Hoe dun is de lijn tussen (zelf)vertrouwen en arrogantie ...

Twee keer was Linz gisteren gevaarlijk in het Jan Breydelstadion. Een eerste keer toen Simon Mignolet, autoritair in doel sinds zijn terugkeer naar België, zich een fractie van een seconde misrekende en ver uit doel komen verkeerd timede. Simon Deli, een kei van een aanwinst, kopte de kans die daaruit volgde, vlot van de lijn. Weg gevaar.

De tweede keer lag uitgerekend die sterke Deli aan de basis van de strafschop die Linz de gelijkmaker opleverde. De Ivoriaan is naast een goeie verdediger ook een pion die comfortabel is aan de bal en al eens een dribbel aandurft. Ploegen scouten dezer dagen intens en weten dat. Ons verraste het dan ook niet dat hij kort na de 1-0, een beetje in de euforie van een nakende kwalificatie, zijn bal verloor. Linz tikte vervolgens mooi uit, Mats Rits greep in en was de pineut. Strafschop.

'Het zal me nooit meer overkomen', zei Deli achteraf. Neem er vergif op. Het overkomt hem in de toekomst nog. De aard van het beestje.

Het is een dunne lijn, die tussen zelfvertrouwen en arrogantie.

'We hebben nog wat te leren', beaamde Philippe Clement achteraf. Het blijft dan ook België, de absolute top die foutloos het hoofd koel houdt in opwindende wedstrijdomstandigheden voetbalt elders. Niet hier.

Drie keer in vier jaar

Nu, alleen schieten in eigen voet, zoals dus twee keer gebeurde, kon Linz helpen dromen. Daarvoor was het klassenverschil te groot. Linz is Salzburg niet, de Oostenrijkse kampioen die straks wel bij de loting aanwezig is en Club dit voorjaar nog met de neus op de feiten drukte. Die avond had Club te weinig kwaliteit. Nu niet. Linz toonde veel engagement, dat wel, vol gas-voetbal zoals Ruud Vormer het graag heeft, maar al bij al met te weinig individueel talent om het de thuisploeg moeilijk te maken.

De echte fans zaten nagelbijtend op de tribunes voor ons, of te wiebelen naast ons. De neutrale waarnemer kon met een iets geruster gemoed de wedstrijd volgen. De spelers zaten ergens tussenin, eerst vol zelfvertrouwen, daarna een tikkeltje zenuwachtiger. Wie dan overeind blijft, heeft klasse. Mignolet herpakte zich, Deli heerste, Federico Ricca debuteerde als basisspeler uitstekend, Percy Tau toonde klasse en Hans Vanaken regisseerde. Vormer had weer een uitstekende assist in de voeten.

Er is meer elektriciteit. Zowel op het veld als op training.

Voor de derde keer in vier jaar in de groepsfase van de Champions League, Club is daar stilaan een blijvertje. Half september begint het met veel meer zelfvertrouwen aan de opdracht dan KRC Genk, dat zondag naar een zinderend Jan Breydel moet en nog zoekt. Ook daar een nieuwe trainer, maar die heeft zijn club na een moeilijke voorbereiding nog niet zo ver als Clement. Beide ploegen worden vanavond in Monaco beloond voor hun uitstekende werking: goeie jeugdopleiding, mensen met voetbalverstand in de rekrutering en een strak geregisseerd beleid. Het verschil is nog de uitstraling: Genk als regionaal merk, Club als Vlaams. Dat resulteert in meer middelen richting Jan Breydel, waar ze het voorbije decennium hard werkten om deze status te bereiken.

Club doet het Britser

Het voetbal dat Clement Brugge dezer dagen oplegt, is Britser dan dat waarmee Leko vorig seizoen in de Champions League overwinterde. Directer, vooral omdat er ander materiaal aanwezig is, maar gisteren ongetwijfeld ook uit schrik voor balverlies (Clement kent ook Deli en andere pappenheimers). Geen angst voor de lange bal. En dan het duel, strijden voor de tweede bal. Michel Preud'homme gebruikte het ook.

Het kan nu dankzij de aanwinsten. Club heeft deze zomer niet alleen goed verkocht, het heeft ook uitstekend ingekocht. Tau, David Okereke, Deli. Ze brengen mentaliteit, engagement, snelheid. Iets meer elektriciteit, ook op training, dan Wesley Moraes, Danjuma Groeneveld of Stefano Denswil. Laconieker voetballers. Club heeft qua intensiteit een paar stappen omhoog gezet.

Dat dan uitgerekend Vanaken uitblinkt in een andere rol tekent zijn klasse. Om het ruw te zeggen: het voetbal van Clement past beter bij Vormer dan Vanaken, die wat meer ballen dan vorig seizoen over het hoofd ziet vliegen. Hij wordt nog steeds in de voet aangespeeld, maar gaat er even vlot achteraan als het anders is. De voeten zijn er nog steeds, zie de inleidende combinatie tot de tweede treffer, maar de spelmaker gooit er ook de beuk in. Ook hij is elektrischer. En zo zie je dat zelfs iemand die blijft en op een jaar tijd twee keer een contractverbetering tekent, nog kan worden geprikkeld, mits de juiste aanpak. Clement is een uitstekend people manager.

Benieuwd naar wat dat allemaal in de groepsfase oplevert. Een zinderend Jan Breydel ongetwijfeld. Overwintering is het nieuwe doel.

