Draait opleiden dan echt alleen nog maar om geld, makelaars en profvoetballer worden? Wat met de jongens die geen profvoetballer worden? En hoe moet je er als jeugdspelertje mee omgaan als een club je niet aanwerft na een selectieprocedure van enkele maanden? Vervallen onze dagelijkse normen en waarden, alsook het welzijn van onze kinderen door de aanlokkelijke droom om profvoetballer te worden?

'Draait opleiden alleen nog maar om geld, makelaars en profvoetballer worden?

Onlangs hoorde ik langs de zijlijn een opmerkelijk verhaal van de vader van een 11-jarig spelertje. Vorig jaar kreeg de man meermaals telefoon van eliteclubs die iets zagen in zijn zoontje. Maar sinds dat kind veranderd is van opleiding, blijft de telefoon stil en spreekt niemand hem nog aan terwijl het jongetje intussen wel enorm veel vooruitgang boekte. Zijn die andere clubs dan nu niet meer geïnteresseerd in een talent dat vorig jaar bij hen zo hoog aangeschreven stond? Of vinden ze gescout worden door een eliteclub belangrijker dan het beter worden op zich?

Zo horen we ook vaak verhalen of adviezen dat jonge voetballertjes voor hun dertiende verjaardag best al bij een eliteclub aangesloten zijn, want anders zou het wel eens te laat kunnen zijn. Ook dat is natuurlijk kort door de bocht, want veel hangt af van de omstandigheden die gecreëerd worden.

De drang naar het dragen van een bekend logo en daardoor aan aanzien te winnen, lijkt een enorme impact te hebben op het hedendaagse denken. Het lijkt een soort stempel of kwaliteitslabel dat ons kan verblinden voor wat er echt toe doet. Is zelfvertrouwen opbouwen, je grenzen verleggen, vrienden maken, beter worden en jezelf ontwikkelen los van het resultaat niet belangrijker? Zijn we niet te veel bezig met het streven naar ons eigen ideaalbeeld in plaats van te denken aan het welzijn van het kind?

null © gf

Vroeger ging je naar een bepaalde club of opleiding omdat je achter hun visie, structuur en normen en waarden stond. Als het kon dan ook nog in de buurt van je woonplaats. Vandaag lijkt het er niet meer toe te doen, omdat mama en papa willen dat hun kinderen gezien worden. En vanuit een bepaalde invalshoek, uit de liefde voor het kind, begrijpen we dat wel. Uiteindelijk wil iedereen het beste voor zijn of haar kind. Maar wat is het beste? En waar is dat dan? En moet het beter wanneer we het eigenlijk al goed voor elkaar hebben?

Het lijkt soms alsof aansluiten bij een eliteclub een doel op zich begint te worden. Want enkel zo maak je kans om profvoetballer te worden. Of dat maken ze je alleszins toch graag wijs. Is er in een club geen plaats of geraak je er moeilijk binnen, dan probeer je toch gewoon de volgende club, iets verder en nog iets verder. Misschien regelt een club die je echt graag wil hebben zelfs vervoer voor je of krijgen mama en papa een tankkaart en jij een nieuw paar voetbalschoenen.

Wij horen vaak adviezen dat jonge voetballertjes voor hun dertiende verjaardag best al bij een eliteclub aangesloten zijn, anders zou het wel eens te laat kunnen zijn.

Rond deze periode volgen in vele clubs tussentijdse evaluatiegesprekken en worden bij vele kinderen hun dromen doorprikt en dringt de realiteit door: vorig jaar stonden ze te springen om mij in te lijven en vandaag krijg ik nog 6 maanden om me te herpakken?! De concurrentie is groot en het hoort er nu eenmaal bij, je wist dit op voorhand, hard werken is de boodschap, ...

Laat ons hopen dat dit niet enkel gebeurt op basis van een subjectieve mening van trainer x, y of z. Of je er nu 1 of 7 jaar speelt, aan de top zijn de wetten onverbiddelijk. Ander en beter gevonden, dus wensen wij je succes in je verdere carrière als voetballer, het was leuk met je samen te werken. Wij denken dat er niet één weg is, maar dat er meerdere wegen zijn.

