'Ik krijg er nog steeds kiekenvel van als ik eraan terugdenk', vertelt Wouter Vrancken (41) ons aan de telefoon. Eén beeld van die bekerfinale op 1 mei 2019 staat op zijn netvlies gebrand -al is het eigenlijk eerder een gevoel: 'Dat laatste fluitsignaal en die directe ontlading. Je zag spelers naar de supporters rennen, niemand wist met zichzelf blijf. Ik ook niet, ik zakte even op mijn knieën... al die emoties die je op dat ene moment overspoelen. Het besef dat je iets historisch hebt neergezet, als tweedeklasser die beker pakken, na zo'n turbulent seizoen dan nog, waarin we constant tegen de publieke opinie dienden te vechten. Ik heb die beelden nog geregeld herbekeken - via sociale media duiken ze vaak genoeg op en ik heb ook een compilatie staan op mijn laptop -, je moet zoiets koesteren en daar nu al van kunnen genieten, vind ik.'

Samen met Wouter Vrancken, de architect van dat formidabele succesjaar 2019 van Malinwa, herbeleven we die bewuste 1 mei. In drie bedrijven: de (lange) aanloop naar de finale, de wedstrijd zelf en de ontlading achteraf.

I. De aanloop

Wouter Vrancken: 'Ons grote nadeel was dat we zes weken zonder competitievoetbal zaten tussen 16 maart, toen we de promotietitel pakten tegen Beerschot, en de bekerfinale op 1 mei. Terwijl Gent play-off 1 speelde, hadden wij enkel twee oefenmatchen, tegen Thes Sport en Lokeren. Het voordeel van die zes weken was dat we Gent volledig konden ontleden en dat we de tijd hadden om op elk onderdeel waarin we mogelijkheden zagen te oefenen. Stilstaande fases bijvoorbeeld, maar ook een aangepaste tactiek, defensiever dan we gewend waren. Omdat wij sowieso een fysiek nadeel zouden kennen, wilde ik liever een laag blok dan een hoge pressing -waarvoor je wedstrijdritme nodig hebt. We hadden ook gemerkt dat Gent weinig wist te creëren als je een stevige organisatie behield en de ruimtes klein hield. Dat gameplan moest dus ingeoefend worden.'

'Naar motivatie toe had ik weinig werk. Ons belangrijkste doel, de promotie, hadden we al bereikt. We konden zonder stress hernemen. Het enige wat ik benadrukte tegenover de groep was dat we de intensiteit van Gent enkel konden compenseren als we elke training voluit zouden gaan, zonder snipperdag. Dat bleek geen enkel probleem: zelfs iemand als Onur Kaya, die geschorst was voor de finale en dus eigenlijk zes weken zonder doel trainde, ging elke dag voluit. Onze ervaren mannen zagen hun kans om zich nog eens te tonen op zo'n toneel. De Camargo, bijvoorbeeld, was geblesseerd en had de bekerfinale als deadline voor zijn revalidatie genoteerd. Hij werkte als een gek.'

'De Gentse entourage had in de media uitspraken gedaan waarin ze zich duidelijk als favoriet bestempelden... Dat haal je als trainer uiteraard wel eens aan voor je groep.'

'De dag van de wedstrijd zelf heb ik niets speciaals gedaan. Geen filmpjes, zoals voor de promotiefinale tegen Beerschot. Ik heb enkel beelden getoond van de supportersmassa tijdens de bekerfinale van tien jaar eerder, toen ik zelf nog speler was van Mechelen. Voor zo'n bekerfinale heb je weinig extra motivatie nodig. Iedereen had gewoon heel veel goesting. We waren bovendien underdog, als tweedeklasser en met belangrijke spelers Kaya afwezig. De Gentse entourage had in de media uitspraken gedaan waarin ze zich duidelijk als favoriet bestempelden... Dat haal je als trainer uiteraard wel eens aan voor je groep.'

