Controle met de linkervoet, vervolgens met de rechtervoet en om het prachtig af te ronden een omhaal die via de paal in doel belandt: in de twaalfde minuut van de finale tegen Japan zet Almoez Ali Qatar op weg naar zijn eerste continentale titel. Akram Afif zorgt nog voor een assist en scoort een strafschop op het einde van de wedstrijd. Het is 1 februari 2019 en het Arabische emiraat verslaat tot eenieders verbazing - het land is voordien nooit verder gekomen dan de kwartfinales - favoriet Japan met 3-1 en wordt Aziatisch voetbalkampioen. Het verband tussen Almoez Ali en Akram Afif, de twee helden van de avond? Allebei voetbalden ze ooit voor KAS Eupen, net als zes andere spelers van de Qatarese selectie.

Het opleidingsprogramma van de Aspire Academy begint na vijftien jaar zijn vruchten af te werpen.

Akram Afif, Almoez Ali, Abdelkarim Hassan, AssimMadibo, Salem Al-Hajri, Bassam Al-Rawi, Mohammed Al-Bakri en Yousef Hassan: maar liefst acht ex- Panda's ofte een derde van de selectie van Qatar was er begin dit jaar bij op het Aziatische landenkampioenschap in de Verenigde Arabische Emiraten. De interesse van de Oostkantonners voor Qatar is daarmee duidelijk aangetoond, ook al kregen met Akram Afif en Abdelkarim Hassan slechts twee van hen speelminuten in het eerste elftal. Ze willen de toekomst voorbereiden door een jonge generatie voetballers op te leiden. Elke transferperiode komen en gaan er wel spelers bij KAS Eupen die opgeleid zijn in de Aspire Academy in Doha.

Historische vorm

Vanaf dit weekend zijn de Qatari's met een verleden bij Eupen opnieuw present bij de 23 geselecteerden van Al-Annabi (de Wijnroden). Ditmaal niet om te strijden in het Aziatische maar wel in het Zuid-Amerikaanse landenkampioenschap. De Copa América maakt er sinds 1993 immers zijn specialiteit van om ook niet Zuid-Amerikaanse landen uit te nodigen. Na de Verenigde Staten, Costa Rica, Mexico en Jamaica is het ditmaal de beurt aan de voetballers van Qatar en Japan om hun kwaliteiten te meten met die van grootmachten als Brazilië en Argentinië. Het feit dat de Gold Cup, het voetbalkampioenschap van Noord- en Centraal-Amerika en de Caraïben, op hetzelfde moment wordt gespeeld, is daar niet vreemd aan. Een andere en nog belangrijkere reden waarom Qatar de invitatie in de bus kreeg, is uiteraard omdat het land het fel gecontesteerde en in de winter geprogrammeerde WK 2022 organiseert.

De Wijnroden zullen het in de poulefase in Brazilië opnemen tegen Colombia, Paraguay en Argentinië. Dat de ploeg in een historisch goede vorm zit, bleek vorig jaar al tijdens vriendschappelijke wedstrijden waarin ze enkele opvallende resultaten neerzetten, zoals een 4-3-overwinning in oktober tegen Ecuador, een1-0-zege in november tegen Zwitserland en een 2-2-gelijkspel tegen IJsland enkele dagen later. Die laatste match vond trouwens plaats in het Kehrwegstadion in Eupen.

Met de prestaties op het Aziatische landenkampioenschap gooide Qatar pas echt hoge ogen. Het won zijn zeven wedstrijden, waarin het in totaal negentien doelpunten maakte en er slechts eentje incasseerde (in de finale tegen Japan). Almoez Ali werd topscorer met negen goals, waarmee hij het uit 1996 daterende record van de legendarische Iraniër Ali Daei verbrak. Hij werd ook verkozen tot beste speler van het toernooi. Het andere goudhaantje, Akram Afif, kroonde zich met tien stuks tot assistkoning.

