Het verschil tussen een goeie en een slechte tv-serie? De goesting die je als tv-kijker hebt om verder te kijken naar aflevering twee. In het geval van het feuilleton 'Standard volgens Luka Elsner' kan op zijn minst gezegd worden dat de appetijt om verder te kijken groot is. Welke richting het uitgaat, dat valt echter nog niet te voorspellen.
...

Het verschil tussen een goeie en een slechte tv-serie? De goesting die je als tv-kijker hebt om verder te kijken naar aflevering twee. In het geval van het feuilleton 'Standard volgens Luka Elsner' kan op zijn minst gezegd worden dat de appetijt om verder te kijken groot is. Welke richting het uitgaat, dat valt echter nog niet te voorspellen. Luka Elsner zelf had zich wel een ander slot van aflevering één toegewenst. Uiteindelijk duurden zijn wittebroodsweken minder dan een week. Hij speelde geen rolletje, met zijn doffe blik richting de leeglopende tribunes, zaterdagavond na het laatste fluitsignaal. Vijf minuten eerder had géén van de aanwezigen daar nog durven te denken dat de overwinning Standard kon ontglippen, toen het nog met twee goals verschil leidde tegen OH Leuven. Elsner leek amper te kunnen vatten wat hem in die dolle slotfase overkwam. Ook al was dat niet de eerste keer. Het was met Kortrijk dit seizoen ook al drie keer gebeurd dat zijn team op het einde van de wedstrijd nog punten te grabbel gooide, waaronder de laatste twee matchen, toen het eerst op Zulte Waregem en een week later tegen Charleroi telkens 2-2 werd. Het overkwam de trainer zaterdag voor de derde opeenvolgende keer, twee punten weggeven terwijl een driepunter binnen leek. Toen hij die ochtend in een Luiks hotel, waar hij voorlopig gehuisvest is, het ontbijt nuttigde, stelde hij zich de rest van de dag nog anders voor. Sneller dan verwacht moest hij zijn gelaatsuitdrukking van de slechte dagen bovenhalen en in de rol kruipen van verliezer van de dag. Een slechte start, kortom. 'Ik rook iets. We voelden dat er iets zou gebeuren. We hebben de negatieve krachten uitgedaagd.' De afgelopen dagen leek Standard meer bezig met het afscheid van Mbaye Leye dan met de komst van Luka Elsner. Alsof het ervan uitging dat het zo meteen verlost zou zijn van al zijn zorgen, samen met de man die door Michel Preud'homme nog werd voorgesteld als zijn ideale opvolger. Dat viel op in de toon op de persconferentie waarop de nieuwe trainer werd voorgesteld, vorige week dinsdag. Toen werd al duidelijk dat het hoofdstuk Leye nog niet helemaal afgesloten was. Samen met Leye werd ook zijn technische staf de deur gewezen, een sportieve noodzaak gezien de snel verslechterde relatie tussen de vroegere trainer en het bestuur de weken voordien. Door hun keuze gingen Bruno Venanzi en Alexandre Grosjean voor een diplomaat op sportschoenen. Met zijn eerste woorden in Luik bedankte Elsner 'Bruno en Alex' voor hun vertrouwen. Wie hem nog niet kende, omschreef de trainer in een eerste indruk als iemand die welbespraakt minutenlang aan het woord kan blijven. Het is geen obligate lege praat, maar hij kiest zijn woorden zorgvuldig zodat de boodschap blijft hangen. Zo herinnerde men zich in Luik eind vorige week vooral de uitdrukkingen 'hoop wekken', 'het familiegevoel terugvinden' of 'het voetbal weer een plaats geven in het hart van het project'. Duidelijke taal van een man die welomlijnde ideeën heeft. Woorden ook waarmee hij zich onderscheidde van zijn zes of zeven medekandidaten met wie het Luikse bestuur via Teams contact had tijdens de afgelopen interlandbreak. Dat waren niet allemaal dertigers zoals Elsner, maar de club had al aangegeven dat men niet absoluut verder wilde in dezelfde richting van verjonging. 'Er is tegenwoordig een zekere moderne aanpak bij een aantal trainers die wel bevalt', gaf Alexandre Grosjean aan. ' Clement, Blessin en Still maken deel uit van een nieuwe generatie die interessant werk levert, maar dit Standard heeft een ervaren hand nodig. Elsner is nog maar 39 maar heeft al acht of negen jaar ervaring op het hoogste niveau. Zijn leerjaren heeft hij achter de rug.' Die ervaring zal hij snel moeten aanwenden. Geïrriteerd als het was door de autoritaire aanpak van Leye koos Standard met de voormalige trainer van Union, Amiens en KV Kortrijk voor een technische staf die meer geneigd is om over het tactische bord heen gebogen te staan dan in de bureaus op hun strepen te staan. Een technische staf die ook moet beseffen dat het organigram dat het bestuur hanteert niet meer in vraag gesteld moet worden. Dat lichtte Grosjean toe toen hij uitlegde waarom er geen opvolger werd aangesteld voor sportief directeur Benjamin Nicaise van wie kort voor Leyes ontslag afscheid werd genomen. 