De ontvangst in Lissabon is hartelijk en het gesprek komt heel snel op voetbal. 'Bent u hier voor uw werk of om de stad te bezoeken?', vraagt een overijverige receptioniste bij het inchecken. Wanneer de naam Ricardo Sá Pinto valt, verandert haar gelaatsuitdrukking meteen. De vrouw blijkt een fan van Benfica te zijn. 'Sá Pinto is een heetgebakerd personage.' Haar collega, een supporter van Sporting Clube, steekt haar duimen ostentatief omhoog. Zowel aan de boorden van de Maas als aan de oevers van de Taag laat Sá Pinto niemand onberoerd. Althans de voetballiefhebbers niet en die zijn in talrijk in Lissabon. Zelfs de fotograaf heeft een mening over de trainer van Standard. 'Sá Pinto wil altijd winnen, zelfs al gaat het om een onbeduidende vriendenmatch', vertelt José Golao, die ooit met Sá Pinto samenspeelde in een ploeg die bestond uit ex-voetballers, journalisten en fotografen. 'In de kleedkamer kon je niet naast zijn charisma kijken. Maar hij is bovenal een topkerel.' Uit de mond van een rasechte supporter van Benfica krijgt het compliment plots een andere dimensie.
...

De ontvangst in Lissabon is hartelijk en het gesprek komt heel snel op voetbal. 'Bent u hier voor uw werk of om de stad te bezoeken?', vraagt een overijverige receptioniste bij het inchecken. Wanneer de naam Ricardo Sá Pinto valt, verandert haar gelaatsuitdrukking meteen. De vrouw blijkt een fan van Benfica te zijn. 'Sá Pinto is een heetgebakerd personage.' Haar collega, een supporter van Sporting Clube, steekt haar duimen ostentatief omhoog. Zowel aan de boorden van de Maas als aan de oevers van de Taag laat Sá Pinto niemand onberoerd. Althans de voetballiefhebbers niet en die zijn in talrijk in Lissabon. Zelfs de fotograaf heeft een mening over de trainer van Standard. 'Sá Pinto wil altijd winnen, zelfs al gaat het om een onbeduidende vriendenmatch', vertelt José Golao, die ooit met Sá Pinto samenspeelde in een ploeg die bestond uit ex-voetballers, journalisten en fotografen. 'In de kleedkamer kon je niet naast zijn charisma kijken. Maar hij is bovenal een topkerel.' Uit de mond van een rasechte supporter van Benfica krijgt het compliment plots een andere dimensie. Na de eerste kennismaking met A Cidade das Sete Colinas, de stad van de zeven heuvels, gaat het richting het stadion van Sporting. Onderweg trekt L'Avenida da Liberdade, een boulevard die veel weg heeft van de Champs-Elysées, de aandacht. Met al zijn luxehotels is het een ontmoetingsplaats geworden voor de internationale beleidsbepalers. Naar het schijnt schuimt de wereldvermaarde makelaar Jorge Mendes hier regelmatig de hotellobby's af om zijn deals af te ronden. Een goede tien minuten na het verlaten van het historische centrum van de stad komen de rondingen van het stadion José Alvalade XXI, het heiligdom van Sporting Clube de Portugal, in zicht. Leuk detail: in vogelvlucht is de afstand met het Estádio da Luz, de arena van rivaal Benfica, slechts twee kilometer. Een rondleiding door het indrukwekkende museum van Os Leões (De Leeuwen) bevestigt nog maar eens de grootsheid en de rijkgevulde geschiedenis van de club. Want Sporting Clube is net als Barcelona meer dan een voetbalclub. Het is een instituut. Het is na Real Madrid en Barcelona de derde club inzake continentale prijzen in ploegsporten zoals voetbal, basketbal, handbal, volleybal en futsal. Aan het hoofd van het Portugese instituut staat de 46-jarige Bruno de Carvalho, die in 2013 via de urnes een einde maakte aan de