Het was alsof de Kerstman vijf dagen vroeger kwam. Op 20 december 2008 legde Enzo Scifo tien minuten speeltijd onder de kerstboom van Maxime Lestienne. Dat gebeurde tijdens een spectaculaire zege van Excelsior Mouscron tegen Club Brugge, waar Stijn Stijnen ook cadeaus uitdeelde. Lestienne gleed slalommend door de Brugse defensie. 'Hij verblufte iedereen doordat hij bij de profs speelde zoals hij dat bij de U16 deed', vertelt Guillaume François, Lestiennes ploegmaat van bij de jeugd op Futurosport.

Je ziet dat hij goed in zijn vel zit. We zien nu opnieuw de echte Lestienne. Jonathan Blondel

Hij is dan amper zestien, de jongen uit Nouveau Monde, een wijk in Moeskroen die als 'moeilijk' betiteld wordt. Omdat hij al van jongs af als een talent bestempeld wordt, besluit hij vanaf zijn veertiende op school 'geen klop meer uit te voeren'.

Enkele maanden later begint hij als titularis aan het seizoen onder de Serviër Miroslav Djukic, oud-verdediger van La Coruña. Door zijn prestaties en door de financiële zorgen van de club melden zich een lijst gegadigde kopers: Lyon, Manchester City, Everton, Anderlecht en PSV, dat Luc Nilis naar Nouveau Monde stuurt om de vleugelspeler en diens ouders te overtuigen. Maar Lestienne blijft liever in Moeskroen, dicht bij zijn familie. Hij krijgt wel een eerste waarschuwing van Djukic: 'Er zijn al wel meer Lestiennes ooit de weg kwijtgeraakt.'

Club Brugge

'Het was indertijd soms nodig dat ik hem enkele broncas gaf', grijnst Djukic. 'Hij kwam soms te laat, was niet altijd geconcentreerd... En omdat ik veel in hem zag, wilde ik hem helpen. Het was trouwens een goeie jongen, hij kwam zich altijd excuseren.' 'Hij begreep niet waar al die ernst voor nodig was, waarom hij een zekere levenshygiëne in acht moest nemen', aldus Guillaume François.

Wanneer Excelsior failliet gaat, volgt Lestienne zijn hart. Na een sneeuwballengevecht op de parking van Mouscron trekt hij naar Brugge. Hij ging vroeger al vaak trainen in een shirt van Club. Als chauffeur kiest hij voor Jonathan Blondel om naar het Venetië van het Noorden te pendelen - zelf heeft hij nog geen rijbewijs.

Zijn start in Brugge is moeilijk. Hij krijgt verwijten van coach Adrie Koster die hem de bekeruitschakeling aanwrijft omdat hij een domme rode kaart pakte. Ook teammanager Dévy Rigaux spreekt van enkele jeugdzonden: 'Kleine dingen zoals te laat komen, vergeten te ontbijten, niet genoeg water drinken... Allemaal zaken die belangrijk zijn om honderd procent als prof te leven.'

'Toen ik er aankwam, behoorde hij tot een groepje van spelers van wie de attitude ter discussie stond', weet Juan Carlos Garrido nog, wanneer hij herinneringen ophaalt aan Mad Max. 'Ik gaf hem het vertrouwen, waardoor hij zich belangrijk voelde. Ik denk dat hij dat toen nodig had.' Lestienne bedankt met een reeks doelpunten en staat op het podium van de Gouden Schoen, naast winnaar Thorgan Hazard. Hij mag zelfs mee op stage met de nationale ploeg.

Al-Arabi en PSV

In de zomer van 2014, wanneer Club zich voor het eerst voorbereid heeft onder Michel Preud'homme, legt Lestienne zijn lot in handen van een investeringsfonds dat achter de club Al-Arabi schuilgaat. 'Economisch gezien misschien slim, sportief niet', aldus Garrido. Lestienne weerlegt de kritiek: 'Ik wist dat ik elk jaar zou uitgeleend worden en nooit in Qatar zou spelen.'

Na een eerste mislukte buitenlands avontuur in Genua zet Lestienne de zomer daarop zijn koffers dichter bij huis neer, in Eindhoven. Zijn start bij PSV is even flitsend als die van de bolides waar hij mee rondrijdt - ondanks de waarschuwingen na de dood van Junior Malanda. Hij schittert tegen Manchester United en CSKA Moskou in de Champions League.

