Wie hem bezig zag in Oostende en voor de beker tegen Zulte Waregem raakte onder de indruk. Maar wat daar voor Nieuwjaar nog op volgde, was eerder teleurstellend. Dat blijkt Felipe Avenatti van zichzelf te weten. 'In Genk raakte ik niet één bal juist.'
...

Wie hem bezig zag in Oostende en voor de beker tegen Zulte Waregem raakte onder de indruk. Maar wat daar voor Nieuwjaar nog op volgde, was eerder teleurstellend. Dat blijkt Felipe Avenatti van zichzelf te weten. 'In Genk raakte ik niet één bal juist.' De oorzaak zou een gebrek aan frisheid geweest kunnen zijn, door de snelle opeenvolging van wedstrijden in december, namelijk 7 in 26 dagen. Maar er is meer: de wisselvalligheid in zijn prestaties is niet nieuw. Het is een kwestie van concentratie. De aandacht en dus de energie zijn dan te veel verspreid, zijn focus en acties te weinig diepgaand. Ook dat blijkt hij van zichzelf te weten. 'Het is mentaal, ja, het hoofd. Ik ben een spits die veel ballen moet raken om mij goed te voelen. In het begin dat ik in Europa was, kon je op basis van mijn eerste balcontact de rest van mijn wedstrijd voorspellen. Daar ben ik al veel in verbeterd. Maar het moet nog beter. Ik moet leren omgaan met moeilijke wedstrijden waarin ik weinig ballen raak.' Het zit ook in zijn persoonlijkheid: hij is niet iemand die forceert op wilskracht, hij is gevoelig en bedachtzaam. 'Dat is een mooie menselijke eigenschap, maar in voetbal... you need to be more like a bad guy. ( lacht) Ik ken de lacunes in mijn persoonlijkheid en mijn mentaliteit, ik weet dat ik agressiever moet worden en ik werk eraan. Het belangrijkste is: als ik een bal verlies, doorzetten en mij niet door ontgoocheling in beslag laten nemen.' Glen De Boeck werd gek van hem. 'Hij zei dat ik in wedstrijdjes op training niet hard genoeg werkte, maar ik denk dat dat ook aan mijn manier van voetballen ligt. Misschien keek hij iets te veel naar de gps. Daar kun je achteraf wel het aantal loopkilometers van aflezen, maar niet of iemand wel of niet goed speelde. Blijkbaar verwachtte hij dat ik evenveel liep als Kristof D'haene, toch een totaal ander type speler.' In de thuiswedstrijd tegen Standard, de laatste van De Boeck, escaleerde het meningsverschil. Tijdens zijn invalbeurt en achteraf in de kleedkamer kreeg Avenatti het hard te verduren van de toenmalige coach. Het voelde meer dan ooit aan alsof hij zijn pispaal was geworden. 'Was het mijn schuld dat we met 0-2 verloren? Misschien verwachtte hij dat ik in 25 minuten nog twee goals ging maken, maar zo eenvoudig is dat niet. ( lacht) Als ik mag invallen, doe ik mijn best, zoals op Lokeren, waar ik de 1-2 maakte. Word ik niet opgesteld, dan probeer ik te begrijpen waarom dat is, maar dat lukte niet altijd. De eerste keer dat ik meedeed, in Charleroi ( speeldag 5, nvdr), scoorde ik en wonnen we voor het eerst. De wedstrijd erop, tegen Genk, werd ik vervangen en daarna zat ik zelfs niet meer op de bank. Tegen journalisten vertelde hij dat ik niet goed trainde en dat hij het niet kon maken tegenover ploegmaats om mij op te stellen, terwijl ploegmaats mij kwamen zeggen dat ze niet begrepen waarom ik niet mocht meedoen. Ik wil hem niet bekritiseren, want hij wou echt wel het beste voor mij. Maar de manier waarop hij dat deed, was voor mij niet de beste. Ik denk dat vooral dat het probleem was.' Onder de leiding van Yves Vanderhaeghe ging het tot nu toe beter. 