Mijn favoriete boek is 'A Confederacy of Dunces' van de Amerikaanse schrijver John Kennedy Toole. Het verscheen in 1980, elf jaar na de zelfmoord van de auteur. Alleen de hardnekkigheid van Tooles moeder, die met het manuscript bleef leuren bij uitgeverijen, zorgde ervoor dat het meesterwerk uiteindelijk in de boekhandel belandde. Het verhaal draait rond Ignatius J. Reilly, een papperige, egoïstische, vreselijk ouderwetse, betweterige jongeman, die zich een Don Quixote voelt, maar in werkelijkheid alleen met zichzelf worstelt. En met zijn moeder, want hij woont nog thuis. Twaalf stielen, dertien ongelukken, dat type. Zijn arrogantie wordt alleen maar overtroffen door zijn domheid en naïviteit, waardoor hij - voor de lezer - onweerstaanbaar wordt. Onweerstaanbaar grappig, vooral.

'Een samenzwering van idioten', zo luidt de Nederlandstalige titel van 'A Confederacy of Dunces'.

Wat ons naadloos bij het hedendaagse voetbal brengt (en ik probeer te vermijden dat ik als Ignatius J. Reilly klink, onverdroten kritische zinnen tikkend in mijn eenzaam bureautje, maar lach me gerust uit!). Wie van voetbal houdt en ook nog eens geregeld op een tribune plaatsneemt, moet zich tegenwoordig als Reilly voelen: verweesd, verdwaasd, omringd door al even naïeve lotgenoten. Af en toe mort er iemand, over de idioten in het voetbal, die van een sport louter business hebben gemaakt. Maar wie is er eigenlijk de idioot: de makelaar die veel geld verdient aan een transfer, de speler die veel meer gaat verdienen dan bij zijn vorige club-waar-hij-nooit-meer-zou-vertrekken, de voorzitter die kan uitpakken met een grote naam of de supporter die iedere zomer keurig zijn steeds duurder wordende abonnement betaalt?

Ik zal het zeggen: ú bent de idioot. En ik. En ja, het lijkt wel een samenzwering.

Nee, maar!

Over voetbal en transfers: een samenzwering van idioten

Neymar da Silva Santos Júnior, 25 jaar jong, geniet nu al vier volle weken van de status van duurste voetballer aller tijden. Tweehonderd tweeëntwintig miljoen euro heeft hij gekost, de afkoopsom die in zijn contract stond. 222. Een allitererend getal, dat oogt mooi in een schreeuwerige titel. De centen komen uit de zak van de emir van Qatar, sjeik Tamim bin Hamad al-Thani, sinds 2011 via het vehikel Qatar Sports Investments eigenaar van Paris Saint-Germain. Hamad is voorzitter van het Qatarees Olympisch Comité, lid van het IOC, grote man achter de schermen van het WK 2022 - u weet wel, dat wereldkampioenschap dat iets mocht kosten aan steekpenningen. Geraamde infrastructuurkosten in een land zonder voetbaltraditie: 100 miljard euro. Dan is 222 miljoen een habbekrats.

PSG slaagde er op de laatste dag van de transferperiode ook nog in om de jonge Fransman Kylian Mbappé over te nemen van de Franse landskampioen AS Monaco, die club zonder supporters. Mbappé is een groot talent, maar 180 miljoen euro voor een 18-jarige die mogelijk 'de nieuwe Thierry Henry' kan worden, is behoorlijk veel geld. Onbehoorlijk zelfs. Alleen wordt die Mbappé een jaartje gehuurd, met (verplichte) aankoopoptie, waardoor PSG probeert te voldoen aan de eis om break-even te draaien. Financial Fair Play? Financial Mbappé!

