Zeg eens eerlijk: wanneer heb je voor het eerst van Union gehoord?

Deniz Undav: 'Toen mijn manager me tipte dat ze interesse in me hadden. Dat was in mijn eerste jaar bij SV Meppen ( waar hij twee jaar voetbalde, nvdr). Ik had nog nooit van de club gehoord. Ik ben me toen iets beter gaan informeren, leerde dat het een traditieclub was die in tweede klasse speelde. Toen ze een jaar later nog geïnteresseerd waren, heb ik toegezegd. Ik was op dat moment einde contract. Er was ook in Duitsland zelf interesse van een paar tweedeklassers, maar door covid hadden sommigen nog geen zicht op hun budget en wilden ze daarom wat langer wachten, maar dat wou ik niet. Ik wilde zo snel mogelijk de knoop doorhakken. Ik dacht: als een club je zo graag wil, twee jaar naeen, ga je daarmee praten. Eerst vond ik het raar, dat systeem in 1B, een competitie met maar acht clubs. In de Duitse derde klasse zijn het er twintig. Maar toen ze uitlegden dat ze absoluut wilden promoveren en dat ze mij daarvoor nodig hadden, heb ik toegezegd.'

Wat was je eerste indruk?

Undav: 'Ik kwam eerst hier, in het trainingscentrum in Lier. Zoiets had ik nog niet meegemaakt. Ik bedoel: bij Meppen hadden we niet eens een fitnesscentrum en aten we ook niet samen door de week. Dat was een aangename verrassing. Toen we naar het stadion reden, had ik niet de indruk dat we naar een stadion reden. We zaten midden in een woonwijk, en plots sta je binnen in een oud gezellig stadion. Mij maakt het niet uit hoe groot dat is, als het maar gezellig vol zit. Veel publiek geeft mij energie.'

Hoe anders voetballen is het in de Belgische eerste en tweede klasse?

Undav: 'Eigenlijk vind ik voetballen in 1A wel meevallen. Misschien omdat ik intussen ook hard aan mezelf heb gewerkt om scherper en beter te worden. Ik wilde het absoluut op het hoogste niveau maken, dat was mijn droom.

'De competitie en de duels vond ik harder in tweede dan in eerste klasse. In België moet je als spits niet zo ver terugvallen. In Duitsland speelde ik meer mee in de combinaties, liet me al eens afzakken naar het midden. Hier moet je als spits voorin blijven. Het gaat hier in België veel sneller op en neer, en je hebt meer duels dan in de Duitse derde klasse. In Duitsland kreeg ik, als ik vrij stond, bijna altijd de bal. Alles draaide er in aanvallend opzicht om mij. Dat was hier wel even schrikken. Hier waren meer goeie spelers, ze hadden mij niet altijd nodig. Als ik twintig keer de bal vroeg, kreeg ik hem maar acht keer. Daar ging ik over piekeren. Ik dacht: ze vertrouwen me niet, waarom geven ze me anders die bal niet?'

Heb je dat alleen opgelost?

Undav: 'De trainer heeft me daar erg bij geholpen. Dit is de beste trainer die ik ooit mee heb gemaakt.'

Lees het volledige interview met Denis Undav deze week in Sport/Voetbalmagazine of in onze Plus-zone.

Zeg eens eerlijk: wanneer heb je voor het eerst van Union gehoord?Deniz Undav: 'Toen mijn manager me tipte dat ze interesse in me hadden. Dat was in mijn eerste jaar bij SV Meppen ( waar hij twee jaar voetbalde, nvdr). Ik had nog nooit van de club gehoord. Ik ben me toen iets beter gaan informeren, leerde dat het een traditieclub was die in tweede klasse speelde. Toen ze een jaar later nog geïnteresseerd waren, heb ik toegezegd. Ik was op dat moment einde contract. Er was ook in Duitsland zelf interesse van een paar tweedeklassers, maar door covid hadden sommigen nog geen zicht op hun budget en wilden ze daarom wat langer wachten, maar dat wou ik niet. Ik wilde zo snel mogelijk de knoop doorhakken. Ik dacht: als een club je zo graag wil, twee jaar naeen, ga je daarmee praten. Eerst vond ik het raar, dat systeem in 1B, een competitie met maar acht clubs. In de Duitse derde klasse zijn het er twintig. Maar toen ze uitlegden dat ze absoluut wilden promoveren en dat ze mij daarvoor nodig hadden, heb ik toegezegd.'Wat was je eerste indruk?Undav: 'Ik kwam eerst hier, in het trainingscentrum in Lier. Zoiets had ik nog niet meegemaakt. Ik bedoel: bij Meppen hadden we niet eens een fitnesscentrum en aten we ook niet samen door de week. Dat was een aangename verrassing. Toen we naar het stadion reden, had ik niet de indruk dat we naar een stadion reden. We zaten midden in een woonwijk, en plots sta je binnen in een oud gezellig stadion. Mij maakt het niet uit hoe groot dat is, als het maar gezellig vol zit. Veel publiek geeft mij energie.'Hoe anders voetballen is het in de Belgische eerste en tweede klasse?Undav: 'Eigenlijk vind ik voetballen in 1A wel meevallen. Misschien omdat ik intussen ook hard aan mezelf heb gewerkt om scherper en beter te worden. Ik wilde het absoluut op het hoogste niveau maken, dat was mijn droom.'De competitie en de duels vond ik harder in tweede dan in eerste klasse. In België moet je als spits niet zo ver terugvallen. In Duitsland speelde ik meer mee in de combinaties, liet me al eens afzakken naar het midden. Hier moet je als spits voorin blijven. Het gaat hier in België veel sneller op en neer, en je hebt meer duels dan in de Duitse derde klasse. In Duitsland kreeg ik, als ik vrij stond, bijna altijd de bal. Alles draaide er in aanvallend opzicht om mij. Dat was hier wel even schrikken. Hier waren meer goeie spelers, ze hadden mij niet altijd nodig. Als ik twintig keer de bal vroeg, kreeg ik hem maar acht keer. Daar ging ik over piekeren. Ik dacht: ze vertrouwen me niet, waarom geven ze me anders die bal niet?'Heb je dat alleen opgelost?Undav: 'De trainer heeft me daar erg bij geholpen. Dit is de beste trainer die ik ooit mee heb gemaakt.'Lees het volledige interview met Denis Undav deze week in Sport/Voetbalmagazine of in onze Plus-zone.