Een nieuwe rechtsachter zocht Antwerp niet direct, toen het in de zomer van 2017 zijn terugkeer naar 1A voorbereidde. Er vielen andere katten te geselen. Ongeveer alles moest worden versterkt, op die positie na. Tot Frédéric Duplus, aanvoerder, plots besliste naar Frankrijk terug te keren. Naar tweedeklasser Lens, een team met ambities om ook terug te keren op het hoogste niveau. Plots zat Antwerp met een vacature. En sloeg Luciano D'Onofrio zijn agendaboekje open.
...

Een nieuwe rechtsachter zocht Antwerp niet direct, toen het in de zomer van 2017 zijn terugkeer naar 1A voorbereidde. Er vielen andere katten te geselen. Ongeveer alles moest worden versterkt, op die positie na. Tot Frédéric Duplus, aanvoerder, plots besliste naar Frankrijk terug te keren. Naar tweedeklasser Lens, een team met ambities om ook terug te keren op het hoogste niveau. Plots zat Antwerp met een vacature. En sloeg Luciano D'Onofrio zijn agendaboekje open. Hij zocht naar ervaring én jong talent. Bij Augsburg informeerde hij naar Daniel Opare, ex-Standard, maar die zou pas een seizoen later neerstrijken op de Bosuil. Bij Standard zocht hij contact met Réginal Goreux, maar ook dat ging niet door. Uiteindelijk kwam de verlosser uit Portugal. In het slot van de transfermarkt plukte D'Onofrio uit de B-ploeg van Benfica een parel weg: Aurélio Buta. Die is net 20 geworden en het wachten een beetje beu. Hij mocht er wel trainen met de A-ploeg, maar meedoen in officiële wedstrijden zat er nog niet in. Hij trok dan maar naar het noorden, op zoek naar speelminuten. In zijn hoofd zat toen nog: ik keer terug. Dat liet Buta bij vertrek immers uitschijnen in een interview met Record. Buta: 'De Belgische competitie is een goeie om in verder te groeien en ik hoop dat ik er speelminuten krijg. Ik wil terugkeren met meer ervaring.' Bij zijn voorstelling omschreef Buta zichzelf als 'een echte rechtsachter.' De waarheid bleek lichtjes anders. Zijn talenten lagen bij snelheid, techniek, balvastheid; in het offensieve. Logisch wellicht als je als jong talent op je veertiende wordt 'ontdekt' en als buitenspeler wordt gevormd op Seixal, het opleidingscentrum van de club uit Lissabon. Vrijwel onmiddellijk was hij bij die jeugd ook goed voor een stek in de nationale ploeg. Van U16 tot U20, Buta, geboren in Angola, maar al jong uitgeweken naar Portugal, bleef overeind in elke selectie. Twee keer haalde hij op het EK met zijn land de halve finales. Opvallend: in de tactische analyses van dat EK verschijnt Buta als... rechtsbuiten. Niet als rechtsachter, daar heeft Portugal Diogo Dalot lopen, inmiddels bij Manchester United. Dat hij geen echte rechtsachter is, ontdekken ze snel op Antwerp. Na een korte aanpassing gooit László Bölöni Buta half september een eerste keer in de strijd tijdens een bekermatch tegen Lierse. Alle aandacht gaat die dag evenwel naar Jelle Van Damme en maar goed ook. Buta debuteert weinig overtuigend. Zijn talenten liggen duidelijk in het offensieve, maar het Antwerp dat in die periode zijn weg zoekt, is een ploeg die het moet hebben van defensieve organisatie en counterwerk, met flankaanvallers die diep terugvallen. Er is dus weinig ruimte voor Buta om zijn talenten echt te laten zien. Zijn positiespel als rechtsachter is voor véél verbetering vatbaar en te midden van de grote bonken valt ook een gebrekkig kopspel op. Het eerste kan hij goedmaken met zijn snelheid, het tweede niet. De staf begint dan maar te