"Het ambeteert me enigszins, maar ik wil gewoon nuttig zijn voor het geheel", is de targetman van de Buffalo's eerlijk. "Winnen, dat telt, maar als aanvaller snak je ook wel naar die beleving bij het vieren van een doelpunt. Ik twijfel niet, omdat ik anderen in staat stel te scoren en iedereen overtuigd blijft van mijn toegevoegde waarde voor het team.Het vormt voor mij wel een geruststelling te weten dat ik niet echt veel open kansen miste. Ik zou me pas vragen stellen als ik elke match drie mogelijkheden verpruts."

Weinig flankvoorzetten

Dat hij zo aan zo weinig kansen komt, heeft met het spelsysteem te maken, oordeelt Depoitre. "Met mijn gestalte is het interessant als er veel voorzetten van de flanken komen. AA Gent onderscheidt zich nu vooral door zijn goede combinatie- en bewegingsvoetbal over de grond. Wij beschikken niet over een Clément Tainmont bij Charleroi, die de bal ontvangt en meteen voor doel brengt met een scherpe center. Brecht Dejaegere of Moses Simon zijn spelers die liever infiltreren of met een individuele actie de tegenstander uit verband voetballen. Het ambeteert me minder niet te scoren dan dat we geen kansen meer zouden creëren. Dan zou ik me pas zorgen maken."

Wegcijferen

Tegen Anderlecht wil hij vanavond eindelijk nog eens beslissend zijn. "Ik hoop op een uitschieter tijdens deze play-offs", bekent hij. "Op een heel belangrijk moment eens de match beslissen, tegen Anderlecht of Club Brugge, dat zou fantastisch zijn. Ik scoorde nog niet tegen hen, maar het blijft een doel. Het zou voor een extra dimensie kunnen zorgen. Mijn stijl zal daardoor niet veranderen."

"Er zijn veel spitsen die, zodra ze in het strafschopgebied komen, alleen maar denken aan schieten. Meestal lukt het dan om te scoren. Ik beschouw dat niet als mijn hoofddoel, ik probeer altijd te zoeken naar de beste oplossing. Als er iemand naast mij beter geplaatst staat, dan aarzel ik nooit. Bij zestig procent kans om zelf een doelpunt te maken, maar wanneer volgens mijn inschatting een ploeggenoot aan tachtig procent zit, dan ga ik altijd voor die laatste optie. Dat ik me daardoor vaak volledig wegcijfer, oké, dan is dat maar zo. Nooit zal ik het verwijt kunnen krijgen té individualistisch te handelen. Daarom is ook die topschutterstitel voor mij niet primordiaal."

"Het ambeteert me enigszins, maar ik wil gewoon nuttig zijn voor het geheel", is de targetman van de Buffalo's eerlijk. "Winnen, dat telt, maar als aanvaller snak je ook wel naar die beleving bij het vieren van een doelpunt. Ik twijfel niet, omdat ik anderen in staat stel te scoren en iedereen overtuigd blijft van mijn toegevoegde waarde voor het team.Het vormt voor mij wel een geruststelling te weten dat ik niet echt veel open kansen miste. Ik zou me pas vragen stellen als ik elke match drie mogelijkheden verpruts."Dat hij zo aan zo weinig kansen komt, heeft met het spelsysteem te maken, oordeelt Depoitre. "Met mijn gestalte is het interessant als er veel voorzetten van de flanken komen. AA Gent onderscheidt zich nu vooral door zijn goede combinatie- en bewegingsvoetbal over de grond. Wij beschikken niet over een Clément Tainmont bij Charleroi, die de bal ontvangt en meteen voor doel brengt met een scherpe center. Brecht Dejaegere of Moses Simon zijn spelers die liever infiltreren of met een individuele actie de tegenstander uit verband voetballen. Het ambeteert me minder niet te scoren dan dat we geen kansen meer zouden creëren. Dan zou ik me pas zorgen maken."Tegen Anderlecht wil hij vanavond eindelijk nog eens beslissend zijn. "Ik hoop op een uitschieter tijdens deze play-offs", bekent hij. "Op een heel belangrijk moment eens de match beslissen, tegen Anderlecht of Club Brugge, dat zou fantastisch zijn. Ik scoorde nog niet tegen hen, maar het blijft een doel. Het zou voor een extra dimensie kunnen zorgen. Mijn stijl zal daardoor niet veranderen.""Er zijn veel spitsen die, zodra ze in het strafschopgebied komen, alleen maar denken aan schieten. Meestal lukt het dan om te scoren. Ik beschouw dat niet als mijn hoofddoel, ik probeer altijd te zoeken naar de beste oplossing. Als er iemand naast mij beter geplaatst staat, dan aarzel ik nooit. Bij zestig procent kans om zelf een doelpunt te maken, maar wanneer volgens mijn inschatting een ploeggenoot aan tachtig procent zit, dan ga ik altijd voor die laatste optie. Dat ik me daardoor vaak volledig wegcijfer, oké, dan is dat maar zo. Nooit zal ik het verwijt kunnen krijgen té individualistisch te handelen. Daarom is ook die topschutterstitel voor mij niet primordiaal."