Mijn favoriete boek is 'A Confederacy of Dunces' van de Amerikaanse schrijver John Kennedy Toole. Het verscheen in 1980, elf jaar na de zelfmoord van de auteur. Alleen de hardnekkigheid van Tooles moeder, die met het manuscript bleef leuren bij uitgeverijen, zorgde ervoor dat het meesterwerk uiteindelijk in de boekhandel belandde. Het verhaal draait rond Ignatius J. Reilly, een papperige, egoïstische, vreselijk ouderwetse, betweterige jongeman, die zich een Don Quixote voelt, maar in werkelijkheid alleen met zichzelf worstelt. En met zijn moeder, want hij woont nog thuis. Twaalf stielen, dertien ongelukken, dat type. Zijn arrogantie wordt alleen maar overtroffen door zijn domheid en naïviteit, waardoor hij - voor de lezer - onweerstaanbaar wordt. Onweerstaanbaar grappig, vooral.
...