Afmaken is ook een kwaliteit. Ook als het wat makkelijker gaat en je de controle over de wedstrijd hebt, als alles in jouw voordeel rolt en je tegenstander nog amper weet van welk hout pijlen te maken. Of hoe hij die bal moet controleren. Un peu n'importe quoi, zo omschreef Michel Preud'homme vlak na de wedstrijd voor de televisiecamera's het spel van zijn ploeg na een minuut of 55, 60. Nadat de peptalk in de kleedkamer tot een paar kansen in het begin van de tweede helft had geleid. Toen nam Anderlecht weer het heft in handen en was Club Brugge niks meer.

Belga Image
© Belga Image

Dat had - deels - ook met een optie te maken die de Brugse coach zelf nam. Timmy Simons was net als tegen Dnipro ook tegen Anderlecht centrale verdediger. Europees was dat logisch, de kwartfinale speelde Club met quasi alles wat beschikbaar is, op de bank zaten, naast Tom De Sutter, alleen nog jonkies zonder ervaring op topniveau. Zondag was dat anders, toen was Stefano Denswil wel beschikbaar. Ook een jonkie, dat is waar, maar al met wat wedstrijdritme. Na KV Kortrijk allicht ook met niet te veel vertrouwen, vandaar de keuze.

Maar op het middenveld werd Simons, net als tegen Dnipro gemist. Zijn snelheid van handelen, snelheid van denken, de rust in balbezit, de automatismen ook met Ruud Vormer en Victor Vázquez. De Spanjaard is op de weg terug, maar is er nog niet helemaal. Lucide op spelhervattingen, maar in de combinatie nog niet helemaal zuiver. Dus leed Club, waar ook De Sutter een lastiger eerste helft kende dan Obbi Oulare drie dagen eerder tegen Dnipro, meer balverlies. Kon Vormer minder goed aansluiten en moest hij vooral rennen. Had Claudemir net als Silva drie dagen eerder, moeite met het ritme, en met de snelheid van handelen. Te veel voetballen op trainingsritme, waar het allemaal iets minder intens is. In een match leidt zoiets tot balverlies, zeker als de vermoeidheid wat gaat spelen. Daarom werd het bij Club, dat op rechts de impulsen van Thomas Meunier miste, un peu n'importe quoi.

Belga Image
© Belga Image

Maar, zoals gezegd, afmaken is ook een kwaliteit. Lag het aan nonchalance, overdreven zelfvertrouwen, of hééft Anderlecht die gewoon niet? Als we het lijstje met doelpuntenmakers bekijken, is er Aleksandar Mitrovic. Vijftien goals. En daarna toch de leegte. Steven Defour, die dezer dagen zeer diep speelt, staat op twee met zes goals. Dennis Praet, ook op de weg terug, maar moeizaam, op drie met vijf goals.. Terwijl hij toch als tweede aanvaller moet acteren. Alles moet van de Serviër komen, want de vleugelspitsen Andy Najar en Frank Acheampong maakten elk.. 2 goals. Anderlecht hééft talent, Anderlecht voetbalde beter, maar Anderlecht moet misschien ook dat aanvallende, goed voetballende en snelle talent dieper ontwikkelen qua killersinstinct. Mooi gaat hand in hand met efficiënt. Op topniveau, vraag dat maar aan Eden Hazard.

Bekijk dan Brugge. Géén speler in de top vijf van de Gouden Stier ondanks een lawine aan goals dit seizoen, maar wel veel verschillende doelpuntenmakers. José Izquierdo, De Sutter, Felipe Gedoz, Lior Refaelov, Vázquez, Simons zelfs, Nicolas Castillo voor Nieuwjaar. Om de beurt zat er wel eens eentje in een goeie periode en trok hij Club over de streep.

Veel lof ging zondag naar Obbi Oulare, die op zijn eentje Club naar de gelijkmaker sleurde. Veel lof mag ook gaan naar Timmy Simons (38), de ouderdomsdeken. Wat ongelukkig bij de tegengoal van Anderlecht, maar verder verdedigend vlekkeloos. En gemist op het middenveld. Toen ze bij Club vorige zomer vonden dat Simons op zijn laatste benen liep, werd gezocht naar opvolging. Maar Menegazzo, Silva noch Claudemir konden de veteraan uit de ploeg spelen. In januari werd Simons bedankt met een nieuw contract. 38 en nog steeds onmisbaar, dan ben je een crack.

