Het Zwitserse onderzoeksbureau CIES bestudeerde onlangs 27 nationale competities, plus de Champions en Europa League. In 20 daarvan wees het onderzoek (lopend tot eind maart) op een stijging van het aantal 'eenzijdige' matchen, wedstrijden met 3 (of meer) goals verschil. Vooral in de CL is het verschil tussen de toppers en de rest groot: in 29,5 % van de duels wint een ploeg er met 3 of meer doelpunten, vorig seizoen was dat nog 'slechts' 21 %. Van de grote competities heeft de Premier League het grootste kwaliteitsverschil, met 21,9 % 'eenzijdige' wedstrijden (+4 % in vergelijking met vorig seizoen). Gevolgd door Italië (19,8%), Spanje (17,9%) Nederland (17,9%), Frankrijk (17,6%), en de Europa League (16,1%).

In België zijn afgetekende zeges (met meer dan 3 goals) zeldzamer: slechts 13,3 % dit seizoen (-3,4 % in vergelijking met 2016/17) Dat percentage ligt alleen in Griekenland (13,1%), Israël (11,6%), Duitsland (11,1%) en Rusland (10,5%) lager.

Ook in de ranking van het gemiddelde doelpuntenverschil per match staat de Belgische eerste klasse onderaan, met 1,24. Op dat vlak waren de wedstrijden alleen spannender in Duitsland (1,23), Polen (1,20), Rusland (1,18) en Griekenland (1,18).

Het evenwicht in de Jupiler Pro League bleek ook al in de eindstand van de reguliere competitie. De 6 POI-ploegen haalden slechts 311 op 540, of 57,59 %, het minste sinds de invoering van de play-offs. Voor het eerst sinds 2009/10 raakten de nummers 5 en 6 zelfs niet aan 50 % (44 op 90 voor KRC Genk en Standard).

Dat evenwicht blijkt ook uit het feit dat alleen Club Brugge (6x), Waasland-Beveren en AA Gent (4x) 4 of meer matchen met 3 of meer goals verschil wonnen. Anderlecht slechts 1 keer zelfs, paars-wit behaalde dan ook 13 van zijn 16 zeges met 1 doelpunt verschil.

Opvallend: ook in de huidige play-off 1 scoorde de winnende ploeg slechts in 1 van de tot dusver 9 wedstrijden 2 goals meer dan zijn tegenstander (Anderlecht-AA Gent 0-2).

Het Zwitserse onderzoeksbureau CIES bestudeerde onlangs 27 nationale competities, plus de Champions en Europa League. In 20 daarvan wees het onderzoek (lopend tot eind maart) op een stijging van het aantal 'eenzijdige' matchen, wedstrijden met 3 (of meer) goals verschil. Vooral in de CL is het verschil tussen de toppers en de rest groot: in 29,5 % van de duels wint een ploeg er met 3 of meer doelpunten, vorig seizoen was dat nog 'slechts' 21 %. Van de grote competities heeft de Premier League het grootste kwaliteitsverschil, met 21,9 % 'eenzijdige' wedstrijden (+4 % in vergelijking met vorig seizoen). Gevolgd door Italië (19,8%), Spanje (17,9%) Nederland (17,9%), Frankrijk (17,6%), en de Europa League (16,1%). In België zijn afgetekende zeges (met meer dan 3 goals) zeldzamer: slechts 13,3 % dit seizoen (-3,4 % in vergelijking met 2016/17) Dat percentage ligt alleen in Griekenland (13,1%), Israël (11,6%), Duitsland (11,1%) en Rusland (10,5%) lager. Ook in de ranking van het gemiddelde doelpuntenverschil per match staat de Belgische eerste klasse onderaan, met 1,24. Op dat vlak waren de wedstrijden alleen spannender in Duitsland (1,23), Polen (1,20), Rusland (1,18) en Griekenland (1,18). Het evenwicht in de Jupiler Pro League bleek ook al in de eindstand van de reguliere competitie. De 6 POI-ploegen haalden slechts 311 op 540, of 57,59 %, het minste sinds de invoering van de play-offs. Voor het eerst sinds 2009/10 raakten de nummers 5 en 6 zelfs niet aan 50 % (44 op 90 voor KRC Genk en Standard). Dat evenwicht blijkt ook uit het feit dat alleen Club Brugge (6x), Waasland-Beveren en AA Gent (4x) 4 of meer matchen met 3 of meer goals verschil wonnen. Anderlecht slechts 1 keer zelfs, paars-wit behaalde dan ook 13 van zijn 16 zeges met 1 doelpunt verschil. Opvallend: ook in de huidige play-off 1 scoorde de winnende ploeg slechts in 1 van de tot dusver 9 wedstrijden 2 goals meer dan zijn tegenstander (Anderlecht-AA Gent 0-2).