opeenvolgende regeerperiodes van oud-notabelen. De man heeft een voorliefde voor conflicten. Zeker met de media, die hij beschuldigt nauwe banden te onderhouden met het centrale machtsorgaan Benfica. De tirades en misstappen van De Carvalho zijn niet te overzien. Zijn vijanden noemen hem 'de Donald Trump van het Iberische schiereiland'. Er doen zelfs verhalen de ronde dat De Carvalho in staat is om prompt een interview af te breken als een journalist de term Sporting Lissabon gebruikt in plaats van de officiële clubnaam Sporting Clube de Portugal. 'Het is een speciale club', mijmert De Carvalho, terwijl een opgezette leeuw de zone bewaakt tussen de presidentiële loge en de 55.095 zitjes van het stadion. 'In de jaren veertig en vijftig pakten we acht titels, de voorbije dertig jaar waren het er maar twee. En toch is 35 procent van de Portugese voetbalfan supporter van Sporting. Met het voetbal erbij herbergen we 55 verschillende disciplines. Onlangs rondden we de kaap van de 170.000 leden en daarmee staan we in de top vijf op wereldvlak. Tijdens een vergadering in Londen met enkele grote clubs heb ik mijn collega's verteld dat Sporting de grootste club was die die dag rond de tafel zat. Ze hebben mij vreemd aangekeken... Ik heb dus mijn punt moeten verduidelijken. Ik zei: 'We hebben vierhonderd sportterreinen verspreid over vijf continenten. Het enige wat we niet hebben is geld. Mochten we wel geld hebben, dan waren jullie niets!' We hebben ook ons verleden mee. We hebben als eerste een match gespeeld in de Beker voor Landskampioenen. Wij hebben Manchester United, de ploeg van Georges Best en co, zijn grootste Europese nederlaag toegediend ( 5-0, nvdr). We zijn de enige club die twee Gouden Balwinnaars heeft opgeleid ( Luis Figo en Cristiano Ronaldo, nvdr). Tien van de veertien spelers die de finale speelden op het EK in Frankrijk in 2016 hebben scholing gekregen bij Sporting. Dat moet uniek zijn in de wereld.' Het stond in de sterren geschreven dat De Carvalho, naast voorzitter ook een succesvolle zakenman, ooit bij Sporting terecht zou komen. De veertiger is een kleinzoon van Eduardo de Azevedo, de auteur van het boek ' A História e Vida do Sporting Clube de Portugal', 'De geschiedenis en het leven van Sporting Clube de Portugal'. Begin jaren tachtig trok hij op met de voornaamste ultragroepen en sinds 1986 is hij een socio van Sporting. Jaren later zou hij kennismaken met Ricardo Sá Pinto, voor wie hij niets dan lovende woorden heeft. 'De dag na een nederlaag in de derby tegen Benfica - ik moest toen een jaar of twintig geweest zijn - zat ik toevallig op café met spelers van Sporting. Ik zag een paar van die jongens lachen - voor hen was de flop tegen Benfica al verleden tijd. Ricardo zat alleen aan een tafel, hij had geen zin om de vrolijke Frans uit te hangen. De kelner die duidelijk geen supporter was van Sporting, probeerde Ricardo op te beuren door grapjes te maken. En dat was niet naar de zin van Ricardo. Hij zei: 'Vandaag niet alsjeblieft. Ik wil in alle rust mijn koffie opdrinken.' Zijn mentaliteit beviel en ik ben mij met hem gaan identificeren. Hij had hetzelfde temperament als ik. Ik wilde spelers zien die net zo aangeslagen zijn als ik na een nederlaag. Nog voor ik hem kende, voelde ik mij dus met hem verwant. Toen Sporting een wedstrijd uitschreef in het clubblad om zich te laten fotograferen met een speler, heb ik uiteraard voor Sá Pinto gekozen. Voetbal is voor hem meer dan een job, het is