Zes jaar geleden belandde Hendrik Van Crombrugge (25) bij Eupen, dat hem een reddingsboei toegooide toen hij bij STVV op een zijspoor was beland. Vier jaar geleden tekende ook Siebe Blondelle (32) na omzwervingen langs RAEC Mons en Waasland-Beveren in de Oostkantons. Samen maakten ze de promotie naar eerste mee, en dwongen ze drie weken geleden voor de derde keer het behoud af, dit keer op het veld van KV Oostende. Ze deden dat samen met kapitein Luis García, die een jaar na Van Crombrugge arriveerde. Reservedoelman Babacar Niasse en aanvaller Eric Ocansey, die in Oostende niet speelden, zijn er ook al van in tweede klasse bij.

Als Belgische clubs vinden dat ik geen twee miljoen waard ben, moet ik dat aanvaarden. Ajax en Sassuolo wilden dat wel betalen.

Hendrik Van Crombrugge

Hoe hebben jullie het behoud gevierd op de terugweg van Oostende naar Eupen, met 250 kilometer de verste verplaatsing van het seizoen?

SIEBE BLONDELLE: 'De polonaise hebben we niet gedanst. Sommige jongens kaartten, anderen keken naar een film, er waren er ook die sliepen. Hendrik en ik zaten naast elkaar en praatten na, zoals we dat na elke verplaatsing doen.'

Waren jullie verbaasd dat jullie al vier speeldagen voor het einde gered waren?

HENDRIK VAN CROMBRUGGE: 'Na onze eerste vijf wedstrijden, waarin we nul punten haalden en negentien tegengoals slikten, vreesde ik toch voor het ergste.'

BLONDELLE: 'Bij de start van de competitie wil je zo snel mogelijk die nul van het bord. Als dat niet snel lukt, sluipt er toch nervositeit in de ploeg. Maar die eerste zege, uit bij Mouscron, zorgde voor een klik. Ineens vonden we een manier van spelen die ons lag.'

VAN CROMBRUGGE: 'De komst van Sulayman Marreh was ook belangrijk. Net als het feit dat we ook in die crisissituatie naar elkaar toe zijn gegroeid. Maar die eerste overwinning gaf een boost, omdat het een uitzege betrof, wat niet zo vaak was gelukt voorheen bij ons. Die dag hielden we ook voor het eerst de nul, wat in de voorgaande wedstrijden een probleem was. Daar put je veel energie uit.'

BLONDELLE: 'Belangrijk is op zo'n moment dat je een groep hebt die aan elkaar hangt. Mannen die voor elkaar door het vuur willen gaan en beseffen: als we allemaal hetzelfde denken, komen we hier wel uit.'

VAN CROMBRUGGE: 'Qua mentaliteit hadden we vorig seizoen een moeilijkere groep. Er kwamen ineens ook heel veel nieuwe spelers, wat we niet gewend waren bij Eupen. Je moet ook voeling hebben met de club, het project en de filosofie die achter Eupen zit. Die voeling was er vorig jaar minder. Dit jaar hangen we wel aan elkaar.'

Tikitaka

Het meest opvallende in die drie jaar is dat jullie anders gaan voetballen zijn. Van tikitakavoetbal, dé filosofie die hier opgelegd werd, naar realistisch spel.

BLONDELLE: 'Die omschakeling was wel nodig. Het is voor een kleine club moeilijk om zelf het spel te maken. Voor mij en Hendrik was het minder leuk als je week na week zoveel goals incasseert. Claude Makelele heeft met gerichte transfers kunnen bekomen dat zijn voetbal gebracht kon worden. We brengen nu soms nog mooi voetbal, maar je moet aanvoelen wanneer dat kan en wanneer niet.'

VAN CROMBRUGGE: 'Ik ben een doelman die graag en goed mee voetbalt en hoog speelt, maar als het niet werkt, werkt het niet. Met trainer Jordi Condom moesten we koste wat kost van achter uit opbouwen. Nu gebruiken we al eens de lange bal als het nodig is. We voelen beter aan wanneer we kunnen voetballen en wanneer niet.'

BLONDELLE: 'Makelele houdt van fysiek voetbal, met snelle tegenaanvallen, en we hebben daar ook transfers naar gedaan, met atletisch sterke spelers, terwijl er voorheen meer geopteerd werd voor technisch begaafde, lichtvoetige spelers. Maar daarmee alleen red je het niet in het Belgische topvoetbal.'