'Een dag voor die finale kwamen er ook nog eens ontwikkelingen in de affaire Propere Handen naar buiten. Iets was al meerdere malen was gebeurd in de loop van het seizoen: telkens voor een belangrijke match verscheen er wel iets in de media. Maar net omdat we dat al zo vaak hadden meegemaakt, kon dat ons niet meer raken. Maar dat bij de bekeruitreiking de bondsvoorzitter niet aanwezig was, vond ik niet echt correct. Zeker omdat bijna niemand van de spelers en stafleden die de beker pakten, iets te maken had met die affaire. Nu ja, dat een echte Kakker als Bart Cannaerts de beker het veld mocht opdragen, bleek eigenlijk veel toepasselijker en leuker.'

'Kameraden van mij hadden twee bussen ingelegd vanuit Sint-Truiden. Mijn familie was er ook bij. Mijn twee dochters in een truitje van KV Mechelen uiteraard. Ik had ze eigenlijk de ideale outfits bezorgd: mijn truitjes als Malinwaspeler tijdens die bekerfinale in 2010, met rugnummer 25 dan nog, het stamnummer van KV Mechelen. Alles klopte. Maar ze wilden eentje van spelers van de huidige kern. Mijn vrouw heeft dan maar eentje van mij aangetrokken.' (lacht)

null, Belga Image
null © Belga Image

II. De wedstrijd

Wouter Vrancken: 'Wij hadden verwacht dat Gent stormachtig zou beginnen, met veel druk naar voor. Maar eigenlijk kenden we dat eerste kwartier weinig moeite om ze van ons doel weg te houden. Ik weet niet wat er bij Gent meespeelde, maar ik merkte dat ze er niet honderd procent bovenop zaten.'

'Na de 1-0 van Dompé was ik benieuwd naar de reactie van mijn ploeg. Zouden ze het hoofd laten hangen of pikten ze de draad weer op? Aan de zijlijn is je impact eerder beperkt op zo'n moment, dus reken je op de leidersfiguren in je groep. Met Seth De Witte, Joachim Van Damme, Arjen Swinkels en Igor de Camargo hadden we wel wat trekkers lopen in de as van het veld. Ik merkte meteen op het gezicht van mijn spelers dat de overtuiging er nog was om voluit te blijven gaan. Een paar minuten later maakten we gelijk.'

'Tijdens de rust maakte ik mijn spelers duidelijk dat wij de betere kansen hadden en dat er nog zouden volgen, want wij speelden zonder druk, Gent moest komen... en dus ruimtes laten. In de rug van hun hoog opkomende backs bijvoorbeeld. Voor ons was het cruciaal dat we in de organisatie zouden blijven, in omschakelingsmomenten konden we dan het verschil maken. Eigenlijk hebben we dat aspect niet genoeg uitgespeeld, bijvoorbeeld toen Matthys alleen op Kaminski kon afgaan.'

'De 1-2 van Mera viel uit een stilstaande fase. We wisten dat Gent kwetsbaar was in de tweede zone, zeker op een uitdraaiende bal. Storm gaf die perfect in de zone waar veel volk stond, voor een keeper is het dan ook moeilijker om uit te komen. En Mera is in zulke situaties een beest. Eens hij zijn zinnen heeft gezet op een bal in de lucht, kan niemand hem tegenhouden.'

'De laatste twintig minuten was het pompen of verzuipen. Verscheidene spelers zaten stikkapot en vroegen om een wissel: De Camargo, Tainmont, Schoofs... maar ik had slechts één wissel over. Ik bracht Engvall voor Schoofs: positie voor positie. Met Engvall hadden we meer kansen op de omschakeling. De Camargo en Tainmont vulden hun positie nog voldoende in. En dan was er natuurlijk Verrips, die toonde waarom hij een van de betere keepers in België was op dat moment. Dat Gent in het slot enkel lange ballen gooide, speelde in ons voordeel. Met Swinkels, Mera, Van Damme en De Witte zouden we op hoge ballen nooit geklopt worden.'

null, Belga Image
null © Belga Image

III. De ontlading

Wouter Vrancken: 'Dat laatste fluitsignaal is een moment dat ik nooit zal vergeten. Ik besefte ook meteen dat we iets historisch hadden neergezet. Ik krijg er nog kiekenvel van als ik eraan terugdenk. De beker winnen, als tweedeklasser en underdog, na een seizoen waarin je bakken shit over je hebt gekregen... je moet het maar doen, hè. Pas op, ik voelde geen revanchegevoelens, het was pure gelukzaligheid. Genieten, met die massa supporters rond je. Ik zag plots ook mijn vrouw en kinderen in de tribune en kon hen mijn shirt als bekerwinnaar geven. De max!'

