Het is nog maar een kwestie van minuten voor het laatste fluitsignaal door het stadion zal galmen. België staat 1-0 voor in de derde groepswedstrijd tegen Zuid-Korea op het WK 2014 nadat Jan Vertonghen een afgeweerd schot van Divock Origi binnen werkt. De Rode Duivels van Marc Wilmots staan met tien man te spelen na de uitsluiting van Steven Defour op het einde van de eerste helft, maar ze tonen zich van hun taaiste kant. Hoewel de wedstrijdomstandigheden het niet toelaten, gaat Anthony Vanden Borre op zoek naar een beetje opwinding. De Sportingboy, auteur van een miraculeuze herrijzenis bij Anderlecht, profiteert van een rustmoment op zijn rechterflank om de show te verzorgen door met zijn twee voeten op de bal te gaan staan. 'Ik heb aan Anthony gezegd wat ik van zijn actie vond, maar dat blijft tussen ons', was het enige wat de bondscoach kwijt wilde na de moeizame negen op negen in de poulefase. Ruim 10.000 kilometers verderop werd de manoeuvre van Vanden Borre op een andere manier onthaald. Sommigen geven hun visitekaartje af met de hand, maar VDB gebruikt liever zijn voetzolen. Het is een verwijzing naar de hybride voetbalopleiding die hij kreeg op de grasvelden van Neerpede en in de Agoraspacepleintjes van de hoofdstad, waar het Brusselse talent elkaar bestuift.
...

Het is nog maar een kwestie van minuten voor het laatste fluitsignaal door het stadion zal galmen. België staat 1-0 voor in de derde groepswedstrijd tegen Zuid-Korea op het WK 2014 nadat Jan Vertonghen een afgeweerd schot van Divock Origi binnen werkt. De Rode Duivels van Marc Wilmots staan met tien man te spelen na de uitsluiting van Steven Defour op het einde van de eerste helft, maar ze tonen zich van hun taaiste kant. Hoewel de wedstrijdomstandigheden het niet toelaten, gaat Anthony Vanden Borre op zoek naar een beetje opwinding. De Sportingboy, auteur van een miraculeuze herrijzenis bij Anderlecht, profiteert van een rustmoment op zijn rechterflank om de show te verzorgen door met zijn twee voeten op de bal te gaan staan. 'Ik heb aan Anthony gezegd wat ik van zijn actie vond, maar dat blijft tussen ons', was het enige wat de bondscoach kwijt wilde na de moeizame negen op negen in de poulefase. Ruim 10.000 kilometers verderop werd de manoeuvre van Vanden Borre op een andere manier onthaald. Sommigen geven hun visitekaartje af met de hand, maar VDB gebruikt liever zijn voetzolen. Het is een verwijzing naar de hybride voetbalopleiding die hij kreeg op de grasvelden van Neerpede en in de Agoraspacepleintjes van de hoofdstad, waar het Brusselse talent elkaar bestuift. Behalve in de Agoraspace van het Jubelpark, dat een van de meest begeerde spots is voor balkunstenaars, zakken de koningen van het asfalt ook af naar het Pirsoulpark. In de volksmond beter bekend onder de naam 'Parc des Éléphants', vanwege de grote metalen viervoeter die te midden van het speelplein dienst doet als glijbaan. Op deze plek kon je vroeger in bulk de snedige kapbewegingen bewonderen van Vanden Borre, Hervé Kage, Geoffrey Mujangi Bia, Pelé Mboyo, Junior Malanda of Michy Batshuayi. Volgens Batsman was de inzet van de wedstrijden veel groter dan winst of verlies. 'Wie niet kon voetballen, maakte geen vrienden.' Maar het was ook een verzamelplaats voor jongeren die links gelaten werden door de topclubs wegens hun moeilijke karakter en hun talent verder moesten ontwikkelen onder het toezicht van Seth Nkandu. De academie van deze voormalige jeugdtrainer van Anderlecht zou later een samenwerking afsluiten met Club Brugge en die deal kon Henk Mariman, de oud-directeur van de Brugse jeugdopleiding, gemakkelijk verantwoorden. 