Carlos Cueva, onderzoeker aan de universiteit van Alicante, bestudeerde in totaal 230.000 voetbalwedstrijden sinds bijna een jaar het profbestaan wereldwijd plaatsvindt zonder toeschouwers. Daaronder zaten er 2.749 partijen zonder toeschouwers (of met een beperkt aantal). En die wat aparte situatie leidt ook tot verbazende onderzoeksresultaten.

Zo achterhaalde Cueva dat het thuisvoordeel in het voetbal afneemt. Voor de pandemie waren de verhoudingen als volgt: 45 procent van de wedstrijden ging naar de thuisspelende teams, 26 procent van de matchen eindigden op een gelijkspel, en in 29 procent van de gevallen ging de uitploeg met de overwinning lopen.

Tijdens de lockdown bleven de stadions leeg en leverde dat andere cijfers op: 41 procent van de keren won de thuisploeg en 33 procent de bezoekers. Het aantal gelijke spelen bleef stabiel: 26 procent.

Scheidsrechters

Volgens Cueva zie je het duidelijkste effect van de afwezigheid van publiek op het gedrag van de scheidsrechter. 'Voor de pandemie floten scheidsrechters systematisch meer fouten tegen de bezoekers dan tegen de thuisploeg. Dat verschil is helemaal verdwenen tijdens de lockdown.'

In lege stadions bestraften de refs 10 procent meer overtredingen die werden begaan door de thuisploeg, maar gaven ze hen ook 22 procent meer gele kaarten en zelfs 33 procent meer rode kaarten.

Voor de bezoekers, daarentegen, bleef de situatie hetzelfde. Met publiek kregen ze gemiddeld 2,10 gele kaarten per wedstrijd, zonder publiek 2,09. Het gemiddelde aantal rode kaarten bleef zelfs gelijk: 0,12. Zonder toeschouwers wordt er blijkbaar evenwichtiger gefloten.

Cueva stelt dus vast dat voetbalconfrontaties zonder supporters eerlijker zijn, omdat de arbiters de thuisploeg niet meer bevoordelen.

Carlos Cueva, onderzoeker aan de universiteit van Alicante, bestudeerde in totaal 230.000 voetbalwedstrijden sinds bijna een jaar het profbestaan wereldwijd plaatsvindt zonder toeschouwers. Daaronder zaten er 2.749 partijen zonder toeschouwers (of met een beperkt aantal). En die wat aparte situatie leidt ook tot verbazende onderzoeksresultaten. Zo achterhaalde Cueva dat het thuisvoordeel in het voetbal afneemt. Voor de pandemie waren de verhoudingen als volgt: 45 procent van de wedstrijden ging naar de thuisspelende teams, 26 procent van de matchen eindigden op een gelijkspel, en in 29 procent van de gevallen ging de uitploeg met de overwinning lopen.Tijdens de lockdown bleven de stadions leeg en leverde dat andere cijfers op: 41 procent van de keren won de thuisploeg en 33 procent de bezoekers. Het aantal gelijke spelen bleef stabiel: 26 procent.Volgens Cueva zie je het duidelijkste effect van de afwezigheid van publiek op het gedrag van de scheidsrechter. 'Voor de pandemie floten scheidsrechters systematisch meer fouten tegen de bezoekers dan tegen de thuisploeg. Dat verschil is helemaal verdwenen tijdens de lockdown.'In lege stadions bestraften de refs 10 procent meer overtredingen die werden begaan door de thuisploeg, maar gaven ze hen ook 22 procent meer gele kaarten en zelfs 33 procent meer rode kaarten.Voor de bezoekers, daarentegen, bleef de situatie hetzelfde. Met publiek kregen ze gemiddeld 2,10 gele kaarten per wedstrijd, zonder publiek 2,09. Het gemiddelde aantal rode kaarten bleef zelfs gelijk: 0,12. Zonder toeschouwers wordt er blijkbaar evenwichtiger gefloten.Cueva stelt dus vast dat voetbalconfrontaties zonder supporters eerlijker zijn, omdat de arbiters de thuisploeg niet meer bevoordelen.