In de lente van 1989 liep de Zandvleuge in Eeklo vol voor de laatste wedstrijd in de eindronde in tweede klasse. De stijger naar eerste klasse had toen in plaats van KAA Gent ook KFC Eeklo kunnen zijn.

De jaren nadien zakte Eeklo af in de voetbalhiërarchie; vandaag voetbalt het in tweede provinciale. Daarin bekampt het niet alleen bescheiden regioclubs als FC Kleit, maar ook andere ploegen die ooit in nationale aantraden, zoals FC Maldegem, SK De Jeugd Lovendegem, FC Evergem en Sparta Ursel. Negen jaar geleden werd Hans Brüderlin voorzitter. 'De club was in twee jaar van eerste naar derde provinciale gezakt en stond op de rand van het failliet. Ik heb toen toegezegd om de club daarvoor te behoeden, om het stamnummer 231 en de jeugdwerking te redden. Geen makkelijke keuze, want door het behoud van dat stamnummer moest die 70.000 euro schuld afgelost worden. We wilden dat doen over vijf jaar, en dat is ook gelukt.'

Brüderlin opteerde wel voor een naamsverandering: 'KFC Eeklo had een slechte reputatie opgebouwd. Daarom opteerden we voor FCE Meetjesland, hoewel de club in de volksmond nog altijd FC Eeklo wordt genoemd.'

De oorzaken waardoor het mis ging, kent hij wel: het wegvallen van voormalig voorzitter Daniël Willems, een sterk figuur, het verdwijnen van de economische sectoren die het draagvlak voor de club groter hadden gemaakt (de meubelbedrijven, transport en textiel), én het Bosman-arrest in 1995: 'KFC Eeklo had namelijk een investmaatschappij die spelers kocht en verkocht en jaarlijks een divident op de winst uitkeerde. Ineens kon dat niet meer.'

Verhuis?

KFC Meetjesland voetbalt nog altijd op de Zandvleuge, een aantal jaar geleden omgedoopt tot Roger De Vlaeminck-stadion, genoemd naar de populaire en succesvolle wielrenner uit de streek die in zijn jonge jaren ook een getalenteerd voetballer bij FC Eeklo was geweest. Dat stadion is afgeleefd. Meteen ook de reden waarom de ambities op korte termijn niet hoger liggen dan het provinciale voetbal. Op middellange termijn is het de bedoeling dat de club een nieuw stadion krijgt in het stadspark, waar de stad Eeklo voor het onderhoud zou instaan, terwijl dat nu nog door de club gedragen wordt.

Pas na die verhuis, zegt Hans Brüderlin, kan de club, nog steeds met groen-rode kleuren, zijn ambities bijstellen: 'Een verhuis naar een nieuwe accommodatie geeft altijd een boost. Het zou mooi zijn als we zouden kunnen terugkeren naar derde nationale amateurs. Hoger mikken is niet meer voor ons. Daar boven praat je over bedragen die voor een club als de onze absurd hoog zijn, ook qua vergoedingen naar spelers toe. Dat kunnen we vandaag de dag niet meer met het economisch draagvlak hier in de streek.'

Spijt dat hij destijds zijn schouders onder het project heeft gezet, heeft de voorzitter niet. 'Mijn voldoening is dat de club nog altijd bestaat en dat de jeugdwerking nog altijd draait.' Het positieve is dat de club in niet-coronatijden nog altijd 200 tot 250 betalende toeschouwers lokt, veel voor provinciale, en dat het met veelal jongens uit de streek speelt. Veel illusies over de doorstroming van de jeugd maakt men zich op dat niveau niet meer: 'Wie talent heeft, wordt hier ten laatste bij de U9 weggehaald door scouts van Club Brugge, Cercle en Deinze.'

Ook bij FC Meetjesland weegt de coronacrisis zwaar. 'De reële kost per jeugdspeler bedraagt 450 euro per jaar. De spelertjes betalen 300 euro lidgeld. De rest - 150 euro per speler, maal 220 jeugdspelers, plus de vaste onkosten van de accommodatie - recupereer je normaal met de inkomsten van je kantine en eetfestijnen. Dat gaat nu dus niet op.'

