Het eerste elftal staat mooi vijfde in de tweede amateurreeks B in Vlaanderen, het natuurlijke biotoop waar Diegem Sport zich van oudsher thuis voelt. Ook toen Ariël Jacobs er nog in het eerste elftal voetbalde, zo'n veertig jaar geleden, pendelde de club die aan Brussel grenst via Haren en Evere, tussen derde en vierde klasse.

Toen al koos Diegem voor een jeugdproject, en dat is sindsdien nooit anders geweest. Dat maakt dat men in coronatijden niet plots op zoek moest naar een nieuwe aanpak om te overleven. Het doel is al jaren om elke vorm van financieel risico te vermijden, elk seizoen 50% van de kern uit eigen jeugd te laten bestaan en elk seizoen één in huis opgeleide speler in het eerste elftal te krijgen.

'Dat lukt moeiteloos, ook omdat de trainers die bij Diegem het eerste elftal leiden van die filosofie doordrongen moeten zijn om bij de club aan de slag te gaan', zegt Pieter Jacobs, sportief manager en zelf een voorbeeld van het ideale parcours dat de club voorop stelt. Hij voetbalde nooit elders, ook al kreeg hij een paar keer de kans om te veranderen en elders meer te verdienen. Spelers die vasthouden aan een vaste vergoeding, zoals er nog veel zijn op dat niveau, rijden Diegem voorbij. Het heeft zo'n voetballers ook niet nodig, vindt Jacobs: 'Dat zijn meestal clubhoppers, en dat past niet bij onze filosofie. We hebben daar niet genoeg geld voor, en willen het geld ook niet daaraan besteden. Veel verschil maakt dat trouwens niet op sportief vlak. Misschien eindig je met duurdere spelers van elders zevende, en met de eigen jeugd tiende. Moet je daarvoor zo veel meer geld uitgeven?'

Tijdens de recente competitiehervatting vond Diegem het praktisch nog te doen. 'Zo lang de kantine draait, heb je inkomsten, al is het met de nodige maatregelen wel een hele organisatie.' Voor de twee thuismatchen die het eerste elftal afwerkte kwam er ongeveer evenveel volk als het gewone gemiddelde, zo'n 150 à 200 man.

Dat de competities een paar weken geleden stilgelegd werden, vindt Pieter Jacobs een goeie beslissing. 'We hadden het zelfs een paar weken eerder verwacht, met al die wedstrijden die wegvielen en al die positieve gevallen.' Bij Diegem zelf viel het nog mee.

Van de jeugdspelertjes die wel mogen trainen, daagt vandaag toch zo'n 90 % op. Momenteel heeft Diegem 335 jeugdspelers, waarvan 80% het Nederlandstalig onderwijs volgt. Dat is nodig om de voertaal Nederlands te handhaven, waar de club absoluut aan vasthoudt, hoewel dat niet evident is voor een club in of aan de rand van Brussel. Wie er bovenuit steekt, kan naar de club waar Diegem een partnerschap mee heeft, Club Brugge. Momenteel draaien in Brugge drie spelers mee die in Diegem opgepikt werden.

Het eerste elftal staat mooi vijfde in de tweede amateurreeks B in Vlaanderen, het natuurlijke biotoop waar Diegem Sport zich van oudsher thuis voelt. Ook toen Ariël Jacobs er nog in het eerste elftal voetbalde, zo'n veertig jaar geleden, pendelde de club die aan Brussel grenst via Haren en Evere, tussen derde en vierde klasse.Toen al koos Diegem voor een jeugdproject, en dat is sindsdien nooit anders geweest. Dat maakt dat men in coronatijden niet plots op zoek moest naar een nieuwe aanpak om te overleven. Het doel is al jaren om elke vorm van financieel risico te vermijden, elk seizoen 50% van de kern uit eigen jeugd te laten bestaan en elk seizoen één in huis opgeleide speler in het eerste elftal te krijgen. 'Dat lukt moeiteloos, ook omdat de trainers die bij Diegem het eerste elftal leiden van die filosofie doordrongen moeten zijn om bij de club aan de slag te gaan', zegt Pieter Jacobs, sportief manager en zelf een voorbeeld van het ideale parcours dat de club voorop stelt. Hij voetbalde nooit elders, ook al kreeg hij een paar keer de kans om te veranderen en elders meer te verdienen. Spelers die vasthouden aan een vaste vergoeding, zoals er nog veel zijn op dat niveau, rijden Diegem voorbij. Het heeft zo'n voetballers ook niet nodig, vindt Jacobs: 'Dat zijn meestal clubhoppers, en dat past niet bij onze filosofie. We hebben daar niet genoeg geld voor, en willen het geld ook niet daaraan besteden. Veel verschil maakt dat trouwens niet op sportief vlak. Misschien eindig je met duurdere spelers van elders zevende, en met de eigen jeugd tiende. Moet je daarvoor zo veel meer geld uitgeven?'Tijdens de recente competitiehervatting vond Diegem het praktisch nog te doen. 'Zo lang de kantine draait, heb je inkomsten, al is het met de nodige maatregelen wel een hele organisatie.' Voor de twee thuismatchen die het eerste elftal afwerkte kwam er ongeveer evenveel volk als het gewone gemiddelde, zo'n 150 à 200 man. Dat de competities een paar weken geleden stilgelegd werden, vindt Pieter Jacobs een goeie beslissing. 'We hadden het zelfs een paar weken eerder verwacht, met al die wedstrijden die wegvielen en al die positieve gevallen.' Bij Diegem zelf viel het nog mee. Van de jeugdspelertjes die wel mogen trainen, daagt vandaag toch zo'n 90 % op. Momenteel heeft Diegem 335 jeugdspelers, waarvan 80% het Nederlandstalig onderwijs volgt. Dat is nodig om de voertaal Nederlands te handhaven, waar de club absoluut aan vasthoudt, hoewel dat niet evident is voor een club in of aan de rand van Brussel. Wie er bovenuit steekt, kan naar de club waar Diegem een partnerschap mee heeft, Club Brugge. Momenteel draaien in Brugge drie spelers mee die in Diegem opgepikt werden.