Zou het om te beginnen al geen goed idee zijn om clubs bepaalde engagementen op te leggen in functie van de ontwikkeling van het kind, verplichte engagementen die niet de garantie geven van profvoetballer worden, maar de garantie van opleiding? Dit om vanuit de basis te vertrekken en het kind beter te beschermen, omdat ouders nu eenmaal subjectief naar hun eigen kroost kijken?

Zou het geen goed idee zijn om elitevoetbal af te schaffen onder de leeftijd van 13 jaar, zodat kinderen in hun eigen omgeving kunnen en moeten blijven voetballen? En wat vinden we ervan om meer coaches beter op te leiden en het beroep eindelijk te erkennen? Lijkt het niet beter dat ze pas bij de leeftijd van het eerste middelbaar juister, realistisch en gerichter kunnen kiezen voor wat hun nieuwe dromen zijn? De eerste groeipijnen zijn immers achter de rug en er werd tijdens een cruciale levensfase in een veilige nabije omgeving kennisgemaakt met de combinatie voetbal, vrienden, familie en school.

Laten we anders even ons vergrootglas houden boven dat andere, toch wel belangrijker aspect in onze opleiding en opvoeding: de school. Hoe ziet een traject eruit voor onze kinderen tijdens hun opleidingen op school?

Stap 1: De kleuterschool - ontdekking

Stap 2: De lagere school - algemene brede opleiding

Stap 3: De middelbare school - oriëntering

Stap 4: De universiteit of hogeschool - specialisatie

Stap 5: Werk - prestatie

null © gf

'Het Zweedse onderwijssysteem leert ons dat leerdoelen kunnen opgesteld worden door de kinderen zelf.

Je kan binnen de leeromgeving van de school pas van stap 1 naar stap 2 als je er klaar voor bent. En dat geldt ook voor de daaropvolgende stappen. Heb je het op school wat moeilijker, dan krijg je misschien wel extra ondersteuning, of krijg je eventueel een extra jaar de tijd om dezelfde leerstof opnieuw te verwerken. Ook kinderen die 1, 2 of zelfs 3 jaar langer nodig hadden tijdens hun opleiding, omdat ze het toen wat moeilijker hadden, kunnen later CEO worden. Een primus vandaag is niet per se de primus van morgen.

Het Zweedse onderwijssysteem leert ons dat leerdoelen opgesteld kunnen worden door de kinderen zelf, dat niet alles voorgekauwd hoeft te worden. Wel, dat lijkt zeker te verdedigen. Ownership kan en moet worden gestimuleerd binnen de juiste context. En vanuit een goede ondersteuning en begeleiding moeten er tools en hulpmiddelen aangeboden worden door docenten, trainers, coaches en ouders. Je probeert dus de best mogelijke omstandigheden te creëren vanuit een connectie met elkaar en je zoekt daarin dan naar de juiste manier van begeleiden.

Huiswerk is in Scandinavië relatief beperkt en rapporten worden pas in de eindfase uitgedeeld. Hierdoor creëer je een minder prestatiegerichte cultuur, waardoor de aandacht voor de te kennen leerstof beter kan worden verdeeld over een langere periode. Het creatief proces moet voorop staan. Daar staan wij bij Adelanto alvast achter.

Een tegenkanting kan zijn dat het kind dan te weinig uitdaging en motivatie ondervindt, omdat er geen duidelijk beeld ontstaat over hun prestaties. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Aan de slag gaan met het stellen van doelen en de kinderen daar tijdig en adequaat feedback over geven, werkt hoe dan ook constructief en productief.

Waarom koppelen we het geleverde werk niet eens los van de cijfers en de punten? Die zeggen zeker niet altijd alles.

'Bij ons ligt de drive om te willen presteren te hoog en dat eist vroeg of laat wel eens zijn tol.