In de lente van 1989 liep de Zandvleuge in Eeklo vol voor de laatste wedstrijd in de eindronde in tweede klasse. De stijger naar eerste klasse had toen in plaats van KAA Gent ook KFC Eeklo kunnen zijn.De jaren nadien zakte Eeklo af in de voetbalhiërarchie; vandaag voetbalt het in tweede provinciale. Daarin bekampt het niet alleen bescheiden regioclubs als FC Kleit, maar ook andere ploegen die ooit in nationale aantraden, zoals FC Maldegem, SK De Jeugd Lovendegem, FC Evergem en Sparta Ursel. Negen jaar geleden werd Hans Brüderlin voorzitter. 'De club was in twee jaar van eerste naar derde provinciale gezakt en stond op de rand van het failliet. Ik heb toen toegezegd om de club daarvoor te behoeden, om het stamnummer 231 en de jeugdwerking te redden. Geen makkelijke keuze, want door het behoud van dat stamnummer moest die 70.000 euro schuld afgelost worden. We wilden dat doen over vijf jaar, en dat is ook gelukt.'Brüderlin opteerde wel voor een naamsverandering: 'KFC Eeklo had een slechte reputatie opgebouwd. Daarom opteerden we voor FCE Meetjesland, hoewel de club in de volksmond nog altijd FC Eeklo wordt genoemd.'De oorzaken waardoor het mis ging, kent hij wel: het wegvallen van voormalig voorzitter Daniël Willems, een sterk figuur, het verdwijnen van de economische sectoren die het draagvlak voor de club groter hadden gemaakt (de meubelbedrijven, transport en textiel), én het Bosman-arrest in 1995: 'KFC Eeklo had namelijk een investmaatschappij die spelers kocht en verkocht en jaarlijks een divident op de winst uitkeerde. Ineens kon dat niet meer.'KFC Meetjesland voetbalt nog altijd op de Zandvleuge, een aantal jaar geleden omgedoopt tot Roger De Vlaeminck-stadion, genoemd naar de populaire en succesvolle wielrenner uit de streek die in zijn jonge jaren ook een getalenteerd voetballer bij FC Eeklo was geweest. Dat stadion is afgeleefd. Meteen ook de reden waarom de ambities op korte termijn niet hoger liggen dan het provinciale voetbal. Op middellange termijn is het de bedoeling dat de club een nieuw stadion krijgt in het stadspark, waar de stad Eeklo voor het onderhoud zou instaan, terwijl dat nu nog door de club gedragen wordt.Pas na die verhuis, zegt Hans Brüderlin, kan de club, nog steeds met groen-rode kleuren, zijn ambities bijstellen: 'Een verhuis naar een nieuwe accommodatie geeft altijd een boost. Het zou mooi zijn als we zouden kunnen terugkeren naar derde nationale amateurs. Hoger mikken is niet meer voor ons. Daar boven praat je over bedragen die voor een club als de onze absurd hoog zijn, ook qua vergoedingen naar spelers toe. Dat kunnen we vandaag de dag niet meer met het economisch draagvlak hier in de streek.'Spijt dat hij destijds zijn schouders onder het project heeft gezet, heeft de voorzitter niet. 'Mijn voldoening is dat de club nog altijd bestaat en dat de jeugdwerking nog altijd draait.' Het positieve is dat de club in niet-coronatijden nog altijd 200 tot 250 betalende toeschouwers lokt, veel voor provinciale, en dat het met veelal jongens uit de streek speelt. Veel illusies over de doorstroming van de jeugd maakt men zich op dat niveau niet meer: 'Wie talent heeft, wordt hier ten laatste bij de U9 weggehaald door scouts van Club Brugge, Cercle en Deinze.'Ook bij FC Meetjesland weegt de coronacrisis zwaar. 'De reële kost per jeugdspeler bedraagt 450 euro per jaar. De spelertjes betalen 300 euro lidgeld. De rest - 150 euro per speler, maal 220 jeugdspelers, plus de vaste onkosten van de accommodatie - recupereer je normaal met de inkomsten van je kantine en eetfestijnen. Dat gaat nu dus niet op.'