zijn leven. En dat is ongewoon in deze wereld. Ricardo heeft volgens mij weinig slaap nodig, maar als hij toch zijn bed opzoekt, denkt hij: ik heb vandaag alles gedaan wat ik kon.' Dat de hartstocht van Sá Pinto af en toe tot excessen heeft geleid, wordt door De Carvalho weggewuifd: 'Mij zal je niet horen zeggen dat iemand in elke omstandigheid kalm moet blijven. De wereld heeft nood aan mensen die anders zijn. Mensen die hun authenticiteit bewaard hebben.' In totaal zal Sá Pinto over twee periodes, van 1994 tot 1997 en van 2000 tot 2006, negen seizoenen doorbrengen bij Os Leões. Vaak als nummer 9 of 9,5. Maar hij was meer dan een diepe spits. Hij ging het gevecht aan, zette druk, graaide ballen weg uit de voeten van de verdedigers. De Carvalho: 'In het begin was hij allesbehalve geliefd omdat iedereen wist dat hij oorspronkelijk geen supporter was van de club ( Sá Pinto speelde bij de jeugd van Porto en was fan van Benfica, nvdr). 'Nu is hij een legende van Sporting. De mensen houden van hem als speler en als kapitein. Hij gaf zich elke match voor de volle honderd procent en was de verpersoonlijking van waar Sporting voor staat. Hij was hét symbool van de club. Hij was het type speler dat na affluiten kon neerzijgen van de geleverde inspanningen. Ricardo was de speler die iedereen wakker schudde. Hij kon al eens uitvaren tegen een ploegmaat: 'Weet je wel voor welke club je voetbalt? Je speelt bij Sporting! Zoek maar uit wat het betekent.' Wees er maar zeker van dat de spelers vandaag goed beseffen wat deze club voorstelt op wereldschaal. En toch zijn we één grote familie. Een gezin bestaande uit ruim 3,5 miljoen broers en zussen van alle leeftijden. Sporting grijpt je naar de keel, het brengt iets teweeg in het leven van de mensen. Sá Pinto heeft begrepen dat hij deel uitmaakt van de grote Sportingfamilie. Ik ben trots als ik Sá Pinto en Cristiano Ronaldo hoor zeggen dat Sporting hun thuis is.' In het supporterslokaal van Directivo Ultras XXI, dat grenst aan het stadion, heb je aan een oogopslag genoeg om te ervaren hoe populair de coach van Standard hier is. De muren zijn opgesmukt met portretten van Sá Pinto. Een tastbaar bewijs dat de supporters hem niet vergeten zijn en hem nog in hun hart dragen. Ze beschouwen hem als een van hen. 'Een speler met zijn persoonlijkheid bestaat niet meer', zegt José. 'Hij verstopte zich nooit. Niet bij een overwinning en zeker niet bij een nederlaag. Het is onvoorstelbaar hoe hij zijn energie kon doorgeven aan zijn ploegmaats. Voor ons ultra's is dat belangrijk. Je zal geen enkele supporter vinden die Sa Pinto niet apprecieert. De fans van onze rivalen spuwden hem uit, maar ze respecteerden hem ook omdat hij nooit opgaf op een voetbalveld. Normaal supporteren wij niet voor een bepaalde speler, maar voor Sá Pinto maakten we een uitzondering. Hij had zijn eigen liedje en we maakten speciale tifo's voor hem. Hij begreep welke opofferingen we maakten en dat we deel waren van het spektakel. Hij wist waarom we het hele land afreisden en veel geld spendeerden. We doen dat niet alleen om onze ploeg achter een bal te zien lopen, maar we willen onze kleuren uitdragen en de club te steunen. Daarom is Sá Pinto nooit gaan douchen zonder ons te groeten.' Voor Sá Pinto is het de logica zelve om op het einde van elke match de aanhang op te zoeken. Andere spelers nemen het niet te nauw met die ongeschreven regel. In 2010 duikt Liédson, dé vedette van de ploeg, de kleedkamer in zonder om te