Kylian Mbappé, BELGAIMAGE
Kylian Mbappé © BELGAIMAGE

Om de torenhoge salariskosten toch enigszins te drukken verkocht PSG op de valreep Serge Aurier - Ivoriaans international en de derde rechtsback in de selectie - aan Tottenham en verhuurde het de Poolse verdediger Grzegorz Krychowiak aan de Engelse lage middenmoter West Bromwich Albion. Vorig jaar werd die Krychowiak nog voor een slordige veertig miljoen euro binnengehaald, maar in Parijs kon hij geen deuk in een pakje boter trappen. Vergissinkje. Voor een normale voetbalclub de financiële doodsteek, voor de emir zakgeld. Jammer, maar helaas. (Ik voeg er nog even aan toe dat Qatar een stevige sponsor is van het islamisme, wat in tijden van moslimterreur tot enig wenkbrauwengefrons zou mogen leiden. Bedenk dan dat Parijs op 13 november 2015 in het hart getroffen werd en het wordt plots wel heel erg wrang.)

1.500.000.000 (and counting)

Met Krychowiak zijn we in de Engelse Premier League gearriveerd. Nog altijd de rijkste competitie ter wereld, waar de club die in mei twintigste en laatste zal eindigen bijna dubbel zoveel tv-geld zal opstrijken als alle Belgische clubs samen. Dan hoeft het niet te verwonderen dat een promovendus als Brighton & Hove Albion rond de vijftien miljoen kan neertellen voor José Izquierdo, de Colombiaanse Gouden Schoen van Club Brugge.

Meer dan 1,5 miljard euro gaven de 20 Premier League-clubs samen uit deze zomer. Vorig jaar bedroeg dat nog 1,27 miljard. In 2012 500 miljoen. In 2003 228 miljoen

Meer dan anderhalf miljard euro gaven de twintig Premier League-clubs samen uit deze zomer. Dat is voor de zesde opeenvolgende keer een record. Vorig jaar bedroeg de totaalsom nog 1,27 miljard. Er is een 'Neymartje' bijgekomen, laten we zeggen. In de laatste vierentwintig uur werd er 228 miljoen euro gespendeerd in Engeland, ook dat is - wat dacht u - een record. En dan gingen sommige deals nog niet eens door. In de Premier League werd deze zomer dubbel zoveel uitgegeven als in de Serie A en ongeveer drie keer zoveel als in de Bundesliga en La Liga.

Ter vergelijking: in 2012 werd er 500 miljoen euro uitgegeven op de transfermarkt. In vijf jaar tijd is het plafond dus drie keer hoger geworden. Gaan we veertien jaar terug in de tijd, dan spreken we over meer dan een verzevenvoudiging (toen: 228 miljoen), met dank aan de BBC-website om dit netjes op te lijsten. Duizend verple(e)g(st)ers kosten de Britse belastingbetaler jaarlijks 25 miljoen euro, wist die redactie er subtiel aan toe te voegen. 't Is maar waar je als samenleving belang aan hecht.

The sky is the limit. Geen goedkope woordspeling in dit geval, want betaalzender Sky staat borg voor het overgrote deel van het Engelse tv-contract. Vraag is of de zenders dat bedrag van meer dan zeven miljard euro (meer dan elf miljard als je er de internationale markt bijtelt) bij afloop van het huidige contract, in 2019, opnieuw zullen willen en kunnen ophoesten. Ooit moet de boel imploderen.

Inflatie

Arabisch geld rolt het snelst

238 miljoen euro gaf PSG deze zomer uit aan slechts twee transfers (netto-uitgaven na aftrek van de uitgaande transfers: 176 miljoen). Manchester City deed nog 'beter': 244,3 miljoen, maar dan wel voor zeven spelers (netto: 150,8 miljoen). Zij zijn nu onbetwist de grootste 'big spenders' uit de sportgeschiedenis. Proficiat! Het geld komt uit respectievelijk Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten. Arabisch geld rolt het snelst.

