Laat ons beginnen met de beker. In ons voorstel zou de club uit de lagere reeks altijd van het thuisvoordeel genieten. Voor een kleinere club is de komst van een ploeg uit de hoogste afdeling een evenement waar wekenlang naartoe wordt geleefd. Het bezoek van Anderlecht, Club Brugge, Standard, KRC Genk of KAA Gent is vaak een van de hoogtepunten uit de clubgeschiedenis. Deinze-Club Brugge is een affiche. Club Brugge-Deinze is dat geenszins. Los van het resultaat.
...

Laat ons beginnen met de beker. In ons voorstel zou de club uit de lagere reeks altijd van het thuisvoordeel genieten. Voor een kleinere club is de komst van een ploeg uit de hoogste afdeling een evenement waar wekenlang naartoe wordt geleefd. Het bezoek van Anderlecht, Club Brugge, Standard, KRC Genk of KAA Gent is vaak een van de hoogtepunten uit de clubgeschiedenis. Deinze-Club Brugge is een affiche. Club Brugge-Deinze is dat geenszins. Los van het resultaat. Vorige week (één week later dan wij) stelde Gabriel Marcotti in The Times precies hetzelfde voor om de FA Cup, de oudste competitie ter wereld, te redden. In Duitsland krijgt de kleinere club al heel lang het thuisvoordeel. In Frankrijk gaat het nog een stuk verder. Als twee clubs uit dezelfde reeks tegen elkaar worden geloot, krijgt de club met de beste fair play-cijfers een thuismatch cadeau. Op die manier worden de beoordelingen door de scheidsrechters van de sportiviteit van de ploegen in de verf gezet en heeft wangedrag van spelers of trainers sportieve consequenties. De eenstemmigheid verdwijnt vooral als het over de competitieformule gaat. Een hoogste divisie met tien teams is een uitgebreide play-off 1, zonder de nadelen van de huidige play-offs: geen halvering van de punten, een competitie waarin elke wedstrijd even belangrijk is en meer ploegen die twee keer tegen de toppers kunnen aantreden. Bovenal krijgt de draak van play-off 2 de doodsteek. Met slechts tien ploegen wordt het niveau zonder discussie opgekrikt. Dat het concept kan werken, blijkt in landen van het formaat van België, zoals Zwitserland en Oostenrijk. Ook al zijn de tv-rechten daar bedroevend laag, omdat er meer belangstelling bestaat voor de Bundesliga. FC Basel bereikte enkele keren de kwartfinales van de Champions League, Young Boys Bern klopte in december Juventus en RB Salzburg gooide dit seizoen hoge ogen in de Europa League. Verscheidene lezers opteerden voor een format met twee keer twaalf teams, die na de reguliere competitie over drie reeksen van acht worden verspreid. Dit betekent echter dat er in de reguliere competitie 22 keer 'umsonst' wordt gevoetbald. Of beter gezegd om bij de eerste acht van 1A en de eerste vier van 1B te eindigen. Bij die eerste acht kunnen vooraf al vijf namen worden ingevuld, zelfs als ze iedere week met een veredeld B-team aan de aftrap verschijnen. In wat 1C zou kunnen heten, wordt veertien keer gevoetbald om niet laatste of eventueel voorlaatste te worden. Al snel zal de spanning beperkt blijven tot enkele ploegen. Een gesloten competitie voor het profvoetbal - geen degradatie uit 1B, zoals ook werd geopperd - is een non-starter, want is niet toegelaten door UEFA. Het zou ook betekenen dat clubs die teruggezet worden vanwege een faillissement of omkoperij - remember KV Mechelen en Beerschot - nooit meer profvoetbal zouden kunnen spelen. De meeste kritiek kwam er op het idee om het aantal dalers te verhogen van één naar twee en mogelijk drie, omdat 1B de hel is. Het opzet van ons voorstel bestaat er juist in om van 1B in het slechtste scenario een vagevuur te maken. De inkomsten via televisie zouden eerlijker verdeeld worden om clubs uit de tweede klasse meer financiële armslag te geven. De voorbije jaren leerden we ook dat clubs die in tweede klasse voor promotie strijden meer toeschouwers lokken dan wanneer ze een reeks hoger tegen de degradatie knokken. Lokeren tegen Waasland-Beveren voor de eerste plaats in 1B klinkt heel wat aanlokkelijker dan hetzelfde duel om de rode lantaarn in 1A kwijt te spelen. En elke kleinere club die een beetje presteert, zal over tien jaar vijf seizoenen bij de elite meedraaien en dus tien keer de topploegen kunnen ontvangen. Cruciaal in ons voorstel is de kleinere clubs een duw in de rug te geven, omdat elke competitie zo sterk is als zijn zwakste schakel.