'Na de viering in het Koning Boudewijnstadion trokken we met de bus naar Mechelen, waar we eerst voor een volle Grote Markt een feestje konden bouwen en vervolgens tot in de vroege uurtjes doorgingen in het eigen stadion. En zoals je weet behoren de supporters van KV Mechelen bij de beste van België...'

'De beker winnen, als tweedeklasser en underdog, na een seizoen waarin je bakken shit over je hebt gekregen... je moet het maar doen, hè.'

'Als trainer beleef je zoiets wel anders dan als speler. Je zit in een andere fase van je leven, je bent iets ouder - ik kroop bijvoorbeeld niet op het dak van een bus, maar het geluksgevoel is er daarom niet minder om. Ik ben toch tot de volgende ochtend doorgegaan en dan op hotel blijven slapen in Mechelen, net zoals de andere stafleden.'

'Eigenlijk drink je niet zo heel veel, want van die champagne die rondgaat, kan je amper eens nippen. Je wordt van hier naar daar gevoerd. Het begon met enkele plateaus bier die in de kleedkamer aangevoerd werden. Op de bus aten we dan snel een pasta en bij aankomst op het gemeentehuis in Mechelen kregen we ook frietjes voorgeschoteld. Het was dus niet op een lege maag.' (lacht)

'Als afsluiter van het seizoen trokken we een week later naar Knokke, waar Fred Vanderbiest (T2 van KVM, nvdr) kind aan huis is. Dat hadden we op voorhand al beslist, omdat je na zo'n bekerfinale - en zeker niet als je hem wint - niet iedereen meer ziet of deftig afscheid kan nemen van elkaar. We zaten daar één nacht op hotel, Vanderbiest had een drink voorzien in de strandbar Het Zoute Strand en 's avonds een etentje. In dat restaurant hebben we nog alle aanwezigen op een fles champagne getrakteerd, als compensatie voor de 'overlast'. (lacht) Het was de ideale afsluiter van een uniek seizoen.'

