Als het spreekwoord klopt dat er geen rook is zonder vuur, dat staat het huis van Roberto Martínez in Waterloo sinds het doek viel over het WK in Rusland haast continu in brand. Geen semester ging voorbij of zijn naam werd wel eens gekoppeld aan een of ander team, dan wel nationale ploeg. Eerst was er een gerucht rond Saudi-Arabië, vervolgens Arsenal, daarna FC Barcelona zelfs, in mei 2019. Onlangs weer heette Celtic hem op de lijst te hebben gezet. Sinds hij de Rode Duivels in 2016 overnam, gaat het met de internationale waardering van de Spanjaard als coach crescendo. En dan wordt er gesnuffeld.
...

Als het spreekwoord klopt dat er geen rook is zonder vuur, dat staat het huis van Roberto Martínez in Waterloo sinds het doek viel over het WK in Rusland haast continu in brand. Geen semester ging voorbij of zijn naam werd wel eens gekoppeld aan een of ander team, dan wel nationale ploeg. Eerst was er een gerucht rond Saudi-Arabië, vervolgens Arsenal, daarna FC Barcelona zelfs, in mei 2019. Onlangs weer heette Celtic hem op de lijst te hebben gezet. Sinds hij de Rode Duivels in 2016 overnam, gaat het met de internationale waardering van de Spanjaard als coach crescendo. En dan wordt er gesnuffeld. Maar zie: vijf jaar later is hij er nog steeds. Meer dan ooit zelfs, de voorbije maanden in het nationaal centrum in Tubeke één van de meest regelmatige (en weinige) bezoekers. Roberto Martínez is geen fan van telewerk. De Spanjaard is evenmin iemand die kijkt op een uurtje meer of minder. Geen onbelangrijk detail gezien zijn dubbele pet: naast bondscoach is hij immers nog steeds technisch directeur, een cumul die zijn voorgangers steeds hebben geweigerd. Hem zit dat pak als gegoten, fijn diplomaat als hij is. Hij is een bekwame vakman, maar ook een pientere onderhandelaar, in staat om te bekomen wat hij wil bij zijn verschillende gesprekspartners. En toch, ondanks al die goeie signalen, zijn er ook tekenen die niet bedriegen. Signalen die sommige mensen zelfs boos maken. Mensen wijzen dan, of getuigen over, de goeie band die er is gegroeid tussen de Israëlische makelaar Pini Zahavi en de groep rond Martínez die voortdurend zijn kwaliteiten in een goed daglicht zetten. Soms zeer expliciet. Zo expliciet zelfs dat een toekomst van de Rode Duivels zonder Martínez aan het hoofd nabijer kan zijn dan iedereen denkt. Officieel verwijst de coach - afgelopen vrijdag nog toen iemand naar Celtic vroeg - naar het contract dat hij heeft ('zoiets ligt niet in mijn handen'). Officieus hoor je dat op zijn verzoek de banden met Zahavi als tussenpersoon de voorbije tijd voldoende werden aangehaald, om slapende honden wakker te maken. Heeft Roberto Martínez andere toekomstdromen? Zahavi zit in een officieuze top drie van supermakelaars, naast Jonathan Barnett en Mino Raiola. De eerste contacten met de Israëliër dateren van na het WK in Rusland. Volgens de makelaar zijn beide mannen inmiddels 'goeie vrienden'. De bereidheid van Martínez om met de man, in het verleden bekritiseerd om zijn methodes, samen te werken, heeft te maken met zijn genie en het gemak waarmee hij de poorten van de grootste clubs in Europa kan openen. Onlangs, en dat op initiatief van Pini Zahavi, werd een contact gelegd met een derde tussenpersoon, via videoconferentie. Het is de bedoeling van Zahavi om Martínez deze zomer nog bij een Engelse topclub onder te brengen. Een aantrekkelijke uitdaging voor een trainer die plots is beginnen twijfelen om zijn uitdaging als bondscoach van de Rode Duivels door te trekken tot in december 2022, wanneer zijn contract met de Belgische voetbalbond afloopt. En daar heeft de zachte helling die de Rode Duivels te wachten staat, heel veel mee te maken.Het werk aan een mogelijk vertrek na het EK gebeurt op dit moment zeer discreet, in de coulissen. En het is de bondscoach die een en ander in gang heeft gezet. Om dat te begrijpen, moeten we terug naar vijf jaar geleden, en het begin van zijn liefde voor België. Niet voor de lekkere frietjes, maar om zijn ambitie als coach. Ambitie die je daar brengt waar iets valt te halen. Door zich te binden aan België vond Roberto Martínez, een paar maanden eerder ontslagen bij Everton, een prestigieuze job in voetballand en een onverhoopte kans om snel wat sporten te beklimmen op de ladder van het succes. Het dient gezegd: hij maakte er wat van. Zijn aanpak stelde allerminst teleur. Op minder dan twee jaar tijd zette hij een getalenteerde generatie naar zijn hand, door tegelijk zeer strategisch te werk te gaan én ondernemend te zijn. Hij toonde zich zeer rechtlijnig en een sluw communicator. Een avonturier ook, die zeer goed de weg kende. Toen covid-19 toesloeg, het EK met een jaar werd uitgesteld en iedereen zich wat meer in zijn cocon terug trok, stelde Martínez zich de vraag: wat kan ik deze ploeg nog bijbrengen? Maar ook: wat kan deze ploeg mij nog bijbrengen? Dat hij tot dusver nog steeds aan boord is, ondanks eerdere aanbiedingen, heeft te maken met zijn rechtlijnigheid, en ook met onwil om het schip