Zou Kevin De Bruyne hebben beseft wat voor gevolgen zijn doelpunt voor KRC Genk tegen Standard had? We schrijven begin februari 2010 en voetbalminnend België raakt onder de indruk van het talent van de polyvalente Genkse middenvelder, toen pas 18 en voor de match tegen Standard met een wedstrijd of twintig op zijn teller. Het is zondagavond en de slotwedstrijd van de 25ste speeldag zet op 7 februari 2010 Genk tegenover Standard. De tiende vs de vijfde, een match met wat piment. Bij Standard staan er twee ex-Genkies op het veld: Steven Defour en Sinan Bolat. In Genk zetten ze zich schrap.

In de negentiende minuut haalt De Bruyne uit. Bolat kan niet bij de bal, 1-0. De doelman van Standard zal in de tweede helft nog een strafschop van Thomas Buffel stoppen, maar Standard kan de nederlaag niet vermijden. Het zal de laatste wedstrijd zijn met Laszlo Bölöni op de bank. In dezelfde periode verschijnt een hard interview met de Fransman Olivier Dacourt, die zegt dat de Roemeen de greep op zijn kleedkamer kwijt is. Luciano D'Onofrio grijpt in en vervangt Bölöni door zijn broer Dominique D'Onofrio.

Herkenbaar

Tien jaar later zijn veel acteurs terug op de scène, maar in ander rood-wit. Defour is nu bij Antwerp, Bolat ook, net als Mbokani. Bölöni zit bij Antwerp op de bank, D'Onofrio runt er het sportieve. Ze zijn allemaal wat ouder, wijzer, grijzer of kaler, maar proberen nog steeds hetzelfde: winnen. En net als toen gaat dat ook nu niet altijd van een leien dakje. In Brugge verloor Antwerp met een controversiële goal, tegen Genk en Charleroi speelde het thuis twee keer gelijk. Het is wachten op nieuwe winst.

Zijn de protagonisten veranderd? Neen, zo blijkt. Naar aanleiding van die match dook ons zusterblad Foot Magazine in de archieven en de verklaringen van toen. En daar zit best herkenbaar materiaal in.

Net als op Standard diende D'Onofrio ook bij Antwerp al een paar keer zijn trainer in bescherming nemen.

De patron toen : 'Een trainer zal altijd voor- en tegenstanders kennen, zowel in tijden van voor- als tegenspoed. Het is niet omdat je wint, dat alles goed gaat; evenmin is het altijd slecht als je verliest. Bölöni heeft zijn kwaliteiten als leider, een goeie visie op voetbal en is tactisch zeer sterk. Bovendien kan hij zijn spelers motiveren.'

Gedurfder

Klinkt herkenbaar, neen?

De coach zelf is ook weinig veranderd. Bölöni als trainer van Standard over zijn gedrag langs de lijn: 'Ik weet perfect tot waar ik kan gaan in mijn gedrag, maar ik probeer me toch wel een beetje te beheersen. Ik forceer me altijd een beetje om niet helemaal te zeggen wat ik denk. Als speler was ik nog anders. Ik was een provocateur. Ik wilde altijd te allen prijze winnen en babbelde voortdurend om mijn tegenstanders te destabiliseren.'

Alleen in zijn filosofie is hij misschien een tikkeltje Belgischer geworden. Bölöni destijds: 'Toen ik in België begon te werken, was ik direct getroffen door de voorzichtige aanpak en het gebrek aan moed, zowel van de clubs die Europees speelde als bij jullie nationale ploeg. Ik had de indruk dat men vooral zocht naar manieren om niet te verliezen. Te voorzichtig.'

'Het mocht best wat temperamentvoller' vond de Roemeen, 'wat gedurfder, met meer risico. Dat kan door een andere tactiek te hanteren, maar ook op mentaal vlak. Zoiets is geen garantie op succes, maar het vergroot wel je kansen om een wedstrijd te winnen. Ik zie niet in waarom Steven Defour complexen zou moeten krijgen als bij de tegenstander Andrea Pirlo staat. Ik zeg u nu: Axel Witsel is zeker niet minder dan Steven Gerrard. Alles zit in het hoofd.'

Allicht tot zijn vreugde bouwde Witsel op zijn manier een grote carrière uit en waren er de vele blessures niet geweest, Defour had die ook gehad. En wat de nationale ploeg betreft: pas toen die avontuurlijker begon te spelen, kwamen de successen.

Alleen Bölöni zelf is wat behoudender gaan voetballen met zijn ploeg, al evolueert zijn Antwerp ook in een meer gedurfde richting. Zaterdag vanaf 18u kunnen we zien tot wat dat zal leiden...