'Ik heb niet het gevoel dat als ik een fout maak hij mij daarop zal pakken', aldus Avenatti. 'Ook hij kan agressief zijn, maar dan om te motiveren. Nu speel ik bevrijd. Voor mij is dat heel belangrijk. De vorige coach sprak veel tegen mij over dingen die ik niet goed deed. Dan ga je daar in mee, begint dat in je hoofd te spelen en op den duur sloeg ik tilt.' Dan kan een doelpunt wonderen doen, blijkt telkens uit zijn uitbundige viering. 'Ja, dat is genieten. Maar niet alleen wanneer ik een doelpunt maak. Als ik goed speel en de ploeg daarmee help, ga ik nog beter spelen. Omdat ik ook daarvan geniet. In de bekerwedstrijd tegen Zulte Waregem scoorde ik niet, maar genoot ik enorm. Ik was veel aan de bal, hield hem bij, voelde mij belangrijk voor het team. Onderweg naar huis dacht ik: wow, het was fantastisch. Ik voelde mij zo goed en verlangde tot het maandag was om te trainen. Dát is mijn motivatie. Ik wil beschouwd worden als een goeie speler.' Dat betekent voor hem vooral: de bal raken met gevoel. 'In mijn jeugd speelde ik elke dag met de bal, zelfs in ons kleine appartement. Mijn beste vriend zei: 'Het is onmogelijk om jou zonder bal te zien.' Op zaterdagochtend keek ik op het sportkanaal vaak naar wedstrijden in de Premier League, live, gezien het tijdsverschil van vijf uur met Engeland. Zo ben ik fan geworden van Thierry Henry. Ik hield enorm van zijn spelstijl, van de manier waarop hij bewoog en afwerkte. Als je zijn goals bekijkt, zie je: doorgaans trapte hij niet hard, maar legde hij de bal met de binnenkant van de voet buiten het bereik van de doelman. Rustig. Zachtjes bijna. Heel bewust.' Zijn doorbraak kwam er in 2013: na elf doelpunten in het eerste elftal van de Uruguayaanse eersteklasser Atlético River Plate Montevideo werd hij geselecteerd voor het WK U20 in Turkije. 'Er waren grotere talenten dan ik, maar ik was erbij vanwege mijn profiel: iemand van 1 meter 96 met zulke goeie voeten zie je niet vaak.' Uruguay schopte het er tot in de finale, maar verloor die na strafschoppen tegen het Frankrijk van Paul Pogba en co. In de kwartfinale schakelde het toen het Spanje van Julen Lopetegui uit. Het enige doelpunt in die wedstrijd, in de 103e minuut, kwam van Felipe Avenatti. Daarop verhuisde hij naar Italië: eerst naar de Italiaanse tweedeklasser Ternana Calcio en vorig seizoen naar FC Bologna in de Serie A. Dat was een cultuurschok. 'Omdat er in Europa vooral qua trainingen een groot verschil is met wat ik in Uruguay gewoon was. Alles is intensiever en professioneler. Het voetbal bij ons is trager. Je krijgt er meer tijd om op adem te komen. Hier moet je blijven lopen. Het is fysiek zwaarder, ook omdat je daar dus bij ons niet op voorbereid wordt. Zelfs onze topclubs beschikken niet over een fitnesszaal. Je leert ook niets over levensstijl. Terwijl bij Bologna alles gecontroleerd wordt: of je goed slaapt, of je goed eet, ... Van voeding en supplementen wist ik helemaal niets af. Ik was gewoon om 's ochtends croissants te eten. Nu weet ik dat er veel shitvoeding bestaat. Dat je je moet verzorgen, vroeger in bed moet kruipen, vroeger naar de club moet komen, zelf oefeningen moet doen, aan je slechte voet moet werken et cetera. Bovendien wordt er in Italië heel veel op tactiek getraind, op je plaatsing op het veld en de bewegingen die je moet doen. Zoveel denkwerk was eveneens nieuw voor mij. Ook mentaal was de aanpassing moeilijk.' Hij is 25 intussen. Op 26 april wordt hij 26. Het voelt aan alsof hij al veel tijd verloor in zijn carrière, zegt hij, niet alleen omdat hij onvoldoende continuïteit in zijn prestaties krijgt. 