Twee uur na de wedstrijd hadden ze het in de Gentse catacomben nog moeilijk om te geloven, dat ze van Club twee punten verloren. Net zoals die van Anderlecht een week eerder, die al helemaal de boot in gingen. De Brusselaars domineerden in Brugge gedurende zeventig minuten, maar bleven met nul punten achter. Gent speelde Club gedurende 45 minuten in het verweer. Aan de rust stond het 2-0, geen mens die nog een cent verwedde op de kansen van blauw-zwart.

Zelfs op de Brugse bank was het geloof in een derde come back tijdens deze play-offs miniem. Lior Refaelov wat rust gunnen, Sander Coopman wat speelminuutjes, het gebeurde allemaal al met het oog op de komende weken. De hele kern gebruiken, het krachtverlies verdelen. Maar toen kwam Tom De Sutter, met nog zo'n twintig minuten te gaan. Hij deed de wedstrijd kantelen. Uiteraard, zou je haast zeggen, eerst na een spelhervatting, voor de vijfde keer al in deze play-offs. En uiteindelijk redde Claudemir een paar minuten voor tijd nog een punt. De zoveelste come back was een feit. Alle competities door mekaar vocht Club dit seizoen al zeventien keer terug na een achterstand.

De eerste helft van Club was ondermaats. Een beetje eigen schuld. Op papier was het plan uitstekend: hoog druk zetten op de Gentse verdedigers. Maar Refaelov, dat is geen man voor hoge druk. En op het middenveld viel het voor Vormer niet te belopen, door de tactische opdrachten die Simons en Claudemir kregen. De eerste moest in de mandekking op Pedersen, de tweede op Milicevic. Als die hoog gingen staan, pakte Club plots uit met een verdediging van zes man op één lijn. Ga dan maar druk zetten, Ruud Vormer.. Drie keer pakte Gent een op dat moment een kwetsbaar Club, twee keer leverde het een goal op van Milicevic, een keer was Pedersen te nonchalant. Claudemir bij de eerste goal, De Bock bij nummer twee, het zag er niet goed uit. Aan de overkant voor de rust een keer dreiging. Uiteraard op een spelhervatting. Sels duwde via de paal een inzet van Duarte buiten.

Hoe anders na de rust. Gent, tijdelijk leider, bezweek onder het verwachtingspatroon. Het hield voorin geen bal meer bij, werd op het middenveld weggelopen en kraakte achterin. Club duwde, en was verrassend de meest frisse ploeg. Tempowisselingen, versnellingen, interval, dat zit er niet meer in bij Club, de extra jus is eruit, was door het drukke programma ook niet meer, of minder, te trainen. Maar duurlopen hebben ze wel gedaan, qua uithouding zit het bij Club nog zeer snor. Veel gevaar leverde dat lopen niet op, tot de intrede van De Sutter. Die won prompt alle kopduels tegen Gershon, Gent hield voorin geen bal meer bij en je voelde het drama als het ware komen.

Wat leerde speeldag vier?

Dat Club nog niet dood is. Wat fysiek niet meer kan, is mentaal wél nog mogelijk. Dat Gent nog stappen moet zetten. Dit seizoen nog niet verloren van Club, maar de 2-2 mag gerust gezien worden als een nederlaag. Op Charleroi liet men al een punt ontglippen, nu twee. Zo word je geen kampioen, terwijl het dit seizoen echt wel kan. En drie: dat Anderlecht de lachende derde is. Plots wél veel goals, en een middenveld dat groeit. Donderdag Gent-Anderlecht. Dat belooft.

Twee uur na de wedstrijd hadden ze het in de Gentse catacomben nog moeilijk om te geloven, dat ze van Club twee punten verloren. Net zoals die van Anderlecht een week eerder, die al helemaal de boot in gingen. De Brusselaars domineerden in Brugge gedurende zeventig minuten, maar bleven met nul punten achter. Gent speelde Club gedurende 45 minuten in het verweer. Aan de rust stond het 2-0, geen mens die nog een cent verwedde op de kansen van blauw-zwart. Zelfs op de Brugse bank was het geloof in een derde come back tijdens deze play-offs miniem. Lior Refaelov wat rust gunnen, Sander Coopman wat speelminuutjes, het gebeurde allemaal al met het oog op de komende weken. De hele kern gebruiken, het krachtverlies verdelen. Maar toen kwam Tom De Sutter, met nog zo'n twintig minuten te gaan. Hij deed de wedstrijd kantelen. Uiteraard, zou je haast zeggen, eerst na een spelhervatting, voor de vijfde keer al in deze play-offs. En uiteindelijk redde Claudemir een paar minuten voor tijd nog een punt. De zoveelste come back was een feit. Alle competities door mekaar vocht Club dit seizoen al zeventien keer terug na een achterstand.De eerste helft van Club was ondermaats. Een beetje eigen schuld. Op papier was het plan uitstekend: hoog druk zetten op de Gentse verdedigers. Maar Refaelov, dat is geen man voor hoge druk. En op het middenveld viel het voor Vormer niet te belopen, door de tactische opdrachten die Simons en Claudemir kregen. De eerste moest in de mandekking op Pedersen, de tweede op Milicevic. Als die hoog gingen staan, pakte Club plots uit met een verdediging van zes man op één lijn. Ga dan maar druk zetten, Ruud Vormer.. Drie keer pakte Gent een op dat moment een kwetsbaar Club, twee keer leverde het een goal op van Milicevic, een keer was Pedersen te nonchalant. Claudemir bij de eerste goal, De Bock bij nummer twee, het zag er niet goed uit. Aan de overkant voor de rust een keer dreiging. Uiteraard op een spelhervatting. Sels duwde via de paal een inzet van Duarte buiten.Hoe anders na de rust. Gent, tijdelijk leider, bezweek onder het verwachtingspatroon. Het hield voorin geen bal meer bij, werd op het middenveld weggelopen en kraakte achterin. Club duwde, en was verrassend de meest frisse ploeg. Tempowisselingen, versnellingen, interval, dat zit er niet meer in bij Club, de extra jus is eruit, was door het drukke programma ook niet meer, of minder, te trainen. Maar duurlopen hebben ze wel gedaan, qua uithouding zit het bij Club nog zeer snor. Veel gevaar leverde dat lopen niet op, tot de intrede van De Sutter. Die won prompt alle kopduels tegen Gershon, Gent hield voorin geen bal meer bij en je voelde het drama als het ware komen. Dat Club nog niet dood is. Wat fysiek niet meer kan, is mentaal wél nog mogelijk. Dat Gent nog stappen moet zetten. Dit seizoen nog niet verloren van Club, maar de 2-2 mag gerust gezien worden als een nederlaag. Op Charleroi liet men al een punt ontglippen, nu twee. Zo word je geen kampioen, terwijl het dit seizoen echt wel kan. En drie: dat Anderlecht de lachende derde is. Plots wél veel goals, en een middenveld dat groeit. Donderdag Gent-Anderlecht. Dat belooft.