kijken naar de supporters. Wat volgt is een stevige woordenwisseling tussen de Braziliaanse aanvaller en Sá Pinto, die op dat moment sportief directeur is van de Verde e branco. Die clash is de onmiddellijke aanleiding voor het opstappen van Sá Pinto. Aan de boorden van de Atlantische Oceaan zijn de woede-uitbarstingen van Sá Pinto legendarisch. Een daarvan zullen ze niet gauw vergeten in Portugal. In 1997 gaat hij net niet op de vuist met bondscoach Artur Jorge aan de vooravond van een interland tegen Noord-Ierland. Zijn gewelddadig gedrag wordt bestraft met een internationale schorsing van een jaar. Op het einde van zijn straf wordt Sá Pinto, op dat moment 25 jaar, naar de uitgang geduwd. Hij vindt uiteindelijk een toevluchtsoord bij Real Sociedad, waar hij drie seizoenen zal blijven, alvorens een tweede hoofdstuk van zes seizoenen te schrijven bij Sporting. 'Voor zijn eerste wedstrijd in Spanje waren we met twintig man afgezakt naar Spanje om hem aan te moedigen', aldus José. 'Na de match hebben we het weekend met hem doorgebracht. Hij heeft ons door de stad gegidst en we zijn zelfs bij hem blijven eten. Dat zijn momenten die ik nooit zal vergeten.' Sá Pinto heeft de perceptie tegen. Veel mensen herinneren zich nog de uithaal van László Bölöni in het Franstalige voetbalprogramma La Tribune. 'Op het einde van het seizoen is de voorzitter bij mij gekomen', vertelde Bölöni destijds. 'Hij zei: 'We hebben de titel gepakt. Maar weet je wat ons geluk is geweest? Dat Sá Pinto zich in de eerste match geblesseerd heeft.' Ik vond hem geen slechte speler, maar hij zocht graag de conflicten op. Wat is volgens jullie het verschil tussen God en Sá Pinto? God kruipt liever niet in de huid van Sá Pinto.' In Lissabon doet een andere versie de ronde. Eerst en vooral zou Sá Pinto geen blessure hebben opgelopen in het begin van het seizoen. Ten tweede waren het de zwaargewichten in de kleedkamer, en bij uitbreiding dus ook Sá Pinto, die voor een wedstrijd de tactiek bepaalden en dus niet de Roemeens trainer. Sérgio Conceição kent Sá Pinto al twintig jaar. Ze waren ploegmaats bij de nationale ploeg en speelden in het seizoen 2006-2007 samen bij Standard. 'Het klikte snel tussen ons. Wellicht omdat we hetzelfde integere karakter hebben. We zijn twee personen die gepassioneerd zijn en 24 uur op 24 uur voor onze job leven. Voor ons is er maar een ding belangrijker dan voetbal: onze familie.' De huidige coach van FC Porto heeft leren leven met de driftbuien van zijn vriend. 'Hij zegt de dingen recht in je gezicht. Hij kan héél direct zijn en daarom wordt hij soms misbegrepen door de buitenwereld. Maar ik weet één ding: een kleedkamer is in staat om te doorgronden wie oprecht is en wie niet. En spelers waarderen het als je eerlijk bent met hen.' Ook Leonardo Jardim, coach van Monaco, behoort tot de intieme kring van Sá Pinto. Hij stond er zelfs op om komende zaterdag naar het Koning Boudewijnstadion af te zakken om zijn maatje te komen aanmoedigen tijdens de bekerfinale. 'We zijn elkaar tegengekomen toen ik coach was van Sporting ( seizoen 2013 - 2014, nvdr). Hij kwam vaak terug naar zijn tweede thuis en van het een kwam het ander... Vandaag mag ik hem een persoonlijke vriend noemen. We beleven onze passie op dezelfde manier, maar hij toont zijn emoties meer dan ik. Hij is een gevoelsmens, een winnaar, maar hij zal nooit valsspelen. Ik denk dat hij zich onbegrepen voelt door veel mensen en ik weet waarom ze hem niet kunnen vatten. Maar hij zit zo in elkaar en hij zal in dit leven niet meer veranderen. ( lacht) Mocht hij zich anders gaan gedragen, dan zou hij niet meer Ricardo Sá Pinto zijn.' Volgens Bruno De Carvalho heeft Sá Pinto een enorme fout gemaakt als trainer van Sporting door zichzelf te verloochenen. 