Zou Kevin De Bruyne hebben beseft wat voor gevolgen zijn doelpunt voor KRC Genk tegen Standard had? We schrijven begin februari 2010 en voetbalminnend België raakt onder de indruk van het talent van de polyvalente Genkse middenvelder, toen pas 18 en voor de match tegen Standard met een wedstrijd of twintig op zijn teller. Het is zondagavond en de slotwedstrijd van de 25ste speeldag zet op 7 februari 2010 Genk tegenover Standard. De tiende vs de vijfde, een match met wat piment. Bij Standard staan er twee ex-Genkies op het veld: Steven Defour en Sinan Bolat. In Genk zetten ze zich schrap.In de negentiende minuut haalt De Bruyne uit. Bolat kan niet bij de bal, 1-0. De doelman van Standard zal in de tweede helft nog een strafschop van Thomas Buffel stoppen, maar Standard kan de nederlaag niet vermijden. Het zal de laatste wedstrijd zijn met Laszlo Bölöni op de bank. In dezelfde periode verschijnt een hard interview met de Fransman Olivier Dacourt, die zegt dat de Roemeen de greep op zijn kleedkamer kwijt is. Luciano D'Onofrio grijpt in en vervangt Bölöni door zijn broer Dominique D'Onofrio.Tien jaar later zijn veel acteurs terug op de scène, maar in ander rood-wit. Defour is nu bij Antwerp, Bolat ook, net als Mbokani. Bölöni zit bij Antwerp op de bank, D'Onofrio runt er het sportieve. Ze zijn allemaal wat ouder, wijzer, grijzer of kaler, maar proberen nog steeds hetzelfde: winnen. En net als toen gaat dat ook nu niet altijd van een leien dakje. In Brugge verloor Antwerp met een controversiële goal, tegen Genk en Charleroi speelde het thuis twee keer gelijk. Het is wachten op nieuwe winst.Zijn de protagonisten veranderd? Neen, zo blijkt. Naar aanleiding van die match dook ons zusterblad Foot Magazine in de archieven en de verklaringen van toen. En daar zit best herkenbaar materiaal in.Net als op Standard diende D'Onofrio ook bij Antwerp al een paar keer zijn trainer in bescherming nemen.De patron toen : 'Een trainer zal altijd voor- en tegenstanders kennen, zowel in tijden van voor- als tegenspoed. Het is niet omdat je wint, dat alles goed gaat; evenmin is het altijd slecht als je verliest. Bölöni heeft zijn kwaliteiten als leider, een goeie visie op voetbal en is tactisch zeer sterk. Bovendien kan hij zijn spelers motiveren.'Klinkt herkenbaar, neen?De coach zelf is ook weinig veranderd. Bölöni als trainer van Standard over zijn gedrag langs de lijn: 'Ik weet perfect tot waar ik kan gaan in mijn gedrag, maar ik probeer me toch wel een beetje te beheersen. Ik forceer me altijd een beetje om niet helemaal te zeggen wat ik denk. Als speler was ik nog anders. Ik was een provocateur. Ik wilde altijd te allen prijze winnen en babbelde voortdurend om mijn tegenstanders te destabiliseren.'Alleen in zijn filosofie is hij misschien een tikkeltje Belgischer geworden. Bölöni destijds: 'Toen ik in België begon te werken, was ik direct getroffen door de voorzichtige aanpak en het gebrek aan moed, zowel van de clubs die Europees speelde als bij jullie nationale ploeg. Ik had de indruk dat men vooral zocht naar manieren om niet te verliezen. Te voorzichtig.' 'Het mocht best wat temperamentvoller' vond de Roemeen, 'wat gedurfder, met meer risico. Dat kan door een andere tactiek te hanteren, maar ook op mentaal vlak. Zoiets is geen garantie op succes, maar het vergroot wel je kansen om een wedstrijd te winnen. Ik zie niet in waarom Steven Defour complexen zou moeten krijgen als bij de tegenstander Andrea Pirlo staat. Ik zeg u nu: Axel Witsel is zeker niet minder dan Steven Gerrard. Alles zit in het hoofd.'Allicht tot zijn vreugde bouwde Witsel op zijn manier een grote carrière uit en waren er de vele blessures niet geweest, Defour had die ook gehad. En wat de nationale ploeg betreft: pas toen die avontuurlijker begon te spelen, kwamen de successen.Alleen Bölöni zelf is wat behoudender gaan voetballen met zijn ploeg, al evolueert zijn Antwerp ook in een meer gedurfde richting. Zaterdag vanaf 18u kunnen we zien tot wat dat zal leiden...