'Wij zoeken creatieve spelers, jongens die op intuïtie spelen. Dat soort profielen vinden we niet in het rijke Vlaanderen.' Aangezien België aan het begin van de 21e eeuw nog geen land is dat steunt op goed gestructureerde jeugdopleidingcentra zoals in Frankrijk en Duitsland, draait het systeem uitsluitend op een module van talenten die per toeval ontluiken en uit alle uithoeken van het land komen. En de nieuwe Rode Duivels zien heel snel in waarom ze aan elkaar gematcht werden. Ze pronken met hun ongebreidelde winnaarsmentaliteit die bijna ongehoord is voor een land dat historisch gezien baadt in bescheidenheid. En er is het gemak waarmee ze luidkeels hun ambities durven uitspreken. Het zijn zaken die ze oppikten tijdens hun tournees langs voetbalpleintjes die eruitzien als die typische Amerikaanse playgrounds waar de wet van de sterkste geldt. 'We stonden de hele tijd op het veld. We vertrokken vaak pas als het donker werd', zegt Kenny Gomes, die in Deurne opgroeide en vanuit zijn raam een adembenemend uitzicht had op het Bisthovenplein waar Mousa Dembélé zijn eerste pasjes zette als straatvoetballer. 'De regels waren simpel: we speelden vijf tegen vijf en de eerste ploeg die drie keer scoorde won. De winnaar mocht op het veld blijven en de verliezers moesten hun plaats afstaan aan een ploeg die langs de zijlijn stond te wachten.' Wanneer de zomer toeslaat in Antwerpen stroomt een massa jongeren met behendige voeten toe aan het pleintje waar de palen onder de basketbalringen gebruikt worden als doelen. Meer is er niet voorhanden. Maar de geluidsoverlast die ze veroorzaken is zo groot dat de buurtbewoners het stadsbestuur kunnen overtuigen om de lichten te doven om 21 uur. 'Wij wilden enkel voetballen', aldus Kenny. 'Wij vielen niemand lastig, maar na een bepaald uur waren wij wel een storende factor voor de buren. Wanneer de straatverlichting uitging, hadden we twee oplossingen: op straat blijven hangen of ergens anders spelen. Het was zo'n wijk waar je niet veel toekomstperspectieven had. Je volgde je talent of je volgde de anderen.' Dembélé kiest voluit voor de bal, maar hij laat het pleintjesvoetbal nooit los. Na zijn transfer naar AZ nodigt de lichtvoetige Rode Duivel zijn Antwerpse vrienden uit om zich in een paar hoogwaardige straatvoetbalpartijen te meten met de crew van zijn mede-aanvaller Mounir El Hamdaoui. Voor zijn vertrek uit België beperkte de horizon van Dembélé zich slechts tot de verharde veldjes binnen de Antwerpse metropool. Moussa gedijt aan het Bisthovenplein, terwijl de geïmproviseerde voetbalterreinen van de Bloementuin op Linkeroever de eerste topwedstrijden van Radja Nainggolan verwelkomen. De wijk, waar de afgeleefde woontorens het panorama beïnvloeden, heeft een slechte reputatie en leeft op het ritme van de ongewenste politiecontroles. Het voetbal is er een uitlaatklep en een middel om zich op te werken. 'Iemand die in Antwerpen opgroeit, kent alle pleintjes van buiten', beweert Amara Cham. 'Tijdens de vakanties was het over de koppen lopen. Alle spelers langs het veld wilden jouw plaats innemen. Bewoners hingen half uit hun raam om ons te zien spelen; het leek alsof we in een stadion speelden. We voetbalden uiteraard voor het plezier, maar verliezen was geen optie.' Aan de andere kant van de taalgrens komt een nederlaag even hard aan als in Antwerpen. Boezemvrienden Axel Witsel en Nacer Chadli spelen aanvankelijk in Vottem, maar ze beslissen daarna om de heilige grond van FC Lidl te bespelen aan de voet van de woonblokken van Droixhe. Het pleintje krijgt die bijnaam mee omdat er ooit een supermarkt gevestigd was die intussen plaats heeft moeten ruimen voor het tracé van de toekomstige tram. 