In de herfst verliest hij dan op zes weken tijd zijn beide ouders. Aan het eind van de heenronde keert hij terug met een winning goal tegen Zwolle, maar enkele uren later wordt hij gearresteerd na een vechtpartij waar ook zijn ploegmaat Jeroen Zoet bij betrokken is. Het doet terugdenken aan zijn jeugdjaren in Moeskroen: 'Als er ambras was tussen de verschillende wijken, dan stond ik er.' PSV ziet hem als 'een slecht voorbeeld' en wanneer het aan het eind van het seizoen de titel viert, kijkt Lestienne toe van achter zijn zonnebril, opgelucht dat hij opnieuw mag vertrekken.

Kazan en Malaga

Voor 10 miljoen euro ruilt hij de ene gouden kooi voor de andere. Van Al-Arabi trekt hij naar Roebin Kazan, ver weg van zijn naasten en met een tatoeage van zijn ouders op de borst. Wanneer het daar vierkant draait, wijst de lokale pers al snel naar hem. Hij brengt veel tijd door met twee andere Franstaligen: ex-Barçaspeler Alexandre Song en de Franse belofte Yann M'Vila, tegenwoordig bij Saint-Etienne. Het gerucht doet snel de ronde dat het drietal geregeld op training verschijnt met kleine oogjes en een adem waaraan de kort daarvoor genuttigde drank nog te ruiken valt. M'Vila antwoordt nog op het veld, maar dat is niet het geval voor Song en Lestienne. In twee seizoenen in Kazan komt de ex- Hurlu amper aan 1300 speelminuten, zes goals en drie assists. Kazan stuurt hem vervolgens naar Zuid-Spanje om er Málaga te helpen in de operatie redding.

'Hoewel hij ook daar ver van zijn naasten was, weet ik dat hij wel hield van het leven in Spanje', zegt Dévy Rigaux. 'Hij was daar veel beter geïntegreerd in de kleedkamer dan in Rusland.' Ook al spreekt Lestienne geen Spaans, hij geeft blijk van een goed humeur bij de Boquerones, maar hij irriteert ook enkele ploegmaats door er op training de kantjes af te lopen. 'Dat nonchalante trekje enerveerde sommigen', vertelt de Algerijnse middenvelder Mehdi Lacen, die een tijdje in hetzelfde hotel logeerde, tot de Belg naar Marbella verhuisde. In Marbella wordt er al meteen bij hem ingebroken. 'Hij heeft dat niet zo slim aangepakt', gaat Lacen verder. 'Hij liep vaak rond met juwelen, ringen, horloges... Veel blingbling. Marbella, dat is een beetje de maffia. Je wordt twee, drie dagen gevolgd, ze kennen je gewoontes, en dan heb je prijs...'

Het Spaanse avontuur van Lestienne duurt niet lang. Twaalf wedstrijden, één assist en een twintigste plaats in de eindrangschikking, dat is te weinig om opgemerkt te worden door een andere club uit La Liga. 'Ik dacht echt dat hij zou doorbreken in Spanje', zegt Djukic met spijt. 'Ik weet niet waarom hij daar niks getoond heeft, maar ik ben er zeker van dat het zijn eigen schuld is, want hij had alles om te slagen.'

Het lot is Lestienne genadig wanneer hij weer naar eigen land mag terugkeren, dicht bij zijn familie. Fysiek weer in orde na een zoveelste overgangsseizoen scoort hij vijf keer en geeft hij één assist in zijn eerste zeven wedstrijden van het nieuwe seizoen. Hij is dé man bij de competitieleider. Enkele van zijn oude kompanen menen te weten waar zijn wederopstanding aan te danken is. 'Hij is eerder iemand die zijn acties afwerkt dan voorzetten trapt. Ik heb hem daar nog bij geholpen', aldus Garrido. Wat Rigaux betreft, moet het antwoord eerder naast het veld worden gezocht: 'Met zijn vrouw en kinderen heeft hij eindelijk stabiliteit gevonden en dat had hij altijd al nodig om te kunnen presteren.' En met de wijsheid van iemand die al met voetbalpensioen is, besluit Blondel: 'Je ziet dat hij goed in zijn vel zit. We zien nu opnieuw de echte Lestienne.'

