In 1982, na het WK, verhuisde Erwin Vandenbergh van Lierse naar Anderlecht. Vanuit zijn woonplaats Ramsel kan hij dagelijks naar Brussel pendelen, en bovendien is er de factor Constant Vanden Stock.

'Van alle voorzitters die ik gekend heb,' zegt Vandenbergh, 'was Constant de enige met wie je écht over voetbal kon praten. Er was direct een vorm van vertrouwen tussen ons. Hij vertelde me, doelend op de gemiste transfer van Jan Ceulemans: die fout wil ik niet meer maken!'

Wereldploeg

Vandenbergh komt er in een wereldploeg terecht, met heel wat buitenlandse internationals. 'En die hadden echt een meerwaarde: Morten Olsen, Luka Peruzovic, Per Frimann, Frank Arnesen, Henrik Andersen, Arnór Gudjohnsen...'

Hij somt ze allemaal moeiteloos op. 'En dan zou ik de grootste nog vergeten...' Een beetje voetballiefhebber weet welke naam er dan volgt. 'Juan Lozano! De beste van allemaal!'

Fiorentina en Real

Een van de wedstrijden die hem bijblijft, is de thuiswedstrijd tegen Fiorentina in 1984. Paars-wit verplettert de Italiaanse topclub, met onder meer de Braziliaan Sócrates in de rangen, met 6-2.

Een andere match die hij nooit zal vergeten is die tegen Real Madrid, één ronde na Fiorentina. Ook de Madrilenen worden weggespeeld (3-0). Vandenbergh opent de score na 55 minuten. Hij speelt dan met ... een neusbreuk.

'Het weekend ervoor, op Beerschot, sprong ik bij een corner in het pak en Georges Grün raakte mij met zijn arm. Ik bloedde enorm. Na de match ben ik door Eddy Merckx in zijn auto naar de kliniek gevoerd. Mijn neus zag blauw, maar we wilden er geen ruchtbaarheid aan geven.'

'Tegen Real speelde ik zonder masker en schminkte ik de blauwe plekken weg. Na die heenmatch besloten we om toch te opereren, 3-0 leek veilig... De terugmatch volgde ik hier in mijn zetel op de radio. 6-1. Achteraf werd er gezegd dat er iets in het eten was gedaan - Real zette toen opvallend vaak scheve situaties thuis recht. Maar ik was er niet bij, ik heb dus zelf niks gevoeld.'

De stille killer

Lees het volledige artikel over Erwin Vandenbergh in onze +zone of in Sport/Voetbalmagazine van 16 januari.

In 1982, na het WK, verhuisde Erwin Vandenbergh van Lierse naar Anderlecht. Vanuit zijn woonplaats Ramsel kan hij dagelijks naar Brussel pendelen, en bovendien is er de factor Constant Vanden Stock. 'Van alle voorzitters die ik gekend heb,' zegt Vandenbergh, 'was Constant de enige met wie je écht over voetbal kon praten. Er was direct een vorm van vertrouwen tussen ons. Hij vertelde me, doelend op de gemiste transfer van Jan Ceulemans: die fout wil ik niet meer maken!' Vandenbergh komt er in een wereldploeg terecht, met heel wat buitenlandse internationals. 'En die hadden echt een meerwaarde: Morten Olsen, Luka Peruzovic, Per Frimann, Frank Arnesen, Henrik Andersen, Arnór Gudjohnsen...'Hij somt ze allemaal moeiteloos op. 'En dan zou ik de grootste nog vergeten...' Een beetje voetballiefhebber weet welke naam er dan volgt. 'Juan Lozano! De beste van allemaal!'Een van de wedstrijden die hem bijblijft, is de thuiswedstrijd tegen Fiorentina in 1984. Paars-wit verplettert de Italiaanse topclub, met onder meer de Braziliaan Sócrates in de rangen, met 6-2. Een andere match die hij nooit zal vergeten is die tegen Real Madrid, één ronde na Fiorentina. Ook de Madrilenen worden weggespeeld (3-0). Vandenbergh opent de score na 55 minuten. Hij speelt dan met ... een neusbreuk. 'Het weekend ervoor, op Beerschot, sprong ik bij een corner in het pak en Georges Grün raakte mij met zijn arm. Ik bloedde enorm. Na de match ben ik door Eddy Merckx in zijn auto naar de kliniek gevoerd. Mijn neus zag blauw, maar we wilden er geen ruchtbaarheid aan geven.' 'Tegen Real speelde ik zonder masker en schminkte ik de blauwe plekken weg. Na die heenmatch besloten we om toch te opereren, 3-0 leek veilig... De terugmatch volgde ik hier in mijn zetel op de radio. 6-1. Achteraf werd er gezegd dat er iets in het eten was gedaan - Real zette toen opvallend vaak scheve situaties thuis recht. Maar ik was er niet bij, ik heb dus zelf niks gevoeld.'