'Dit is onze versie van het Santiago Bernabeustadion', vertellen de mannen die de officieuze rol waarnemen van anciens van de wijk. De arena ziet er onbeduidend uit, maar het is een theater waar de buitensporige dromen van sommige bengels toch uitkomen. Denk maar aan Mehdi Carcela, Christian Benteke en Zakaria Bakkali. 'Dankzij het voetbal waarmee ze daar geconfronteerd werden, zijn Nacer en Axel de spelers geworden die ze vandaag zijn', vertelde Jessy Dessouroux, het derde lid van het onafscheidelijke trio, in het magazine Eddy. 'Wanneer je belachelijk gemaakt werd, gebeurde dat in het bijzijn van de hele wijk. En we wisten dat we de gasten waar we van verloren hadden opnieuw zouden tegenkomen. Die pleintjes hebben ons geleerd om nooit op te geven.' Bij de familie Witsel en de Chadli appreciëren ze maar met mate de voetbalexcursies van zoonlief naar de sociale woonwijk van Droixhe die vaak opduikt in de misdaadpagina's van de lokale kranten. Maar het is net daar dat Witsel zijn grinta aanwakkerde en aan zijn balbehandeling kon schaven. In de periode waarin de Rouches hun laatste twee titels wonnen, onthulde Witsel dat hij de techniek had van een straatvoetballer. 'Op voetbalpleintjes leer je het betere zoolwerk en bepaalde balcontroles aan. Met mijn vrienden van de cité van Vottem daagden we de jongens van Ans of Droixhe uit. Dat waren wedstrijdjes vijf tegen vijf en de verliezers moesten opkrassen. Wanneer ik een ploeg vormde met Jonathan en Nacer, mijn twee beste vrienden, werden we zelden van het plein gestuurd.' Op enkele nuances na zijn de waarden en normen overal dezelfde. Rivaliserende wijken gehoorzamen aan een aantal ongeschreven regels die uiteindelijk uitmonden in wedstrijden op leven en dood met de gebruikelijke panna's en tackles die al lang verboden zijn op een voetbalveld. Dat geldt zeker voor de Brusselse Noordwijk, waar het onophoudelijke geluid van aanstormende treinen van het naburige treinstation als natuurlijke soundtrack dient voor het bombastische decor. Iets verderop, in de Helihavenlaan, groeide Vincent Kompany op tussen de majestueuze glazen pseudowolkenkrabbers. Het is er elke dag een komen en gaan van gehaaste pendelaars, die geen acht slaan op de migranten die hun dag proberen op te fleuren met een partijtje cricket in het nabijgelegen park. Wanneer het pleintje aan Willem De Mol volloopt, wordt het geruis van het cricketbat overstemd door het ritmische gekletter van schoenen en ballen. Kompany, die onlangs door Romelu Lukaku omschreven werd als de leider van de gouden generatie, kreeg er de toepasselijke bijnaam 'Anderlecht' omdat hij altijd straalde wanneer hij met zijn trainingspak het veld betrad. Toen de toekomstige prins van Manchester City zijn Gouden Schoen won, was het dus geen toeval dat hij zijn trofee opdroeg aan zijn vrienden uit de Noordwijk. De ex-aanvoerder van de Rode Duivels was wellicht de eerste die de twee werelden, die van de voetbalpleintjes en die van de reguliere opleidingscentra, samenbracht en een hele generatie voetballers in zijn kielzog meenam. Vandaag slaan voetballertjes het pleintjesvoetbal over en trekken ze rechtstreeks naar het veldvoetbal omdat de clubs hen in een vroeger stadium detecteren. Bovendien is het voetbal in Agoraspaces fel verminderd door de oprukkende verstedelijking en het overmatige gebruik van sociale media. En toch zijn de ongekroonde koningen van de voetbalpleintjes in groten getale aanwezig in de keurgroep van Roberto Martínez.In het Hanssenspark van Vilvoorde is het niet uitzonderlijk dat een opmerkzame wandelaar even halt houdt om te luisteren naar de geanimeerde gesprekken tussen de eenden en het standbeeld van wijlen Koning Albert I. Carmen Carrasco herinnert zich hoe haar vader hele dagen vanop een bankje in het park moest wachten tot zijn kleinzonen Yannick en Mylan zelf hun wedstrijden affloten. 