Met Makelele hebben jullie een grote naam uit het topvoetbal als trainer. Hebben jullie een handtekening gevraagd toen hij kwam?

VAN CROMBRUGGE: 'Nee hoor. Wat ons het meest verbaasde, is dat hij de voetbalfilosofie die hier erg belangrijk was heeft kunnen veranderen. Dat was ook nodig, maar niet evident. Condom was als trainer een heel goed mens, die zich niet kwaad kon maken. Makelele kan dat wel. Hij komt wel eens naar me toe om te vragen wat er in de groep leeft. Hij heeft me ook geleerd om rustiger te worden en hij wees me erop dat ik als doelman het ritme van de wedstrijd mee kan bepalen, door de bal ofwel even bij te houden of door hem direct door te spelen.'

BLONDELLE: 'Makelele is een goeie motivatietrainer. Hij komt elke keer met een verhaal dat heel algemeen begint, en waarin je geleidelijk wordt meegezogen naar de komende wedstrijd.'

Sassuolo

Hadden jullie bij de promotie gedacht dat je hier drie jaar later nog zou zijn?

VAN CROMBRUGGE: 'Eigenlijk niet. Toen ik hier kwam, stond ik te boek als een groot keeperstalent. Dan maken mensen je kop snel zot, en krijg je een bepaalde toekomstvisie voor jezelf. Wanneer dat niet loopt zoals je verwacht, beland je, zoals ik hier de voorbije jaren, in een situatie waar het strijden voor het behoud is tot de laatste dag. Dan moet je in je hoofd een knop kunnen omdraaien. Sommige spelers slagen daar niet in. Ik heb die klik wel gemaakt.'

Je kon wel na elk seizoen naar het buitenland, Hendrik.

VAN CROMBRUGGE: 'Na het eerste seizoen was er interesse van Ajax. Ik heb toen besloten daar niet naartoe te gaan. Ik wou bevestigen, in de hoop om daarna weg te kunnen. Maar de Belgische transfer, waar ik mijn zinnen had op gezet, kwam er niet. Naar het buitenland had toen gekund, maar dat is net niet doorgegaan.'

Jullie waren afgelopen zomer zo goed als rond: Eupen, Sassuolo én jij.

VAN CROMBRUGGE: 'Dat is zo, maar het hele plaatje moet kloppen. Op privévlak moet je dan voor bepaalde dingen een oplossing vinden, en dat lukte niet. Daarom waren de eerste vijf weken van het seizoen erg moeilijk voor mij. Je zegt 'nee' tegen iets nieuws in de hoop dat het waar je gebleven bent goed zal lopen, en dan blijkt dat niet zo te gaan.'

Wat had jij in Hendriks plaats gedaan, Siebe?

BLONDELLE: 'Ik was zeker naar Ajax gegaan, maar ook naar Sassuolo. Want ik ben, verdediger zijnde, een fan van Italiaans voetbal, het land waar verdedigen een kunst is. Hendrik had dat ook aangekund, zowel Ajax als Sassuolo, maar als je je niet honderd procent goed voelt bij een keuze, blijf je beter.'

Was Hendriks probleem dat Belgische clubs niet betalen voor een Belgische doelman? Je schrok naar verluidt erg toen Colin Coosemans voor 400.000 euro naar Gent ging.

VAN CROMBRUGGE: 'De prijs lag bij mij wel iets hoger. Ik was verrast dat een goeie keeper als Coosemans voor zo weinig geld kon vertrekken. Maar ik heb liever dat ze dan een andere goeie Belg halen dan iemand uit het buitenland die 3,3 miljoen kost en geen klasse beter is dan de doelmannen hier.'

Twee miljoen betalen ze voor Hendrik Van Crombrugge in België niet.

VAN CROMBRUGGE: 'Als Belgische clubs vinden dat ik dat niet waard ben, moet ik dat aanvaarden. Ajax wilde dat wel betalen voor mij, en Sassuolo ook. Dan is het aan mij om daar lessen uit te trekken. Maar uitstel is geen afstel. Als er dit keer een goeie aanbieding komt uit het buitenland waar de drie partijen zich in vinden, doe ik het wel. Voor mijn carrière is het nodig om ergens naartoe te gaan waar ik uit mijn comfortzone word gehaald. Ik wil weten waar mijn sportieve limieten liggen.'

Onyekuru

Eupen is wel de eersteklasseclub met de kleinste aanhang, al drie jaar lang. Stoort jullie dat?