Ali en Afif zijn de uithangborden van de Qatarese voetbalopleiding, deels op Spaanse leest geschoeid. Met Afif als beste speler wonnen ze in 2014 in Myanmar het Aziatische landenkampioenschap bij de U19. Félix Sánchez was toen al coach van die gouden generatie, waarmee hij doorgroeide tot bondscoach van de A-selectie, een functie die hij sinds 2017 bekleedt. Tot hij in 2006 naar de Aspire Academy en Qatar verhuisde, werkte de nu 43-jarige Spanjaard op la Masía, het befaamde jeugdcomplex van FC Barcelona.

Multicultureel en ambitieus

In hun nog jonge carrière voetbalde zowel Almoez Ali als Akram Afif voor Eupen. Alvorens prof te worden bij het Oostenrijkse Linz en het Spaanse Leonesa, voetbalde Ali als jeugdspeler voor de Oostkantonners. Afif kwam daar in 2015 een eerste keer terecht, waarna hij verkaste naar Villarreal. De Spaanse topklasser leende hem eerst uit aan Gijón, waar hij de eerste Qatarees was die van een van de vijf Europese topcompetities mocht proeven. Vervolgens stalde Villarreal hem bij zijn 'vertrouwde' Eupen.

Afif is zonder twijfel het kroonjuweel van Qatar, dat hem als het uithangbord van het WK in 2022 naar voor schuift. 'Ik voel een grote verantwoordelijkheid, maar geen druk', liet hij optekenen in november 2017. 'Ik ben gewoon blij dat ik iets kan doen voor mijn land. Ik begrijp dat Qatar op mij rekent.' Het pas afgelopen seizoen voetbalde Afif, wiens broer ook bij de nationale selectie zit, in eigen land voor Al-Sadd waar ene Xavi Hernández zijn voetbalcarrière afsloot om er volgend seizoen trainer te worden. Afkomstig van een Jemenitische familie en zoon van een voetballer die in Tanzania en Somalië actief was, beantwoordt Akram Afif perfect aan het beeld van het land waarvan hij de kleuren verdedigt: multicultureel en ambitieus.

Almoez Ali, geboren in de Soedanese hoofdstad Khartoem, is dan weer een van de vier genaturaliseerde spelers die deel uitmaakten van de selectie voor het Aziatische landenkampioenschap. Slechts vier, want tijdens de voorronde voor het WK 2018 zaten maar liefst zestien spelers met een dubbele nationaliteit in de kern. Zij konden niet verhinderen dat Qatar laatste werd in zijn kwalificatiegroep. 'Er zijn slechts weinig autochtone Qatarese voetballers die een internationaal niveau halen', vertelde Grégory Gomis, de Franse doelman van toen Al-Sailiya en nu Al-Arabi, ons in 2017. 'Ze moeten het hier vooral hebben van migranten uit Jemen, Saoedi-Arabië en Tsjaad.' Op twee jaar tijd is er merkbaar veel veranderd. Bij de Aspire Academy zijn ze wat blij dat hun opleidingsprogramma, opgestart bijna vijftien jaar geleden, nu eindelijk zijn vruchten begint af te werpen.

Symbolische stap

Van de 23-koppige kern die furore maakte in de Verenigde Arabische Emiraten, waren er elf jonger dan 23 jaar. Qatar mikt dus resoluut op de jeugd om in 2022 in eigen land een waardige ploeg op te stellen. Het is een race tegen de klok, waarbij Abdelkarim Hassan al een symbolische stap zette. De linksachter liet geen onvergetelijke indruk na bij Eupen, waar hij in 2017 tien wedstrijden speelde, één keer scoorde en één assist gaf. Maar een jaar later werd hij als speler van Al-Sadd door de Aziatische voetbalbond wel uitgeroepen tot beste voetballer van het continent. Het was van 2010 geleden dat die eer nog te beurt was gevallen aan een verdediger.

'Toen ik hier toekwam, was het niveau eerder zwak', verklaarde Xavi aan The Guardian. 'Dankzij de inbreng van buitenlandse spelers en competente trainers is dat ondertussen niet meer het geval. De Qatari leren snel.' Of hoe Qatar dankzij de oliedollars stilaan begint mee te tellen als voetballand.