In Zweden schuiven leerkrachten tijdens de lunch mee aan tafel bij de kinderen. Er wordt een connectie gecreëerd tussen mensen en mogelijks treedt van daaruit isolement en individueel succes minder op de voorgrond. Dat wij-gevoel is een cruciaal vertrekpunt. We investeren als het ware in onze verbindingen met andere mensen en sterken het mentale kapitaal aan.

Bij ons ligt de drive om te willen presteren te hoog en dat eist vroeg of laat wel eens zijn tol. Onze maatschappij is zeer materialistisch en individualistisch ingesteld, meer en meer. We spreken over burn-outs, isolement en we willen verschillende taboes doorbreken. Maar is het niet beter om te anticiperen? En is het niet beter om terug met meer respect met elkaar om te gaan, zodat we in de competitieve wereld elkaar niet noodzakelijk hoeven te schofferen? Misschien slagen we er dan in om naar gezamenlijk in plaats van individueel succes te streven. En misschien wordt dan de communicatie en verstandhouding met anderen beter, want daar knelt toch vaak een schoentje.

Het zal alleszins ook leiden tot een meer vreedzame samenleving.

We hebben de gewoonte in te grijpen wanneer problemen zich voordoen, en soms is het dan ook wel eens te laat. In Singapore bijvoorbeeld is de cultuur bij jongeren uiterst competitief. Je kan je afvragen of dit nog te verantwoorden is als je hierover de resultaten van onderzoek naar prestatie en geluk voor je neus krijgt. De impact op het welzijn is enorm en vaak met drastische en niet te overziene gevolgen. Falen staat niet in hun woordenboek, enkel meetbaar succes telt.

'Het kan niet de bedoeling zijn de basisbehoeften van de mens voorbij te streven in de zoektocht naar het ideaalbeeld.

Ook België doet het op dat vlak slecht in West-Europa. Daar besteden we toch best voldoende aandacht aan door mogelijke oorzaken en verbanden te zoeken aan de basis en daar de nodige maatregelen te nemen. Het kan niet de bedoeling zijn de basisbehoeften van de mens voorbij te streven in de zoektocht naar het ideaalbeeld.

Terug naar het voetbal. Laten we enkele voetbalsituaties linken aan onze eigen schoolse opleiding. Op school zetten ze je niet buiten omdat ze een leerling uit een andere school slimmer vonden. Op de lagere school krijg je niet te horen dat je volgend jaar een andere school zal moeten zoeken omdat je 4 slechte toetsen maakte. Tot op heden zien we nog geen ouders langs het klasraam roepen en tieren terwijl zoon- of dochterlief een toets aan het maken is. En we zien dat leerkrachten half- of full-time in dienst zijn. Leraar zijn, is een beroep. Bestaan continuïteit en kwaliteit van het echt opleiden nog in jeugdopleidingen of ligt de focus enkel op het scouten, rekruteren en selecteren van de beste spelers?

Graag adviseren we, in functie van de opleiding en het welzijn van deze voetballende kinderen, om ook opleidingstrajecten in te voeren in het voetbal. Net zoals op school. Enkel bij de overgang naar een volgende stap wordt een bepalend advies meegegeven. Binnen Adelanto hanteren we deze werkwijze al sinds onze oprichting en dit geeft zowel spelers als ouders rust. Prestatiedrang wordt vervangen door ontwikkelingsdrang. Ze zijn daarenboven zeker van een jeugdopleiding met kwalitatieve langetermijnvisie.

We hebben als doel om spelers zo goed mogelijk te begeleiden en af te zetten op een zo hoog mogelijk niveau. Dit zonder beloftes te maken over het uiteindelijke niveau, aangezien garanties op succes niet bestaan. Je kan dergelijke beloftes niet voorhouden als een wortel bij een paard. Dat is gewoon niet correct. We houden liever de spelers hun hand vast om hun weg tijdens de opleiding, binnen een veilige en gestructureerde omgeving, te bewandelen. Hierbinnen verkiezen we als enige verplichting: het stimuleren van de intrinsieke motivatie van de speler en de begeleiding van de mens achter deze speler.