BLONDELLE: 'Als je hier tekent, en je hebt vooraf je huiswerk gemaakt, weet je dat je hier niet voor 10.000 toeschouwers gaat spelen.'

VAN CROMBRUGGE: 'Dit is een echte stadsclub, met de meeste toeschouwers die uit Eupen zelf komen. De eerste jaren was er in Eupen ook wat wantrouwen tegen wéér een nieuw buitenlands project. Dat wantrouwen is nu weg, maar ik vrees dat je hier nooit voor een vaste kern van 5000 man gaat voetballen, omdat Duitse clubs hier erg in zijn. Onderschat ook de impact van Standard op deze streek niet.'

Aspire nam Eupen over om jong talent te laten rijpen. Wie waren de beste voetballers die je hier de afgelopen drie jaar zag passeren?

BLONDELLE: 'Ik was verbaasd hoe snel Henry Onyekuru de stap naar de top heeft gezet. Die kwam hier als een jong talent, maar bewees ons al diensten in het promotiejaar in zijn eerste seizoen in tweede klasse. Als je ziet dat die nu bij Galatasaray gewoon mee speelt, sta ik daar van te kijken. Eric Ocansey en Lazare Amani zijn nog grotere talenten. Misschien heeft men Lazare hier een beetje te snel opgehemeld toen hij zo goed voetbalde. Mamadou Sylla vond ik ook een heel goeie spits. Ik had echt verwacht dat hij het bij Gent zou maken.'

VAN CROMBRUGGE: 'Jong talent krijgt hier meer tijd om zich te ontwikkelen. In het begin in eerste klasse speelden we met een aanvalsduo met Sylla en FlorianTaulemesse. Dat liep niet zo goed. Maar Sylla mocht gewoon blijven staan, en Taulemesse, nochtans onze topschutter in het promotiejaar, ging uit de ploeg, waarna men opteerde voor een duo Sylla-Onyekuru. En dat werkte plots wel.'

Ik was verbaasd hoe snel Onyekuru de stap naar de top heeft gezet. En ik had verwacht dat Sylla het bij Gent zou maken.

Siebe Blondelle

Is dit een moeilijke of net een fijne club om voor te spelen?

BLONDELLE: 'Absoluut een fijne club. Ik schrok wat hier allemaal voor de spelers gedaan werd. Maaltijden, afzonderingen voor de wedstrijden: het was allemaal tiptop in orde, hoewel we maar in tweede klasse speelden. Dat vond en vind je bij veel eersteklasseclubs niet terug. Nu nog vertrekken we de dag voor een uitwedstrijd na de training, en overnachten ter plaatse, behalve voor de paar korte verplaatsingen naar STVV of Standard. Ik kan me niet voorstellen dat iemand uit een bepaald land, een bepaalde cultuur, een bepaalde religie, die om het even welke taal spreekt, zich hier niet snel thuis voelt. Deze club staat open voor alle nationaliteiten en alle culturen. Iedereen kan hier zichzelf zijn.'

VAN CROMBRUGGE: 'Je leert hier ook van alles bij. Zo kennen we dankzij onze Japanse spits Yuta Toyokawa, de meest professionele van ons allemaal, het Japanse woord tenga ( erotisch seksspeeltje, nvdr). Ideaal voor eenzame jongens ( grijnst), een mooi verjaardagscadeau ook. Wasabi ken ik dankzij hem ook. Ik nam meteen een hele hap in mijn mond, die meteen in brand stond. En ik had geen drinken mee.'

BLONDELLE: 'Ik herinner me dat ik, toen ik hier aankwam, niemand kende, maar meteen werd opgevangen door de Spanjaarden hier. Voor ik het besefte, zat ik bij hen thuis naar stierengevechten op tv te kijken, een beetje tot mijn afgrijzen, terwijl zij me uitlegden waarom het hen zo fascineerde.'

Hendrik Van Crombrugge, BELGAIMAGE - VIRGINIE LEFOUR
Hendrik Van Crombrugge © BELGAIMAGE - VIRGINIE LEFOUR

Ver van huis

Hendrik Van Crombrugge kwam zes jaar geleden na een moeilijke tijd bij STVV bij Eupen terecht. Hij leerde er ook zijn vrouw kennen. 'Zij is hier nog bekender dan ik, een echte BE, bekende Eupense. Ze werkte een tijdje in bakkerij en koffiehuis Kockartz waar heel Eupen over de vloer komt.' Hij integreerde volledig in het stadje en spreekt naast Nederlands, Frans en Engels ook quasi perfect Duits. 'Maar toen ik hier tekende, kende ik geen woord Duits.' Twee en een half jaar woonde hij in Eupen, tot het gezin vorig jaar verhuisde naar Bekkevoort.

