio (32). Napoli (44) en Inter (39) bengelen daar tussen. Het vaakst schoot Napoli op doel: 352 keer, tegenover 349 voor Juve en 339 voor Milan. Maar qua individuele prestaties voldeed Cristiano Ronaldo aan alle verwachtingen. Hij is met 14 goals topschutter, voor de verrassende 23-jarige Pool van Genoa, Krzysztof Piatek (13). De koning van de assists is Milans Spaanse spits Jesus Suso (7). De meeste schoten op doel verstuurde CR7: liefst 125. Opmerkelijk is de grote afstand tot de nummers twee, Napoli's Lorenzo Insigne, Genoa's Piatek en Fiorentina's Federico Chiesa die elk 77 keer naar doel trapten. Chiesa is dan weer de man met de meeste geslaagde dribbels (45 in 19 matchen). De meeste ballen recupereerde de pas 21-jarige verdediger Nicolo Barella van Cagliari, die in oktober debuteerde in de nationale ploeg van bondscoach Roberto Mancini, daar in een paar maanden vaste waarde werd en gegeerd is door alle Italiaanse topclubs. Barella recupereerde 149 ballen, gevolgd door Napoli's Allan (146). De meeste passes kwamen aan bij - u raadt het nooit - Juventus: 86,8%, gevolgd door Napoli (86,7%) en Inter (86,3%). Kortom: tevens de top drie in de rangschikking, in die volgorde. Het meeste balbezit had verrassend Inter (58,9%), voor Juventus (57,6%), Napoli (57,3%), Atalanta (57%), Sassuolo (55,4%) en AS Roma (55,2%). Naar de grote Cristiano Ronaldoshow komt ook steeds meer volk kijken. Na de heenronde bedroeg het gemiddeld aantal toeschouwers in de Serie A 25.396. Dat is veel meer dan het gemiddelde van vorig seizoen, dat met 24.767 kijkers per match over het hele seizoen al een stuk hoger lag dan de jaren tevoren. Twee jaar geleden lokte een Serie-A-wedstrijd amper 22.164 kijkers.