Controle met de linkervoet, vervolgens met de rechtervoet en om het prachtig af te ronden een omhaal die via de paal in doel belandt: in de twaalfde minuut van de finale tegen Japan zet Almoez Ali Qatar op weg naar zijn eerste continentale titel. Akram Afif zorgt nog voor een assist en scoort een strafschop op het einde van de wedstrijd. Het is 1 februari 2019 en het Arabische emiraat verslaat tot eenieders verbazing - het land is voordien nooit verder gekomen dan de kwartfinales - favoriet Japan met 3-1 en wordt Aziatisch voetbalkampioen. Het verband tussen Almoez Ali en Akram Afif, de twee helden van de avond? Allebei voetbalden ze ooit voor KAS Eupen, net als zes andere spelers van de Qatarese selectie. Akram Afif, Almoez Ali, Abdelkarim Hassan, AssimMadibo, Salem Al-Hajri, Bassam Al-Rawi, Mohammed Al-Bakri en Yousef Hassan: maar liefst acht ex- Panda's ofte een derde van de selectie van Qatar was er begin dit jaar bij op het Aziatische landenkampioenschap in de Verenigde Arabische Emiraten. De interesse van de Oostkantonners voor Qatar is daarmee duidelijk aangetoond, ook al kregen met Akram Afif en Abdelkarim Hassan slechts twee van hen speelminuten in het eerste elftal. Ze willen de toekomst voorbereiden door een jonge generatie voetballers op te leiden. Elke transferperiode komen en gaan er wel spelers bij KAS Eupen die opgeleid zijn in de Aspire Academy in Doha. Vanaf dit weekend zijn de Qatari's met een verleden bij Eupen opnieuw present bij de 23 geselecteerden van Al-Annabi (de Wijnroden). Ditmaal niet om te strijden in het Aziatische maar wel in het Zuid-Amerikaanse landenkampioenschap. De Copa América maakt er sinds 1993 immers zijn specialiteit van om ook niet Zuid-Amerikaanse landen uit te nodigen. Na de Verenigde Staten, Costa Rica, Mexico en Jamaica is het ditmaal de beurt aan de voetballers van Qatar en Japan om hun kwaliteiten te meten met die van grootmachten als Brazilië en Argentinië. Het feit dat de Gold Cup, het voetbalkampioenschap van Noord- en Centraal-Amerika en de Caraïben, op hetzelfde moment wordt gespeeld, is daar niet vreemd aan. Een andere en nog belangrijkere reden waarom Qatar de invitatie in de bus kreeg, is uiteraard omdat het land het fel gecontesteerde en in de winter geprogrammeerde WK 2022 organiseert. De Wijnroden zullen het in de poulefase in Brazilië opnemen tegen Colombia, Paraguay en Argentinië. Dat de ploeg in een historisch goede vorm zit, bleek vorig jaar al tijdens vriendschappelijke wedstrijden waarin ze enkele opvallende resultaten neerzetten, zoals een 4-3-overwinning in oktober tegen Ecuador, een1-0-zege in november tegen Zwitserland en een 2-2-gelijkspel tegen IJsland enkele dagen later. Die laatste match vond trouwens plaats in het Kehrwegstadion in Eupen. Met de prestaties op het Aziatische landenkampioenschap gooide Qatar pas echt hoge ogen. Het won zijn zeven wedstrijden, waarin het in totaal negentien doelpunten maakte en er slechts eentje incasseerde (in de finale tegen Japan). Almoez Ali werd topscorer met negen goals, waarmee hij het uit 1996 daterende record van de legendarische Iraniër Ali Daei verbrak. Hij werd ook verkozen tot beste speler van het toernooi. Het andere goudhaantje, Akram Afif, kroonde zich met tien stuks tot assistkoning. Ali en Afif zijn de uithangborden van de Qatarese voetbalopleiding, deels op Spaanse leest geschoeid. Met Afif als beste speler wonnen ze in 2014 in Myanmar