Siebe Blondelle, BELGAIMAGE - VIRGINIE LEFOUR
Siebe Blondelle © BELGAIMAGE - VIRGINIE LEFOUR

West-Vlaming Siebe Blondelle kreeg zijn opleiding bij Cercle Brugge en trok op zijn zestiende naar Nederland (Vitesse Arnhem). Hij tekende vier jaar geleden voor KAS Eupen. 'Als je als speler ergens tekent, beland je in een nieuw verhaal. Pas na een tijd merk je of je erin past.' Zijn gezin woont in Brugge, hij verblijft door de week op een appartement in Eupen. 'Ik zie mijn gezin anderhalve dag per week, van zondagmiddag tot maandagavond. De rest van de week woon ik in Eupen. Zodra je buitenkomt, zie je wel iemand die je kent. Iedereen kent elkaar hier.'

Zes jaar geleden belandde Hendrik Van Crombrugge (25) bij Eupen, dat hem een reddingsboei toegooide toen hij bij STVV op een zijspoor was beland. Vier jaar geleden tekende ook Siebe Blondelle (32) na omzwervingen langs RAEC Mons en Waasland-Beveren in de Oostkantons. Samen maakten ze de promotie naar eerste mee, en dwongen ze drie weken geleden voor de derde keer het behoud af, dit keer op het veld van KV Oostende. Ze deden dat samen met kapitein Luis García, die een jaar na Van Crombrugge arriveerde. Reservedoelman Babacar Niasse en aanvaller Eric Ocansey, die in Oostende niet speelden, zijn er ook al van in tweede klasse bij. Hoe hebben jullie het behoud gevierd op de terugweg van Oostende naar Eupen, met 250 kilometer de verste verplaatsing van het seizoen? SIEBE BLONDELLE: 'De polonaise hebben we niet gedanst. Sommige jongens kaartten, anderen keken naar een film, er waren er ook die sliepen. Hendrik en ik zaten naast elkaar en praatten na, zoals we dat na elke verplaatsing doen.' Waren jullie verbaasd dat jullie al vier speeldagen voor het einde gered waren? HENDRIK VAN CROMBRUGGE: 'Na onze eerste vijf wedstrijden, waarin we nul punten haalden en negentien tegengoals slikten, vreesde ik toch voor het ergste.' BLONDELLE: 'Bij de start van de competitie wil je zo snel mogelijk die nul van het bord. Als dat niet snel lukt, sluipt er toch nervositeit in de ploeg. Maar die eerste zege, uit bij Mouscron, zorgde voor een klik. Ineens vonden we een manier van spelen die ons lag.' VAN CROMBRUGGE: 'De komst van Sulayman Marreh was ook belangrijk. Net als het feit dat we ook in die crisissituatie naar elkaar toe zijn gegroeid. Maar die eerste overwinning gaf een boost, omdat het een uitzege betrof, wat niet zo vaak was gelukt voorheen bij ons. Die dag hielden we ook voor het eerst de nul, wat in de voorgaande wedstrijden een probleem was. Daar put je veel energie uit.' BLONDELLE: 'Belangrijk is op zo'n moment dat je een groep hebt die aan elkaar hangt. Mannen die voor elkaar door het vuur willen gaan en beseffen: als we allemaal hetzelfde denken, komen we hier wel uit.' VAN CROMBRUGGE: 'Qua mentaliteit hadden we vorig seizoen een moeilijkere groep. Er kwamen ineens ook heel veel nieuwe spelers, wat we niet gewend waren bij Eupen. Je moet ook voeling hebben met de club, het project en de filosofie die achter Eupen zit. Die voeling was er vorig jaar minder. Dit jaar hangen we wel aan elkaar.' Het meest opvallende in die drie jaar is dat jullie anders gaan voetballen zijn. Van tikitakavoetbal, dé filosofie die hier opgelegd werd, naar realistisch spel. BLONDELLE: 'Die omschakeling was wel nodig. Het is voor een kleine club moeilijk om zelf het spel te maken. Voor mij en Hendrik was het minder leuk als je week na week zoveel goals incasseert. Claude Makelele heeft met gerichte transfers kunnen bekomen dat zijn voetbal gebracht kon worden. We brengen nu soms nog mooi voetbal, maar je moet aanvoelen wanneer dat kan en wanneer niet.' VAN CROMBRUGGE: 'Ik ben een