In de top tien van clubs die het meest spendeerden tijdens één transferperiode komt Manchester City drie keer voor, stadsgenoot United twee keer. Zes keer staat er 'zomer 2017' achter de naam van een club, vijf keer zelfs in de top zes Alleen het koopgrage Real Madrid uit de zomer van 2009 - Cristiano Ronaldo! Kaká! Xabi Alonso! Karim Benzema! - weet zich daartussen te wurmen. Alle grote deals dateren van na het begin van de bankencrisis, een tijd dat heel wat mensen moeite hebben om de touwtjes aan elkaar te knopen. U mag dat gerust appelen met peren vergelijken noemen, ik noem het immoreel. Voetbal speelt zich niet af op een andere planeet, het maakt onlosmakelijk deel uit van een maatschappij.

José Izquierdo (R), Belga
José Izquierdo (R) © Belga

En dan hebben we het nog niet over de inflatie gehad. Volgens de betrouwbare site transfermarkt.com bedraagt de reële marktwaarde van Neymar 100 miljoen euro (en geen 222 miljoen). Hij kostte dus dubbel zoveel als dat hij waard is. Om hem te vervangen kocht FC Barcelona de Fransman Ousmane Dembélé bij Borussia Dortmund. Transfersom: 105 miljoen. Marktwaarde: 33 miljoen. Vorige transfersom, nauwelijks een jaar geleden: 15 miljoen. Een speler van twintig van wie de waarde op één jaar tijd verzevenvoudigd is?

Concurrentievervalsing

In een vorige bijdrage pleitte ik voor het aan banden leggen van de makelaars. Door hen een beperking op te leggen van het aantal cliënten en de totale transferwaarde die ze vertegenwoordigen. Maar hoe belet je clubeigenaren om waanzinnige sommen op tafel te leggen, als de beschikbare middelen - Financial Fair Play - ofwel niet of heel flauwtjes worden toegepast (zo'n emir lacht met een boete van zestig miljoen euro, echt waar, of met een beperking van het aantal spelers dat mag worden ingeschreven in de Champions League), ofwel handig worden omzeild (door spelers te huren mét verplichte aankoopoptie in plaats van hen onmiddellijk te kopen, bijvoorbeeld). Het afschaffen van de transfermarkt? Ach, een nobele gedachte, maar niet meer dan dat.

Wat clubs als PSG, Man. City, Monaco en Chelsea doen, heeft een naam: competitievervalsing. In de gewone bedrijfswereld heet dat concurrentievervalsing. Daar wordt normaal gezien tegen opgetreden

Wat clubs als PSG, Man. City, Monaco en Chelsea doen, heeft een naam: competitievervalsing. Wordt het niet tijd dat we het voetbal als een gewone bedrijfssector gaan bestempelen? Dan kunnen we het 'concurrentievervalsing' noemen. Dat mag niet, daar wordt streng tegen opgetreden.

Beeld u het volgende in: een schatrijke Arabier koopt een middelgrote autofabrikant op. Hij gaat bij de belangrijkste grote merken de allerbeste medewerkers wegplukken, door hen waanzinnige salarissen te betalen. Hij doet dit jaar na jaar: vindt hij dat een medewerker niet voldoende rendeert, dan wordt die brutaal geloosd en komt er een andere 'wonderboy' in de plaats. Zijn fabriek bouwt intussen de meest luxueuze wagen ooit, maar die wordt verkocht aan de prijs van een middenklasse-voertuig. Ook dat houdt hij jaar na jaar vol. Dat de boekhouding jaar na jaar rood kleurt en er geen verbetering in zicht is, vindt onze Arabische vriend niet erg. Prestige, daar draait het om, de competitie winnen, anderen op de knieën dwingen. Het tekort schiet hij jaarlijks uit eigen zak bij, de aandeelhouders ontvangen dividenden alsof het bedrijf torenhoge winsten maakt. Iedereen tevreden. Ja? Zouden de andere automerken dat aanvaarden? Zou de overkoepelende sectorvereniging dat accepteren? Zouden internationale organisaties dat zomaar laten passeren? Ik dacht het niet.