Wouter Vrancken met de beker in het Koning Boudewijnstadion., BELGA
Wouter Vrancken met de beker in het Koning Boudewijnstadion. © BELGA
'Ik krijg er nog steeds kiekenvel van als ik eraan terugdenk', vertelt Wouter Vrancken (41) ons aan de telefoon. Eén beeld van die bekerfinale op 1 mei 2019 staat op zijn netvlies gebrand -al is het eigenlijk eerder een gevoel: 'Dat laatste fluitsignaal en die directe ontlading. Je zag spelers naar de supporters rennen, niemand wist met zichzelf blijf. Ik ook niet, ik zakte even op mijn knieën... al die emoties die je op dat ene moment overspoelen. Het besef dat je iets historisch hebt neergezet, als tweedeklasser die beker pakken, na zo'n turbulent seizoen dan nog, waarin we constant tegen de publieke opinie dienden te vechten. Ik heb die beelden nog geregeld herbekeken - via sociale media duiken ze vaak genoeg op en ik heb ook een compilatie staan op mijn laptop -, je moet zoiets koesteren en daar nu al van kunnen genieten, vind ik.'Samen met Wouter Vrancken, de architect van dat formidabele succesjaar 2019 van Malinwa, herbeleven we die bewuste 1 mei. In drie bedrijven: de (lange) aanloop naar de finale, de wedstrijd zelf en de ontlading achteraf.Wouter Vrancken: 'Ons grote nadeel was dat we zes weken zonder competitievoetbal zaten tussen 16 maart, toen we de promotietitel pakten tegen Beerschot, en de bekerfinale op 1 mei. Terwijl Gent play-off 1 speelde, hadden wij enkel twee oefenmatchen, tegen Thes Sport en Lokeren. Het voordeel van die zes weken was dat we Gent volledig konden ontleden en dat we de tijd hadden om op elk onderdeel waarin we mogelijkheden zagen te oefenen. Stilstaande fases bijvoorbeeld, maar ook een aangepaste tactiek, defensiever dan we gewend waren. Omdat wij sowieso een fysiek nadeel zouden kennen, wilde ik liever een laag blok dan een hoge pressing -waarvoor je wedstrijdritme nodig hebt. We hadden ook gemerkt dat Gent weinig wist te creëren als je een stevige organisatie behield en de ruimtes klein hield. Dat gameplan moest dus ingeoefend worden.''Naar motivatie toe had ik weinig werk. Ons belangrijkste doel, de promotie, hadden we al bereikt. We konden zonder stress hernemen. Het enige wat ik benadrukte tegenover de groep was dat we de intensiteit van Gent enkel konden compenseren als we elke training voluit zouden gaan, zonder snipperdag. Dat bleek geen enkel probleem: zelfs iemand als Onur Kaya, die geschorst was voor de finale en dus eigenlijk zes weken zonder doel trainde, ging elke dag voluit. Onze ervaren mannen zagen hun kans om zich nog eens te tonen op zo'n toneel. De Camargo, bijvoorbeeld, was geblesseerd en had de bekerfinale als deadline voor zijn revalidatie genoteerd. Hij werkte als een gek.''De dag van de wedstrijd zelf heb ik niets speciaals gedaan. Geen filmpjes, zoals voor de promotiefinale tegen Beerschot. Ik heb enkel beelden getoond van de supportersmassa tijdens de bekerfinale van tien jaar eerder, toen ik zelf nog speler was van Mechelen. Voor zo'n bekerfinale heb je weinig extra motivatie nodig. Iedereen had gewoon heel veel goesting. We waren bovendien underdog, als tweedeklasser en met belangrijke spelers Kaya afwezig. De Gentse entourage had in de media uitspraken gedaan waarin ze zich duidelijk als favoriet bestempelden... Dat haal je als trainer uiteraard wel eens aan voor je groep.''Een dag voor die finale kwamen er ook nog eens ontwikkelingen in de affaire Propere Handen naar buiten. Iets was al meerdere malen was gebeurd in de loop van het seizoen: telkens voor een belangrijke match verscheen er wel iets in de media. Maar net omdat we dat al zo vaak hadden meegemaakt, kon dat ons niet meer raken. Maar dat bij de bekeruitreiking de bondsvoorzitter niet aanwezig was, vond ik niet echt correct. Zeker omdat bijna niemand van de spelers en stafleden die de beker pakten, iets te maken had met die affaire. Nu ja, dat een echte Kakker als Bart Cannaerts de beker het veld mocht opdragen, bleek eigenlijk veel toepasselijker en leuker.''Kameraden van mij hadden twee bussen ingelegd vanuit Sint-Truiden. Mijn familie was er ook bij. Mijn twee dochters in een truitje van KV Mechelen uiteraard. Ik had ze eigenlijk de ideale outfits bezorgd: mijn truitjes als Malinwaspeler tijdens die bekerfinale in 2010, met rugnummer 25 dan nog, het stamnummer van KV Mechelen. Alles klopte. Maar ze wilden eentje van spelers van de huidige kern. Mijn vrouw heeft dan maar eentje van mij aangetrokken.' (lacht)Wouter