De beker als troostprijs. Als Anderlecht en Standard de finale halen, dan zou dat een confrontatie zijn van twee gewonde dieren, van twee clubs die al het heel seizoen zoeken naar sportieve stabiliteit, met iedere week weer veel verklaringen en excuses, maar weinig diepgang in de analyses.
...

De beker als troostprijs. Als Anderlecht en Standard de finale halen, dan zou dat een confrontatie zijn van twee gewonde dieren, van twee clubs die al het heel seizoen zoeken naar sportieve stabiliteit, met iedere week weer veel verklaringen en excuses, maar weinig diepgang in de analyses. Vincent Kompany schikt en herschikt en zei na het 1-1-gelijkspel tegen KV Mechelen dat zijn spelers progressie boeken en dat dit met vallen en opstaan gaat. En Mbaye Leye wees na de 1-0-nederlaag op Royal Excel Mouscron naar de staat van het veld en was veel milder voor zijn spelersgroep dan de week daarvoor toen Standard met 1-3 verloor van Anderlecht. Het is en blijft bizar dat er al jaren zoveel grillige curves zitten in het spel van de Rouches. Ver weg lijkt de tijd dat Standard in iedere wedstrijd weer symbool stond voor inzet en passie, dat er gebikkeld en geschoffeld werd, met een onwrikbare mentaliteit, met ongeduld en te vaak het wapen van de lange bal.En nu? Soms zit er vuur in het spel, dan weer gelatenheid. Vele trainers beten al hun tanden stuk op deze attitude. Ook Mbaye Leye. De beker moet voor Standard het seizoen redden. Net zoals voor Anderlecht. Het zou de zevende keer zijn dat de beide clubs in een bekerfinale tegenover elkaar zijn, de laatste keer in 1989. Maar net zo goed zijn het KRC Genk en KAS Eupen die op 24 of 25 april op de Heizel voor de beker strijden. Voetballen in de Oostkantons. Het gebeurt in een haast beklemmende anonimiteit. Die probeert Eupen al geruime tijd te doorbreken. Het wil zaterdag tegen Standard de poort naar het Koning Boudewijnstadion openbreken. Eupen is een van de meest onderschatte ploegen in deze competitie. Het heeft een technisch goed team en een sterke bank. Maar het mist slagvaardigheid in de zestien meter; de aanwezigheid van Smail Prevljak en zijn elf doelpunten ten spijt. Juist de Bosniër mist nogal wat kansen. KAS Eupen heeft dit seizoen fors geïnvesteerd, maar de coronapandemie heeft er bij de club zwaar ingehakt. Er was een periode dat de spelers een maand lang amper konden trainen. De Spaanse trainer Beñat San José verricht uitstekend werk. Hij straalt veel enthousiasme uit en is voor iedereen zeer toegankelijk. Toen het vorig seizoen even minder liep met Eupen en hem na een wedstrijd tegen STVV werd gevraagd of hij niet voor een ontslag vreesde, nam Marc Brys, toen trainer van de Limburgers, het woord. Hij zei dat Beñat, die hij kende uit zijn periode in de Verenigde Arabische Emiraten, een toptrainer was en krediet verdiende. Een opmerkelijk teken van collegialiteit. Soms is het goed om aan je trainer vast te houden. Twee en een halve week geleden, na de thuisnederlaag van KRC Genk tegen Beerschot, werd er intern lang vergaderd over het lot van trainer John van den Brom. Niet iedereen zat op dezelfde lijn. Uiteindelijk werd besloten met de Nederlander door te gaan, vier trainers in een en hetzelfde seizoen, daar kom je als bestuur niet goed uit. Uiteindelijk slaagde Van den Brom, die het beeld met zich meedraagt dat hij een club in problemen niet kan reanimeren, er toch in het tij te keren. KRC Genk won drie wedstrijden op rij, het voetbal werd steeds beter. Hoeveel potentieel er in het elftal zit, dat blijkt als de Limburgers snel op voorsprong komen, zoals zondag tegen Cercle Brugge. John van den Brom, die door de spelers uitermate wordt gewaardeerd, keek er tevreden naar. Hij analyseerde de wedstrijd rustig, met respect voor de tegenstander, egotripperij is hem vreemd. Zondag trekt KRC Genk voor de halve finale van de beker naar Anderlecht waarvan het in de competitie twee keer verloor. Ook de Limburgers dromen van de bekerfinale. Het zou de zesde zijn in de nog jonge geschiedenis.