Soms mag het, arrogant zijn.

Hoe dun is de lijn tussen (zelf)vertrouwen en arrogantie ...Twee keer was Linz gisteren gevaarlijk in het Jan Breydelstadion. Een eerste keer toen Simon Mignolet, autoritair in doel sinds zijn terugkeer naar België, zich een fractie van een seconde misrekende en ver uit doel komen verkeerd timede. Simon Deli, een kei van een aanwinst, kopte de kans die daaruit volgde, vlot van de lijn. Weg gevaar.De tweede keer lag uitgerekend die sterke Deli aan de basis van de strafschop die Linz de gelijkmaker opleverde. De Ivoriaan is naast een goeie verdediger ook een pion die comfortabel is aan de bal en al eens een dribbel aandurft. Ploegen scouten dezer dagen intens en weten dat. Ons verraste het dan ook niet dat hij kort na de 1-0, een beetje in de euforie van een nakende kwalificatie, zijn bal verloor. Linz tikte vervolgens mooi uit, Mats Rits greep in en was de pineut. Strafschop.'Het zal me nooit meer overkomen', zei Deli achteraf. Neem er vergif op. Het overkomt hem in de toekomst nog. De aard van het beestje.Het is een dunne lijn, die tussen zelfvertrouwen en arrogantie.'We hebben nog wat te leren', beaamde Philippe Clement achteraf. Het blijft dan ook België, de absolute top die foutloos het hoofd koel houdt in opwindende wedstrijdomstandigheden voetbalt elders. Niet hier.Drie keer in vier jaarNu, alleen schieten in eigen voet, zoals dus twee keer gebeurde, kon Linz helpen dromen. Daarvoor was het klassenverschil te groot. Linz is Salzburg niet, de Oostenrijkse kampioen die straks wel bij de loting aanwezig is en Club dit voorjaar nog met de neus op de feiten drukte. Die avond had Club te weinig kwaliteit. Nu niet. Linz toonde veel engagement, dat wel, vol gas-voetbal zoals Ruud Vormer het graag heeft, maar al bij al met te weinig individueel talent om het de thuisploeg moeilijk te maken. De echte fans zaten nagelbijtend op de tribunes voor ons, of te wiebelen naast ons. De neutrale waarnemer kon met een iets geruster gemoed de wedstrijd volgen. De spelers zaten ergens tussenin, eerst vol zelfvertrouwen, daarna een tikkeltje zenuwachtiger. Wie dan overeind blijft, heeft klasse. Mignolet herpakte zich, Deli heerste, Federico Ricca debuteerde als basisspeler uitstekend, Percy Tau toonde klasse en Hans Vanaken regisseerde. Vormer had weer een uitstekende assist in de voeten.Voor de derde keer in vier jaar in de groepsfase van de Champions League, Club is daar stilaan een blijvertje. Half september begint het met veel meer zelfvertrouwen aan de opdracht dan KRC Genk, dat zondag naar een zinderend Jan Breydel moet en nog zoekt. Ook daar een nieuwe trainer, maar die heeft zijn club na een moeilijke voorbereiding nog niet zo ver als Clement. Beide ploegen worden vanavond in Monaco beloond voor hun uitstekende werking: goeie jeugdopleiding, mensen met voetbalverstand in de rekrutering en een strak geregisseerd beleid. Het verschil is nog de uitstraling: Genk als regionaal merk, Club als Vlaams. Dat resulteert in meer middelen richting Jan Breydel, waar ze het voorbije decennium hard werkten om deze status te bereiken.Club doet het BritserHet voetbal dat Clement Brugge dezer dagen oplegt, is Britser dan dat waarmee Leko vorig seizoen in de Champions League overwinterde. Directer, vooral omdat er ander materiaal aanwezig is, maar gisteren ongetwijfeld ook uit schrik voor balverlies (Clement kent ook Deli en andere pappenheimers). Geen angst voor de lange bal. En dan het duel, strijden voor de tweede bal. Michel Preud'homme gebruikte het ook.Het kan nu dankzij de aanwinsten. Club heeft deze zomer niet alleen goed verkocht, het heeft ook uitstekend ingekocht. Tau, David Okereke, Deli. Ze brengen mentaliteit, engagement, snelheid. Iets meer elektriciteit, ook op training, dan Wesley Moraes, Danjuma Groeneveld of Stefano Denswil. Laconieker voetballers. Club heeft qua intensiteit een paar stappen omhoog gezet. Dat dan uitgerekend Vanaken uitblinkt in een andere rol tekent zijn klasse. Om het ruw te zeggen: het voetbal van Clement past beter bij Vormer dan Vanaken, die wat meer ballen dan vorig seizoen over het hoofd ziet vliegen. Hij wordt nog steeds in de voet aangespeeld, maar gaat er even vlot achteraan als het anders is. De voeten zijn er nog steeds, zie de inleidende combinatie tot de tweede treffer, maar de spelmaker gooit er ook de beuk in. Ook hij is elektrischer. En zo zie je dat zelfs iemand die blijft en op een jaar tijd twee keer een contractverbetering tekent, nog kan worden geprikkeld, mits de juiste aanpak. Clement is een uitstekend people manager.Benieuwd naar wat dat allemaal in de groepsfase oplevert. Een zinderend Jan Breydel ongetwijfeld. Overwintering is het nieuwe doel. Soms mag het, arrogant zijn.