Afmaken is ook een kwaliteit. Ook als het wat makkelijker gaat en je de controle over de wedstrijd hebt, als alles in jouw voordeel rolt en je tegenstander nog amper weet van welk hout pijlen te maken. Of hoe hij die bal moet controleren. Un peu n'importe quoi, zo omschreef Michel Preud'homme vlak na de wedstrijd voor de televisiecamera's het spel van zijn ploeg na een minuut of 55, 60. Nadat de peptalk in de kleedkamer tot een paar kansen in het begin van de tweede helft had geleid. Toen nam Anderlecht weer het heft in handen en was Club Brugge niks meer. Dat had - deels - ook met een optie te maken die de Brugse coach zelf nam. Timmy Simons was net als tegen Dnipro ook tegen Anderlecht centrale verdediger. Europees was dat logisch, de kwartfinale speelde Club met quasi alles wat beschikbaar is, op de bank zaten, naast Tom De Sutter, alleen nog jonkies zonder ervaring op topniveau. Zondag was dat anders, toen was Stefano Denswil wel beschikbaar. Ook een jonkie, dat is waar, maar al met wat wedstrijdritme. Na KV Kortrijk allicht ook met niet te veel vertrouwen, vandaar de keuze.Maar op het middenveld werd Simons, net als tegen Dnipro gemist. Zijn snelheid van handelen, snelheid van denken, de rust in balbezit, de automatismen ook met Ruud Vormer en Victor Vázquez. De Spanjaard is op de weg terug, maar is er nog niet helemaal. Lucide op spelhervattingen, maar in de combinatie nog niet helemaal zuiver. Dus leed Club, waar ook De Sutter een lastiger eerste helft kende dan Obbi Oulare drie dagen eerder tegen Dnipro, meer balverlies. Kon Vormer minder goed aansluiten en moest hij vooral rennen. Had Claudemir net als Silva drie dagen eerder, moeite met het ritme, en met de snelheid van handelen. Te veel voetballen op trainingsritme, waar het allemaal iets minder intens is. In een match leidt zoiets tot balverlies, zeker als de vermoeidheid wat gaat spelen. Daarom werd het bij Club, dat op rechts de impulsen van Thomas Meunier miste, un peu n'importe quoi.Maar, zoals gezegd, afmaken is ook een kwaliteit. Lag het aan nonchalance, overdreven zelfvertrouwen, of hééft Anderlecht die gewoon niet? Als we het lijstje met doelpuntenmakers bekijken, is er Aleksandar Mitrovic. Vijftien goals. En daarna toch de leegte. Steven Defour, die dezer dagen zeer diep speelt, staat op twee met zes goals. Dennis Praet, ook op de weg terug, maar moeizaam, op drie met vijf goals.. Terwijl hij toch als tweede aanvaller moet acteren. Alles moet van de Serviër komen, want de vleugelspitsen Andy Najar en Frank Acheampong maakten elk.. 2 goals. Anderlecht hééft talent, Anderlecht voetbalde beter, maar Anderlecht moet misschien ook dat aanvallende, goed voetballende en snelle talent dieper ontwikkelen qua killersinstinct. Mooi gaat hand in hand met efficiënt. Op topniveau, vraag dat maar aan Eden Hazard. Bekijk dan Brugge. Géén speler in de top vijf van de Gouden Stier ondanks een lawine aan goals dit seizoen, maar wel veel verschillende doelpuntenmakers. José Izquierdo, De Sutter, Felipe Gedoz, Lior Refaelov, Vázquez, Simons zelfs, Nicolas Castillo voor Nieuwjaar. Om de beurt zat er wel eens eentje in een goeie periode en trok hij Club over de streep.Veel lof ging zondag naar Obbi Oulare, die op zijn eentje Club naar de gelijkmaker sleurde. Veel lof mag ook gaan naar Timmy Simons (38), de ouderdomsdeken. Wat ongelukkig bij de tegengoal van Anderlecht, maar verder verdedigend vlekkeloos. En gemist op het middenveld. Toen ze bij Club vorige zomer vonden dat Simons op zijn laatste benen liep, werd gezocht naar opvolging. Maar Menegazzo, Silva noch Claudemir konden de veteraan uit de ploeg spelen. In januari werd Simons bedankt met een nieuw contract. 38 en nog steeds onmisbaar, dan ben je een crack.