Vanuit het idee en het format van een schooltraject, schreven we voor Adelanto een voetbalspecifiek trajectplan. Dit plan bestaat uit verschillende opleidingstrajecten en gaven we op volgende manier vorm:

Binnen onze opleiding deelden we dit trajectplan verder op in 3 trajecten en het wordt vervolledigd door een 4de opvolgingstraject.

Per traject ben je minstens 3 jaar zeker van je opleiding, zodat een potentieel talentvolle speler in alle rust, veiligheid en vrijheid zichzelf kan ontdekken en ontwikkelen. Pas na het aflopen van een traject volgt een bepalend advies of hij klaar is voor de volgende traject. We starten onze opleiding pas vanaf 7-jarige leeftijd omdat we vinden dat in voorafgaande jaren niet enkel hun voetbalvaardigheden geprikkeld moeten worden, maar alle mogelijke bewegingsvaardigheden zoals die bij bestaande Multimove-projecten, omnisportkampen et cetera aangeboden worden. Het is belangrijk voor de algemene sociale, motorische, coördinatieve en cognitieve vaardigheden van het kind. Hierna kunnen zij terecht binnen ons verdergezet trajectplan.

Stap 1: Fundament (instroom) - algemene brede opleiding

Stap 2: Preparation - oriëntering

Stap 3: Formation (doorstroom naar een andere opleiding of club) - specialisatie

Stap 4: Performance - prestatie

© gf

Wij laten spelers enkel en alleen uitstromen wanneer ze er klaar voor zijn of wanneer ze dit zelf willen. Dit doen we steeds in overleg met de ouders en de speler. Hierin geven we ons advies en leggen we, waar we kunnen, de eerste contacten in hun zoektocht naar een nieuwe club. Met andere woorden leiden we bij Adelanto echt op in functie van het kind en zijn ontwikkeling. Maar na de uitstroom stopt het niet. We blijven onze spelers opvolgen en omkaderen met de mogelijke en bijhorende zorgen of ondersteuning en advies.

'Laat kinderen zich amuseren, ontwikkelen en ontdekken in een kwalitatieve en veilige jeugdopleiding, zodat ze stap voor stap dichter komen bij hun beste zelf.

Deze trajecten staan onder supervisie van een unieke visie en structuur in het voetballandschap, waar opleiden bovendien echt nog centraal staat. En dit is slechts één van de vele aspecten waarin we ons trachten te onderscheiden van andere opleidingen.

Ons realistisch en haalbaar advies ten voordele van de ontwikkeling en het welzijn van onze voetballende kinderen:

1. Geef opleidingszekerheid door het invoeren van trajecten zoals we ook in scholen doen.

2. Voorkom of verbied dat spelers te allen tijde, zelfs na amper een jaartje al doorgestuurd kunnen worden. Dat zou al een eerste stap kunnen zijn.

3. Creëer als club of opleiding een visie en een identiteit, zodat spelers die voor jou of je opleiding kiezen er zich in kunnen herkennen.

4. Schaf 'elitevoetbal' af onder de leeftijd van 13jaar.

5. Leid meer coaches beter op en erken het beroep 'coach' in de maatschappij.

6. Leg clubs restricties op qua rekrutering en aanwerving van jeugdspelers. Zoals het beperken van het aantal aanwervingen, of het bepalen van maximale rijafstanden voor ouders, of het afbakenen van regio's met betrekking tot scouting. Hierover verschenen reeds meerdere ideeën en artikels.

En hopelijk kan het leiden tot het opnieuw focussen op opleiding in plaats van op prestatie. Kies als speler of ouder voor kwaliteit, spelvreugde, continuïteit en opleiding. Nogmaals, geen enkele school of club kan je tijdens je opleiding en groei de garantie geven dat je CEO of profvoetballer zal worden. Enkel de toekomst zal het uitwijzen. Daarop proberen we natuurlijk controle te krijgen door zoveel mogelijk positieve invloed uit te oefenen op de omstandigheden en de inhoud van het leertraject.

