Dit interview verscheen in Sport/Voetbalmagazine van 2 december 2020.
...

Een trip naar het Europees kampioenschap voor beloften, midden volgend jaar in Slovenië en Hongarije, zit er niet in voor Orel Mangala. De Jonge Duivels van Jacky Mathijssen faalden jammerlijk om zich te plaatsen voor de groepsfase. Een klein drama voor heel wat spelers, maar voor Mangala is het slechts één eindfase minder. In 2015 speelde hij al de halve finales op het EK en het WK voor U17 in Bulgarije en Chili, en anderhalf jaar geleden haalde Mangala met de U21 van Johan Walem de groepsfase van het EK voor beloften in Italië. Het leven van Orel Mangala danst al lang op het ritme van systematische selecties voor de nationale jeugdploegen, daar waar de toekomst van het Belgische voetbal zich bevindt. Of in ieder geval toch zijn meest ontwikkelde, meest flitsende exponenten. Orel Mangala heeft daar altijd bij gehoord, maar kijkt vandaag vooral naar het heden. Na twee volledige seizoenen in de Duitse tweede klasse ontpopte hij zich dit seizoen bij VfB Stuttgart tot een onbetwistbare titularis in de Bundesliga. Er zijn maar heel weinig jongens die op hun 22e bijna honderd profmatchen op de teller hebben. Sta je voor op je carrièreplan? Orel Mangala: 'Dat zou je kunnen zeggen. Als je me enkele jaren geleden, toen ik nog bij Anderlecht speelde, had gezegd dat ik mijn eerste professionele stappen meteen in de Bundesliga zou zetten, dan zou ik je niet geloofd hebben.' Je bent op je achttiende weggegaan uit België. Velen beklagen zich achteraf zo'n vroeg vertrek naar het buitenland. Mangala: 'Ik zeg altijd dat ik hier in Duitsland een man geworden ben. Van nature ben ik vrij rustig, maar hier in Duitsland ben ik ook bedachtzamer geworden. Voor mijn moeder was mijn vertrek heel moeilijk, maar mijn vader moedigde me aan om de sprong te wagen. Voor mij was het uiteraard ook niet gemakkelijk. Ik sprak geen Duits, en ik wist eigenlijk niet dat mijn Engels zo goed was.' ( lacht) Wanneer is je vertrek bij Anderlecht concreet geworden? Mangala: 'Na de Wereldbeker voor de U17. Toen begonnen de gesprekken tussen Anderlecht en enkele Duitse ploegen. Ik kwam uit een goed seizoen bij de U21, met een halve finale in de Youth League, en ik realiseerde me dat ik geen zin had om nog twee of drie jaar ter plaatse te trappelen. Voor mij was trainen bij een professionele kern het minimum, en Anderlecht stelde me dat niet voor. Destijds zaten er nogal wat jongeren in de A-kern, en dan vooral op mijn positie met Leander ( Dendoncker, nvdr), Youri ( Tielemans, nvdr), zelfs Dennis ( Praet, nvdr) nog. Ook al wilde ik heel graag spelen voor de club van mijn hart, ik wou niet de derde of de vierde optie zijn. En gezien René Weiler niet zo bezig was met hetgeen zich lager afspeelde, besloot ik om mijn kans te wagen in Duitsland.'Nadat je een seizoen werd uitgeleend aan de U19 van Dortmund, ging je voor 2,5 miljoen euro naar Stuttgart. Daar speelde je een seizoen in de Bundesliga, waarna je een seizoen werd uitgeleend aan Hamburg, in de tweede divisie. Een potige competitie waar je de lijnen moest uitzetten in een ploeg die speelde voor de titel. Geen kleine uitdaging voor een negentienjarige. Mangala: 'Elke match was een gevecht. Daar heb ik leren pressing spelen, leren spelen om elke match te winnen. We gingen voor de promotie. Alleen winnen telde, op welke manier dan ook.' Ontbrak het de Jonge Duivels de afgelopen maanden aan dat soort sluwheid? Mangala: 'Mogelijk. Er zaten maar weinig spelers in de groep die de ervaring hadden om elk weekend voor winst te spelen. Je merkt dat soort dingen pas als je op achterstand komt en moet vechten om gelijk te komen. Bij nogal wat jongens is de match dan in hun hoofd al gespeeld. Als je daar niet op voorbereid bent, is het niet zo eenvoudig om terug te komen tegen teams als Moldavië of Bosnië. Op zulke momenten gaat het meer over karakter dan over talent.' De 3-2-nederlaag in Bosnië op 17 november en de uitschakeling voor het EK voor beloften zijn het einde van een avontuur. Mangala: 'Vanaf nu zullen er geen systematische internationale intermezzo's meer zijn. Sinds acht jaar leef ik met dat ritme van regelmatige bijeenkomsten met dezelfde generatie. We waren een bende vrienden. En voor mij was het ook een mooie gelegenheid om terug te keren