In de 52e minuut kreeg Coulibaly (in maart wordt hij 36) een tweede gele kaart onder de neus geduwd, waarna zijn ploeg een doelpunt pakt en verliest.

'Het is alleszins het eerste waar je aan denkt: ik laat mijn ploeg in de steek, ik steek mijn ploegmaats in de miserie', reageert de Senegalees-Belgische spits, 'maar waar ik ook aan dacht, was: ik verdiende die tweede gele kaart eigenlijk niet. Nadat ik de beelden zag, wist ik dat helemaal zeker. Kabasele raakt mij aan de voet en geeft mij in het duel ook nog een duw. Als je dan toch een tweede gele kaart krijgt, voel je je geviseerd, zeker als dat ook nog eens gebeurt nadat die scheidsrechter je voor de wedstrijd is komen zeggen dat je moet opletten. Hij verklaarde achteraf dat het niet waar is, maar hij heeft pech: op de beelden is duidelijk te zien dat hij mij komt waarschuwen.'

'Er zijn mensen die mij zeggen dat ik zaterdag het slachtoffer van mijn verleden ben geworden', gaat Coulibaly verder. 'Maar als je oordeelt op basis van mijn reputatie, dan ben je geen scheidsrechter meer. Ik weet dat er ook trainers zijn die overal waar ze werken hun spelers opdragen te provoceren. In mijn eerste gele kaart kan ik mij vinden. Ik reageer heftig op een zuivere provocatie van Dewaest, die zijn studs op mijn enkel zet en zo riskeert mij zwaar te blesseren. Daar ben ik heel gevoelig voor, dat weet ik van mezelf. Ik ben een fysieke speler, dat is mijn kracht. Ik hou van stevige duels, iedereen mag hard zijn in duel met mij, maar dit was iets anders. Dat is iemand zoeken. Maar wie mij kent, weet: wat er is gebeurd, is voor mij een bron van motivatie.'

Lees de volledige vijf vragen aan Elimane Coulibaly in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 10 februari.

In de 52e minuut kreeg Coulibaly (in maart wordt hij 36) een tweede gele kaart onder de neus geduwd, waarna zijn ploeg een doelpunt pakt en verliest. 'Het is alleszins het eerste waar je aan denkt: ik laat mijn ploeg in de steek, ik steek mijn ploegmaats in de miserie', reageert de Senegalees-Belgische spits, 'maar waar ik ook aan dacht, was: ik verdiende die tweede gele kaart eigenlijk niet. Nadat ik de beelden zag, wist ik dat helemaal zeker. Kabasele raakt mij aan de voet en geeft mij in het duel ook nog een duw. Als je dan toch een tweede gele kaart krijgt, voel je je geviseerd, zeker als dat ook nog eens gebeurt nadat die scheidsrechter je voor de wedstrijd is komen zeggen dat je moet opletten. Hij verklaarde achteraf dat het niet waar is, maar hij heeft pech: op de beelden is duidelijk te zien dat hij mij komt waarschuwen.' 'Er zijn mensen die mij zeggen dat ik zaterdag het slachtoffer van mijn verleden ben geworden', gaat Coulibaly verder. 'Maar als je oordeelt op basis van mijn reputatie, dan ben je geen scheidsrechter meer. Ik weet dat er ook trainers zijn die overal waar ze werken hun spelers opdragen te provoceren. In mijn eerste gele kaart kan ik mij vinden. Ik reageer heftig op een zuivere provocatie van Dewaest, die zijn studs op mijn enkel zet en zo riskeert mij zwaar te blesseren. Daar ben ik heel gevoelig voor, dat weet ik van mezelf. Ik ben een fysieke speler, dat is mijn kracht. Ik hou van stevige duels, iedereen mag hard zijn in duel met mij, maar dit was iets anders. Dat is iemand zoeken. Maar wie mij kent, weet: wat er is gebeurd, is voor mij een bron van motivatie.'Lees de volledige vijf vragen aan Elimane Coulibaly in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 10 februari.