De fusie tussen de tweedeprovincialer KSV Sottegem en derdeprovincialer EC Oudenhove in Zuid-Oost-Vlaanderen was geen noodzaak maar een opportuniteit, zegt Didier De Baere, voorzitter van KSV Sottegem, de club met het stamnummer 225.

Het idee rijpte tijdens een informele babbel 'met een voorzitter van Oudenhove die het beu was om op het einde van elk seizoen het financiële gat te dichten. De conclusie na het doornemen van de beide boekhoudingen was: laat het ons samen doen, tot de emoties bij een aantal clubleden aan de andere kant hoog oplaaiden. Jammer: je krijgt in tijden van het slinkend aantal vrijwilligers meer helpende handen, en het is afgelopen met twee keer te investeren in een eerste ploeg binnen een beperkte economische leefwereld.'

Is op termijn een fusie in de regio noodzakelijk? 'Niet als je blij bent om voor 30 supporters ergens in vierde of derde provinciale te voetballen. Wil je in de nationale reeksen belanden, dan kan een fusie wel een meerwaarde bieden.'

KSV Sottegem, dat na de naamsverandering van de gemeente in 1949 naar Zottegem zijn oude naam behield, doorliep in zijn lange geschiedenis bijna de hele ladder binnen het Belgische voetbal, op eerste klasse na. 'Maar als je te hoog vliegt, verbrand je je vleugels zoals Icarus, en val je heel diep,' zegt De Baere.

2000 toeschouwers

Wat kan Sottegem, dat na het failliet in 2010 een herstart nam in derde provinciale, zonder Oudenhove op zichzelf nog ambiëren? 'We kunnen overleven op dit niveau, maar veel hoger dan eerste provinciale zit er niet in.' Ooit was dat anders: 'Zoals bij veel clubs vroeger en nu was dat dankzij een voorzitter die er veel geld in pompte. Wij speelden lang voor 2000 à 3000 toeschouwers, we waren in die periode het Anderlecht van Zuid-Oost-Vlaanderen, maar dat was niet gestoeld op een economisch hinterland. Maar door die ruime publieke belangstelling was de druk groot om te blijven investeren. Als je je geld in de eerste ploeg stopt, verwaarloos je de jeugdwerking en de accommodatie.'

In 1969 werd de club met trainer Urbain Braems(later onder meer trainer bij Anderlecht, SK Beveren en Trabzonspor) kampioen in derde klasse. De stad bouwde een nieuw stadion met een atletiekpiste en een capaciteit van 9000 plaatsen en verhuurde dat voor een symbolische euro. Later ging dat bedrag flink omhoog: 'Dat kostte ons op de duur 10.000 euro per jaar. Toen dachten we: laten we dat geld in onze werking stoppen.'

Vandaag voetbalt de huidige tweedeprovincialer nog altijd voor 200 à 300 supporters, maar zet wel de tering naar de nering. Na de terugkeer naar de oude accommodatie in de deelgemeente Erwetegem financiert men alles zelf. Corona kwam daarom op een slecht moment: 'We hadden net een kantine bijgebouwd en drie kunstgrasvelden aangelegd. Op tien jaar tijd hebben we in onze accommodatie en de jeugd toch zo'n 500.000 euro geïnvesteerd.

'Bij de eerste ploeg hebben we nu geen inkomsten, maar ook geen uitgaven. Omdat we, als we niet spelen, ook niets moeten betalen. Toen we een aantal jaar geleden vernamen dat er geen fiscale controle is wanneer spelers minder dan 9000 euro per jaar verdienen, beslisten we dat als norm te nemen. Het is zuur als iemand hier enthousiast solliciteert om 20.000 euro in één seizoen te krijgen en vervolgens tekent bij een club uit eerste provinciale die vaak soms maar voor 70 toeschouwers speelt.'

3000 euro per match

Waar ziet voorzitter De Baere zijn club over vijf jaar? 'Ergens tussen tweede provinciale en tweede amateurklasse. Eerste nationale amateur is niet voor ons. Wij hebben voor Sottegem maar één ambitie: gezond blijven.'

Wat zou helpen, gaf De Baere begin oktober in een gastcolumn in dit blad nog aan, zijn afspraken qua verloningen. Die worden best opgelegd van bovenaf, door Voetbal Vlaanderen, per reeks: 'Wat in de tweede amateurreeks geldt, hoeft niet te gelden voor derde provinciale. Maar als je per reeks begrenzingen vastlegt, zal wie dat niet doet snel opvallen.'

Op heel korte termijn is Sottegem niet tegen de voorgestelde competitiehervatting in februari: 'Op voorwaarde dat de kantine open kan en toeschouwers toegelaten zijn. Uiteindelijk heb je het op ons niveau wel over 3000 euro inkomsten netto per thuiswedstrijd. Zonder kantine en toeschouwers heb je wel uitgaven maar geen inkomsten. Dat overleven heel veel clubs niet.'