Het was alsof de Kerstman vijf dagen vroeger kwam. Op 20 december 2008 legde Enzo Scifo tien minuten speeltijd onder de kerstboom van Maxime Lestienne. Dat gebeurde tijdens een spectaculaire zege van Excelsior Mouscron tegen Club Brugge, waar Stijn Stijnen ook cadeaus uitdeelde. Lestienne gleed slalommend door de Brugse defensie. 'Hij verblufte iedereen doordat hij bij de profs speelde zoals hij dat bij de U16 deed', vertelt Guillaume François, Lestiennes ploegmaat van bij de jeugd op Futurosport. Hij is dan amper zestien, de jongen uit Nouveau Monde, een wijk in Moeskroen die als 'moeilijk' betiteld wordt. Omdat hij al van jongs af als een talent bestempeld wordt, besluit hij vanaf zijn veertiende op school 'geen klop meer uit te voeren'. Enkele maanden later begint hij als titularis aan het seizoen onder de Serviër Miroslav Djukic, oud-verdediger van La Coruña. Door zijn prestaties en door de financiële zorgen van de club melden zich een lijst gegadigde kopers: Lyon, Manchester City, Everton, Anderlecht en PSV, dat Luc Nilis naar Nouveau Monde stuurt om de vleugelspeler en diens ouders te overtuigen. Maar Lestienne blijft liever in Moeskroen, dicht bij zijn familie. Hij krijgt wel een eerste waarschuwing van Djukic: 'Er zijn al wel meer Lestiennes ooit de weg kwijtgeraakt.' 'Het was indertijd soms nodig dat ik hem enkele broncas gaf', grijnst Djukic. 'Hij kwam soms te laat, was niet altijd geconcentreerd... En omdat ik veel in hem zag, wilde ik hem helpen. Het was trouwens een goeie jongen, hij kwam zich altijd excuseren.' 'Hij begreep niet waar al die ernst voor nodig was, waarom hij een zekere levenshygiëne in acht moest nemen', aldus Guillaume François. Wanneer Excelsior failliet gaat, volgt Lestienne zijn hart. Na een sneeuwballengevecht op de parking van Mouscron trekt hij naar Brugge. Hij ging vroeger al vaak trainen in een shirt van Club. Als chauffeur kiest hij voor Jonathan Blondel om naar het Venetië van het Noorden te pendelen - zelf heeft hij nog geen rijbewijs. Zijn start in Brugge is moeilijk. Hij krijgt verwijten van coach Adrie Koster die hem de bekeruitschakeling aanwrijft omdat hij een domme rode kaart pakte. Ook teammanager Dévy Rigaux spreekt van enkele jeugdzonden: 'Kleine dingen zoals te laat komen, vergeten te ontbijten, niet genoeg water drinken... Allemaal zaken die belangrijk zijn om honderd procent als prof te leven.' 'Toen ik er aankwam, behoorde hij tot een groepje van spelers van wie de attitude ter discussie stond', weet Juan Carlos Garrido nog, wanneer hij herinneringen ophaalt aan Mad Max. 'Ik gaf hem het vertrouwen, waardoor hij zich belangrijk voelde. Ik denk dat hij dat toen nodig had.' Lestienne bedankt met een reeks doelpunten en staat op het podium van de Gouden Schoen, naast winnaar Thorgan Hazard. Hij mag zelfs mee op stage met de nationale ploeg. In de zomer van 2014, wanneer Club zich voor het eerst voorbereid heeft onder Michel Preud'homme, legt Lestienne zijn lot in handen van een investeringsfonds dat achter de club Al-Arabi schuilgaat. 