De makelaarswereld is meer dan ooit een jungle geworden en daar worden ook sportrechtadvocaten almaar meer mee geconfronteerd, getuigen Gauthier Bouchat en Grégory Ernes van het advocatenkantoor Altius.
...

De makelaarswereld is meer dan ooit een jungle geworden en daar worden ook sportrechtadvocaten almaar meer mee geconfronteerd, getuigen Gauthier Bouchat en Grégory Ernes van het advocatenkantoor Altius. 'Tot 1 april 2015 bood de FIFA-licentie nog een zekere kwaliteitsgarantie, ook al gebeurden toen al 70 procent van de transfers zonder erkende FIFA-makelaar, maar dat systeem werd dus afgeschaft', zegt Bouchat. 'Sindsdien is het erg eenvoudig om als makelaar op te treden. In België volstaat het om 500 euro te betalen en beperkte info aan te leveren aan de KBVB om zich als tussenpersoon te laten registreren.' De FIFA bekijkt samen met belangengroepen van makelaars om de wildgroei aan te pakken en het beroep weer strenger te reguleren, maar dat lijkt toekomstmuziek. 'Sommige makelaars leven nu van deal tot deal en geven de facto weinig om het wel en wee van deze of gene speler. Dit soort makelaars vindt het belangrijker om op een goed blaadje te staan bij clubs. Dat ze hierdoor sneller een belangenconflict hebben en niet altijd het onderste uit de kan halen voor de speler nemen ze er maar bij.' Maar er zijn ook makelaars met een sterkere band met hun speler, vult Ernes aan. 'Zij begeleiden een speler op langere termijn, naar Angelsaksisch model, onder meer op commercieel, fiscaal en juridisch vlak. De fee die ze verdienen op bijvoorbeeld een transfer gebruiken ze deels om de begeleiding van de spelers te bekostigen.' Het is deze categorie die zich tegenwoordig de kaas van het brood laat eten. 'Dat komt voornamelijk omdat de contracten die ze afsloten met hun spelers juridisch niet waterdicht zijn. Bovendien beschermt de regelgeving inzake arbeidsbemiddeling de speler, waardoor van hem moeilijk harde garanties kunnen worden gevraagd. Zo is het moeilijk om als makelaar exclusiviteit te bedingen van een speler. 'Ook laten makelaars zich in de praktijk om (para)fiscale redenen betalen door clubs en niet door de speler, maar hebben ze - vóór de transactie - zelden een bindend contract met de club. 'Het gevolg laat zich raden. Spelers worden hen in extremis afgesnoept. Zo kan het gebeuren dat een makelaar die al jaren investeerde in een speler uiteindelijk niets verdient wanneer 'zijn' speler een lucratieve transfer realiseert.' Veel gevestigde makelaars klagen intussen steen en been. 'Maar ze dienen ook in eigen boezem te kijken', benadrukt Ernes. 'Al te vaak leven zij van transfer naar transfer en bieden ze te weinig echt toegevoegde waar voor een speler, die dan ook sneller geneigd is om in zee te gaan met een gelegenheidsmakelaar die hem naar een club kan brengen waar hij meer kan verdienen. Belgische makelaars nemen ook amper deel aan initiatieven om de sector te professionaliseren.' In een sector die almaar meer big business is, lucratiever en professioneler georganiseerd wordt, kan de makelaardij evenwel niet achterblijven, besluit Ernes. 'De verwachting is dat het beroep daarom sowieso in de richting van meer transparantie en een striktere naleving zal evolueren.'