De fusie tussen de tweedeprovincialer KSV Sottegem en derdeprovincialer EC Oudenhove in Zuid-Oost-Vlaanderen was geen noodzaak maar een opportuniteit, zegt Didier De Baere, voorzitter van KSV Sottegem, de club met het stamnummer 225. Het idee rijpte tijdens een informele babbel 'met een voorzitter van Oudenhove die het beu was om op het einde van elk seizoen het financiële gat te dichten. De conclusie na het doornemen van de beide boekhoudingen was: laat het ons samen doen, tot de emoties bij een aantal clubleden aan de andere kant hoog oplaaiden. Jammer: je krijgt in tijden van het slinkend aantal vrijwilligers meer helpende handen, en het is afgelopen met twee keer te investeren in een eerste ploeg binnen een beperkte economische leefwereld.'Is op termijn een fusie in de regio noodzakelijk? 'Niet als je blij bent om voor 30 supporters ergens in vierde of derde provinciale te voetballen. Wil je in de nationale reeksen belanden, dan kan een fusie wel een meerwaarde bieden.'KSV Sottegem, dat na de naamsverandering van de gemeente in 1949 naar Zottegem zijn oude naam behield, doorliep in zijn lange geschiedenis bijna de hele ladder binnen het Belgische voetbal, op eerste klasse na. 'Maar als je te hoog vliegt, verbrand je je vleugels zoals Icarus, en val je heel diep,' zegt De Baere.Wat kan Sottegem, dat na het failliet in 2010 een herstart nam in derde provinciale, zonder Oudenhove op zichzelf nog ambiëren? 'We kunnen overleven op dit niveau, maar veel hoger dan eerste provinciale zit er niet in.' Ooit was dat anders: 'Zoals bij veel clubs vroeger en nu was dat dankzij een voorzitter die er veel geld in pompte. Wij speelden lang voor 2000 à 3000 toeschouwers, we waren in die periode het Anderlecht van Zuid-Oost-Vlaanderen, maar dat was niet gestoeld op een economisch hinterland. Maar door die ruime publieke belangstelling was de druk groot om te blijven investeren. Als je je geld in de eerste ploeg stopt, verwaarloos je de jeugdwerking en de accommodatie.'In 1969 werd de club met trainer Urbain Braems(later onder meer trainer bij Anderlecht, SK Beveren en Trabzonspor) kampioen in derde klasse. De stad bouwde een nieuw stadion met een atletiekpiste en een capaciteit van 9000 plaatsen en verhuurde dat voor een symbolische euro. Later ging dat bedrag flink omhoog: 'Dat kostte ons op de duur 10.000 euro per jaar. Toen dachten we: laten we dat geld in onze werking stoppen.'Vandaag voetbalt de huidige tweedeprovincialer nog altijd voor 200 à 300 supporters, maar zet wel de tering naar de nering. Na de terugkeer naar de oude accommodatie in de deelgemeente Erwetegem financiert men alles zelf. Corona kwam daarom op een slecht moment: 'We hadden net een kantine bijgebouwd en drie kunstgrasvelden aangelegd. Op tien jaar tijd hebben we in onze accommodatie en de jeugd toch zo'n 500.000 euro geïnvesteerd.'Bij de eerste ploeg hebben we nu geen inkomsten, maar ook geen uitgaven. Omdat we, als we niet spelen, ook niets moeten betalen. Toen we een aantal jaar geleden vernamen dat er geen fiscale controle is wanneer spelers minder dan 9000 euro per jaar verdienen, beslisten we dat als norm te nemen. Het is zuur als iemand hier enthousiast solliciteert om 20.000 euro in één seizoen te krijgen en vervolgens tekent bij een club uit eerste provinciale die vaak soms maar voor 70 toeschouwers speelt.'Waar ziet voorzitter De Baere zijn club over vijf jaar? 'Ergens tussen tweede provinciale en tweede amateurklasse. Eerste nationale amateur is niet voor ons. Wij hebben voor Sottegem maar één ambitie: gezond blijven.' Wat zou helpen, gaf De Baere begin oktober in een gastcolumn in dit blad nog aan, zijn afspraken qua verloningen. Die worden best opgelegd van bovenaf, door Voetbal Vlaanderen, per reeks: 'Wat in de tweede amateurreeks geldt, hoeft niet te gelden voor derde provinciale. Maar als je per reeks begrenzingen vastlegt, zal wie dat niet doet snel opvallen.'Op heel korte termijn is Sottegem niet tegen de voorgestelde competitiehervatting in februari: 'Op voorwaarde dat de kantine open kan en toeschouwers toegelaten zijn. Uiteindelijk heb je het op ons niveau wel over 3000 euro inkomsten netto per thuiswedstrijd. Zonder kantine en toeschouwers heb je wel uitgaven maar geen inkomsten. Dat overleven heel veel clubs niet.'