Vrancken: 'Wij hadden verwacht dat Gent stormachtig zou beginnen, met veel druk naar voor. Maar eigenlijk kenden we dat eerste kwartier weinig moeite om ze van ons doel weg te houden. Ik weet niet wat er bij Gent meespeelde, maar ik merkte dat ze er niet honderd procent bovenop zaten.''Na de 1-0 van Dompé was ik benieuwd naar de reactie van mijn ploeg. Zouden ze het hoofd laten hangen of pikten ze de draad weer op? Aan de zijlijn is je impact eerder beperkt op zo'n moment, dus reken je op de leidersfiguren in je groep. Met Seth De Witte, Joachim Van Damme, Arjen Swinkels en Igor de Camargo hadden we wel wat trekkers lopen in de as van het veld. Ik merkte meteen op het gezicht van mijn spelers dat de overtuiging er nog was om voluit te blijven gaan. Een paar minuten later maakten we gelijk.''Tijdens de rust maakte ik mijn spelers duidelijk dat wij de betere kansen hadden en dat er nog zouden volgen, want wij speelden zonder druk, Gent moest komen... en dus ruimtes laten. In de rug van hun hoog opkomende backs bijvoorbeeld. Voor ons was het cruciaal dat we in de organisatie zouden blijven, in omschakelingsmomenten konden we dan het verschil maken. Eigenlijk hebben we dat aspect niet genoeg uitgespeeld, bijvoorbeeld toen Matthys alleen op Kaminski kon afgaan.''De 1-2 van Mera viel uit een stilstaande fase. We wisten dat Gent kwetsbaar was in de tweede zone, zeker op een uitdraaiende bal. Storm gaf die perfect in de zone waar veel volk stond, voor een keeper is het dan ook moeilijker om uit te komen. En Mera is in zulke situaties een beest. Eens hij zijn zinnen heeft gezet op een bal in de lucht, kan niemand hem tegenhouden.''De laatste twintig minuten was het pompen of verzuipen. Verscheidene spelers zaten stikkapot en vroegen om een wissel: De Camargo, Tainmont, Schoofs... maar ik had slechts één wissel over. Ik bracht Engvall voor Schoofs: positie voor positie. Met Engvall hadden we meer kansen op de omschakeling. De Camargo en Tainmont vulden hun positie nog voldoende in. En dan was er natuurlijk Verrips, die toonde waarom hij een van de betere keepers in België was op dat moment. Dat Gent in het slot enkel lange ballen gooide, speelde in ons voordeel. Met Swinkels, Mera, Van Damme en De Witte zouden we op hoge ballen nooit geklopt worden.'Wouter Vrancken: 'Dat laatste fluitsignaal is een moment dat ik nooit zal vergeten. Ik besefte ook meteen dat we iets historisch hadden neergezet. Ik krijg er nog kiekenvel van als ik eraan terugdenk. De beker winnen, als tweedeklasser en underdog, na een seizoen waarin je bakken shit over je hebt gekregen... je moet het maar doen, hè. Pas op, ik voelde geen revanchegevoelens, het was pure gelukzaligheid. Genieten, met die massa supporters rond je. Ik zag plots ook mijn vrouw en kinderen in de tribune en kon hen mijn shirt als bekerwinnaar geven. De max!''Na de viering in het Koning Boudewijnstadion trokken we met de bus naar Mechelen, waar we eerst voor een volle Grote Markt een feestje konden bouwen en vervolgens tot in de vroege uurtjes doorgingen in het eigen stadion. En zoals je weet behoren de supporters van KV Mechelen bij de beste van België...''Als trainer beleef je zoiets wel anders dan als speler. Je zit in een andere fase van je leven, je bent iets ouder - ik kroop bijvoorbeeld niet op het dak van een bus, maar het geluksgevoel is er daarom niet minder om. Ik ben toch tot de volgende ochtend doorgegaan en dan op hotel blijven slapen in Mechelen, net zoals de andere stafleden.''Eigenlijk drink je niet zo heel veel, want van die champagne die rondgaat, kan je amper eens nippen. Je wordt van hier naar daar gevoerd. Het begon met enkele plateaus bier die in de kleedkamer aangevoerd werden. Op de bus aten we dan snel een pasta en bij aankomst op het gemeentehuis in Mechelen kregen we ook frietjes voorgeschoteld. Het was dus niet op een lege maag.' (lacht)'Als afsluiter van het seizoen trokken we een week later naar Knokke, waar Fred Vanderbiest (T2 van KVM, nvdr) kind aan huis is. Dat hadden we op voorhand al beslist, omdat je na zo'n bekerfinale - en zeker niet als je hem wint - niet iedereen meer ziet of deftig afscheid kan nemen van elkaar. We zaten daar één nacht op hotel, Vanderbiest had een drink voorzien in de strandbar Het Zoute Strand en 's avonds een etentje. In dat restaurant hebben we nog alle aanwezigen op een fles champagne getrakteerd, als compensatie voor de 'overlast'. (lacht) Het was de ideale afsluiter van een uniek seizoen.'