'Op korte termijn komt er niemand nieuw. In het verleden was hier de neiging om de sleutels van het sportieve aan de trainer en zijn staf te geven. Vanaf nu willen we onze steun van dichtbij uiten. Met een bestuur dat korter bij de trainers staat bekom je een collectieve verantwoordelijkheid. Dat is wat ik een week geleden ook in de kleedkamer heb gezegd.' Binnen de week zou hij een nieuwe trainer aanduiden, had Grosjean beloofd. Een belofte waar hij zich aan hield. Off the record geeft iemand uit de club aan dat alles veel sneller gaat sinds het ontslag van Nicaise die er een gewoonte van maakte om de sfeer tijdens de gesprekken over belangrijke beslissingen te bezoedelen. Een late tackle die nog eens aangeeft dat er veel nutteloze energie is gestopt in ruzies waarvan uiteindelijk niemand beter is geworden. De eerste beslissing van Elsner als trainer van Standard verbaasde niemand. Op basis van de sportieve balans van net voor zijn komst kon hij niet anders dan de spelers die door Leye gebannen waren terug bij de kern te halen. Zo keerden Noë Dussenne en Mehdi Carcela terug bij hun ploegmaats. Uiteindelijk doet Elsner daarmee hetzelfde wat Leye bij zijn aantreden deed, een kans geven aan de ouderen die niet meer hetzelfde rendement haalden. Wat beide spelers gemeen hebben is dat ze voor het laatst in de basis stonden op 1 mei, toen Standard de 6-2-blamage op KV Oostende opliep. Met Dussenne zou het conflict met de vroegere trainer al dateren van toen beiden nog ploegmaats waren bij RE Mouscron. Het is om diezelfde reden - het feit dat hij er maar niet in slaagde om over zijn vroegere vetes heen te stappen - dat op het einde niemand meer bereid was om Leye te steunen. Of, zoals een ingewijde het omschrijft: 'Iedereen was het beu om te werken met een diva die geen afstand kan nemen van wat voorbij is.' Zaterdag keerde Dussenne terug in naam van het 'natuurlijk leiderschap', maar de verandering betrof niet enkel de ingevulde namen op het scheidsrechtersblad. Men wilde, ondanks de vele afwezigen door de interlandbreak, in die paar dagen al starten met een nieuwe filosofie. 'Het viel misschien nog niet meteen op, maar er zit een lijn in hoe we spelen, verdedigen en aanvallen', klinkt het intern. 'We hebben op enkele dagen tijd veel aanvallende fases ingeoefend, keer op keer. Vandaag is alles duidelijk en voelt iedereen zich betrokken. Dat is de verandering: dat wanneer de trainer zijn instructies geeft, we weten waar we naartoe gaan.' Alleen was die duidelijke lijn zaterdagavond niet echt te bespeuren in het speelplan van de Rouches. Dat Elsner pas 48 uur voor de aftrap over al zijn spelers kon beschikken, was een excuus, maar op het veld bleek duidelijk dat niet alles wat de laatste maanden verkeerd liep op Sclessin de fout was van Leye. 'Zelf heb ik me altijd voorgenomen om niet tussenbeide te komen in het sportieve', gaf Alexandre Grosjean tussendoor aan. 'Geen vragen stellen betekent niet dat je die vragen niet aan jezelf stelt, het wil alleen zeggen dat je iedereen in zijn functie laat werken. Dat moet de gouden regel zijn in het voetbal. De bestuurders besturen en de trainers trainen. Als je dat niet respecteert, verstoor je het evenwicht.' Daarom zal Grosjean het ook niet hebben over de twee in extremis verloren punten in Leuven. Hooguit zal hij nog eens benadrukken dat er nu verschillende mensen zijn die meedenken aan het roer van het sportieve schip. Met nadruk op de 'enorme kwaliteiten van de nieuwe assistent-trainer'. Door Will Still aan te werven was het Luikse bestuur niet alleen Anderlecht te snel af, het gaf ook aan dat men uit zijn fouten geleerd heeft door aan de nieuwe T1 een assistent toe te kennen op wie in de toekomst gerekend wordt. 'Nieuwe bezems vegen altijd goed, maar ineens heeft de club twee nieuwe bezems gehaald', zegt een andere gesprekspartner uit het huis. 'Van de ene op de andere dag voelen de spelers een verandering. Met Elsner praat men over voetbal. Onder Leye ging het vooral over het extrasportieve, de discipline, een beetje zoals onder Michel Preud'homme. En wanneer een goed en ervaren communicator een starre dictator opvolgt, merk je onmiddellijk het verschil. Elsner verdeelt het werk, Leye deed alles alleen. Hij weigerde om zich te omringen met anderen. Zijn probleem was dat hij zelf geen enkele ervaring als hoofdtrainer had en ook niet kon rekenen op veel spelers met honderd profwedstrijden in de benen die de groep naar omhoog konden meetrekken. Deze selectie had een ervaren hand nodig en die had Leye niet. Daar kon hij niets aan doen, dat was een inschattingsfout van bovenaf.'