Laat kinderen zich amuseren, ontwikkelen en ontdekken in een kwalitatieve en veilige jeugdopleiding, zodat ze stap voor stap dichter komen bij hun beste zelf. En ja, dat is voldoende. Want of je profvoetballer wordt, bepaal je niet altijd zelf. Soms doen anderen dat voor je.

Lees de andere opiniestukken van Joost Mignolet hier.

Draait opleiden dan echt alleen nog maar om geld, makelaars en profvoetballer worden? Wat met de jongens die geen profvoetballer worden? En hoe moet je er als jeugdspelertje mee omgaan als een club je niet aanwerft na een selectieprocedure van enkele maanden? Vervallen onze dagelijkse normen en waarden, alsook het welzijn van onze kinderen door de aanlokkelijke droom om profvoetballer te worden? Onlangs hoorde ik langs de zijlijn een opmerkelijk verhaal van de vader van een 11-jarig spelertje. Vorig jaar kreeg de man meermaals telefoon van eliteclubs die iets zagen in zijn zoontje. Maar sinds dat kind veranderd is van opleiding, blijft de telefoon stil en spreekt niemand hem nog aan terwijl het jongetje intussen wel enorm veel vooruitgang boekte. Zijn die andere clubs dan nu niet meer geïnteresseerd in een talent dat vorig jaar bij hen zo hoog aangeschreven stond? Of vinden ze gescout worden door een eliteclub belangrijker dan het beter worden op zich? Zo horen we ook vaak verhalen of adviezen dat jonge voetballertjes voor hun dertiende verjaardag best al bij een eliteclub aangesloten zijn, want anders zou het wel eens te laat kunnen zijn. Ook dat is natuurlijk kort door de bocht, want veel hangt af van de omstandigheden die gecreëerd worden.De drang naar het dragen van een bekend logo en daardoor aan aanzien te winnen, lijkt een enorme impact te hebben op het hedendaagse denken. Het lijkt een soort stempel of kwaliteitslabel dat ons kan verblinden voor wat er echt toe doet. Is zelfvertrouwen opbouwen, je grenzen verleggen, vrienden maken, beter worden en jezelf ontwikkelen los van het resultaat niet belangrijker? Zijn we niet te veel bezig met het streven naar ons eigen ideaalbeeld in plaats van te denken aan het welzijn van het kind?Vroeger ging je naar een bepaalde club of opleiding omdat je achter hun visie, structuur en normen en waarden stond. Als het kon dan ook nog in de buurt van je woonplaats. Vandaag lijkt het er niet meer toe te doen, omdat mama en papa willen dat hun kinderen gezien worden. En vanuit een bepaalde invalshoek, uit de liefde voor het kind, begrijpen we dat wel. Uiteindelijk wil iedereen het beste voor zijn of haar kind. Maar wat is het beste? En waar is dat dan? En moet het beter wanneer we het eigenlijk al goed voor elkaar hebben? Het lijkt soms alsof aansluiten bij een eliteclub een doel op zich begint te worden. Want enkel zo maak je kans om profvoetballer te worden. Of dat maken ze je alleszins toch graag wijs. Is er in een club geen plaats of geraak je er moeilijk binnen, dan probeer je toch gewoon de volgende club, iets verder en nog iets verder. Misschien regelt een club die je echt graag wil hebben zelfs vervoer voor je of krijgen mama en papa een tankkaart en jij een nieuw paar voetbalschoenen.Rond deze periode volgen in vele clubs tussentijdse evaluatiegesprekken en worden bij vele kinderen hun dromen doorprikt en dringt de realiteit door: vorig jaar stonden ze te springen om mij in te lijven en vandaag krijg ik nog 6 maanden om me te herpakken?! De concurrentie is groot en het hoort er nu eenmaal bij, je wist dit op voorhand, hard werken is de boodschap, ...Laat ons hopen dat dit niet enkel gebeurt op basis van een subjectieve mening van trainer x, y of z. Of je er nu 1 of 7 jaar speelt, aan de top zijn de wetten