In het voetbal passeert dit wel. In het voetbal kan voorlopig nog alles. Omdat er voldoende idioten rondlopen die bereid zijn om in het systeem te blijven meedraaien: voorzitters, spelers, makelaars, bonden, journalisten, bevriende politici, supporters. Een samenzwering, net wat u zegt.

Mijn favoriete boek is 'A Confederacy of Dunces' van de Amerikaanse schrijver John Kennedy Toole. Het verscheen in 1980, elf jaar na de zelfmoord van de auteur. Alleen de hardnekkigheid van Tooles moeder, die met het manuscript bleef leuren bij uitgeverijen, zorgde ervoor dat het meesterwerk uiteindelijk in de boekhandel belandde. Het verhaal draait rond Ignatius J. Reilly, een papperige, egoïstische, vreselijk ouderwetse, betweterige jongeman, die zich een Don Quixote voelt, maar in werkelijkheid alleen met zichzelf worstelt. En met zijn moeder, want hij woont nog thuis. Twaalf stielen, dertien ongelukken, dat type. Zijn arrogantie wordt alleen maar overtroffen door zijn domheid en naïviteit, waardoor hij - voor de lezer - onweerstaanbaar wordt. Onweerstaanbaar grappig, vooral.'Een samenzwering van idioten', zo luidt de Nederlandstalige titel van 'A Confederacy of Dunces'. Wat ons naadloos bij het hedendaagse voetbal brengt (en ik probeer te vermijden dat ik als Ignatius J. Reilly klink, onverdroten kritische zinnen tikkend in mijn eenzaam bureautje, maar lach me gerust uit!). Wie van voetbal houdt en ook nog eens geregeld op een tribune plaatsneemt, moet zich tegenwoordig als Reilly voelen: verweesd, verdwaasd, omringd door al even naïeve lotgenoten. Af en toe mort er iemand, over de idioten in het voetbal, die van een sport louter business hebben gemaakt. Maar wie is er eigenlijk de idioot: de makelaar die veel geld verdient aan een transfer, de speler die veel meer gaat verdienen dan bij zijn vorige club-waar-hij-nooit-meer-zou-vertrekken, de voorzitter die kan uitpakken met een grote naam of de supporter die iedere zomer keurig zijn steeds duurder wordende abonnement betaalt? Ik zal het zeggen: ú bent de idioot. En ik. En ja, het lijkt wel een samenzwering.Neymar da Silva Santos Júnior, 25 jaar jong, geniet nu al vier volle weken van de status van duurste voetballer aller tijden. Tweehonderd tweeëntwintig miljoen euro heeft hij gekost, de afkoopsom die in zijn contract stond. 222. Een allitererend getal, dat oogt mooi in een schreeuwerige titel. De centen komen uit de zak van de emir van Qatar, sjeik Tamim bin Hamad al-Thani, sinds 2011 via het vehikel Qatar Sports Investments eigenaar van Paris Saint-Germain. Hamad is voorzitter van het Qatarees Olympisch Comité, lid van het IOC, grote man achter de schermen van het WK 2022 - u weet wel, dat wereldkampioenschap dat iets mocht kosten aan steekpenningen. Geraamde infrastructuurkosten in een land zonder voetbaltraditie: 100 miljard euro. Dan is 222 miljoen een habbekrats.PSG slaagde er op de laatste dag van de transferperiode ook nog in om de jonge Fransman Kylian Mbappé over te nemen van de Franse landskampioen AS Monaco, die club zonder supporters. Mbappé is een groot talent, maar 180 miljoen euro voor een 18-jarige die mogelijk 'de nieuwe Thierry Henry' kan worden, is behoorlijk veel geld. Onbehoorlijk zelfs. Alleen wordt die Mbappé een jaartje gehuurd, met (verplichte) aankoopoptie, waardoor PSG probeert te voldoen aan de eis om break-even te draaien. Financial Fair Play? Financial