het Aziatische landenkampioenschap bij de U19. Félix Sánchez was toen al coach van die gouden generatie, waarmee hij doorgroeide tot bondscoach van de A-selectie, een functie die hij sinds 2017 bekleedt. Tot hij in 2006 naar de Aspire Academy en Qatar verhuisde, werkte de nu 43-jarige Spanjaard op la Masía, het befaamde jeugdcomplex van FC Barcelona. In hun nog jonge carrière voetbalde zowel Almoez Ali als Akram Afif voor Eupen. Alvorens prof te worden bij het Oostenrijkse Linz en het Spaanse Leonesa, voetbalde Ali als jeugdspeler voor de Oostkantonners. Afif kwam daar in 2015 een eerste keer terecht, waarna hij verkaste naar Villarreal. De Spaanse topklasser leende hem eerst uit aan Gijón, waar hij de eerste Qatarees was die van een van de vijf Europese topcompetities mocht proeven. Vervolgens stalde Villarreal hem bij zijn 'vertrouwde' Eupen. Afif is zonder twijfel het kroonjuweel van Qatar, dat hem als het uithangbord van het WK in 2022 naar voor schuift. 'Ik voel een grote verantwoordelijkheid, maar geen druk', liet hij optekenen in november 2017. 'Ik ben gewoon blij dat ik iets kan doen voor mijn land. Ik begrijp dat Qatar op mij rekent.' Het pas afgelopen seizoen voetbalde Afif, wiens broer ook bij de nationale selectie zit, in eigen land voor Al-Sadd waar ene Xavi Hernández zijn voetbalcarrière afsloot om er volgend seizoen trainer te worden. Afkomstig van een Jemenitische familie en zoon van een voetballer die in Tanzania en Somalië actief was, beantwoordt Akram Afif perfect aan het beeld van het land waarvan hij de kleuren verdedigt: multicultureel en ambitieus. Almoez Ali, geboren in de Soedanese hoofdstad Khartoem, is dan weer een van de vier genaturaliseerde spelers die deel uitmaakten van de selectie voor het Aziatische landenkampioenschap. Slechts vier, want tijdens de voorronde voor het WK 2018 zaten maar liefst zestien spelers met een dubbele nationaliteit in de kern. Zij konden niet verhinderen dat Qatar laatste werd in zijn kwalificatiegroep. 'Er zijn slechts weinig autochtone Qatarese voetballers die een internationaal niveau halen', vertelde Grégory Gomis, de Franse doelman van toen Al-Sailiya en nu Al-Arabi, ons in 2017. 'Ze moeten het hier vooral hebben van migranten uit Jemen, Saoedi-Arabië en Tsjaad.' Op twee jaar tijd is er merkbaar veel veranderd. Bij de Aspire Academy zijn ze wat blij dat hun opleidingsprogramma, opgestart bijna vijftien jaar geleden, nu eindelijk zijn vruchten begint af te werpen. Van de 23-koppige kern die furore maakte in de Verenigde Arabische Emiraten, waren er elf jonger dan 23 jaar. Qatar mikt dus resoluut op de jeugd om in 2022 in eigen land een waardige ploeg op te stellen. Het is een race tegen de klok, waarbij Abdelkarim Hassan al een symbolische stap zette. De linksachter liet geen onvergetelijke indruk na bij Eupen, waar hij in 2017 tien wedstrijden speelde, één keer scoorde en één assist gaf. Maar een jaar later werd hij als speler van Al-Sadd door de Aziatische voetbalbond wel uitgeroepen tot beste voetballer van het continent. Het was van 2010 geleden dat die eer nog te beurt was gevallen aan een verdediger. 'Toen ik hier toekwam, was het niveau eerder zwak', verklaarde Xavi aan The Guardian. 'Dankzij de inbreng van buitenlandse spelers en competente trainers is dat ondertussen niet meer het geval. De Qatari leren snel.' Of hoe Qatar dankzij de oliedollars stilaan begint mee te tellen als voetballand.