'Yannick spendeerde al zijn vrije tijd op dat pleintje. Hij kon er uren spelen en wilde van geen wijken weten. Mijn vader keek toe en wachtte geduldig het moment af dat mijn kinderen afdropen. En wanneer ze thuiskwamen mocht ik de kapotte schoenen, de geschaafde knieën en de gescheurde kleren oplappen. Ik heb echt alles zien passeren.' Het verhaal van Carrasco lijkt op dat van Batshuayi. Samen met Andrea Mutombo maakte de Rode Duivel de Brusselse metro onveilig met de bal en dribbelde hij zich voorbij toevallige voorbijgangers om zich van het ene pleintje naar het andere te verplaatsten. Er zijn ook gelijkenissen met de saga van Jason Denayer, die elke vrijdag na zijn terugkeer van het internaat van de Academie Jean-Marc Guillou het asfalt van het Anneessensplein opzoekt voor de Clasico 'Les quatre caisses'. Een topper tussen de Congolezen en de Maghrebijnen van de wijk die beslist wordt in een best of five. In zijn eerste seizoen bij Chelsea won Lukaku meteen de Champions League, maar hij is zo gefrustreerd over zijn bankzitterstatuut dat hij weigert om de beker met de grote oren aan te raken. Voor hij op vakantie vertrekt naar Ibiza huurt hij de plaatselijke sporthal van Neder-over-Heembeek voor een futsalwedstrijd met de rest van zijn Belgische clan. 'Hij kwam er enkele baltovenaars tegen en toen kwam het besef dat hij op technisch vlak nog vooruitgang moest boeken', zegt Zouhair Essikal, makelaar bij BaseSoccer en een goede vriend van Big Rom. 'Hij heeft de zaal vijf dagen op rij gehuurd en heeft ons de oren van het hoofd gezaagd om elke avond met hem te gaan sjotten. Enkel en alleen omdat hij zichzelf wilde verbeteren.' Enkele jaren later, op het moment dat zijn makelaar Mino Raiola de laatste hand aan het leggen is aan de transfer naar Manchester United, laat Lukaku geen kans aan zich voorbijgaan om zijn vrienden uit het zwembad te lokken om een balletje te trappen. 'Hij stond op het punt om zijn recordtransfer ter waarde van honderd miljoen euro af te ronden, maar hij drong er op aan om in Miami een potje vijf tegen vijf te spelen tegen een stel onbekenden', lacht Nicaise Kudimbana. Kudi, die als een grote broer waakte over zijn poulain waakte tijdens hun gemeenschappelijke jaren bij Anderlecht, is nog altijd gechoqueerd over de freak die in Lukaku schuilt. Lukaku is gefascineerd door de cultuur in de VS en de sterrencultus rond de Amerikaanse sportvedetten. En wanneer Lukaku opduikt aan de Oostkust van de VS kan hij het niet laten om een voet te zetten op een van de vele mythische playgrounds. Was het dat allemaal waard? In het Franse blad SoFoot vertelde Zinédine Zidane ooit dat Edgar Davids hem keer op keer probeerde mee te sleuren naar geïmproviseerde wedstrijdjes in de straten van Turijn. 'Die man was gek. Hij toerde door de stad en hij stapte meteen uit wanneer hij gasten zag voetballen op een parkeerterrein. Hij zei altijd: 'Dit zijn de belangrijkste wedstrijden die je kan spelen. Het is uiteindelijk voor die mensen dat je voetballer bent geworden.''