'Economisch gezien misschien slim, sportief niet', aldus Garrido. Lestienne weerlegt de kritiek: 'Ik wist dat ik elk jaar zou uitgeleend worden en nooit in Qatar zou spelen.' Na een eerste mislukte buitenlands avontuur in Genua zet Lestienne de zomer daarop zijn koffers dichter bij huis neer, in Eindhoven. Zijn start bij PSV is even flitsend als die van de bolides waar hij mee rondrijdt - ondanks de waarschuwingen na de dood van Junior Malanda. Hij schittert tegen Manchester United en CSKA Moskou in de Champions League. In de herfst verliest hij dan op zes weken tijd zijn beide ouders. Aan het eind van de heenronde keert hij terug met een winning goal tegen Zwolle, maar enkele uren later wordt hij gearresteerd na een vechtpartij waar ook zijn ploegmaat Jeroen Zoet bij betrokken is. Het doet terugdenken aan zijn jeugdjaren in Moeskroen: 'Als er ambras was tussen de verschillende wijken, dan stond ik er.' PSV ziet hem als 'een slecht voorbeeld' en wanneer het aan het eind van het seizoen de titel viert, kijkt Lestienne toe van achter zijn zonnebril, opgelucht dat hij opnieuw mag vertrekken. Voor 10 miljoen euro ruilt hij de ene gouden kooi voor de andere. Van Al-Arabi trekt hij naar Roebin Kazan, ver weg van zijn naasten en met een tatoeage van zijn ouders op de borst. Wanneer het daar vierkant draait, wijst de lokale pers al snel naar hem. Hij brengt veel tijd door met twee andere Franstaligen: ex-Barçaspeler Alexandre Song en de Franse belofte Yann M'Vila, tegenwoordig bij Saint-Etienne. Het gerucht doet snel de ronde dat het drietal geregeld op training verschijnt met kleine oogjes en een adem waaraan de kort daarvoor genuttigde drank nog te ruiken valt. M'Vila antwoordt nog op het veld, maar dat is niet het geval voor Song en Lestienne. In twee seizoenen in Kazan komt de ex- Hurlu amper aan 1300 speelminuten, zes goals en drie assists. Kazan stuurt hem vervolgens naar Zuid-Spanje om er Málaga te helpen in de operatie redding. 'Hoewel hij ook daar ver van zijn naasten was, weet ik dat hij wel hield van het leven in Spanje', zegt Dévy Rigaux. 'Hij was daar veel beter geïntegreerd in de kleedkamer dan in Rusland.' Ook al spreekt Lestienne geen Spaans, hij geeft blijk van een goed humeur bij de Boquerones, maar hij irriteert ook enkele ploegmaats door er op training de kantjes af te lopen. 'Dat nonchalante trekje enerveerde sommigen', vertelt de Algerijnse middenvelder Mehdi Lacen, die een tijdje in hetzelfde hotel logeerde, tot de Belg naar Marbella verhuisde. In Marbella wordt er al meteen bij hem ingebroken. 'Hij heeft dat niet zo slim aangepakt', gaat Lacen verder. 'Hij liep vaak rond met juwelen, ringen, horloges... Veel blingbling. Marbella, dat is een beetje de maffia. Je wordt twee, drie dagen gevolgd, ze kennen je gewoontes, en dan heb je prijs...' Het Spaanse avontuur van Lestienne duurt niet lang. Twaalf wedstrijden, één assist en een twintigste plaats in de eindrangschikking, dat is te weinig om opgemerkt te worden door een andere club uit La Liga. 'Ik dacht echt dat hij zou doorbreken in Spanje', zegt Djukic met spijt. 'Ik weet niet waarom hij daar niks getoond heeft, maar ik ben er zeker van dat het zijn eigen schuld is, want hij had alles om te slagen.' Het lot is Lestienne genadig wanneer hij weer naar eigen land mag terugkeren, dicht bij zijn familie. Fysiek weer in orde na een zoveelste overgangsseizoen scoort hij vijf keer en geeft hij één assist in zijn eerste zeven wedstrijden van het nieuwe seizoen. Hij is dé man bij de competitieleider. Enkele van zijn oude kompanen menen te weten waar zijn wederopstanding aan te danken is. 'Hij is eerder iemand die zijn acties afwerkt dan voorzetten trapt. Ik heb hem daar nog bij geholpen', aldus Garrido. Wat Rigaux betreft, moet het antwoord eerder naast het veld worden gezocht: 'Met zijn vrouw en kinderen heeft hij eindelijk stabiliteit gevonden en dat had hij altijd al nodig om te kunnen presteren.' En met de wijsheid van iemand die al met voetbalpensioen is, besluit Blondel: 'Je ziet dat hij goed in zijn vel zit. We zien nu opnieuw de echte Lestienne.'