doelman die graag en goed mee voetbalt en hoog speelt, maar als het niet werkt, werkt het niet. Met trainer Jordi Condom moesten we koste wat kost van achter uit opbouwen. Nu gebruiken we al eens de lange bal als het nodig is. We voelen beter aan wanneer we kunnen voetballen en wanneer niet.' BLONDELLE: 'Makelele houdt van fysiek voetbal, met snelle tegenaanvallen, en we hebben daar ook transfers naar gedaan, met atletisch sterke spelers, terwijl er voorheen meer geopteerd werd voor technisch begaafde, lichtvoetige spelers. Maar daarmee alleen red je het niet in het Belgische topvoetbal.' Met Makelele hebben jullie een grote naam uit het topvoetbal als trainer. Hebben jullie een handtekening gevraagd toen hij kwam? VAN CROMBRUGGE: 'Nee hoor. Wat ons het meest verbaasde, is dat hij de voetbalfilosofie die hier erg belangrijk was heeft kunnen veranderen. Dat was ook nodig, maar niet evident. Condom was als trainer een heel goed mens, die zich niet kwaad kon maken. Makelele kan dat wel. Hij komt wel eens naar me toe om te vragen wat er in de groep leeft. Hij heeft me ook geleerd om rustiger te worden en hij wees me erop dat ik als doelman het ritme van de wedstrijd mee kan bepalen, door de bal ofwel even bij te houden of door hem direct door te spelen.' BLONDELLE: 'Makelele is een goeie motivatietrainer. Hij komt elke keer met een verhaal dat heel algemeen begint, en waarin je geleidelijk wordt meegezogen naar de komende wedstrijd.' Hadden jullie bij de promotie gedacht dat je hier drie jaar later nog zou zijn? VAN CROMBRUGGE: 'Eigenlijk niet. Toen ik hier kwam, stond ik te boek als een groot keeperstalent. Dan maken mensen je kop snel zot, en krijg je een bepaalde toekomstvisie voor jezelf. Wanneer dat niet loopt zoals je verwacht, beland je, zoals ik hier de voorbije jaren, in een situatie waar het strijden voor het behoud is tot de laatste dag. Dan moet je in je hoofd een knop kunnen omdraaien. Sommige spelers slagen daar niet in. Ik heb die klik wel gemaakt.' Je kon wel na elk seizoen naar het buitenland, Hendrik. VAN CROMBRUGGE: 'Na het eerste seizoen was er interesse van Ajax. Ik heb toen besloten daar niet naartoe te gaan. Ik wou bevestigen, in de hoop om daarna weg te kunnen. Maar de Belgische transfer, waar ik mijn zinnen had op gezet, kwam er niet. Naar het buitenland had toen gekund, maar dat is net niet doorgegaan.' Jullie waren afgelopen zomer zo goed als rond: Eupen, Sassuolo én jij. VAN CROMBRUGGE: 'Dat is zo, maar het hele plaatje moet kloppen. Op privévlak moet je dan voor bepaalde dingen een oplossing vinden, en dat lukte niet. Daarom waren de eerste vijf weken van het seizoen erg moeilijk voor mij. Je zegt 'nee' tegen iets nieuws in de hoop dat het waar je gebleven bent goed zal lopen, en dan blijkt dat niet zo te gaan.' Wat had jij in Hendriks plaats gedaan, Siebe? BLONDELLE: 'Ik was zeker naar Ajax gegaan, maar ook naar Sassuolo. Want ik ben, verdediger zijnde, een fan van Italiaans voetbal, het land waar verdedigen een kunst is. Hendrik had dat ook aangekund, zowel Ajax als Sassuolo, maar als je je niet honderd procent goed voelt bij een keuze, blijf je beter.' Was Hendriks probleem dat Belgische clubs niet betalen voor een Belgische doelman? Je schrok naar verluidt erg toen Colin Coosemans voor 400.000 euro naar Gent ging. VAN CROMBRUGGE: 'De prijs lag bij mij wel iets hoger. Ik was verrast dat een goeie keeper als Coosemans voor zo weinig geld kon vertrekken. Maar ik heb liever dat ze dan een andere goeie Belg halen dan iemand uit het buitenland die 3,3 miljoen kost en geen klasse beter is dan de doelmannen hier.' Twee miljoen betalen ze voor Hendrik Van Crombrugge in