polijsten. Buta wordt weer reserve en Bölöni test alterrnatieven uit. Allerlei namen verschijnen op rechtsachter, Borges, Yatabaré, N'Diaye. Pas in november zien we Buta terug, tegen Eupen, maar tijdens de winterstop gaat de club op zoek naar een ervaren alternatief. Bij Aston Villa leent men uiteindelijk voor zes maanden De Laet. Pas als deelname aan POI om zeep is na een donkere februarimaand met drie verlieswedstrijden op vier, keert Buta terug in de basis. Niet voor lang: een breuk in het middenvoetsbeentje maakt voortijdig een einde aan zijn eerste seizoen. Antwerp moet nu een moeilijke knoop doorhakken: wat nu? Laszlo Bölöni gelooft in Buta, ondanks alles. Ook de directie is overtuigd en zij probeert de huurovereenkomst om te zetten in een definitieve tot 2021. Half september is Buta na een nieuwe breuk in zijn middenvoetsbeentje opnieuw klaar. Vrijwel direct verdringt hij Opare. Op het eerste gezicht past diens stijl - met kwaliteiten vooral in het verdedigende - beter bij de no nonsenseaanpak van de coach, maar dat is schijn. Buta komt in de ploeg vanwege zijn snelheid, wendbaarheid en zijn aanvallende impulsen. De kwaliteit aan de Bosuil is omhoog gegaan en langzaam verandert het voetbal, met meer klemtoon op het technische. Met iets meer vrijheid ook voor de flanken, met op rechts Buta. Langzaam begin je in de statistieken ook zijn impact te zien. In zijn tweede seizoen voor Nieuwjaar goed voor slechts één assist, maar erna cruciaal in het veroveren van een stek in POI: van januari tot maart vijf assists. Hij moet een wapen zijn in POI, zoveel is duidelijk. De aanpassing heeft hij verteerd en het gaat ook met de taal langzaam beter, naast Portugees en Spaans begint hij ook Engels en wat Frans te spreken. Positioneel blijft er werk aan, maar zijn snelheid blijft veel compenseren. Buta is geen zwakke schakel meer in de defensie. Helaas ook geen wapen in POI: een meniscusletsel net voor de play-offs opgelopen houdt hem langs de kant. Opare stelt teleur en Yatabaré moet depanneren, maar is te ruw als vervanger. Uiteindelijk zijn er nog Europese play-offs nodig tegen Charleroi, met Seck als rechtsachter, om het seizoen niet helemaal in mineur te laten eindigen. Dit seizoen trekt Buta de lijn van de reguliere competitie door, de goeie opleiding van Benfica gekoppeld aan een toegenomen maturiteit en harde bijscholing in Antwerpen werpen hun vruchten af. Van Opare is na een zware knieblessure geen sprake meer. De Laet keert daarom terug uit Engeland na een ommetje via Melbourne City, maar hij doet het tegenwoordig op links. Buta kan de teugels nu helemaal laten vieren en nog offensiever aan de slag. Met zes assists en één goal is zijn impact ook in cijfers uit te drukken. Het hoeft geen verbazing te wekken dat Engeland lonkt. De eerste berichten brengen hem in november in verband met Wolves. Logisch, gezien de Portugese connectie daar. Maar ook Leicester, Newcastle en anderen informeren. Een officieel geschreven bod was er bij het ter perse gaan nog niet. Buta zelf gaf op stage aan weinig zin te hebben in een transfer nu. Er zijn nog wat uitdagingen. Op de Bosuil, niet zozeer bij de Portugese A-ploeg: met Pereira (Leicester City), Semedo (Barcelona) en Cancelo (Man. City) is de concurrentie groot. Maar het lijkt duidelijk: het wordt moeilijk om de rechtsachter met een contract tot 2021 nog veel langer op de Bosuil te houden. Zeker als hij dit jaar wél een wapen wordt in POI.