Voor het seizoen was Genks keepersplan simpel: starten met Danny Vukovic en gaandeweg proberen Gaëtan Couke en Maarten Vandevoordt in te passen. Toen Vukovic na de eerste speeldag op training voor lange tijd uitviel, besloot Genk géén vervanger te halen maar dat deed het toch toen ook nog eens Vandevoordt geblesseerd raakte. Een goeie beslissing, aangezien een week na de komst van de Fransman ook Coucke uitviel.
...

Voor het seizoen was Genks keepersplan simpel: starten met Danny Vukovic en gaandeweg proberen Gaëtan Couke en Maarten Vandevoordt in te passen. Toen Vukovic na de eerste speeldag op training voor lange tijd uitviel, besloot Genk géén vervanger te halen maar dat deed het toch toen ook nog eens Vandevoordt geblesseerd raakte. Een goeie beslissing, aangezien een week na de komst van de Fransman ook Coucke uitviel. Dat maakt dat Genk kort na Nieuwjaar twee fitte keepers overhield: Thomas Didillon en de 17-jarige Tobe Leysen die het doel van de Genkse U21 verdedigt. De 24-jarige Didillon was een goeie keuze, vond ook keepertrainer Guy Martens: 'Ik vond hem vorig jaar een van de beste doelmannen in België, ook één die de competitie kent, terwijl je bij een nieuwe buitenlander toch een langere inlooptijd nodig gehad zou hebben.' In zijn eerste twee wedstrijden gaf de Fransman, die bij Anderlecht na de komst van Hendrik Van Crombrugge op een zijspoor was beland, zijn visitekaartje af. Zondag tegen Standard was hij minder bepalend dan bijvoorbeeld zijn overbuurman Arnaud Bodart, al kon hem bij geen van de drie Standardgoals (Genk verloor met 1-3) iets aangewreven worden. Guy Martens is tevreden over de manier waarop Didillon zich bij Genk integreert: 'Precies alsof hij hier altijd heeft rondgelopen. Thomas voelt zich hier heel erg goed, en dan ga je vanzelf ook beter presteren.' Martens moet wel in een paar weken een proces doorvoeren dat normaal maanden duurt: het omschakelen van een reactieve naar een proactieve doelman. 'Samengevat willen wij van een 2D-keeper een 3D-keeper maken, die door te anticiperen een dimensie toevoegt aan zijn spel, in plaats van af te wachten waar die bal komt en dan te reageren. Daarbij moet een doelman meer in de ruimte komen, mee voetballen en voorkomen in plaats van te reageren.' Het is een omschakelingsproces dat Martens al eens met Vukovic doormaakte, en dat ook Hendrik Van Crombrugge de voorbije jaren met succes aflegde, zegt de Genkse keepertrainer. Martens geeft toe dat Didillon niet meteen het keepersprofiel had dat men bij KRC Genk prefereert: 'Hij is een goeie doelman, maar wel een reactieve. Zijn mindset is defensief, terwijl wij keepers proberen duidelijk te maken dat je problemen ook vaak kan voorkomen. Ik ben aangenaam verrast door de stappen die hij in een paar weken gezet heeft. Hij pikt de zaken en snel goed op.' Martens geeft een voorbeeld. 'Die tegengoal op Antwerp, daar kwam hij na de match meteen zelf over zeggen dat hij dat doelpunt had kunnen voorkomen door een andere positie in te nemen. Op minuut 2 pakt hij daar een bal die vanaf de zijlijn werd voorgezet, precies door te anticiperen zoals wij dat keepers leren.' Over een paar weken beschikt Genk over drie volwaardige fitte doelmannen wanneer Coucke terugkeert en Vukovic weer aansluit. De Australische doelman krijgt al keepertraining en verwacht wordt dat hij over twee weken aansluit bij de groepstrainingen en inzetbaar zal zijn tijdens de play-offs. Zijn belang voor het team werd pas na zijn uitvallen aangevoeld. Vorig seizoen was hij zonder echt op te vallen een van de stille krachten achter het succes. 'Het eerste jaar kende hij veel aanpassingsproblemen bij Genk', weet Martens. 'Danny was een heel reactieve doelman, maar we hebben daar hard aan gewerkt. Vorig jaar was hij naast zijn prestaties op het veld ook heel bepalend in de kleedkamer. Er werd naar hem geluisterd. Als het op training niet goed liep, klopte hij op tafel. Danny is een sterke persoonlijkheid, en zo heeft elke groep er een paar nodig.' Uiteindelijk komen de twee jongeren die voor de leeuwen werden gegooid hier sterker uit, voorspelt Martens. 'Belangrijk is dat ze voelen wat ze fout gedaan hebben, maar dat ze ook weten dat ze daaraan kunnen werken. Dat is niet verbranden, maar ervaring opdoen. Afbranden, dat gebeurt op de sociale media. Onze raad naar hen was dan ook: hou je daar afzijdig van. Het mentale is in topsport zo belangrijk.'