Oud-spelers van Lokeren rakelden het verhaal graag op: toen Roger Lambrecht zijn auto parkeerde langs de rand van het trainingsveld en van daaruit alles volgde, wilde hij achter zijn stuur wel eens in slaap vallen. Dan zorgden de spelers ervoor dat er een bal tegen de ruit van de auto werd geknald waarop Lambrecht verschrikt wakker schoot. Dat was lachen geblazen.
...

Oud-spelers van Lokeren rakelden het verhaal graag op: toen Roger Lambrecht zijn auto parkeerde langs de rand van het trainingsveld en van daaruit alles volgde, wilde hij achter zijn stuur wel eens in slaap vallen. Dan zorgden de spelers ervoor dat er een bal tegen de ruit van de auto werd geknald waarop Lambrecht verschrikt wakker schoot. Dat was lachen geblazen.De anekdote is illustratief voor de andere tijden waarin Lokeren leefde. Roger Lambrecht leidde de club op een ouderwetse manier en leek zich af te sluiten voor welke innovatie dan ook. Hij hield Lokeren financieel recht, zoals dat ook met vorige voorzitters is geweest. Etienne Rogiers bijvoorbeeld die in het begin van de jaren tachtig Lokeren leidde en aan het hoofd stond van een ploeg met wereldvedetten. De voorhoede Lato-Lubanski-Larsen is het beste wat ooit op de Belgische velden rondliep. Dankzij de gulle inbreng van Rogiers.Roger Lambrecht stak aanvankelijk geen geld in de club. Dat werd later anders. Hij noemde het renteloze leningen. Lambrecht was gepassioneerd door voetbal, hij hield van intelligente voetballers zoals de IJslander Runar Kristinsson of van alle Afrikaanse voetballers spelers die op Daknam arriveerden. Patrice Zéré was de leider, hij noemde zichzelf 'Monsieur le Président' en dat vond Lambrecht prachtig. De voorzitter hield van de zuivere techniek van Afrikaanse voetballers, van hun frivoliteit op het veld, ooit noemde iemand Lokeren toen een witte boom met zwarte takken. Een boom die soms bloeide, maar soms ook niet.Met de dood van Roger Lambrecht is er een bladzijde omgedraaid, niet alleen bij Lokeren, maar ook in het voetbal. Hij was de laatste voorzitter van de oude stempel. Clubs werden vroeger geleid door zeer autoritaire voorzitters, alleenheersers die ook lang aan het roer bleven. Constant Vanden Stock en Roger Petit lang geleden bij respectievelijk Anderlecht en Standard bijvoorbeeld, Eddy Wauters bij Antwerp, Roger Lambrecht veel later, vanaf medio 1994 bij Lokeren. Ze kwamen, betaalden en beslisten. Lambrecht tilde Lokeren naar een hoger niveau, maar hij wist dat een club halverwege tussen Gent en Antwerpen moeilijk leefbaar zou zijn. Toch bleef hij zichzelf engageren zonder dat hij inspraak duldde. Zo had hij ook zijn bandencentrale opgebouwd en uitgebouwd, met hard werken. Een gruwelijke hekel had Lambrecht aan mensen die er de kantjes van afliepen. Hij was veeleisend. In de eerste plaats voor zichzelf.Geduld had Roger Lambrecht niet. In 25 jaar voerde Lokeren 28 trainerswissels door en dat ofschoon Peter Maes in zijn eerste ambtsperiode vijf jaar aan het roer bleef. Met kritiek kon Lambrecht niet overweg. Hij was niet bang om journalisten op persconferenties de mantel uit de vegen, als die hem bijvoorbeeld aanwreven niet te willen vernieuwen. Dat deed Lambrecht niet. Buitenlandse overnemers, daar moest hij niet van weten. Toen zijn gezondheid het niet meer toeliet, verkocht hij zijn club medio 2019, na 25 jaar voorzitterschap, uiteindelijk aan ex-makelaar Louis de Vries. Het was het begin van het einde. Lambrecht leed onder de vernietiging van zijn levenswerk. Maar hij bracht dat nooit naar buiten en hield zich op in de luwte.