te verlaten op een paar maanden van een grote continentale uitdaging. Dat hij tegelijk ook nadacht over de toekomst, kan je afleiden aan zijn inspanningen - zeer intensief maar op dit moment nog een beetje verloren - om jongens à la Pascal Struijk en Adrien Truffert, mannen met een dubbele nationaliteit, te overhalen om voor de Rode Duels te kiezen. Dat doet Martínez ongetwijfeld ook omdat hij van oordeel is dat zijn groep op de lange termijn niet is opgewassen om met de besten te rivaliseren. Roberto Martínez kent het voetbal zoals weinig Belgische bondscoaches voor hem. De Spanjaard weet dat hij op dit moment een gouden generatie in handen heeft waarbij het talent over alle posities is uitgesmeerd, zodat ze straks op het EK een van de kandidaten voor eindwinst is. Getalenteerd, maar niet overvloedig in de duur. Deze generatie is stilaan, misschien wel iets vroeger dan voorzien, aan het einde van een cyclus gekomen. En dat heeft Roberto Martínez begrepen. Waarschuwingen genoeg. In augustus 2018 al, kort na het WK in Rusland, boog Romelu Lukaku zich in een interview met de Britse site Business Insider over zijn toekomst na de nationale ploeg. 'Ik denk dat ik er na het EK mee ga stoppen. Nu ben ik nog te jong ( Lukaku was 25, nvdr) om mijn plaats aan de concurrentie af te staan, maar over twee jaar staat ze ter beschikking.' Twee jaar zijn er inmiddels drie geworden en de spits, inmiddels speerpunt van Inter, is er nog steeds. Daar zit de pandemie voor veel tussen, en het uitstel van dat EK. Maar: die uitspraak is door Romelu nog steeds niet officieel herroepen. De stilte is gebleven, onderhouden door de spits. Werd het in een opwelling gezegd na een WK dat fysiek en mentaal veel van de voetballer had gevergd? Of blijft Romelu bij zijn voornemen? Vandaag begint met een duel tegen Wales de kwalificatieronde voor het WK 2022 in Qatar. Op de agenda staan naast dat thuisduel tegen de ploeg van Gareth Bale ook een match in Praag tegen Tsjechië (zaterdag) en een thuisduel tegen Wit-Rusland (volgende week dinsdag in Leuven). Afgelopen vrijdag maakte Martínez zijn selectie van 33 bekend. Of toch een karikatuur daarvan. De bondscoach probeerde de afwezigheid van kwaliteit te compenseren met een goeie dosis verbeelding. Axel Witsel zit nog steeds in zijn revalidatierace tegen de klok om het EK te halen. Als zijn vervanger mikt de bondscoach vooral op Youri Tielemans, maar hij haalde er ook Orel Mangala en Albert Sambi Lokonga bij. Twee nieuwkomers die hun naam mogen bijschrijven op het lange lijstje van kandidaten dat Martínez al aanlegde sinds hij bondscoach werd. Daarop ook de namen van Yari Verschaeren, Benito Raman, Charles De Ketelaere, Joris Kayembe, Elias Cobbaut, Landry Dimata, Hannes Delcroix en Sebastiaan Bornauw. Een niet-exhaustieve lijst waarbij je je kan afvragen of dit geen nivellering naar beneden is. In zijn periode als bondscoach heeft Martínez af te rekenen gehad met twee definitief gepensioneerden: Mousa Dembélé en Vincent Kompany zijn na Rusland gestopt als Rode Duivel. Marouane Fellaini is nog beschikbaar, maar wordt door de bondscoach (voorlopig?) niet meer opgeroepen. Koppel dat aan de blessure van Witsel en het moeizame herstelproces van Eden Hazard en het lijstje afwezigen krijgt wat meer allure. Dan lijkt deze selectie ook een beetje op het bal der debutanten. Dit laatste trainingskamp voor het EK had een feest van de anciens moeten worden. Een feest dat iedereen binnen de KBVB nog een jaar langer wilde doortrekken, tot na het WK in 2022. Met Roberto Martínez als ervaren bondscoach aan het roer, klaar om het rad van fortuin een laatste keer een forse draai te geven. Maar dat was een strategie vóór mensen begonnen te beseffen dat het lichaam van Eden Hazard misschien wel dat van een oude speler is. De aanvoerder van de Rode Duivels droomt nog steeds van schitteren op het EK, maar weet als geen ander dat november 2022 nog heel ver weg is. Hazard zit in een moeilijke spreidstand tussen club en land. Hem irriteert dat de manier waarop de medische staf in Madrid met hem omgaat, in contrast staat met de wijze waarop de Belgische voetbalbond hem wil behandelen sinds het begin van zijn fysieke problemen. Tot vandaag luistert Hazard naar zijn werkgever. Dat strookt met zijn karakter: als speler heeft Hazard een vrije geest, als werknemer is hij loyaal aan zijn ploeg. Heel loyaal. Vandaar ook de silenzio stampa, opgelegd door Roberto Martínez aan de hele Belgische medische staf. Hen wordt gevraagd om te zwijgen over de toestand van 's lands voetballend kroonjuweel. Telefoons die in het ijle rinkelen of botsen op een antwoordapparaat: vaak is dat een signaal van ongeduld. Op zich kan het nog wel even, tot 2022 kan de nationale ploeg rekenen op een stevige ruggengraat: van Thibaut Courtois over Youri Tielemans tot bij Kevin De Bruyne. En mocht Roberto Martínez ergens onderweg afhaken, dan mag de bond nu al stilaan op zoek naar iemand die dat soort spelers verdienen om hen in de toekomst naar succes te leiden.