'Ik heb hem dat ook duidelijk gezegd: 'Je kan je karakter en persoonlijkheid niet omgooien. Je kan het hooguit bijsturen.' Iedereen probeerde hem te kneden. Sá, je moet meer relaxen. Sá, je moet rusten, Sá doe dit, Sá probeer dat te vermijden... Hij kon niet aan de verwachtingen van de fans voldoen want hij gedroeg zich niet als de echte Sá. Als je in jezelf gelooft, dan moet je geen acht slaan op wat de mensen van je denken. Misschien was hij op dat moment gewoon niet klaar voor het trainerschap.' Ondanks Sá Pinto's halfslachtige passage aan het hoofd van Sporting houdt doelman Rui Patricio, held van de Portugese Seleção op het laatste EK, goede herinneringen over aan zijn ex-coach. 'Hij is een geboren motivator die veel geeft aan zijn spelers. En de spelers voelen zijn passie. Enkele dagen voor de halve finale van de Europa League tegen Bilbao heeft hij mij ingelicht dat ik de voorafgaande competitiematch niet zou spelen. Ik wilde de wedstrijd bijwonen in het stadion, maar ook dat mocht niet. Hij keek mij aan en zei: 'Ik wil je kop niet in het stadion zien. Je blijft gewoon thuis!' Hij wilde dat ik even afstand nam van het voetbal.' Jardim haalt nog een anekdote boven om het karakter van Sá Pinto te typeren. 'Ongeveer een jaar geleden zijn we met een kennis van mij gaan tafelen in een Monegaskisch restaurant. Hij heeft een eerste wijn geproefd. Het stond hem niet aan en hij heeft het goedje geweigerd. Toen mijn vriend een andere wijn koos, is hij zich beginnen op te winden. 'Waarom heb je die wijn eruit gepikt? Noem je dat wijn? Voor mij is dat azijn.' Vijf minuten later waren ze met elkaar aan het dollen. Dat is nu typisch Ricardo.' Een man heeft met meer dan gewone belangstelling Sá Pinto's evolutie van speler naar trainer gevolgd. Zijn naam is Carlos Carvalhal, trainer van Swansea City. De prille vijftiger heeft er al een lange trainerscarrière op zitten bij onder andere Braga, Sporting Clube, Besiktas, Istanbul Basaksehir en Sheffield Wednesday. 'Alles wijst erop dat hij een goede trainer kan zijn', aldus Carvalhal. 'Hij is ongelooflijk gepassioneerd. Hij toont het wanneer hij gelukkig is en hij laat ook zien wanneer hij kwaad is. Hij doet geen moeite om zijn gevoelens te verstoppen. Ik ken niet veel mensen die eerlijker zijn dan hij. Ik verkies een type Ricardo boven iemand die je in de rug neerschiet. Ricardo heeft nu stabiliteit nodig - ik zou hem graag eens drie jaar na elkaar bij dezelfde club zien werken. Waarom niet bij Standard? Ik heb hem afgelopen winter gebeld om informatie op te vragen over enkele spelers uit de Belgische competitie en we hebben het uiteraard ook over zijn huidige club gehad. En ik heb gemerkt dat hij met veel liefde over Standard praat.' Bruno De Carvalho beweert dat Sá Pinto sinds kort weer zichzelf is. 'Hij heeft een goede inborst, hij is intelligent en is een echte voetbalman. Ik vind dat hij intussen ook gegroeid is als trainer. Hij was een passant bij een aantal clubs, maar nu heeft hij het juiste spoor gevonden. Vandaag ontwaar ik een man die zijn sereniteit heeft gevonden. Hij is in harmonie met zichzelf, hij is niet meer bevreesd om zijn ware aard te tonen. Ricardo is opnieuw Ricardo.'