Mbappé!Om de torenhoge salariskosten toch enigszins te drukken verkocht PSG op de valreep Serge Aurier - Ivoriaans international en de derde rechtsback in de selectie - aan Tottenham en verhuurde het de Poolse verdediger Grzegorz Krychowiak aan de Engelse lage middenmoter West Bromwich Albion. Vorig jaar werd die Krychowiak nog voor een slordige veertig miljoen euro binnengehaald, maar in Parijs kon hij geen deuk in een pakje boter trappen. Vergissinkje. Voor een normale voetbalclub de financiële doodsteek, voor de emir zakgeld. Jammer, maar helaas. (Ik voeg er nog even aan toe dat Qatar een stevige sponsor is van het islamisme, wat in tijden van moslimterreur tot enig wenkbrauwengefrons zou mogen leiden. Bedenk dan dat Parijs op 13 november 2015 in het hart getroffen werd en het wordt plots wel heel erg wrang.)Met Krychowiak zijn we in de Engelse Premier League gearriveerd. Nog altijd de rijkste competitie ter wereld, waar de club die in mei twintigste en laatste zal eindigen bijna dubbel zoveel tv-geld zal opstrijken als alle Belgische clubs samen. Dan hoeft het niet te verwonderen dat een promovendus als Brighton & Hove Albion rond de vijftien miljoen kan neertellen voor José Izquierdo, de Colombiaanse Gouden Schoen van Club Brugge.Meer dan anderhalf miljard euro gaven de twintig Premier League-clubs samen uit deze zomer. Dat is voor de zesde opeenvolgende keer een record. Vorig jaar bedroeg de totaalsom nog 1,27 miljard. Er is een 'Neymartje' bijgekomen, laten we zeggen. In de laatste vierentwintig uur werd er 228 miljoen euro gespendeerd in Engeland, ook dat is - wat dacht u - een record. En dan gingen sommige deals nog niet eens door. In de Premier League werd deze zomer dubbel zoveel uitgegeven als in de Serie A en ongeveer drie keer zoveel als in de Bundesliga en La Liga.Ter vergelijking: in 2012 werd er 500 miljoen euro uitgegeven op de transfermarkt. In vijf jaar tijd is het plafond dus drie keer hoger geworden. Gaan we veertien jaar terug in de tijd, dan spreken we over meer dan een verzevenvoudiging (toen: 228 miljoen), met dank aan de BBC-website om dit netjes op te lijsten. Duizend verple(e)g(st)ers kosten de Britse belastingbetaler jaarlijks 25 miljoen euro, wist die redactie er subtiel aan toe te voegen. 't Is maar waar je als samenleving belang aan hecht. The sky is the limit. Geen goedkope woordspeling in dit geval, want betaalzender Sky staat borg voor het overgrote deel van het Engelse tv-contract. Vraag is of de zenders dat bedrag van meer dan zeven miljard euro (meer dan elf miljard als je er de internationale markt bijtelt) bij afloop van het huidige contract, in 2019, opnieuw zullen willen en kunnen ophoesten. Ooit moet de boel imploderen. 238 miljoen euro gaf PSG deze zomer uit aan slechts twee transfers (netto-uitgaven na aftrek van de uitgaande transfers: 176 miljoen). Manchester City deed nog 'beter': 244,3 miljoen, maar dan wel voor zeven spelers (netto: 150,8 miljoen). Zij zijn nu onbetwist de grootste 'big spenders' uit de sportgeschiedenis. Proficiat! Het geld komt uit respectievelijk Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten. Arabisch geld rolt het snelst.In de top tien van clubs die het meest spendeerden tijdens één transferperiode komt Manchester City drie keer voor, stadsgenoot United twee keer. Zes keer staat er 'zomer 2017' achter de naam van een club, vijf keer zelfs