'Ook door tegenslag. Na mijn tweede seizoen bij Ternana kon ik naar Cagliari maar de voorzitter hield mij tegen. Uiteindelijk geraakte ik pas na vier jaar in de Serie A. Maar tijdens de fysieke testen bij Bologna ontdekten ze iets aan mijn hart dat niet normaal was. Ze wisten niet precies wat het was en zegden mij dat ik moest stoppen met voetballen omdat het risico dat ik dood zou vallen op het veld te groot was. Ik was in shock. Geen contract, niet meer kunnen trainen, geen enkel vooruitzicht, mijn hart dat niet in orde was: in mijn appartement liep ik tegen de muren op. Na enkele maanden kon ik mij laten onderzoeken door dokter Valentin Fuster van het Mount Sinai Hospital in New York, wereldleider in cardiologie, en daar kreeg ik het goede nieuws dat ik weer kon voetballen en dat er geen gevaar was. Het enige ongemak is dat als mijn hart rond de 170 à 180 slagen per minuut klopt, het eventjes tilt slaat en ik één à twee seconden mijn adem verlies. Daarna kan ik weer verder.' Zijn jongensdroom om ooit in de Premier League te spelen, moest hij niet opgeven. Maar om die te kunnen realiseren, zal hij vaker top moeten zijn, beseft hij. Daarom, vertelde hij ons na de winterstop, wil hij in de resterende wedstrijden in het shirt van KV Kortrijk absoluut het beste van zichzelf laten zien. 'Het was een beetje up and down. Maar in voetbal kan in enkele maanden alles veranderen. Voor een centrumspits volstaat goed spelen niet, want ze kijken in de eerste plaats naar het aantal doelpunten dat je maakte. Ik wil daarom ook zeker nog minstens vijf keer scoren.' Zijn kopspel is een grote troef, benadrukt hij. 'Als ik in de zestien meter kan komen en de flankvoorzet komt met de juiste snelheid op de juiste plaats, dan kan niemand mij afstoppen.' Voor nieuwjaar legde hij er slechts drie binnen en dat lag niet alleen aan de weinige speeltijd die hij van De Boeck kreeg. 'Alleen voorin is het soms moeilijk. Dan moet je je eigen ruimte zien te maken. Met twee centrumspitsen creëer je ruimte voor elkaar. Loopt de andere diep, dan is er voor mij meer speelruimte, want de verdedigers volgen hem. Als ik de enige centrale aanvaller ben en ik kom naar de bal toe, dan is er geen diepgang. Daarom speel ik graag in een tweespitsensysteem.' Zoals het onder Vanderhaeghe al geregeld gebeurde en sinds de winterstop zelfs in een rol als aanvallende middenvelder in de rug van diepe spits Teddy Chevalier. 'Dan ligt de druk om te scoren niet op één iemand. Misschien wordt die andere spits dan wel topschutter en moet ik vooral assists geven. Als het team daar beter van wordt, is dat oké voor mij. Mijn doel is hoe dan ook een goed niveau aan te houden, want ik ben er mij van bewust dat continuïteit het belangrijkste is.' Dat lukt hem de laatste tijd aardig. Zowel tegen Lokeren als op Eupen scoorde hij. Twee mooie doelpunten waren het, één met de linker en één met het hoofd. Overigens wou Standard eind januari de volledige huurovereenkomst voor dit seizoen met Bologna ter waarde van een half miljoen euro over nemen, maar KV Kortrijk wou Felipe Avenatti niet kwijt. Het is veelbetekenend.