onverbiddelijk. Ander en beter gevonden, dus wensen wij je succes in je verdere carrière als voetballer, het was leuk met je samen te werken. Wij denken dat er niet één weg is, maar dat er meerdere wegen zijn.Zou het om te beginnen al geen goed idee zijn om clubs bepaalde engagementen op te leggen in functie van de ontwikkeling van het kind, verplichte engagementen die niet de garantie geven van profvoetballer worden, maar de garantie van opleiding? Dit om vanuit de basis te vertrekken en het kind beter te beschermen, omdat ouders nu eenmaal subjectief naar hun eigen kroost kijken? Zou het geen goed idee zijn om elitevoetbal af te schaffen onder de leeftijd van 13 jaar, zodat kinderen in hun eigen omgeving kunnen en moeten blijven voetballen? En wat vinden we ervan om meer coaches beter op te leiden en het beroep eindelijk te erkennen? Lijkt het niet beter dat ze pas bij de leeftijd van het eerste middelbaar juister, realistisch en gerichter kunnen kiezen voor wat hun nieuwe dromen zijn? De eerste groeipijnen zijn immers achter de rug en er werd tijdens een cruciale levensfase in een veilige nabije omgeving kennisgemaakt met de combinatie voetbal, vrienden, familie en school.Laten we anders even ons vergrootglas houden boven dat andere, toch wel belangrijker aspect in onze opleiding en opvoeding: de school. Hoe ziet een traject eruit voor onze kinderen tijdens hun opleidingen op school?Stap 1: De kleuterschool - ontdekking Stap 2: De lagere school - algemene brede opleiding Stap 3: De middelbare school - oriëntering Stap 4: De universiteit of hogeschool - specialisatie Stap 5: Werk - prestatie Je kan binnen de leeromgeving van de school pas van stap 1 naar stap 2 als je er klaar voor bent. En dat geldt ook voor de daaropvolgende stappen. Heb je het op school wat moeilijker, dan krijg je misschien wel extra ondersteuning, of krijg je eventueel een extra jaar de tijd om dezelfde leerstof opnieuw te verwerken. Ook kinderen die 1, 2 of zelfs 3 jaar langer nodig hadden tijdens hun opleiding, omdat ze het toen wat moeilijker hadden, kunnen later CEO worden. Een primus vandaag is niet per se de primus van morgen.Het Zweedse onderwijssysteem leert ons dat leerdoelen opgesteld kunnen worden door de kinderen zelf, dat niet alles voorgekauwd hoeft te worden. Wel, dat lijkt zeker te verdedigen. Ownership kan en moet worden gestimuleerd binnen de juiste context. En vanuit een goede ondersteuning en begeleiding moeten er tools en hulpmiddelen aangeboden worden door docenten, trainers, coaches en ouders. Je probeert dus de best mogelijke omstandigheden te creëren vanuit een connectie met elkaar en je zoekt daarin dan naar de juiste manier van begeleiden. Huiswerk is in Scandinavië relatief beperkt en rapporten worden pas in de eindfase uitgedeeld. Hierdoor creëer je een minder prestatiegerichte cultuur, waardoor de aandacht voor de te kennen leerstof beter kan worden verdeeld over een langere periode. Het creatief proces moet voorop staan. Daar staan wij bij Adelanto alvast achter. Een tegenkanting kan zijn dat het kind dan te weinig uitdaging en motivatie ondervindt, omdat er geen duidelijk beeld ontstaat over hun prestaties. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Aan de slag gaan met het stellen van doelen en de kinderen daar tijdig en adequaat feedback over geven, werkt hoe dan ook constructief en productief. Waarom koppelen we het geleverde werk niet eens los van de cijfers en de punten? Die zeggen zeker niet altijd alles. In Zweden schuiven leerkrachten tijdens de lunch mee aan tafel bij de kinderen. Er wordt een connectie gecreëerd tussen mensen en mogelijks treedt van daaruit isolement en individueel succes minder op de voorgrond. Dat wij-gevoel is een cruciaal vertrekpunt. We investeren als het ware in onze verbindingen met andere mensen en sterken het mentale kapitaal aan.Bij ons ligt de drive om te willen presteren te hoog en dat eist vroeg of laat wel eens zijn tol. Onze maatschappij is zeer materialistisch en individualistisch ingesteld, meer en meer. We spreken over burn-outs, isolement en we willen verschillende taboes doorbreken. Maar is het niet beter om te anticiperen? En is het niet beter om terug met meer respect met elkaar om te gaan, zodat we in de competitieve wereld elkaar niet noodzakelijk hoeven te schofferen? Misschien slagen we er dan in om naar gezamenlijk in plaats van individueel succes te streven. En misschien wordt dan de communicatie en verstandhouding met anderen beter, want daar knelt toch vaak een schoentje. Het zal alleszins ook leiden tot een meer vreedzame samenleving. We hebben de gewoonte in te grijpen wanneer problemen zich voordoen, en soms is het dan ook wel eens te laat. In Singapore bijvoorbeeld is de cultuur bij jongeren uiterst competitief. Je kan je afvragen of dit nog te verantwoorden is als je hierover de resultaten van onderzoek naar prestatie en geluk voor je neus krijgt. De impact op het welzijn is enorm en vaak met drastische en niet te overziene gevolgen. Falen staat niet in hun woordenboek, enkel meetbaar succes telt. Ook België doet het op dat vlak slecht in West-Europa. Daar besteden we toch best voldoende aandacht aan door mogelijke oorzaken en verbanden te zoeken aan de basis en daar de nodige maatregelen te nemen. Het kan niet de bedoeling zijn de basisbehoeften van de mens voorbij te streven in de zoektocht naar het ideaalbeeld. Terug naar het voetbal. Laten we enkele voetbalsituaties linken aan onze eigen schoolse opleiding. Op school zetten ze je niet buiten omdat ze een leerling uit een andere school slimmer vonden. Op de lagere school krijg je niet te horen dat je volgend jaar een andere school zal moeten zoeken omdat je 4 slechte toetsen maakte. Tot op heden zien we nog geen ouders langs het klasraam roepen en tieren terwijl zoon- of dochterlief een toets aan het maken is. En we zien dat leerkrachten half- of full-time in dienst zijn. Leraar zijn, is een beroep. Bestaan continuïteit en kwaliteit van het echt opleiden nog in jeugdopleidingen of ligt de focus enkel op het scouten, rekruteren en selecteren van de beste spelers?Graag adviseren we, in functie van de opleiding en het welzijn van deze voetballende kinderen, om ook opleidingstrajecten in te voeren in het voetbal. Net zoals op school. Enkel bij de overgang naar een volgende stap wordt een bepalend advies meegegeven. Binnen Adelanto hanteren we deze werkwijze al sinds onze oprichting en dit geeft zowel spelers als ouders rust. Prestatiedrang wordt vervangen door ontwikkelingsdrang. Ze zijn daarenboven zeker van een jeugdopleiding met kwalitatieve langetermijnvisie. We hebben als doel om spelers zo goed mogelijk te begeleiden en af te zetten op een zo hoog mogelijk niveau. Dit zonder beloftes te maken over het uiteindelijke niveau, aangezien garanties op succes niet bestaan. Je kan dergelijke beloftes niet voorhouden als een wortel bij een paard. Dat is gewoon niet correct. We houden liever de spelers hun hand vast om hun weg tijdens de opleiding, binnen een veilige en gestructureerde omgeving, te bewandelen. Hierbinnen verkiezen we als enige verplichting: het stimuleren van de intrinsieke motivatie van de speler en de begeleiding van de mens achter deze speler.Vanuit het idee en het format van een schooltraject, schreven we voor Adelanto een voetbalspecifiek