in de top zes Alleen het koopgrage Real Madrid uit de zomer van 2009 - Cristiano Ronaldo! Kaká! Xabi Alonso! Karim Benzema! - weet zich daartussen te wurmen. Alle grote deals dateren van na het begin van de bankencrisis, een tijd dat heel wat mensen moeite hebben om de touwtjes aan elkaar te knopen. U mag dat gerust appelen met peren vergelijken noemen, ik noem het immoreel. Voetbal speelt zich niet af op een andere planeet, het maakt onlosmakelijk deel uit van een maatschappij.En dan hebben we het nog niet over de inflatie gehad. Volgens de betrouwbare site transfermarkt.com bedraagt de reële marktwaarde van Neymar 100 miljoen euro (en geen 222 miljoen). Hij kostte dus dubbel zoveel als dat hij waard is. Om hem te vervangen kocht FC Barcelona de Fransman Ousmane Dembélé bij Borussia Dortmund. Transfersom: 105 miljoen. Marktwaarde: 33 miljoen. Vorige transfersom, nauwelijks een jaar geleden: 15 miljoen. Een speler van twintig van wie de waarde op één jaar tijd verzevenvoudigd is?In een vorige bijdrage pleitte ik voor het aan banden leggen van de makelaars. Door hen een beperking op te leggen van het aantal cliënten en de totale transferwaarde die ze vertegenwoordigen. Maar hoe belet je clubeigenaren om waanzinnige sommen op tafel te leggen, als de beschikbare middelen - Financial Fair Play - ofwel niet of heel flauwtjes worden toegepast (zo'n emir lacht met een boete van zestig miljoen euro, echt waar, of met een beperking van het aantal spelers dat mag worden ingeschreven in de Champions League), ofwel handig worden omzeild (door spelers te huren mét verplichte aankoopoptie in plaats van hen onmiddellijk te kopen, bijvoorbeeld). Het afschaffen van de transfermarkt? Ach, een nobele gedachte, maar niet meer dan dat.Wat clubs als PSG, Man. City, Monaco en Chelsea doen, heeft een naam: competitievervalsing. Wordt het niet tijd dat we het voetbal als een gewone bedrijfssector gaan bestempelen? Dan kunnen we het 'concurrentievervalsing' noemen. Dat mag niet, daar wordt streng tegen opgetreden.Beeld u het volgende in: een schatrijke Arabier koopt een middelgrote autofabrikant op. Hij gaat bij de belangrijkste grote merken de allerbeste medewerkers wegplukken, door hen waanzinnige salarissen te betalen. Hij doet dit jaar na jaar: vindt hij dat een medewerker niet voldoende rendeert, dan wordt die brutaal geloosd en komt er een andere 'wonderboy' in de plaats. Zijn fabriek bouwt intussen de meest luxueuze wagen ooit, maar die wordt verkocht aan de prijs van een middenklasse-voertuig. Ook dat houdt hij jaar na jaar vol. Dat de boekhouding jaar na jaar rood kleurt en er geen verbetering in zicht is, vindt onze Arabische vriend niet erg. Prestige, daar draait het om, de competitie winnen, anderen op de knieën dwingen. Het tekort schiet hij jaarlijks uit eigen zak bij, de aandeelhouders ontvangen dividenden alsof het bedrijf torenhoge winsten maakt. Iedereen tevreden. Ja? Zouden de andere automerken dat aanvaarden? Zou de overkoepelende sectorvereniging dat accepteren? Zouden internationale organisaties dat zomaar laten passeren? Ik dacht het niet. In het voetbal passeert dit wel. In het voetbal kan voorlopig nog alles. Omdat er voldoende idioten rondlopen die bereid zijn om in het systeem te blijven meedraaien: voorzitters, spelers, makelaars, bonden, journalisten, bevriende politici, supporters. Een samenzwering, net wat u zegt.