naar België.' ( lacht) We kunnen ons voorstellen dat de terugvlucht uit Bosnië geen feest was. Mangala: 'We waren in ieder geval niet trots. We droomden ervan om dit avontuur samen mee te maken. Na dat soort nederlagen valt er niet veel te zeggen. We waren allemaal terneergeslagen, iedereen wenste elkaar veel geluk bij de club. Natuurlijk hoopt iedereen dat we elkaar op een dag terugzien op het hoogste niveau, maar we beseffen dat dat niet voor ons allemaal weggelegd is.' Hoeveel jongens uit jouw generatie zullen uiteindelijk een selectie bij de Rode Duivels kunnen afdwingen? Mangala: 'Er zijn wel enkele namen die eruit springen. Charles De Ketelaere, die vind ik wel goed. Trésor en Albert ook. Er zijn spelers die het potentieel hebben om te slagen en spelers die erin slagen om dat potentieel zo goed mogelijk te benutten. Dat is niet altijd hetzelfde.' Een maand voor de nederlaag in Bosnië verloren jullie met 1-0 tegen Moldavië. Zinho Vanheusden en Alexis Saelemaekers werden tijdens de rust verrassend gewisseld, op vraag van hun respectievelijke clubs. Vond de groep dat moeilijk te begrijpen? Mangala: 'We waren daar op voorhand van op de hoogte gebracht, maar je hoopt natuurlijk dat de nationale ploeg voor alles komt. Als je de reactie van Alexis ziet, weet je dat het geen kwestie van motivatie was, zoals kwatongen soms beweren. Ik kan je vertellen dat Alexis en Zinho bijzonder opgewonden waren omdat ze gedwongen werden om in de kleedkamer te blijven op een moment dat we een resultaat moesten halen. Als we die avond gewonnen hadden, waren we gekwalificeerd voor het EK. Maar ja, dat is blijkbaar ook het professioneel voetbal. Zelf heb ik in Duitsland in ieder geval geen instructies gekregen.' Toen Jacky Mathijssen de beloftenploeg overnam, installeerde hij er hetzelfde systeem als Roberto Martínez. Met Orel Mangala in de rol van Axel Witsel. Marc Wilmots heeft Witsel destijds moeten overtuigen om die rol van verdedigende middenvelder op te nemen, waardoor hij minder kon uitbreken. Hoe is die overgang voor jou verlopen? Mangala: 'De coach gaf me een zeer gedetailleerde uitleg over hoe die positie geschikt kon zijn voor mij. In een individueel gesprek hebben we enkele matchen van de Rode Duivels geanalyseerd, om te zien hoe Witsel en Tielemans op die positie speelden. Dat hielp me om exact te begrijpen wat de coach van mij verwachtte. Natuurlijk schuif ik graag op en zet ik graag druk, maar als de coach me opdraagt om op de zes te spelen, dan doe ik dat met plezier.' Enkele maanden geleden liet Martínez jouw naam al vallen op een persconferentie. Intussen werd je titularis in de Bundesliga. Ben jij na Saelemaekers, Bornauw, Vanheusden en Delcroix de volgende om door te schuiven naar de Rode Duivels? Mangala: 'Ik ben daar klaar voor. Ik ben bereid om de druk te accepteren die erbij hoort. Ik heb de indruk dat ik voldoende ervaring heb om die volgende stappen te zetten. Ik wil de anekdotes van een Jan Vertonghen horen, ik wil Axel Witsel 'in het echt' zien spelen. In 2014 stond ik voor die reuzenschermen op de Heizel, ik heb alle wedstrijden van dat team gezien. Daar deel van uitmaken, dat zou gewoon geweldig zijn.' Ben je nooit bang om tegen de muur te knallen? Om van het sprookje een kleine nachtmerrie te maken, zoals het moeilijke debuut van Sebastiaan Bornauw bij de Duivels? Mangala: 'Spelen voor België, het land waar ik ben opgegroeid, zal een bron van trots zijn, niet van druk. Wat Sebastiaan is overkomen, kan iedereen overkomen. Ik ben van nature echter optimistisch, ik denk nooit na over wat er mis kan gaan. Voor mij is toetreden tot deze groep slechts de volgende logische stap.' Heb je er geen spijt van dat je niet dezelfde media exposure hebt als Charles De Ketelaere en Albert Sambi Lokonga, die het voordeel hebben dat ze doorgebroken zijn in België? Mangala: 'Het is altijd goed om erkend te worden in eigen land. Ik zou ook geen nee zeggen tegen wat meer goede reclame, maar ik heb geen problemen met hoe het nu is. Het is een keuze. In Duitsland werk ik stap voor stap aan mijn carrière, ik ben zeker dat dat ook in België weleens opgemerkt zal worden. Dat gezegd zijnde, zou ik het uiteraard leuk vinden om ooit samen met Albert op het middenveld te staan, maar misschien bij een andere club dan Anderlecht. Wie weet?'