België niet. VAN CROMBRUGGE: 'Als Belgische clubs vinden dat ik dat niet waard ben, moet ik dat aanvaarden. Ajax wilde dat wel betalen voor mij, en Sassuolo ook. Dan is het aan mij om daar lessen uit te trekken. Maar uitstel is geen afstel. Als er dit keer een goeie aanbieding komt uit het buitenland waar de drie partijen zich in vinden, doe ik het wel. Voor mijn carrière is het nodig om ergens naartoe te gaan waar ik uit mijn comfortzone word gehaald. Ik wil weten waar mijn sportieve limieten liggen.' Eupen is wel de eersteklasseclub met de kleinste aanhang, al drie jaar lang. Stoort jullie dat? BLONDELLE: 'Als je hier tekent, en je hebt vooraf je huiswerk gemaakt, weet je dat je hier niet voor 10.000 toeschouwers gaat spelen.' VAN CROMBRUGGE: 'Dit is een echte stadsclub, met de meeste toeschouwers die uit Eupen zelf komen. De eerste jaren was er in Eupen ook wat wantrouwen tegen wéér een nieuw buitenlands project. Dat wantrouwen is nu weg, maar ik vrees dat je hier nooit voor een vaste kern van 5000 man gaat voetballen, omdat Duitse clubs hier erg in zijn. Onderschat ook de impact van Standard op deze streek niet.' Aspire nam Eupen over om jong talent te laten rijpen. Wie waren de beste voetballers die je hier de afgelopen drie jaar zag passeren? BLONDELLE: 'Ik was verbaasd hoe snel Henry Onyekuru de stap naar de top heeft gezet. Die kwam hier als een jong talent, maar bewees ons al diensten in het promotiejaar in zijn eerste seizoen in tweede klasse. Als je ziet dat die nu bij Galatasaray gewoon mee speelt, sta ik daar van te kijken. Eric Ocansey en Lazare Amani zijn nog grotere talenten. Misschien heeft men Lazare hier een beetje te snel opgehemeld toen hij zo goed voetbalde. Mamadou Sylla vond ik ook een heel goeie spits. Ik had echt verwacht dat hij het bij Gent zou maken.' VAN CROMBRUGGE: 'Jong talent krijgt hier meer tijd om zich te ontwikkelen. In het begin in eerste klasse speelden we met een aanvalsduo met Sylla en FlorianTaulemesse. Dat liep niet zo goed. Maar Sylla mocht gewoon blijven staan, en Taulemesse, nochtans onze topschutter in het promotiejaar, ging uit de ploeg, waarna men opteerde voor een duo Sylla-Onyekuru. En dat werkte plots wel.' Is dit een moeilijke of net een fijne club om voor te spelen? BLONDELLE: 'Absoluut een fijne club. Ik schrok wat hier allemaal voor de spelers gedaan werd. Maaltijden, afzonderingen voor de wedstrijden: het was allemaal tiptop in orde, hoewel we maar in tweede klasse speelden. Dat vond en vind je bij veel eersteklasseclubs niet terug. Nu nog vertrekken we de dag voor een uitwedstrijd na de training, en overnachten ter plaatse, behalve voor de paar korte verplaatsingen naar STVV of Standard. Ik kan me niet voorstellen dat iemand uit een bepaald land, een bepaalde cultuur, een bepaalde religie, die om het even welke taal spreekt, zich hier niet snel thuis voelt. Deze club staat open voor alle nationaliteiten en alle culturen. Iedereen kan hier zichzelf zijn.' VAN CROMBRUGGE: 'Je leert hier ook van alles bij. Zo kennen we dankzij onze Japanse spits Yuta Toyokawa, de meest professionele van ons allemaal, het Japanse woord tenga ( erotisch seksspeeltje, nvdr). Ideaal voor eenzame jongens ( grijnst), een mooi verjaardagscadeau ook. Wasabi ken ik dankzij hem ook. Ik nam meteen een hele hap in mijn mond, die meteen in brand stond. En ik had geen drinken mee.' BLONDELLE: 'Ik herinner me dat ik, toen ik hier aankwam, niemand kende, maar meteen werd opgevangen door de Spanjaarden hier. Voor ik het besefte, zat ik bij hen thuis naar stierengevechten op tv te kijken, een beetje tot mijn afgrijzen, terwijl zij me uitlegden waarom het hen zo fascineerde.'