trajectplan. Dit plan bestaat uit verschillende opleidingstrajecten en gaven we op volgende manier vorm:Binnen onze opleiding deelden we dit trajectplan verder op in 3 trajecten en het wordt vervolledigd door een 4de opvolgingstraject.Per traject ben je minstens 3 jaar zeker van je opleiding, zodat een potentieel talentvolle speler in alle rust, veiligheid en vrijheid zichzelf kan ontdekken en ontwikkelen. Pas na het aflopen van een traject volgt een bepalend advies of hij klaar is voor de volgende traject. We starten onze opleiding pas vanaf 7-jarige leeftijd omdat we vinden dat in voorafgaande jaren niet enkel hun voetbalvaardigheden geprikkeld moeten worden, maar alle mogelijke bewegingsvaardigheden zoals die bij bestaande Multimove-projecten, omnisportkampen et cetera aangeboden worden. Het is belangrijk voor de algemene sociale, motorische, coördinatieve en cognitieve vaardigheden van het kind. Hierna kunnen zij terecht binnen ons verdergezet trajectplan. Stap 1: Fundament (instroom) - algemene brede opleiding Stap 2: Preparation - oriëntering Stap 3: Formation (doorstroom naar een andere opleiding of club) - specialisatie Stap 4: Performance - prestatieWij laten spelers enkel en alleen uitstromen wanneer ze er klaar voor zijn of wanneer ze dit zelf willen. Dit doen we steeds in overleg met de ouders en de speler. Hierin geven we ons advies en leggen we, waar we kunnen, de eerste contacten in hun zoektocht naar een nieuwe club. Met andere woorden leiden we bij Adelanto echt op in functie van het kind en zijn ontwikkeling. Maar na de uitstroom stopt het niet. We blijven onze spelers opvolgen en omkaderen met de mogelijke en bijhorende zorgen of ondersteuning en advies. Deze trajecten staan onder supervisie van een unieke visie en structuur in het voetballandschap, waar opleiden bovendien echt nog centraal staat. En dit is slechts één van de vele aspecten waarin we ons trachten te onderscheiden van andere opleidingen.Ons realistisch en haalbaar advies ten voordele van de ontwikkeling en het welzijn van onze voetballende kinderen:1. Geef opleidingszekerheid door het invoeren van trajecten zoals we ook in scholen doen.2. Voorkom of verbied dat spelers te allen tijde, zelfs na amper een jaartje al doorgestuurd kunnen worden. Dat zou al een eerste stap kunnen zijn.3. Creëer als club of opleiding een visie en een identiteit, zodat spelers die voor jou of je opleiding kiezen er zich in kunnen herkennen.4. Schaf 'elitevoetbal' af onder de leeftijd van 13jaar.5. Leid meer coaches beter op en erken het beroep 'coach' in de maatschappij.6. Leg clubs restricties op qua rekrutering en aanwerving van jeugdspelers. Zoals het beperken van het aantal aanwervingen, of het bepalen van maximale rijafstanden voor ouders, of het afbakenen van regio's met betrekking tot scouting. Hierover verschenen reeds meerdere ideeën en artikels.En hopelijk kan het leiden tot het opnieuw focussen op opleiding in plaats van op prestatie. Kies als speler of ouder voor kwaliteit, spelvreugde, continuïteit en opleiding. Nogmaals, geen enkele school of club kan je tijdens je opleiding en groei de garantie geven dat je CEO of profvoetballer zal worden. Enkel de toekomst zal het uitwijzen. Daarop proberen we natuurlijk controle te krijgen door zoveel mogelijk positieve invloed uit te oefenen op de omstandigheden en de inhoud van het leertraject.Laat kinderen zich amuseren, ontwikkelen en ontdekken in een kwalitatieve en veilige jeugdopleiding, zodat ze stap voor stap dichter komen bij hun beste zelf. En ja, dat is voldoende. Want of je profvoetballer wordt, bepaal je niet altijd zelf. Soms doen anderen dat voor je.