Jij was een van de sterkhouders in de ploeg die vorig seizoen onder Emilio Ferrera promoveerde, maar was je niet bang dat je zonder enige ervaring in 1A op een bepaald moment dit seizoen misschien niet meer in de plannen van de nieuwe coach zou passen?
...

Jij was een van de sterkhouders in de ploeg die vorig seizoen onder Emilio Ferrera promoveerde, maar was je niet bang dat je zonder enige ervaring in 1A op een bepaald moment dit seizoen misschien niet meer in de plannen van de nieuwe coach zou passen? Antoine Bernier: 'De club heeft meteen gezegd dat ze op mij rekende. En ik was er zelf echt op gebrand om met Seraing de eerste klasse te leren kennen. Dat was ook een droom van mij. Niet vergeten dat ik op mijn zestiende nog in vierde afdeling speelde, bij Onhaye. Uiteindelijk werd ik daar opgemerkt door een scout die samenwerkte met een makelaar. Kort daarop heb ik testen afgelegd bij Club Brugge en Standard. Ik stond op het punt om bij de Rouches te tekenen, maar Anderlecht wist me meer te overtuigen.' Bij Anderlecht maakte je deel uit van de generatie die in 2016, met Nicolás Frutos als coach, de halve finales van de Youth league bereikte. Nochtans was dat niet de generatie waarvan intern bij Sporting het meeste werd verwacht. Was het dan voor jullie een revanche om zulke resultaten te behalen? Bernier: 'Dat waren fantastische momenten. We hebben ons kunnen tonen en bewijzen dat we niet minder sterk waren dan de voorgaande generatie waarmee iedereen ons toen vergeleek. We hoorden binnen de club dat we niet zo goed waren als Samuel Bastien en Aaron Leya Iseka enzovoort. Wat mij betreft, is het echt aan Nicolás Frutos te danken dat ik mijn kans heb gekregen bij de reserven. Hij geloofde echt in mij. Uiteindelijk heb ik, ook door allerlei kleine blessures die zich aaneenregen, nooit echt een kans gekregen bij de profs. Dat verklaart waarom ik nadien mijn geluk beproefd heb bij Antwerp.' Antwerp staat niet bepaald bekend als een club die jongeren lanceert... Waarom koos je in de zomer van 2018 voor hen? Bernier: 'Wel, dat jaar hadden ze net enkele jongeren gelanceerd in play-off 2. Maar jammer genoeg voor mij ben ik aangekomen in de zomer waarin ze echt aan hun project zijn beginnen te bouwen en opeens was de concurrentie heel groot. Samen met mij kwamen onder meer Dieumerci Mbokani, Lior Refaelov en Amary Baby. Dat maakte dat László Bölöni mij al snel terugzette naar een soort van C-kern. Ik speelde daar met gasten als Steve Colpaert, Björn Vleminckx en Reda Jaadi. Zelfs Didier Lamkel Zé deed enkele weken met ons mee. We hadden echt een geweldige ploeg, we wonnen alles bij de reserven, maar dat veranderde niets in het hoofd van de coach.' Je werd dan een halfjaar uitgeleend aan Lierse Kempenzonen en nadien beleefde je een ongelooflijk avontuur met het Luxemburgse Dudelange in de Europa League. Hoe was dat? Bernier: 'Het was mijn makelaar die me destijds in contact bracht met Emilio Ferrera. Het was een gok, maar ik wist dat er die kans was om Europa League te spelen. En ik had eerlijk gezegd ook amper andere opties. Uiteindelijk heb ik daar goed aan gedaan. We plaatsten ons voor de poules van de Europa League en ik maakte een geweldig avontuur mee. Ik maakte zelfs twee goals. Het heeft me vooral geholpen om mentaal te groeien. In Dudelange was ik op mezelf aangewezen. Dat was nog meer zo toen Bertrand Crasson het overnam van Emilio Ferrera als coach. Dat was een heel verschil in termen van professionalisme. Emilio is tactisch misschien een van de besten in België. Hij is erg streng en veeleisend. Laten we zeggen dat dat met Crasson lichtjes anders was... ( lacht) En je kunt je wel indenken dat er in Dudelange niet dezelfde infrastructuur is als bij Anderlecht of Antwerp... Dat deed me allemaal beseffen dat als ik daar weg wilde, ik wel eens wat moest doen, mezelf wat in de hand nemen.' Zonder Dudelange zou je niet bij Seraing in eerste klasse zitten, toch? Bernier: 'Ik denk het. In Luxemburg ben ik harder beginnen te werken en het jaar erop tekende ik bij Seraing. Dat is het moment waarop ik echt prof geworden ben. Vandaag pluk ik daar de vruchten van.'